De Hersteld Hervormde Kerk: Een Overzicht van Overtuiging, Ontstaan en Gemeenschapsvorming

De Hersteld Hervormde Kerk (HHK) vindt haar oorsprong in de Nederlandse Hervormde Kerk en beschouwt zichzelf als een voortzetting daarvan, zowel historisch als confessioneel. De kerk ziet zichzelf als deel van de bredere Kerk van Christus in Nederland en daarbuiten.

De directe aanleiding voor de vorming van de HHK was de kerkenfusie van 2004, waarbij de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken en de Evangelisch-Lutherse Kerk opgingen in de Protestantse Kerk in Nederland (PKN). Veel hervormden konden zich niet verenigen met deze fusie, vanwege bezwaren op het gebied van zowel belijdenis als ethiek binnen de PKN. Zij bleven achter op de oorspronkelijke fundamenten van de vaderlandse kerk. Omdat de oude naam 'Nederlandse Hervormde Kerk' niet langer gebruikt mocht worden, koos men voor de naam Hersteld Hervormde Kerk.

Te midden van kerkelijke verdeeldheid streeft de HHK naar herstel van kerkelijke eenheid met allen die de Bijbel als enige regel voor geloof en leven hanteren en zich baseren op de vroegchristelijke en gereformeerde belijdenisgeschriften. Momenteel telt de HHK 118 gemeenten, en haar predikanten worden opgeleid aan de Vrije Universiteit.

Een schematische weergave van de kerkelijke structuur van de HHK, met de centrale gemeenten en de landelijke organisatie.

De Splitsing en de Vraag naar Verzoening

De splitsing van de Nederlandse Hervormde Kerk in de PKN en de HHK heeft geleid tot veel discussie, verdriet en worsteling. Er rijzen vragen over waarom predikanten die aanvankelijk kritisch stonden tegenover de PKN, toch mee zijn gegaan in de fusie, en waarom sommigen van hen weinig respect tonen voor de HHK-predikanten en -leden, ondanks hun gedeelde verleden.

Het verdriet van gescheiden gemeenschappen, die voorheen dicht bij elkaar leefden en zelfs samen avondmaal vierden, wordt als onchristelijk, onbijbels en onkerkelijk beschouwd. Soms lijkt het erop dat wat het dichtst bij elkaar hoort, juist het meest van elkaar afdrijft.

Sommige predikanten binnen de PKN tonen echter begrip en respect voor hun collega's in de HHK en bepleiten, ondanks kerkordelijke obstakels, het reiken van de broederhand en het wederzijds preken. Er is overleg geweest om dit mogelijk te maken, en in sommige gemeenten binnen de PKN is dit via plaatselijke regelingen gerealiseerd. Helaas beschouwen veel collega's dit als 'onkerkelijk handelen'.

Predikanten die zich binnen de PKN hebben geplaatst, voelen soms aversie om te preken in kleine PKN-verbanden binnen een overwegend HHK-situatie, of juist in kleine HHK-verbanden binnen een grote hervormde gemeente die het convenant onderschrijft. Er is een oproep om de kansels over en weer open te stellen, maar tegelijkertijd is er een verscherping merkbaar na de scheuring van 1 mei 2004. Dit wordt gezien als het werk van de duivel, die verscheuring nastreeft.

Initiatieven zoals het Montfoortoverleg, waarbij predikanten van beide kanten elkaar probeerden te steunen, worden genoemd als voorbeelden van hoe er gestreefd kan worden naar meer overleg en samenwerking in de toekomst.

Het Convenant van Alblasserdam en de Zoektocht naar Eenheid

Het artikel over de gemeenschap der heiligen, opgenomen in de apostolische geloofsbelijdenis, benadrukt het belang van het onderhouden van de band met allen die een gelijkwaardig geloof delen. Dit geldt ook in tijden van kerkelijke breuk.

Het Convenant van Alblasserdam, opgesteld door het moderamen van de classis Alblasserdam, speelde een belangrijke rol. Dit convenant, dat ondertekend kon worden door hervormde gemeenten, stelde dat de ondertekenende gemeenten zich in principe alleen gebonden achtten aan de gereformeerde belijdenisgeschriften zoals opgenomen in de grondslag van de Protestantse Kerk. Dit convenant werd door sommigen gezien als een manier om de eigen positie binnen de PKN te waarborgen, zelfs als die positie exclusief gereformeerd was.

Ds. W. van Weelden, die een sleutelrol speelde bij de totstandkoming van het Convenant van Alblasserdam, benadrukt dat het convenant niet bedoeld was om lutheranen te negeren, maar om de eigen grondslag kenbaar te maken aan de synode. Het was een manier om de plaats binnen de Protestantse Kerk in te nemen, met de mogelijkheid om de kerk te verlaten indien deze grondslag niet gerespecteerd zou worden.

Hoewel het convenant nooit een officiële 'juridische' status had, hebben ongeveer honderd hervormde (wijk)gemeenten het opgenomen in hun plaatselijke beleidsplan. Dit werd gezien als een manier om de eenheid binnen de gemeente te bewaren en nieuwe scheuringen te voorkomen.

Een foto van de Dorpskerk in Oud-Alblas, de standplaats van ds. W. van Weelden.

De Rol van de Gereformeerde Bond en de Noodzaak van Geduld

Binnen de Nederlandse Hervormde Kerk was de Gereformeerde Bond een belangrijke factor. Velen binnen de bond dachten aanvankelijk dat een fusie niet tot stand zou komen, met de slogan "We kunnen niet weg en we kunnen niet mee". Later werd deze slogan ingekort tot "We kunnen niet weg".

