Douanekosten Bezwaarprocedure

Wanneer een belastingplichtige het niet eens is met een tot hem gerichte beschikking die voortvloeit uit douanewetgeving, dan kan hij daartegen bezwaar maken. Dit hoofdstuk behandelt de bezwaarprocedure.

Algemeen

In deze paragraaf worden de hoofdregels van de bezwaarprocedure behandeld. Achtereenvolgens komen aan de orde:

  • Beschikkingen waartegen bezwaar mogelijk is
  • Wie kan een bezwaarschrift indienen?
  • Bij wie is bezwaar mogelijk?
  • Binnen welke termijn is bezwaar mogelijk?
  • Aan welke formele eisen moet een bezwaarschrift voldoen?
  • Rechtstreeks beroep
  • Horen belanghebbende
  • Eenheid van beleid en uitvoering
  • De uitspraak

Beschikkingen waartegen bezwaar mogelijk is

Op grond van artikel 44 DWU heeft iedere persoon het recht beroep in twee fasen in te stellen tegen beschikkingen van de douaneautoriteiten die betrekking hebben op de toepassing van de douanewetgeving en die hem rechtstreeks en individueel raken. Met douanewetgeving worden het DWU en alle daarbij behorende Unierechtelijke en nationale uitvoeringsbepalingen bedoeld (artikel 5 punt 2 DWU).

Het begrip beschikking is in artikel 5, punt 39 DWU gedefinieerd als: "elke beslissing welke verband houdt met de douanewetgeving die door een douaneautoriteit over een bepaald geval wordt genomen en die voor de betrokken persoon of betrokken personen rechtsgevolgen heeft." Op grond van artikel 44 DWU zou dan ook al bezwaar mogelijk zijn tegen alle hier bedoelde beschikkingen.

Voor bezwaar vatbare beschikkingen

Het beschikkingsbegrip in het DWU wijkt af van het beschikkingsbegrip van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het DWU kent ook mondelinge beschikkingen of beschikkingen die door een handeling van de inspecteur worden genomen. In de Algemene wet bestuursrecht wordt onder beschikking verstaan: "een besluit dat niet van algemene strekking is, met inbegrip van de afwijzing van een aanvraag daarvan." Omdat onder "besluit" wordt verstaan "een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling", is een beschikking in de zin van de Algemene wet bestuursrecht altijd een schriftelijk genomen beslissing.

Artikel 1:18, lid 1 van de Algemene douanewet bepaalt dat een beschikking in de zin van het DWU gelijkgesteld wordt met een beschikking in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Hierdoor worden in principe alle bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht die van toepassing zijn en die zien op beschikkingen van toepassing op beschikkingen in de zin van het DWU.

Artikel 8:2, lid 2 van de Algemene douanewet bepaalt dat voor de overeenkomstige toepassing van hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr) sprake is van een voor bezwaar vatbare beschikking indien het gaat om een beschikking als bedoeld in het DWU of een beschikking die is genomen op grond van de Algemene douanewet.

Specifiek voor een uitnodiging tot betaling bepaalt artikel 8:2, lid 3, Algemene douanewet dat voor de overeenkomstige toepassing van hoofdstuk V Algemene wet inzake rijksbelastingen deze wordt aangemerkt als belastingaanslag of een aanslag. Artikel 8:2 Algemene douanewet regelt niet het recht om bezwaar en beroep in te stellen, maar dient om een correcte aansluiting te verkrijgen met de genoemde bepalingen uit de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Deze koppelbepaling is noodzakelijk aangezien de Awr slechts in de mogelijkheid voorziet bezwaar te maken tegen een belastingaanslag of een bij wetsduiding aangeduide voor bezwaar vatbare beschikking.

In de Algemene douanewet komt bijna geen ander bestuursorgaan meer voor dan de inspecteur of de ontvanger. In wettelijke bepalingen komen behalve de begrippen inspecteur of ontvanger ook de begrippen douaneautoriteit, bevoegde autoriteit of douane of douanedienst voor. Artikel 1, lid 3, letter c van de Algemene douanewet bepaalt dat ook onder deze begrippen wordt verstaan de inspecteur dan wel de ontvanger. Wanneer bij een bepaling in de Unie wetgeving geen functionaris is aangewezen maar de bepaling in de lijdende vorm is gesteld zoals bijvoorbeeld het geval is in artikel 28 DWU moet worden aangenomen dat de beslissing door de douaneautoriteit, dus veelal de inspecteur is genomen tenzij uit de context blijkt dat dit niet het geval kan zijn.

