De geschiedenis van de Doopsgezinde Kerk in Schagen en de omliggende regio is een complex verhaal van kerken, gemeenschappen en hun ontwikkeling door de eeuwen heen. Dit overzicht belicht de vorming van de Gereformeerde Kerk in Schagen, de latere samenvoeging met andere gemeenten en de rijke geschiedenis van de Doopsgezinden in Noord-Holland.
De Gereformeerde Kerk van Schagen
De Gereformeerde Kerk van Schagen werd op 13 maart 1938 geïnstitueerd, afkomstig uit de Gereformeerde Kerk van Dirkshorn. Tot dan toe domineerden de Rooms Katholieke Kerk en een Hervormde kerk het kerkelijk landschap van Schagen, mede dankzij hun imposante kerkgebouwen in het centrum van wat toen nog een dorp was.
In de vroege jaren zeventig onderging de burgerlijke gemeente Schagen een snelle groei door veel nieuwbouw. Deze groei had ook impact op de gereformeerde kerk, die eveneens een aanzienlijke toename in ledenaantal kende. Deze ontwikkeling maakte in 1975 de bouw van een nieuw kerkgebouw noodzakelijk. Met behulp van diverse acties werd een bedrag van 750.000 gulden ingezameld. Aan de Rembrandtlaan verrees een modern, multifunctioneel kerkgebouw, dat de Ontmoetingskerk werd gedoopt.
Het kerkgebouw aan de Cornelis Bokstraat werd in deze periode verkocht en deed sindsdien dienst als de Vermaning van de Doopsgezinde gemeente. Rond 1981 bereikte de gereformeerde kerk haar piek met 1061 leden. Daarna begon het ledental te dalen, tot 784 midden jaren '90 en 651 eind 2001.
Federatie en Samenwerking
Per 1 januari 1996 ging de Gereformeerde Kerk een federatie aan met de plaatselijke Hervormde gemeente. Aanvankelijk werden de kerkdiensten om beurten in beide kerkgebouwen gehouden. Echter, begin 1997 werd duidelijk dat het financieel niet haalbaar was om beide gebouwen te onderhouden. Er werd besloten de Ontmoetingskerk te verkopen, waarna alle kerkdiensten en activiteiten zich verplaatsten naar de grote kerk op de Markt. De Ontmoetingskerk werd afgebroken en op die locatie werd later een complex met seniorenappartementen gerealiseerd.
Vanaf de jaren zeventig kenmerkte de gereformeerde kerk zich door een vrij moderne inslag; de eerste vrouwelijke ouderling trad aan begin 1970. Het kerkelijk gebied van de Gereformeerde Kerk omvatte, naast Schagen zelf, een aanzienlijk deel van de gemeente Zijpe, inclusief woonkernen als Schagerbrug, 't Zand, Oudesluis en Callantsoog. Een deel van de gereformeerden in Callantsoog was gastlid van de Hervormde Gemeente Callantsoog/Zijpe.
De Hervormde Gemeente Schagen
De hervormde gemeente in Schagen had al in de negentiende eeuw een vrijzinnig karakter, net als veel andere gemeenten in Noord-Holland. Tijdens de Afscheiding en de Doleanties leidde dit in Schagen niet tot een kerkscheuring. Wel bundelden de rechtzinnigen zich in 1890 in de evangelisatievereniging Bethel.
Vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw verdween de dominante vrijzinnige signatuur en ontstond een meer pluriforme gemeente. Dit kwam mede door de groei van Schagen, waarbij hervormden uit andere delen van het land zich hier vestigden. Een deel van de leden van Bethel besloot zich bij de grote kerk aan te sluiten, terwijl Bethel zelf met een duidelijk rechtzinnige en conservatieve signatuur bleef voortbestaan.
In 1980 werden de kleine hervormde gemeenten van Sint Maarten, Valkkoog en Eenigenburg onderdeel van de hervormde gemeente Schagen, omdat zij te klein waren geworden om zelfstandig te functioneren. Hierdoor ontstond de Hervormde gemeente Schagen c.a.
Armenzorg en Fondsen
Een belangrijk onderdeel van de geschiedenis van de Hervormde gemeente Schagen is het Nederlands Hervormd Weeshuis, ook wel Gereformeerd Weeshuis genoemd. Waarschijnlijk is dit weeshuis, net als vele andere, opgericht na de Tachtigjarige Oorlog. Pas in 1855 wordt melding gemaakt van de administratie door speciaal benoemde regenten van gereformeerde godsdienst.
