Johannes Calvijn (ook bekend als Jean Calvin of Iohannes Calvinus), geboren als Jehan Cauvin in Noyon, Frankrijk, op 10 juli 1509, was een invloedrijke Frans-Zwitserse theoloog en een centrale figuur in de protestantse Reformatie. Hij overleed in Genève, Zwitserland, op 27 mei 1564. Calvijn wordt beschouwd als een van de grondleggers van de Reformatie, een beweging die de Rooms-Katholieke Kerk uitdaagde en leidde tot de vorming van protestantse kerken.

Vroege Leven en Opleiding
Calvijn werd geboren in Noyon, Picardië, als de vierde van zes kinderen van Gérard Cauvin en Jeanne Lefranc. Zijn vader, een bisschoppelijk ambtenaar, zorgde ervoor dat Johannes een goede opleiding kreeg. Aanvankelijk was het de bedoeling dat hij priester zou worden, maar na een geschil met het kapittel, liet zijn vader hem rechten en letteren studeren. Calvijn begon zijn studie in 1528 aan de Universiteit van Orléans en vervolgde deze in Bourges in 1529. In 1532 behaalde hij zijn doctoraat in het recht in Orléans. Tijdens zijn studie aan het Collège de la Marche en het Collège Montaignu in Parijs, waar hij les kreeg van onder anderen Mathurin Cordier, ontwikkelde hij een brede humanistische en klassieke scholing.
Bekering en de Opkomst van de Reformatie
De opvattingen van Maarten Luther over de Rooms-Katholieke Kerk wekten Calvijns interesse in het christelijk geloof en de Bijbel. Hij begon de Bijbel te bestuderen en verspreidde Lutherse ideeën, wat leidde tot problemen aan de Universiteit van Parijs. Dit zette Calvijn ertoe aan om naar Zwitserland te verhuizen. In deze periode, rond 1533-1535, maakte Calvijn een diepgaande transformatie door, waarbij hij zich volledig toewijdde aan de Reformatie. Een sleutelmoment was de rectorale rede van zijn vriend Nicolaas Cop aan de Universiteit van Parijs op 1 november 1533, waarvoor Calvijn materiaal had aangedragen. Deze rede, die de beginselen van de Reformatie omhelsde, leidde tot opschudding en dwong Calvijn Parijs te ontvluchten.

