De realiteit van Rotterdam-Zuid
Predikanten en kerkelijk werkers worden vaak geconfronteerd met gebrokenheid en lijden. Corine Zonnenberg, missionair predikant in Rotterdam-Zuid, deelt haar ervaringen met het omgaan hiermee, naar aanleiding van een IZB-bijeenkomst voor pioniers over gebrokenheid.
“Deze plek maakt soms wantrouwig”, zegt Corine Zonnenberg, terwijl ze koffie schenkt in haar huis in Rotterdam-Charlois. Ze vertelt over recente fietsendiefstallen en de alomtegenwoordige maatschappelijke problemen in Rotterdam-Zuid. “De tweede week dat we hier woonden, liepen we langs een pand waar een schietpartij was geweest. De kinderen zagen de kapotgeschoten ruiten.”
Ondanks de uitdagingen, acht Zonnenberg het essentieel voor een missionair werker om te wonen waar hij of zij werkt. “Ik dacht daardoor als voorganger aan andere dingen. Ik ging in de kerk bidden voor de veiligheid van de wijk. Ik stelde me voor hoe het zou zijn als mijn kind langsfietste op het moment van zo’n schietpartij. Je voorbeelden in de preek worden actueler.” Ze illustreert dit met het preken over het zien van de ander, terwijl ze denkt aan jonge meisjes die in een busje voor een seksshop worden afgeleverd.

Omgaan met het lijden en Gods liefde
De vraag hoe je je nog kunt laten raken door zoveel leed, staat centraal in haar werk. “Het eerste jaar rond kerst dacht ik: ik word gek van de continue armoede om me heen. Mensen die schreeuwen tegen hun kinderen in de supermarkt. Mensen die hun boodschappen niet kunnen betalen. Ik merk dat ik harder word.”
Ze deelt een persoonlijk verhaal over haar pleegdochter, een meisje van twee jaar wiens moeder door Rotterdam zwerft en die ze slechts één uur per week mag bezoeken. “Pas moest ze naar de huisarts”, vertelt Zonnenberg. “Maar ze heeft geen BSN, ze is stateloos. De huisarts weigerde om een afspraak te maken. In Hardinxveld, waar ik vandaan kom, zou er wel iets geregeld zijn, denk ik dan.”
Zonnenberg haalt inspiratie uit een lezing van Paul Visser over het thema ‘Ons lijden en Gods liefde’. “Hij zei: het is goed dat het je raakt, want dat zegt iets over God in jou. Dat vond ik mooi. Ik ben op zoek naar een goede balans.” Ze erkent de emotionele impact op haar gezin, vooral wanneer het pleegkindje mogelijk weer uit huis geplaatst moet worden. “Dan hebben wij hier een wond in ons gezin. Ik denk dat veel mensen daarom denken: ik wil niet gekwetst worden, dus ik geef geen liefde meer.”
De Impact-tweedaagse en het thema ‘Gebroken Verlosser’
De deelname aan de Impact-tweedaagse voor pioniers, met het thema ‘Gebroken Verlosser’, heeft Zonnenberg diep geraakt. Het verhaal van Pieter Versloot en zijn omgang met Parkinson bleef haar bij. “Misschien zijn we als mensen hard bezig om het lijden weg te poetsen, maar God is met ons in het lijden.” Ze zag bij Versloot een zoekende gelovige die God bevroeg, terwijl zijn geloof bleef bestaan.
Ook in haar eigen kerk merkt ze deze worsteling bij twintigers die vragen stellen over lijden. “Hier in Rotterdam-Zuid was op een gegeven moment mijn auto voor de derde keer opengebroken. Ik heb best vaak vertwijfeld op mijn studeerkamer gezeten. ‘Ik ben’, die Bijbelwoorden bleven bij mij. Ik val nooit dieper dan Gods liefde; Hij laat me niet stuk vallen.”

Gods aanwezigheid in het dagelijks leven
De manier waarop Zonnenberg ervaart dat God aanwezig is, is voornamelijk door gesprekken met Hem, vaak in haar studeerkamer, maar soms ook fietsend door de stad. “God spreekt door Bijbelteksten. Ik heb weleens gezegd: ik stap niet van mijn fiets af voordat U mij zegent, zoals in het verhaal van Jakob.”