In 1864 werd een nieuw gereformeerd weeshuis gebouwd aan de Laan (inmiddels gesloopt). In 1749 richtte Cornelis Bregman, rentmeester van de heerlijkheid Schagen, een fonds op met het doel de armoede te lenigen. Na zijn overlijden kwam de opbrengst van zijn nalatenschap ten goede aan de armen.
Naast het Bregmanfonds kende Schagen nog een tweede fonds, ingesteld door bakker C.J. Wieldraaier, die overleed in 1669. De rente van dit vermogen ging naar diverse kerkelijke instellingen, waaronder het armbestuur.
Contacten tussen Hervormden en Gereformeerden
Er bestonden reeds lange tijd contacten tussen de Hervormde gemeente en de Gereformeerde kerk in Schagen, hoewel een daadwerkelijke 'samen-op-weg'-beweging nog uitbleef. In 1983 riepen de kerkenraden een commissie in het leven om de samenwerking te stimuleren, maar dit proces verliep moeizaam. Ondanks gezamenlijke diensten, discussies op wijkavonden en hulp in noodgevallen, voelden velen niet de behoefte aan verdere samenwerking.
Pas nadat de Synodes in 1986 uitspraken 'in staat van hereniging' te zijn, kwam het samen-op-weg proces in Schagen langzaam op gang. Dit resulteerde in de federatie per 1 januari 1996, die zich, voor zover mogelijk, uitstrekte tot het gehele leven en werken van de gemeente. De stoffelijke aangelegenheden werden aanvankelijk gezamenlijk geëxploiteerd, maar eind 2000 werd besloten tot de gezamenlijke verzorging en exploitatie van alle stoffelijke zaken.
De weg naar een verenigde kerk was lang en moeizaam. Pogingen in 2006 en 2012 om met de GK Dirkshorn een kerkgrens vast te stellen, mislukten, waarna de Classis Alkmaar werd ingeschakeld. Na diverse vergaderingen en goedkeuringen door kerkelijke instanties, werd uiteindelijk een positief besluit genomen om tot een verenigde kerk te komen. Vanaf dat moment ging men verder onder de naam PG Schagen.
De Doopsgezinde Gemeente in de regio
De geschiedenis van de Doopsgezinden in Noord-Holland is diep geworteld. Reeds in 1534 organiseerden wederdopers bijeenkomsten en Bijbelstudies in schuren rondom Barsingerhorn, Nieuwe Niedorp, Winkel en Medemblik. In deze periode vonden er ook gerichte vervolgingen plaats, waarbij tussen 1534-1536 in totaal 21 doopsgezinden omkwamen door doodvonnissen in de Niedorperkogge.
Leenaert Bouwens was tussen 1563-1565 verantwoordelijk voor de organisatie en verspreiding van de doperse beweging in West-Friesland. Het oorspronkelijke doopsgezinde kerkgebouw, de 'Vermaning', stond achter de woningen Dorpsstraat 207 en 209 in Nieuwe Niedorp. Vanwege bouwvalligheid werd in 1857 een nieuwe kerk gebouwd, die echter twee decennia later ook in een staat van verwaarlozing verkeerde.
In 1878 werd een nieuwe zaalkerk opgeleverd, ontworpen door architecten J.A. Vonk Jr. en D. Holwerda. De oude 'Vermaning' deed nog vele jaren dienst als bergruimte totdat deze in 1972 werd gesloopt om plaats te maken voor een parkeerplaats.
De Doopsgezinde gemeenten in Barsingerhorn, Kolhorn, Wieringerwaard en Zijpe kenden een lange geschiedenis. In 1749 werd door Cornelis Bregman een fonds opgericht voor de armen. De rente van het vermogen van bakker C.J. Wieldraaier (overleden 1669) ging naar diverse kerkelijke instellingen, waaronder het armbestuur.
De Doopsgezinde gemeente voegde zich in de zeventiger jaren samen met Schagen. Het pand van de Doopsgezinde kerk in Barsingerhorn, dat toen verwaarloosd was, werd te koop aangeboden. Dit pand is van architectuurhistorische waarde en een zeldzaam voorbeeld van negentiende-eeuwse doperse kerkbouw in de polder. Het is een 'Waterstaatskerk', gebouwd met financiële steun van de landelijke overheid.

