De betekenis van de zesde bede van het Onze Vader: "Leid ons niet in verzoeking"

De Bijbel, een verzameling van 66 boeken geschreven door ongeveer 40 auteurs over vele eeuwen, staat bekend om zijn consistentie. Ondanks dat de teksten soms tegenstrijdig lijken, is er zelden sprake van echte tegenspraak.

Dit wordt geïllustreerd door de schijnbare tegenstelling tussen twee Bijbelverzen. Enerzijds staat in de Jakobusbrief: ‘Laat niemand zeggen, als hij verzocht wordt: Ik word door God verzocht. God immers kan niet verzocht worden met het kwade en Hijzelf verzoekt niemand’ (Jakobus 1:13). Anderzijds vinden we in het gebed dat Jezus Zijn discipelen leerde (het ‘Onze Vader’): ‘En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze. Want van U is het Koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Amen’ (Matteüs 6:13; Lucas 11:4).

Op het eerste gezicht lijkt dit een paradox: waarom bidden dat God ons niet in verzoeking leidt, als Hij niemand verzoekt? Om dit te begrijpen, is een diepere analyse van de bedoeling van beide Schriftplaatsen noodzakelijk.

Verschillende betekenissen van 'verzoeking'

De woorden ‘verzoeken’ en ‘verzoeking’ in de context van deze Bijbelteksten hebben een andere betekenis dan het alledaagse woord ‘verzoeken’ dat ‘vragen’ betekent. Moderne vertalingen gebruiken vaker termen als ‘beproeving’, ‘op de proef stellen’, ‘testen’, of ‘verleiding’ en ‘in verleiding brengen’.

Beproeving en testen door God

Beproeving of testen is iets wat God doet met Zijn kinderen. Het doel hiervan is om hun geloofsvertrouwen te versterken of hun liefde voor God te bewijzen. Dit soort beproevingen zijn bedoeld om gelovigen te louteren en hun karakter te vormen.

Voorbeelden van beproeving

  • Job: Satan veroorzaakte veel moeilijkheden en lijden bij Job. Ondanks zijn immense beproevingen, sprak Job: ‘De Heer heeft gegeven, de Heer heeft genomen, de naam van de Heer zij geprezen.’ Door zijn geloof werd de strijd in de hemel door God gewonnen.
  • Abraham: God stelde Abraham op de proef door hem te vragen zijn zoon Isaäk te offeren. Dit was geen verleiding tot zonde, maar een test van Abrahams geloof en liefde. Abraham slaagde voor deze test, wat leidde tot Gods erkenning: ‘Nu weet ik dat u godvrezend bent en uw zoon, uw enige, Mij niet onthouden hebt.’ (Genesis 22:12).
illustratie van Abraham die op het punt staat Isaak te offeren, met God die ingrijpt

Verleiding tot zonde

Verleiding daarentegen heeft tot doel, en vaak ook tot gevolg, dat mensen in zonde vallen. Jakobus waarschuwt dat wij, wanneer we verleid worden tot kwaad en zondigen, de oorzaak bij onszelf moeten zoeken en God niet de schuld moeten geven. Verleiding komt niet van God; Hij verleidt niemand.

Wij worden verleid doordat we meegesleept worden door onze eigen begeerte. Jakobus beschrijft dit proces: wanneer de begeerte bevrucht is, baart zij zonde. De verantwoordelijkheid voor het vallen in zonde ligt dus primair bij onszelf.

Verleiders in de eindtijd

Jezus waarschuwt voor verleiders in de eindtijd: ‘Want velen zullen komen onder Mijn Naam en zeggen: Ik ben de Christus; en zij zullen velen misleiden’ (Matteüs 24:5). Hier gaat het om personen die zich voordoen als Christus, maar dat niet zijn. Het is belangrijk om hierop alert te zijn.

Profetische betekenis van 'verzoeking'

Er is ook een meer profetische betekenis van het woord ‘verzoeking’. Dit verwijst naar een specifieke, zware beproeving waar de wereld, en in het bijzonder het volk Israël, doorheen zal gaan.

Het uur van de verzoeking

In Openbaring 3:10 staat: ‘Omdat u het woord van Mijn volharding hebt bewaard, zal Ik ook u bewaren voor het uur van de verzoeking, die over heel de wereld komen zal, om hen die op de aarde wonen te verzoeken.’ Dit verwijst naar een periode van zeven jaar waarin God de wereld zwaar op de proef zal stellen. Deze periode wordt ook wel een ‘tijd van benauwdheid voor Jakob’ genoemd (Jeremia 30:7).

Tijdens deze periode zal satan, uit de hemel geworpen, zijn pijlen richten op het volk Israël, geholpen door een hersteld Romeins rijk en de Antichrist. De gemeente te Filadelfia krijgt de belofte dat zij bewaard zal worden voor dit uur.

grafische weergave van de eindtijd met symbolen van satan, het herstelde Romeinse rijk en de Antichrist

De zesde bede: Verlossing van de boze

Het gebed ‘Leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze’ is tweeledig. Het vraagt om bescherming tegen de macht van satan en tegen de kwade drijfveer in onszelf.