De Algemene douanewet opent de mogelijkheid om functionarissen die niet ressorteren onder de rijksbelastingdienst voor de uitvoering van een nader omschreven taak aan te wijzen als inspecteur of ontvanger. Dit onderdeel van het Handboek Douane heeft echter alleen betrekking op bezwaar en beroep tegen beschikkingen die door de douane zijn afgegeven.

Bezwaarschrift tegen meerdere beschikkingen

Op grond van artikel 8:2 Algemene douanewet juncto artikel 24a Algemene wet inzake rijksbelastingen kan tegen meerdere beschikkingen één bezwaarschrift ingediend worden.

Visuele weergave van de douanebezwaarprocedure met pijlen die de stappen aangeven.

Wie kan een bezwaarschrift indienen?

Belanghebbende

Een belanghebbende kan tegen een besluit beroep instellen op grond van artikel 8:1 Algemene wet bestuursrecht. Op grond van artikel 7:1 Algemene wet bestuursrecht moet degene aan wie het recht is toegekend tegen een besluit beroep op een administratieve rechter in te stellen eerst bezwaar maken bij het bestuursorgaan dat de beslissing genomen heeft. Onder het maken van bezwaar wordt verstaan: het "gebruik maken van de ingevolge een wettelijk voorschrift bestaande bevoegdheid, voorziening tegen een besluit te vragen bij het bestuursorgaan dat het besluit genomen heeft" (artikel 1:5 Algemene wet bestuursrecht). Dit houdt in dat als in een wettelijk voorschrift een bevoegdheid beschreven is, iemand die aan de beschrijving voldoet bezwaar kan maken. Een voorbeeld hiervan is artikel 26 Algemene wet inzake rijksbelastingen. Daar wordt belanghebbende het recht toegekend om beroep in te stellen tegen bijvoorbeeld een belastingaanslag of een voor bezwaar vatbare beschikking. Door de regeling van artikel 8:2, de leden 2 en 3 Algemene douanewet geldt dit ook voor de beschikkingen die op grond van het DWU en de Algemene douanewet zijn genomen en voor uitnodigingen tot betaling.

Het DWU bepaalt echter in artikel 44 lid 1 DWU de kring van personen die gerechtigd zijn bezwaar en beroep in te stellen. Daarom is in artikel 8:1 van de Algemene douanewet artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing verklaard. Hierdoor ontstaat er een - in ieder geval - theoretisch verschil tussen de belanghebbende bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht en de persoon die het recht heeft bezwaar en beroep in te stellen bedoeld in het DWU. In het geval van de Awb wordt een persoon een belanghebbende indien deze rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Ingevolge het DWU dient een persoon niet alleen rechtstreeks maar ook individueel te worden geraakt. In het algemeen is het zo dat degene tot wie de beschikking gericht is, beroep in kan stellen, en dus eerst bezwaar moet maken.

Vertegenwoordiger

Als een persoon bezwaar wil maken, hoeft hij dit niet altijd zelf te doen. Hij kan zich laten vertegenwoordigen. U kunt daarbij van de vertegenwoordiger een schriftelijke machtiging verlangen (artikel 2:1 Algemene wet bestuursrecht en artikel 1:8 Algemene douanewet).

Weigering vertegenwoordiging

Alleen in uitzonderingsgevallen kunt u de vertegenwoordiging om geldige redenen weigeren (artikel 2:2 Algemene wet bestuursrecht; paragraaf 5 Besluit Fiscaal Bestuursrecht). Deze gevallen kunnen zich voordoen bij duidelijke en ernstige ondeskundigheid. Ook valt te denken aan vertegenwoordigers die herhaaldelijk de normale gang van zaken, eventueel onder bedreiging van geweld, verstoren of tegen wie vermoedens bestaan van het begaan van strafbare feiten. Het besluit tot weigering wordt genomen door de (plv) regiodirecteur namens de algemeen directeur Douane. Van de weigering stelt u de belanghebbende en de vertegenwoordiger onverwijld schriftelijk op de hoogte. De weigering is een Awb-beschikking waartegen bezwaar mogelijk is. Op het bezwaar wordt uitspraak gedaan door de (plv.) regiodirecteur. Daarna staat beroep tegen de uitspraak op bezwaar open bij de rechtbank, sector bestuursrecht. Advocaten kunt u niet als vertegenwoordiger weigeren (artikel 2:2 Algemene wet bestuursrecht).