De Vermaning in Medemblik
De Doopsgezinde Vermaning aan Tuinstraat 7 in Medemblik is een bijzondere schuilkerk, gebouwd in 1687, omdat het doopsgezinde geloof destijds verboden was. Menno Simons, de grondlegger van de Doopsgezinden, predikte geweldloosheid en naastenliefde. Zijn volgelingen, de Mennonieten, werden het land ingestuurd om zijn boodschap te verkondigen.
Hoewel Willem van Oranje vanaf 1580 toestemming gaf voor de bouw van Doopsgezinde kerken, mochten deze van buiten niet zichtbaar en hoorbaar zijn. Vandaar de schuilkerk, waar zelfs zand op de grond werd gestrooid om de geluiden van gezang te dempen.
De Doopsgezinde Vermaning in Medemblik is eigendom van de Verenigde Doopsgezinde Gemeente Barsingerhorn, Zijpe, Wieringermeer en Medemblik. Hoewel de kerk eens in de twee weken nog gebruikt wordt voor de eredienst, gaat het verborgen pareltje sluiten. De allerlaatste dienst werd gehouden op zondag 14 december.

Samenvoegingen en Fusies
De Doopsgezinde gemeenten uit Barsingerhorn, Zijpe Noord, Zijpe Zuid en Wieringermeer zijn in de loop der tijd samengevoegd onder de naam Verenigde Doopsgezinde Gemeente. Deze gemeente maakt sinds 1975 gebruik van de voormalige gereformeerde kerk uit 1939 aan de Cornelis Bokstraat 1 in Schagen. Medemblik valt ook onder deze gemeente, maar gebruikt nog de historische Vermaning.
In de Kop van Noord-Holland waren er vanaf het begin dopers actief. De martelaar Willem Wiggersz uit Barsingerhorn werd in 1534 gevangen genomen in deze plaats. In het nabij gelegen Kolhorn waren er in die tijd ook dopers, en er wordt aangenomen dat er gemeenten waren.
Leenaert Bouwens doopte tussen 1551 en 1561 41 personen uit Barsingerhorn. Er is weinig bekend over de vroegste periode van deze gemeenten; enkele geschreven bronnen dateren pas uit de 18e eeuw. Volgens de Naamlijst van 1731 waren er twee gemeenten: een Waterlandse en een Friese. Al in de 18e eeuw vonden er pogingen plaats om de beide gemeenten samen te voegen, wat uiteindelijk gebeurde in 1827.
De kerk in Kolhorn heeft niet lang meer bestaan. De kerk in Kreil in Wieringerwaard werd gerenoveerd en in Barsingerhorn kwam een nieuw kerkgebouw. Vanaf 1941 vonden er gezamenlijke diensten plaats met de gemeenten in Noord- en Zuid Zijpe. In 1972/1976 sloot het kerkgebouw in Barsingerhorn en enkele jaren later (vanaf 1975) ging men in Schagen verder in samenwerking met Noord- en Zuid Zijpe als Verenigde Doopsgezinde Gemeente.
Het orgel uit Barsingerhorn werd in 1978 overgebracht naar de vroegere gereformeerde kerk van Schagen. Diensten van de Verenigde Gemeente worden afwisselend gehouden in Schagen en in Medemblik.
Kerkgebouwen en hun bestemming
Het kerkgebouw in Barsingerhorn, gebouwd in 1862 door aannemer Pieter Brugman, heeft door de jaren heen veranderingen ondergaan. De stal verdween in 1939 en de pastorie en kerkeraadskamer werden verbouwd. Het Flaesorgel kreeg een bestemming in Schagen, en de inrichting van de kerk werd in de jaren '70 omgevormd tot comfortabele woonruimte.
Dit pand is van architectuurhistorische waarde en een zeldzaam voorbeeld van negentiende-eeuwse doperse kerkbouw in de polder. Het pand is gesplitst en erkend door de fiscus als 50% wonen en 50% werken, wat financieringsvormen vergemakkelijkt.
De Doopsgezinde gemeente voegde zich in 1977 samen met Schagen, waarbij Schagen de spreekstoel overnam. Rond 1978 kocht de Nederlandse kunstschilder Willem J.H. Thijs de kerk aan.
Er is (bescheiden) contact met de Doopsgezinde Gemeente Barsingerhorn/Zijpe, Vermaning Schagen en de Volle Evangeliegemeente, kapel Hoep Schagen. De RvKS (Raad van Kerken Schagen) heeft tot taak gezamenlijk activiteiten te ontplooien die het christelijk geloof uitdrukken, met behoud van de eigen identiteit van de deelnemende kerken.
tags: #doopsgezinde #kerk #schagen