Calvijn benadrukte het belang van geduld met de kerk, ook met gemeenten die niet direct bij de Reformatie waren aangesloten. Dit principe werd aangehaald als argument om de plaats in de gemeente te blijven innemen, zelfs binnen de PKN, mits de eigen positie duidelijk werd aangegeven en men afstand nam van wat in strijd was met de gereformeerde belijdenis.

De synode probeerde het convenant af te wijzen, omdat zij zelf een verklaring had opgesteld om de plaats in de kerk in te nemen. Deze verklaring kwam voor velen vals over, omdat de leiding van de kerk met twee monden sprak over belijdenis en ethiek. De kinderen van de 'dwalende moeder' (de kerk) zouden zelf moeten aangeven wat zij afkeuren, door middel van een convenant.

In april 2004, kort voor de fusie, gaf het moderamen een erkenning van het convenant, zij het zwak. Ook de motie Bruggraaf, aangenomen in maart 2004, pleitte voor geduld met de kerk en het vijf jaar lang op dezelfde wijze innemen van de plaats in de kerk.

De Juridische en Financiële Gevolgen van de Scheuring

De scheuring van 2004 leidde tot juridische procedures, met name over de eigendom van kerkelijke goederen. De rechter oordeelde dat de plaatselijke goederen eigendom bleven van de rechtsopvolgers van de hervormde gemeenten in de PKN. Dit veroorzaakte diep verdriet bij degenen die niet meegingen met de PKN en zich verenigden in hersteld hervormde gemeenten, die zonder geld en onderkomen kwamen te zitten.

Er rees ook de vraag waarom gereformeerde kerken die niet meegingen in de PKN, wel als geheel konden uittreden met behoud van plaatselijke goederen.

De commissie van bijzondere zorg (cbz) werd opgericht om de hervormde gemeenten na de scheuring te ondersteunen en te kijken naar eventuele overdracht van kerkelijke goederen aan de hersteld hervormden. Hoewel er argwaan was tegenover deze commissie, werden er op diverse plaatsen regelingen getroffen waar beide partijen mee konden leven. De financiële compensatie kon de pijn van het verlaten van vertrouwde kerkgebouwen echter niet volledig verzachten.

Verborgen familie- en oorlogsgeschiedenis onthuld: "Mijn opa was Schalkhaarder" | RTV Oost

Toekomstperspectieven en Gemeenschapsvorming

Er is een generatie opgestaan die de betekenis van de afkorting SoW (Samen op Weg) niet meer kent. Deze jongere generatie ervaart minder pijn en emotie rond de scheuring, omdat zij niet beter weten dan dat de situatie altijd zo is geweest. Dit kan gezien worden als een teken van hoop.

Hoewel de scheuring niet ongedaan is gemaakt, wordt er weer veel met elkaar gesproken en overlegd. Soms worden er zelfs voorzichtig dingen samengedaan. Jongeren uit verschillende kerkverbanden ervaren overeenkomsten en vinden kerkelijke scheidslijnen minder belangrijk dan herkenning over en weer.

De Hersteld Hervormde Kerk probeert een confessionele voortzetting te zijn van de Nederlandse Hervormde Kerk, maar heeft een ander karakter gekregen. Er is een discussie gaande over de vraag of de HHK zich kan ontwikkelen tot een 'afgescheiden kerk'. Belangrijker dan de kerkelijke benaming is echter dat er een bijbelse kerk is met bijbelse prediking, leer en leven.

De vraag over kerkkeuze tussen de PKN en de HHK, met name voor verkering- en huwelijkspartners die zich in verschillende kerkverbanden bevinden, blijft een uitdaging. Het 'thuis voelen' in een gemeente speelt hierin een grote rol. Er is een oproep om een keuze te maken en elkaar te gunnen om zich samen thuis te voelen in één gemeente, waarbij de eenheid van het huwelijk voorop staat.

Naast de PKN en de HHK bestaan er ook andere kerkverbanden, zoals de Christelijke Gereformeerde Kerk, die een breed kerkverband vormen waar partners zich in kunnen vinden.

De ANBI-status (Algemeen Nut Beogende Instellingen) is van toepassing op de Hersteld Hervormde Kerk en haar onderdelen, wat betekent dat giften aftrekbaar zijn voor de inkomstenbelasting. Er zijn afspraken gemaakt met de Belastingdienst over de toepassing van deze regelingen.

Sommige gemeenten, zoals de zelfstandige oud gereformeerde gemeente in Rijssen, voelen geen noodzaak om zich aan te sluiten bij een groot kerkverband, maar hechten aan gebondenheid aan Schrift, gereformeerde confessie en de Dordtse kerkorde. Er zijn convenanten gesloten tussen dergelijke gemeenten om elkaar tot steun te zijn.

Nederlands Hervormde Evangelisaties, ontstaan in de 19e eeuw om tegemoet te komen aan de verschillende modaliteiten binnen de Nederlandse Hervormde Kerk, functioneren soms als kerkelijke gemeenten. Sommige Evangelisaties sloten zich na 2004 aan bij de HHK, andere bleven zelfstandig of sloten zich aan bij de PKN.

De Evangelisatie op Gereformeerde Grondslag te Haastrecht opereert juridisch als een vereniging, maar met statuten die de binding met de Nederlandse Hervormde Kerk benadrukken. De gemeente betreurt de kerkfusie van 2004 en het ontstaan van de HHK, maar voelt zich verbonden met het belijden van zowel de HHK als de convenantgemeenten in de PKN. Dit leidt tot een dubbele loyaliteit en voorkomt aansluiting bij een van beide verbanden.

tags: #convenant #gemeenten #hersteld #hervormde #kerk