Inleiding
Jacobus Borstius (15 juli 1612 - 1 juli 1680) was een prominente figuur binnen de Nadere Reformatie. Geboren in Purmerland uit bescheiden ouders, groeide hij uit tot een veelzijdig predikant, organisator en schrijver. Zijn leven en werk hebben een blijvende impact gehad op religieuze kringen, en zijn geschriften worden tot op heden herdrukt. Borstius was niet alleen een geliefd predikant, maar ook een uitgesproken Orangist en een verdediger van zuivere leerstellingen, wat hem in conflict bracht met diverse groeperingen.

Vroege Leven en Opleiding
Geboren op 15 juli 1612 in Purmerland, begon Jacobus Borstius zijn leven in een gezin met "eerlijke doch onaanzienlijke ouders". Zijn intellectuele aanleg werd al vroeg herkend door de predikant van Purmerland, Johannes Jacobi Gael. Gael bereidde de jonge Borst voor op verdere studie en stuurde hem naar de Latijnse school in Haarlem. Na de inname van Den Bosch in 1629, werd hij daar leerling aan de gereformeerd geworden Latijnse school. Op 2 februari 1633 schreef hij zich in als student theologie aan het Statencollege van de Leidse academie. Tijdens de pestepidemie van 1636 verleende hij actieve hulp aan de zieken en wist hij ternauwernood aan de dood te ontsnappen, al hield hij er wel een zichtbaar litteken aan over. In 1637 werd hij proponent en op 2 mei 1638 werd hij bevestigd als predikant in de nieuw samengevoegde gemeenten van Wormerveer en Zaandijk.
Predikantschap in Wormerveer en Zaandijk
In Wormerveer en Zaandijk stond Borstius voor de uitdaging van opbouwwerk, aangezien bijna de helft van de bevolking daar doopsgezind was. In Zaandijk initieerde hij direct de bouw van een houten kerkje, dat al in 1642 werd vervangen door een stenen gebouw. In 1639 volgde er een kerkgebouw in Wormerveer. Borstius ontwikkelde zich tot een zeer populaire kanselredenaar die volle kerken trok. Zijn eenvoudige taalgebruik, dat dicht bij de alledaagse spreektaal lag en de toehoorders aansprak, stond in contrast met de vaak gezwollen taal van zijn collega's.

Carrière in Dordrecht en de "Harige Oorlog"
Zijn reputatie als predikant bezorgde hem na slechts vijf jaar, eind 1643, een beroep als zevende predikant in de veel belangrijkere gemeente Dordrecht. Op 10 januari 1644 werd hij daar bevestigd. Echter, zijn overijverige optreden en bemoeizucht leidden al snel tot problemen met collega-predikanten en de overheid. Als veeleisende predikant voor een zuivere kerk, die alle zonden wilde bestraffen, hield hij in 1644 in de Grote Kerk een geruchtmakende preek tegen het dragen van lang haar bij mannen. Deze preek speelde in op de al sluimerende polemiek over de toenemende luxe. Lang haar was destijds in de mode bij de mannelijke elite. Borstius beargumenteerde aan de hand van de Bijbelpassage 1 Korintiërs 11:14 dat lang haar bij een man een teken van verwijfdheid en pronkzucht is, en als tegennatuurlijk en oneervol moet worden bestreden. Zijn preek vormde een toegankelijke vertaling van de opvattingen van onder meer de Zierikzeese predikant Godefridus Udemans en gaf antwoord op het boekje van Marcus Zuerius Boxhorn. Deze polemiek, waarbij ook vooraanstaande theologen als Gisbertus Voetius Borstius bijvielen, maar ook Leidse hoogleraren hem bestreden, staat bekend als de "harige oorlog".
Vervolgingswerk en Internationale Contacten
Ondanks de herhaalde polemieken genoot Borstius het vertrouwen van vooraanstaande Dordtenaren, zoals burgemeester Jacob de Witt en dokter Johan van Beverwijck. Hij was niet alleen bedreven in de oude talen, maar ook in het Engels, dat hij te Leiden had geleerd. In verschillende steden preekte hij af en toe in het Engels en vertaalde hij theologische werken van onder meer Rutherford en Durham. Zijn vertaalwerk leverde hem een beroep op de Engelse gemeente te Amsterdam op, dat hij echter niet aannam. Wel nam hij in 1654 het beroep naar Rotterdam aan, waar hij op 17 mei 1654 werd bevestigd en bleef tot zijn dood. Dordrecht probeerde hem in 1660 tevergeefs terug te halen, evenals Haarlem.
