In het dertiende hoofdstuk van het Bijbelboek Openbaring worden twee beestachtige entiteiten geïntroduceerd die een centrale rol spelen in de eindtijdprofetieën: het beest dat uit de zee opkomt en het beest dat uit de aarde opkomt. Deze passage, met name zoals vertaald in de Statenvertaling, biedt een diepgaande beschrijving van deze figuren en hun activiteiten.
Het Beest dat uit de Zee Opkomt
Het eerste beest wordt beschreven als opkomend uit de zee. Het wordt gekenmerkt door zeven koppen en tien hoorns. Op de hoorns bevinden zich tien diademen, en op de koppen staat een godslasterlijke naam. De verschijning van dit beest wordt vergeleken met een panter, met poten als die van een beer en een muil als die van een leeuw. De draak, een symbool van satan, geeft dit beest zijn kracht, troon en grote macht.
Een van de koppen van het beest lijkt dodelijk gewond te zijn, maar deze wond wordt genezen, wat leidt tot grote verwondering over de hele aarde. De mensen aanbidden de draak omdat hij het beest macht heeft gegeven, en zij aanbidden ook het beest zelf, met de vraag: "Wie is aan dit beest gelijk? En wie kan er oorlog tegen voeren?"
Het beest wordt een mond gegeven om grote woorden en godslasteringen te spreken, en het krijgt macht om dit gedurende tweeënveertig maanden (drieënhalf jaar) te doen. Het opent zijn mond om God te lasteren, Zijn Naam, Zijn tent en degenen die in de hemel wonen.
Dit beest krijgt ook macht om oorlog te voeren tegen de heiligen en hen te overwinnen. Het verkrijgt autoriteit over elke stam, taal en volk. Allen die op aarde wonen, met uitzondering van degenen wier namen vanaf de grondlegging van de wereld geschreven zijn in het boek des levens van het Lam dat geslacht is, zullen het aanbidden.
Er wordt een waarschuwing gegeven: "Indien iemand oren heeft, laat hij horen." Er wordt ook een principe van gerechtigheid uiteengezet: wie in gevangenschap leidt, gaat zelf in gevangenschap; wie met het zwaard doodt, moet zelf met het zwaard gedood worden. Dit vers wordt gevolgd door de vermelding van de volharding en het geloof van de heiligen.

Het Beest dat uit de Aarde Opkomt
Vervolgens wordt een ander beest beschreven dat uit de aarde opkomt. Dit beest heeft twee hoorns, gelijkend op die van het Lam, maar het spreekt als de draak. Het oefent alle macht van het eerste beest uit in zijn tegenwoordigheid, en het zorgt ervoor dat de aarde en haar bewoners het eerste beest aanbidden, wiens dodelijke wond genezen was.
Dit tweede beest verricht grote tekenen, waaronder het doen neerkomen van vuur uit de hemel op aarde, voor de ogen van de mensen. Het misleidt degenen die op aarde wonen door middel van de tekenen die het gegeven zijn te doen voor de ogen van het eerste beest. Het instrueert de aardbewoners om een beeld te maken voor het beest dat de wond van het zwaard had en weer levend werd.
Dit tweede beest krijgt macht om een geest te geven aan het beeld van het beest, zodat het beeld zou spreken en ervoor zorgen dat allen die het niet aanbidden, gedood zouden worden. Het zorgt ervoor dat aan allen, klein en groot, rijk en arm, vrij en slaaf, een merkteken wordt gegeven op hun rechterhand of op hun voorhoofd.
Dit merkteken is essentieel, want niemand kan kopen of verkopen, behalve hij die het merkteken heeft, of de naam van het beest, of het getal van zijn naam. Het hoofdstuk besluit met de oproep: "Hier is de wijsheid: die het verstand heeft, rekene het getal van het beest; want het is een getal van een mens, en zijn getal is zeshonderd zes en zestig."

Interpretaties en Verwijzingen
De passage introduceert de mens van de wetteloosheid, de zoon van het verderf, en de tegenstander, vaak aangeduid als het beest. De term 'antichrist' betekent 'tegen Christus' of 'in plaats van Christus'. Hoewel de apostel Johannes de term antichrist gebruikt in zijn brieven, wordt in Openbaring 13 gesproken over de beesten die deze rol vervullen.
De zeven koppen van het eerste beest worden vaak geïnterpreteerd als zeven koningen of wereldrijken. De verwijzing naar Daniël 7 suggereert een verband met toekomstige wereldrijken, mogelijk een hernieuwd Romeins Rijk. De dodelijke wond die geneest, kan duiden op het herstel van een gevallen macht.
De activiteiten van het tweede beest, zoals het verrichten van grote tekenen en het misleiden van de bevolking, worden gezien als een poging om de mensheid van Jezus Christus af te houden. De periode van tweeënveertig maanden wordt vaak geïnterpreteerd als de grote verdrukking, een periode van 3,5 jaar waarin het beest grote macht zal uitoefenen.
De oproep om het getal van het beest te rekenen, 666, is een belangrijk element in de interpretatie van dit hoofdstuk, wat duidt op een menselijk getal en mogelijk een specifieke entiteit.
Openbaring 13 | David Maasbach
tags: #openbaring #13 #herziene #statenvertaling