Gevolgen vertegenwoordiging

Het gevolg van vertegenwoordiging is dat het contact tussen de belanghebbende en de Belastingdienst via de vertegenwoordiger loopt. De vertegenwoordiger kan alle bevoegdheden van de belanghebbende uitoefenen voor zover deze binnen de volmacht blijven. De belanghebbende is dan gebonden aan de handelingen van zijn vertegenwoordiger. Een ander gevolg is dat u alle stukken die betrekking hebben op de zaak, in de bezwaarfase in ieder geval aan de vertegenwoordiger moet toezenden (artikel 6:17 Algemene wet bestuursrecht). Doe dit, om misverstanden te voorkomen, wel op naam van de vertegenwoordigde, per adres van de vertegenwoordiger. Dit betekent niet dat alle contacten tussen de Belastingdienst en de belanghebbende altijd via de vertegenwoordiger moeten lopen. Het kan voorkomen dat bepaalde informatie alleen door de belanghebbende zelf gegeven kan worden. De vertegenwoordiger wordt echter altijd van de gang van zaken op de hoogte gehouden.

Als aan een bezwaar wordt tegemoetgekomen en dit leidt tot een terugbetaling/kwijtschelding, is de beschikking die het systeem Douane Heffing verstuurt de uitspraak op het bezwaarschrift. Deze wordt naar belanghebbende gezonden. De aanvullende motivering stuurt u naar de vertegenwoordiger.

Domiciliekeuze

Wanneer iemand die niet in Nederland woont bezwaar wil maken, bijvoorbeeld een reiziger die tijdelijk in Nederland was of een aangever uit een andere lidstaat, dan moet hij domicilie in Nederland kiezen (artikel 12:2 Algemene douanewet). Dit betekent dat hij een correspondentieadres in Nederland moet opgeven aan de douane zodat alle correspondentie daar naartoe kan worden gestuurd. Hiervoor kan bijvoorbeeld een ambassade opgegeven worden. Kiest hij ondanks deze verplichting toch geen domicilie in Nederland dan leidt dit overigens nog niet tot niet-ontvankelijkheid. U stuurt uw stukken dan naar het buitenlandse adres, waarbij u belanghebbende er wel schriftelijk op wijst dat het risico van vertraagde ontvangst van die stukken bij belanghebbende ligt.

Bij wie is bezwaar mogelijk?

De hoofdregel is dat bezwaar mogelijk is bij het bestuursorgaan dat de beschikking genomen heeft (artikel 1:5 Algemene wet bestuursrecht). Om de vraag te beantwoorden bij wie bezwaar moet worden ingediend, moet altijd eerst nagegaan worden wie de bestreden beschikking genomen heeft.

Bij uitnodigingen tot betaling (ter zake van invoer- en uitvoerrechten, antidumpingheffingen en compenserende heffingen en heffingen in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en andere belastingen ter zake van de invoer), andere beschikkingen zoals bedoeld in artikel 5, onder 39 DWU en andere beschikkingen genomen op grond van de Algemene douanewet wordt bezwaar gemaakt bij de inspecteur (Artikel 8:2 Algemene douanewet juncto artikel 26 Algemene wet inzake rijksbelastingen juncto artikelen 6:4 en 7:1 Algemene wet bestuursrecht). Bij antidumpingrechten en compenserende heffingen geldt daarbij de bijzonderheid dat de inspecteur in voorkomend geval kan overleggen met de Minister van Buitenlandse Zaken, Directoraat–generaal Buitenlandse Economische Betrekkingen (voorheen het Ministerie van Economische Zaken).

Bij beschikkingen ten aanzien het uitkeren van landbouwrestituties is de Algemeen directeur Rijksdienst voor ondernemend Nederland (RVO.NL) bevoegd. Zie ook onderdeel 20.01.00 van dit Handboek.

Degene die het bezwaarschrift feitelijk behandelt moet een ander zijn dan degene die de oorspronkelijke beslissing genomen heeft. Dit om vooringenomenheid te voorkomen (artikel 7:5, lid 1 en 10:3, lid 3, Algemene wet bestuursrecht).