Strijdbaarheid en Theologische Positie
De strijdbare Borstius verzette zich tegen diverse groeperingen: in Wormerveer tegen de menisten (doopsgezinden), in Dordrecht tegen de Socinianen, en in Rotterdam tegen de rooms-katholieken en de Labadisten. Hij raakte verwikkeld in een twistgesprek met de katholieke polemist Arnout van Gheluwe, waarvan een verslag in 1661 werd gepubliceerd. Tijdens het rampjaar 1672 toonde Borstius zich een uitgesproken Orangist. Ondanks zijn vriendschap met de familie De Witt hitste hij samen met zijn zwager het volk op tegen de anti-orangistische regenten, wat hem medeplichtig maakte aan de moord op de gebroeders De Witt. Hij bleef echter bevriend met de Rotterdamse Collegiant Joachim Oudaen, die na de moord op Johan de Witt diens afgehakte wijsvinger kocht en in 1680 een lijkdicht op Borstius publiceerde.
Familie en Publicaties
Drie van zijn zonen toonden een intellectuele inslag en waren net zo actief als hun vader. Twee van hen stichtten een dynastie van boekverkopers die zich specialiseerde in rechtzinnige kerkelijke literatuur en ook de werken van hun vader uitgaf. Johannes Borstius (ca. 1643-1695) en Gerardus Borstius (1651-1707) publiceerden gezamenlijk vele geestelijke werken. Hun broer Sebastianus Borstius (1649-1700) werd predikant in verschillende steden. Johannes' zoon Arnoldus Borstius (1672-1742) werd eveneens predikant.
Belangrijkste Publicaties van Jacobus Borstius
- Predicatie van ’t langh hair. Over I. Corinth. 11,14 (Dordrecht 1645; diverse herdrukken)
- Vier predikatien (Dordrecht, 1649; uitgebreid tot Vijf predikatien, Rotterdam, 1654)
- Kort begryp der christelyke leere (Dordrecht, 1651; veelvuldig herdrukte catechismus, ook in Duitse, Maleise en Tamoel vertalingen)
- Eenige kleyne vragen voor de jonge kinderkens (ook bekend als het Vragenboekje of Kinderkatechismus)
- Geestelicke genees-konst, inhoudende raedt tegen de doodt, ende middelen tot een eeuwigh-durende gesontheydt (Dordrecht, 1651-1652; diverse herdrukken)
- Gesprek met eenigen die zich Socynianen noemen (Rotterdam, 1656)
- De koningh Ahasveros: dronken en gram. Lucifers questie in Christi familie (Rotterdam, 1663; moderne herdruk)
- Het nieuw Zion, vertoonende de heerlickheydt &c. van Christi kercke, met de nieuwe hemel en aerde (Rotterdam, 1664)
- De suchtende bruydt, over den bloed-bruidegom, ofte Korte bedenckingen en gebeden over het lyden en sterven onses Zalighmakers (Rotterdam, 1664; moderne herdrukken)
- Bedenckingen en gebeden over de voorbereydinghe tot het Heylige Avondtmael Onses Heeren Jesu Christi (Rotterdam, 1665; herdrukken)
- Van het opregten eener suivere Kerk (Rotterdam, 1670)
- Esau, oder unersättlicher Geizhals (Frankfurt, 1671)
- Kort en oprecht verhael van het danssen, kussen en omhelsen van Mr. Jean de Labbadie, en zijn geselschap binnen Erfort, na datse het H. Avondtmael met malkanderen hadden gehouden (Rotterdam, 1671)
- De vermakelijke wandeling na den hemel (Amsterdam, 1672; herdrukken)
- Verscheyde consideratien over den tegenwoordigen toestant van ons lieve Vaderlandt, Of een kort verhael van sommige ghedenckwaerdige saecken (Rotterdam, 1672; vele uitgaven, ook in Duitse vertaling)
- Vyftien predicatien over verscheyde texten van de Heylige Schrifture, behelsende de voornaamste pligten van een Christelijk leven (Amsterdam/Utrecht, 1696)
- De verborgenheid der Godzaligheid (Rijssen/Rumpt, 2001/2010; moderne bewerking)
De canon van Zeeland - Willem Teellinck en de Nadere Reformatie
Overlijden
Jacobus Borstius overleed te Rotterdam op 1 juli 1680, na een lang en pijnlijk ziekbed veroorzaakt door nier- en blaasstenen. Hij werd 67 jaar oud.