Ze merkt dat God aan het werk is, vooral in het kleine. Juist nu groeit haar gemeente. Wanneer onzekerheden zich opstapelden, op het gebied van huisvesting en werk, begon ze te bidden en organiseerde ze gebedsgroepen. “Want ik dacht: daar begint het, in Gods aanwezigheid. Dan kun je met Gods ogen kijken en ook keuzes maken: op welke problemen richt ik mij? Wie gun ik een plek aan mijn tafel?”
Beginnen vanuit stilstand: een preek met een boodschap
Een recente preek met het thema ‘beginnen vanuit stilstand’ was specifiek geschreven met het oog op de context van Rotterdam-Zuid. Ze haalt de viswinkel ‘Moby Dick’ aan als inspiratiebron. Aanvankelijk wilde ze de kerkgangers aansporen tot actie, zoals het uitnodigen voor de Alpha-cursus. Gaandeweg besloot ze echter de nadruk te leggen op gebed en stilstand. “Mijn grootste les is geweest: eerst stilstaan en beginnen bij God zelf. Hier in Rotterdam nemen we niet zo veel tijd om te bidden. Het gaat om doen.”
De twintigers in haar gemeente raadt ze de boeken van de Amerikaanse theoloog John Mark Comer aan, die laagdrempelig schrijft over actuele thema’s. Bekende titels zijn ‘De radicale uitbanning van haast’ en ‘Paradijsstad’. Zijn boek over Exodus, ‘God heeft een naam’, wordt ook genoemd.
Pionierswerk en gebed als fundament
Na ongeveer twee jaar als pionier actief te zijn, heeft Zonnenberg een duidelijke omslag ervaren: “Ik probeer om achter Jezus aan te gaan. Ik ben het gebed een veel belangrijkere plek gaan geven.” Met een groep voorgangers bidt ze regelmatig voor Rotterdam-Zuid, straat per straat. Ze gebruiken een grote kaart van de wijk, lopen in tweetallen het gebied af, bidden voor wat ze zien en kleuren de straat op de kaart in.
“We zagen dichtgetimmerde huizen, we hebben gebeden voor mensen die we tegenkwamen, we bidden of God zijn werk wil doen. We bidden voor de havens en dat God alle drugs wil laten vangen. We bidden ook voor mooie plekken in de wijk om die te laten zegenen.”

Ze legt het op Gods bordje. “Ja, dat geeft rust. Eerst werd ik gek van alle armoede. Nu zien we ook mooie dingen gebeuren, naast de ellende die er is.” Als voorbeeld noemt ze een gratis bootcamp die de kerk elke woensdag organiseert. “Op straat zag onze groep een vechtpartij. Een meisje werd in elkaar geslagen. Het is gevaarlijk om ertussen te springen, maar dat hebben een paar van onze mensen toch gedaan. Dat meisje komt nu soms in de kerk. Niet altijd, hoor, ze worstelt met het leven. Het is vreselijk wat haar is overkomen, maar ik vind het ook bijzonder dat ze op ons pad komt en wij er voor haar kunnen zijn.”
Faalmomenten en herkenbaarheid in preken
Zonnenberg deelt openhartig haar eigen faalmomenten in preken. Ze vertelt over een kerstpakkettenactie waarbij haar man langdurig koffiedronk bij een vrouw die op het punt stond zichzelf iets aan te doen. “Ik had op hem gemopperd dat hij maar één kerstpakket had weggebracht.” Ze voegt toe: “Ik deel in preken vaak zulke faalmomenten; ik kom er vaak zelf niet goed vanaf in preken. Maar zulke voorbeelden helpen, omdat mensen ze herkennen.”
Monnikenwerk | Welkom in de Middeleeuwen
Achtergrond en roeping
Corine Zonnenberg studeerde theologie in Leuven en aan de PThU Amsterdam. Haar carrière begon in 2010 bij Youth for Christ, waarna ze jongerenwerker was in Zevenhuizen en terugkeerde naar YfC. Als zzp’er ontwikkelde ze cursussen geloofsopvoeding en publiceerde ze twee boeken: ‘Ik ben een Bijbelontdekker’ en ‘#Godtime’.