Schema dat de verschillende douanekantoren en hun verantwoordelijkheden binnen de bezwaarprocedure weergeeft.

Binnen welke termijn is bezwaar mogelijk?

Verplichte bezwaarclausule

Op iedere beschikking die voor de aanvrager ongunstig is, moet de bezwaarclausule worden vermeld (artikel 22 lid 7 DWU). Bij de overige beschikkingen waartegen bezwaar open staat, dus ook mondelinge beschikkingen, moet melding worden gemaakt van de mogelijkheid tot het maken van bezwaar (artikel 3:45 Algemene wet bestuursrecht. en artikel 1:18 lid 1 van de Algemene douanewet). De belastingplichtige moet immers geïnformeerd worden, hoe en binnen welke termijn hij bezwaar kan indienen.

Aanvang termijn

De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift is zes weken (artikel 6:7 Algemene wet bestuursrecht). Deze termijn begint, in afwijking van artikel 6:8 Algemene wet bestuursrecht, met ingang van de dag na die van dagtekening van het aanslagbiljet of een voor bezwaar vatbare beschikking, tenzij de dag van dagtekening voor de dag van bekendmaking ligt (artikel 22j, letter a Algemene wet inzake rijksbelastingen).

Het DWU bepaalt dat een beschikking van kracht wordt vanaf de datum waarop de betrokkene deze ontvangt of geacht wordt deze te hebben ontvangen (artikel 22 lid 4 DWU en artikel 29 DWU).

Indien artikel 102 lid 2 DWU van het Douanewetboek van de Unie wordt toegepast, wordt de douaneaangifte aangemerkt als een op een aanslagbiljet vermelde uitnodiging tot betaling. De datum van vrijgave van de goederen geldt als dagtekening van het aanslagbiljet en van de vaststelling van de uitnodiging tot betaling (artikel 7:6 lid 5 Algemene douanewet). Indien een vergunninghouder volgens de procedure, bedoeld in artikel 237 van de Uitvoeringsverordening Douanewetboek van de Unie, gegevens indient over het vastgestelde bedrag aan rechten bij in- en uitvoer, geldt de datum van indiening als dagtekening van het aanslagbiljet en van de vaststelling van de uitnodiging tot betaling (artikel 7:6 lid 6 Algemene douanewet).

Tegen een weigering is geen formeel bezwaar mogelijk. Wel geeft de Belastingdienst de afzender conform artikel 4:5, lid 1, onderdeel b, of artikel 6:6, onderdeel b, van de Awb de mogelijkheid het vormverzuim te herstellen door het bericht binnen een door de inspecteur gestelde termijn via een ander, wel opengesteld, kanaal aan te leveren.

Bezwaar te vroeg

Hoofdregel is dat een bezwaarschrift dat voor de aanvang van de termijn ontvangen wordt, niet-ontvankelijk is. Hierop zijn echter twee uitzonderingen: de beschikking waartegen het bezwaar zich richt, is al genomen of; de beschikking is nog niet genomen, maar de indiener kon redelijkerwijs menen dat de beschikking wel genomen was. U kunt de behandeling van het bezwaarschrift dan aanhouden.

Als u het niet eens bent met een beslissing van de Douane, dan kunt u bezwaar maken. Tegen elke beschikking van de Douane kunt u bezwaar maken. U ontvangt bijvoorbeeld een naheffing of uitnodiging tot betaling, of bericht over de manier waarop uw goederen worden ingedeeld, of een vergunning.

Uw brief moet binnen de bezwaartermijn bij ons binnen zijn. Dat is uiterlijk 6 weken na de datum van de beslissing. Als de bezwaartermijn voorbij is, start een beslistermijn van 6 weken. We mogen de beslistermijn dan 1 keer verlengen met maximaal 6 weken. Als wij te laat zijn, kunt u ons in gebreke stellen.

Wilt u niet langer wachten? Dan kunt u in beroep gaan bij de rechtbank. De rechter bepaalt dan wanneer wij moeten beslissen.

Bezwaar maken tegen inklaringskosten

Als u het niet eens bent met de inklaringskosten, dan kun je bezwaar indienen. Dit kan tot 6 weken nadat de kosten aan u in rekening zijn gebracht. Vraag je inklaringskosten terug voor een retourzending? Dan heb je tot 6 weken na het verzenden de tijd om bezwaar te maken.