Eerste Periode in Genève en Ballingschap
In 1536 kwam Calvijn in Genève, een stad die zich net had afgekeerd van het katholicisme. Hij werd door Guillaume Farel aangespoord om in de stad te blijven en te helpen bij de hervorming van het geloofsleven. Calvijn stelde zich voortvarend op, bracht het openbare leven en het stadsbestuur onder toezicht van de kerk en voerde strenge regels in. Na twee jaar leidde dit tot weerstand, waardoor Calvijn in 1538 uit Genève werd verbannen. Hij vluchtte naar Straatsburg, waar hij predikant werd van de Franse vluchtelingengemeente en onder de invloed kwam van Martin Bucer. In Straatsburg trouwde hij in 1540 met Idelette de Bure, een weduwe die hij eerder had ontmoet.
Terugkeer naar Genève en de Vestiging van het Calvinisme
Naarmate de situatie in Genève veranderde en zijn aanhangers meer invloed kregen, werd Calvijn in 1541 uitgenodigd om terug te keren. Bij zijn terugkeer begon hij met hernieuwde energie aan de opbouw van de kerk van Genève. Hij introduceerde de beroemde "Ordonnances ecclésiastiques" (Kerkelijke verordeningen) in 1541, waarin hij vier kerkelijke ambten instelde:
- Doctoren: belast met onderwijs in de calvinistische leer.
- Predikanten: verantwoordelijk voor preken en de bediening van de doop en het avondmaal.
- Ouderlingen: toezicht houdend op naleving van de kerkregels.
- Diakenen: zorgend voor de armen.
Genève werd onder Calvijns leiding een modelstad voor calvinistische gemeenten elders in Europa, wat vaak wordt gezien als een voorloper van democratische principes. Calvijn legde ook grote nadruk op de opvang van arme mensen en versterkte het onderwijs in de stad.
B16. Johannes Calvijn, het protestantisme en de arbeidsethos
Theologische Kernpunten
Calvijn was een fervent aanhanger van de vijf sola's van de Reformatie. Centraal in zijn theologie stonden de volgende concepten:
- Rechtvaardiging door genade alleen: De mens wordt gerechtvaardigd voor God enkel door het verzoenende werk van Jezus Christus, zonder eigen verdienste.
- Predestinatie (uitverkiezing): Vanwege Gods soevereiniteit en de nietigheid van de mens, heeft God vanuit Zijn eeuwig raadsbesluit bepaald wie gered zal worden (uitverkorenen) en wie niet. Calvijn zag dit als een troost, niet als een doem, en als een verklaring voor de individuele reacties op het evangelie.
- De soevereiniteit van God: God heerst over alle aspecten van het leven en de Bijbel heeft het hoogste gezag.
Calvijn ontkende, net als Luther en Augustinus, dat goede werken konden bijdragen aan de verzoening met God. Zijn predestinatieleer is voornamelijk gebaseerd op de gedachte van Gods almacht en de nietigheid van de mens, en wordt teruggevonden in diverse belijdenisgeschriften van gereformeerde kerken.
Schriftelijke Nalatenschap en Invloed
Calvijn was een productief schrijver. Zijn magnum opus, de "Institutio Christianae Religionis" (Onderwijs in de christelijke godsdienst), verscheen voor het eerst in 1536 en werd gedurende zijn leven voortdurend aangevuld en uitgebreid. Dit werk vatte zijn visie op de christelijke leer samen en maakte abstracte theologische ideeën navolgbaar voor een breed publiek. Daarnaast schreef hij talrijke commentaren op Bijbelboeken, catechismuswerken en polemische geschriften om zijn opvattingen te verdedigen en die van anderen te weerleggen. Zijn invloed reikte ver buiten Genève, en hij onderhield een uitgebreid correspondentienetwerk met geloofsgenoten en leiders in heel Europa.

Latere Leven en Nalatenschap
In 1559 stichtte Calvijn in Genève een academie, de voorloper van de huidige Universiteit van Genève, om predikanten op te leiden. Jonge mannen uit heel Europa kwamen hier studeren en verspreidden vervolgens Calvijns leer in hun thuislanden. In 1562 verscheen de Geneefse psalmbundel, die gezongen kon worden tijdens de kerkdiensten. Calvijn overleed op 54-jarige leeftijd op 27 mei 1564 in Genève en werd begraven op het Cimetière des Rois.
De protestants-christelijke stroming die naar hem is genoemd, het calvinisme, heeft een diepgaande invloed gehad op de protestantse kerken, met name in Nederland. Hoewel Calvijn zelf de naam 'calvinisme' niet prefereerde, omdat hij vond dat de beweging de Bijbel als uitgangspunt moest nemen en niet naar een persoon genoemd moest worden, is zijn naam onlosmakelijk verbonden met deze theologische traditie. In de loop der tijd is de invloed van Calvijn op Nederland soms overdreven, en worden zaken die nu als 'calvinistisch' worden bestempeld, soms beter herleid tot de latere Nadere Reformatie. De economische ethiek die aan het calvinisme werd toegeschreven, zoals onderzocht door Max Weber, suggereerde een verband tussen de calvinistische levensstijl en economische groei.
Calvijn wordt soms afgeschilderd als een strenge, bekrompen figuur, maar zijn humanistische scholing stelde hem in staat tot contacten met geleerden en wereldlijke leiders. Zijn werk en theologie blijven tot op de dag van vandaag relevant voor het begrijpen van de Reformatie en de ontwikkeling van het protestantisme.