Ds. Corine Zonnenberg-de Beer (1989) bouwt in Rotterdam-Zuid aan een kerk waar geloof niet vanzelfsprekend is. Haar gemeente verwelkomt iedereen die zoekt, vragen stelt of binnenloopt. Ze werkt als predikant-pionier bij pioniersplek Noorderlicht Charlois in Rotterdam en als voorzitter van ‘Lichter op pad’. Ze beschouwt haar werk als een groot voorrecht om dienstknecht van God te zijn in zijn koninkrijk.
Drie jaar geleden verhuisde ze met haar gezin naar Rotterdam-Zuid, gedreven door haar roeping om deze pioniersgemeente te leiden. Dit brengt offers met zich mee: haar kinderen groeien op in een wijk die niet altijd veilig aanvoelt, en het is hard werken om hier kerk te zijn. “Soms vraag ik me af: wat mag mijn roeping kosten? Maar ik ervaar veel steun, ook van God zelf.”
Bidden als levensader
“Vooral tijd en ruimte om te bidden en bij God te zijn,” benadrukt ze als essentieel. “In de stad is veel nood. Je zou eindeloos kunnen werken. Daarom is het belangrijk om steeds opnieuw te vragen: ‘God, waar hebt U me vandaag nodig? Wat mag ik vandaag doen?’ Als ik op eigen kracht ga, loop ik mezelf voorbij.”
Ze geniet van het voorgaan in diensten, waar een divers gezelschap samenkomt om na te denken over Gods boodschap. De Alphacursus noemt ze geweldig, vanwege de mooie gesprekken met niet-gelovige zoekers. “Het zet mijzelf ook steeds weer aan het denken: waarom bid ik?”
Zonnenberg heeft haar mentoraat en primaire nascholing afgerond, verplichte trajecten voor beginnende predikanten. “In de stad heeft de kerk een enorme kans om naar de medemens om te zien. De overheid trekt zich steeds verder terug, maar Jezus roept ons op om barmhartig te zijn en er te zijn voor mensen die buiten het systeem vallen.”
Ze raadt de boeken van John Mark Comer aan, zoals ‘God heeft een naam’. Haar levensspreuk is Psalm 91:1-2 (NBV21): “Wie in de schuilplaats van de Allerhoogste is gezeten, zal overnachten in de schaduw van de Ontzagwekkende. Ik zeg tegen de HEER: ‘Mijn toevlucht, mijn vesting, mijn God, op U vertrouw ik.’” Deze tekst draagt ze haar hele leven al met zich mee en biedt houvast in moeilijke momenten.
De kern van Pasen: kijken door Jezus’ ogen
Corine Zonnenberg interviewde recent de acteurs van The Passion 2025 en vond het mooi hoe zij zich verdiepen in hun rol en echte vragen stellen. Ze schuift zelf aan bij Passiontalk.
“Ik denk dat Pasen ons uitnodigt om door Jezus’ ogen naar de wereld te kijken. Daar zit volgens haar de kern van deze periode.” Ze benadrukt dat vasten helpt tot inkeer te komen, maar dat het ook gaat om het recht doen. “Het gaat niet alleen om wat je laat, maar ook om hoe je kijkt.”
In Rotterdam-Zuid wordt dit concreet gemaakt. “In mijn wijk zie je veel lijden: armoede, dakloosheid, mensen die op straat leven. Wij proberen daar bewust mee om te gaan. Als gemeente doen we bijvoorbeeld één keer per week een gebedswandeling door de wijk. En juist tijdens die wandelingen verandert er iets.”
Tijdens deze gebedswandelingen, waarbij men in tweetallen door de wijk loopt en bidt voor wat men ziet, verandert de blik. “Je kunt je irriteren aan afval of hangjongeren, maar als je biddend kijkt, zie je andere dingen.” Deze manier van kijken verandert ook haar eigen hart. “Ik sta vaker stil bij huizen waar ik langs loop. Een verwaarloosde voortuin, gordijnen die altijd dicht zijn. Dan denk ik: wat speelt daar achter die deur? Zelfs irritaties worden dan mogelijkheden om te bidden: ‘We hebben ook veel hangjongeren. Dat kan irritant zijn, maar als ik er biddend langsloop, verandert mijn hart. Dan denk ik: waar komen ze vandaan? Waar worstelen ze mee?’”
Ze voegt toe dat dit overal kan: “In de auto, in de trein, onderweg naar je werk. Het verandert je kijk en daardoor je hart.”
tags: #corine #zonnenberg #preken