Wanneer kan bezwaar maken niet?

  • Inklaringskosten te hoog: Bij spullen met een lage waarde vallen de inklaringskosten relatief hoog uit. Dit is echter geen reden om bezwaar te maken.
  • Geschenk van een zakelijke afzender: De btw-vrijstelling tot € 45,- geldt alleen voor geschenken van een particuliere afzender.
  • Pakket retour gestuurd naar een ander land dan waar het vandaan kwam: Inklaringskosten terugvragen kan alleen als u het pakket heeft teruggestuurd naar het land waar het vandaan kwam (buiten de EU).

Heb je al btw betaald aan de webshop? Dan kun je voor aankopen met een waarde tot €150 de btw terugvragen aan de webshop of afzender. Als je tijdens je aankoop al btw betaalt, moet de afzender namelijk aan ons doorgeven dat je geen btw meer hoeft te betalen. Dat gaat niet altijd goed. Daarom gebeurt het weleens dat je inklaringskosten moet betalen terwijl je al btw hebt betaald. Neem hiervoor contact op met de webshop of afzender. Zij kunnen jou helpen met de dubbel betaalde kosten terug te storten.

Heb je 2 keer inklaringskosten betaald? Dat is natuurlijk vervelend. Vraag in dit geval je geld terug met het daarvoor bestemde formulier.

Je kunt er ook voor kiezen om je pakket niet in ontvangst te nemen en terug te sturen naar de afzender.

Rechtstreeks beroep

Wanneer u het als belanghebbende niet eens bent met een beslissing van de douane, dan kan u hiertegen beroep instellen. Het “recht op beroep” is neergelegd in artikel 44 van het Douanewetboek van de Unie. Dit betreft een eerste fase bij de douaneautoriteit zelf. De invulling van de beroepsprocedure zelf (inclusief termijnen) wordt overgelaten aan het nationale recht van de lidstaten, maar deze moet wel een vlot verloop kennen. De beroepsprocedure is in Nederland geregeld in onder meer de Algemene wet op het bestuursrecht en de Algemene douanewet. In Nederland noemen wij de eerste fase “bezwaar”.

Voordat de douane een ongunstige beschikking neemt, is de douane op grond van de EU douanewetgeving verplicht om de belanghebbende een vooraankondiging te sturen. In de voorgenomen beslissing moet de douane de gronden vermelden waarop zij van plan is de beslissing te baseren. De belanghebbende moet in de gelegenheid worden gesteld om zijn standpunt ten aanzien van de voorgenomen beslissing te geven. In de regel krijgt hij hiervoor 30 dagen de tijd. Het is verstandig gebruik te maken van het recht om, desgewenst met de hulp van een in het douanerecht gespecialiseerde advocaat, een zienswijze in te dienen. Op die manier kan de belanghebbende nog voordat de douane daadwerkelijk een beslissing heeft genomen vroegtijdig verweer voeren. Mogelijk is de douane dan nog op andere gedachten te brengen, en misschien ziet de douane wel geheel af van de voorgenomen nadelige beschikking. Mocht de douane alsnog overgaan tot het nemen van de nadelige beschikking, dan kan hiertegen in Nederland binnen 6 weken (formeel) bezwaar worden ingediend.

Horen belanghebbende

De bezwaarprocedure bij de douane (fase 1 van het recht op beroep) is redelijk flexibel. Nadat de belanghebbende zijn bezwaar van een motivering heeft voorzien, zal de douane een voorlopige beschouwing geven. Eventueel kan een hoorgesprek plaatsvinden. De belanghebbende zal in staat worden gesteld op het hoorverslag en de voorlopige beschouwing te reageren.