De dubbele betekenis van 'de boze'

  • Satan: De duivel, de vorst der duisternis, is de ultieme 'boze'.
  • Het eigen vlees (Yetzer hara): De Hebreeuwse term 'Yetzer hara' verwijst naar de innerlijke, zondige neiging die Paulus in zijn brieven vaak aanduidt als 'het vlees'.

Met deze bede bidden we dus om verlossing van zowel de externe invloed van satan als de interne macht van onze eigen zondige natuur. Jezus zegt: ‘Ieder die de zonde doet, is een slaaf van de zonde’ (Johannes 8:34). Het gebed is gericht op het voorkomen van deze slavernij.

Zonde: Schuld en Macht

De zonde heeft twee belangrijke facetten: schuld en macht.

Schuld van de zonde

De zonde maakt ons schuldenaars aan Gods recht. Dit vereist volledige betaling. Gelovigen worden zich bewust van deze schuld en hongeren naar gerechtigheid die hun schuld kan bedekken. Dit aspect wordt aangesproken in de vijfde bede van het Onze Vader: ‘Vergeef ons onze schulden’.

Macht van de zonde

De zonde is ook een verschrikkelijke macht in ons leven, sterker dan wijzelf. Van nature zijn we hieraan slaafs onderworpen. Onze hartstochten, driften en verlangens manifesteren zich in deze macht.

Voor Gods kinderen is de macht van de zonde gebroken. Zij dienen de zonde niet meer, omdat ze ‘der zonde gestorven’ zijn en ‘onder de genade’ leven (Romeinen 6:2, 14). Toch blijft de macht van de zonde een realiteit die strijd oplevert.

een afbeelding die de innerlijke strijd tussen goed en kwaad symboliseert

De strijd van het gelovige leven

Hoewel de macht van de zonde gebroken is, is deze nog steeds aanwezig. David en Petrus zijn voorbeelden van gelovigen die in ernstige zonde vielen, ondanks hun toewijding.

Gelovigen ervaren een voortdurende strijd tussen de overgebleven macht van de zonde en het nieuwe leven dat God in hen werkt. In deze strijd leren ze hun eigen zwakheid kennen en de ontzettende macht van hun doodsvijanden: de duivel, de wereld en het eigen vlees.

Daarom vraagt de Kerk: ‘Leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze!’ Dit gebed erkent onze eigen onmacht en de noodzaak van Gods bescherming.

De drie vormen van 'verzoeking'

De Bijbel spreekt over verzoeking op drie manieren:

  • De mens die God verzoekt: Door Gods alwetendheid te bespotten (Handelingen 5:9) of door zich roekeloos in gevaar te brengen (Matteüs 4:7).
  • God die een mens verzoekt: Dit betekent hier ‘testen’ of ‘beproeve’n, zoals bij Abraham (Genesis 22:1). Het doel is niet om tot zonde te brengen, maar om geloof te tonen en te louteren.
  • De boze die ons verzoekt: Dit is de duivel, die ons tot het kwade probeert te bewegen. De Heidelbergse Catechismus breidt dit uit tot de duivel, de wereld en ons eigen vlees.

De zesde bede richt zich primair op de derde vorm: de smeekbede dat God ons niet overgeeft aan de pogingen van onze vijanden om ons tot zonde te bewegen.

Gods rol in beproeving

God geeft de verstokte zondaar soms over aan de macht van de zonden als rechtvaardige straf. Echter, God zal Zijn volk nooit overgeven aan het oordeel van verharding.

Wel laat God Zijn kinderen soms in een oogwenk voelen wat er van hen zou worden als Hij hen losliet. David, Petrus en Job ervoeren dit op verschillende manieren. Deze ervaringen leren gelovigen hun eigen zwakheid en de gevaren van zelfoverschatting.

Wie zichzelf moedwillig in de verzoeking brengt en bidt ‘Leid ons niet in verzoeking’, verzoekt God zelf.

illustratie van Jezus die in de woestijn door de duivel wordt verzocht

Jezus als voorbeeld

De enige manier voor Gods Kerk om staande te blijven in de strijd tegen de drie doodsvijanden is door te zien op Jezus Christus. Hij begon Zijn aardse bediening door Zichzelf door de Geest te laten leiden in de woestijn om door de duivel verzocht te worden (Matteüs 4:1).

Veertig dagen en nachten probeerde satan Jezus te overwinnen. Uiteindelijk mislukten Satans pogingen. Het is een troost voor Gods Kerk dat haar Koning deze verzoekingen heeft doorstaan en niet gevallen is.

Dit lied, Gezang 48, is een Nederlandse vertaling van het lied 'Vater unser im Himmelreich' van Maarten Luther, geschreven eind 1538/begin 1539. Luther werkte de verzen van het Onze Vader uit in negen strofen, beginnend met de uitleg dat 'Unser Vater' (Onze Vader) aangeeft dat het een gebed van en voor alle mensen is.

tags: #gezang #48 #7 #leid #ons #niet