Eenheid van beleid en uitvoering

In Nederland gaat de rechtsbescherming nog verder. Het komt in de douanepraktijk regelmatig voor dat vragen over de geldigheid of de juiste interpretatie van de douanewetgeving worden voorgelegd aan het Hof van Justitie in een zogenoemde prejudiciële procedure. Procederen is een vak; ook in het douanerecht. De douane is over het algemeen een taaie procespartij die een eenmaal ingenomen standpunt niet zomaar zal prijsgeven. De advocaten en fiscalisten van Ploum’s team Douane, Handel en Logistiek hebben zeer veel ervaring in het voeren van procedures tegen de douane, in bezwaar, beroep, hoger beroep, alsook in cassatie bij de Hoge Raad en bij het Hof van Justitie. Ongunstige beschikkingen van de douane (in het bijzonder navorderingen en beslissingen om vergunningen niet te verlenen of in te trekken), kunnen een enorme impact hebben op de (financiële) positie, reputatie en continuïteit van uw onderneming.

De uitspraak

Na het indienen van een bezwaarschrift, volgt een beslissing op het bezwaar. Tegen deze beslissing kan, indien men het er niet mee eens is, beroep worden ingesteld bij de rechtbank.

Ambtelijke kosten en bezwaar

Dit hoofdstuk behandelt het tarief van de ambtelijke kosten en op welke grond bezwaar kan worden gemaakt tegen de beschikking waarmee deze kosten worden geheven.

Tarief van de kosten

Het tarief van de kosten wordt op grond van artikel 1:19, lid 2 Algemene douanewet vastgesteld. Dit gebeurt op basis van de Directie Accountancy Rijksoverheid - tarieven handleiding. De handleiding is gebaseerd op gegevens over de kosten die zich gemiddeld bij de Rijksoverheid voordoen. De toepassing van de handleiding is sinds januari 1994 verplicht voorgeschreven voor die dienstonderdelen die niet beschikken over een adequate kostenadministratie. De tarieven worden periodiek aangepast.

Het tarief is te vinden in artikel 1:12 van de Algemene douaneregeling en vastgesteld op € 24 per half uur dat ambtelijke werkzaamheden worden verricht. Bij de berekening van de tijdsduur van de ambtelijke verrichting worden gedeelten van een half uur voor een half uur gerekend.

Op grond van artikel 1:19, lid 2 Algemene douanewet geldt dat belanghebbende aan het Rijk het bedrag verschuldigd is dat door derden aan de inspecteur in rekening is gebracht. Dit doet zich met name voor in de situaties als omschreven onderdeel 3.1, onder a3, b, c, en d.

Verplaatsingstijd

De reistijd van de ambtenaar om zich te verplaatsen naar de locatie waar de gewenste dienstverlening moet worden verricht, wordt niet meegenomen in de vaststelling van kosten. Dit geldt ook voor het verplaatsen van de locatie van dienstverlening terug naar het douanekantoor. Achterliggende gedachte hierbij is dat de Douane meer en meer met mobiele teams in het land actief is. Het toerekenen van de reisduur aan bepaalde werkzaamheden is daarmee niet meer goed mogelijk.

Kosten berekend voor aangevraagde uren

Wanneer voor een bepaalde tijdsduur het verrichten van ambtelijke werkzaamheden is aangevraagd dan worden die uren in rekening gebracht. Een vroegere beëindiging van de werkzaamheden heeft geen invloed op de berekening van de kosten. De ambtenaar is immers voor een bepaalde tijd ingeroosterd.

Inzet van meer dan één ambtenaar

De aanvrager is kosten verschuldigd voor het aantal ambtenaren dat door de dienstleiding wordt ingezet om de werkzaamheden van de aanvrager mogelijk te maken. Indien uit veiligheidsoverwegingen twee ambtenaren worden ingezet, terwijl voor de betreffende werkzaamheden met één ambtenaar zou kunnen worden volstaan, dienen slechts kosten voor één ambtenaar in rekening te worden gebracht.

Voldoening van de kosten en mededeling doen

De inspecteur stelt het bedrag van de verschuldigde kosten vast (artikel 1:19, vierde lid Algemene douanewet). Op grond van artikel 7:6, lid 1 Algemene douanewet wordt het door de inspecteur vastgestelde bedrag door de inspecteur aan belanghebbende bekend gemaakt door het toezenden van een aanslagbiljet. De termijn van voldoening van de kosten volgt het traject geldend voor het aanslagbiljet.

Bezwaar

De vaststelling van het bedrag aan verschuldigde kosten (zie 4.1.4, eerste alinea) is uit zijn aard een beschikking als bedoeld in artikel 5, onder 39, van het DWU, waartegen bezwaar en beroep mogelijk is.

tags: #kun #je #tegen #douane #kosten #protesteren