Geschiedenis van de Sint-Antonius Abtkerk in Wijchen

De Sint-Antonius Abtkerk in Wijchen, gelegen aan de Oosterweg 2, heeft een rijke en gelaagde geschiedenis die teruggaat tot de vroege middeleeuwen.

Vroege Middeleeuwen en Oprichting van de Parochie

Reeds in de 7e eeuw moet er een houten kerkje in Wijchen hebben gestaan. Dit primitieve bouwwerk werd in de 10e of 11e eeuw vervangen door een kerkje van tufsteen. In die periode viel Wijchen onder het aartsbisdom Keulen. De Sint-Antonius Abtkerk, gewijd aan een heilige uit de derde eeuw die bekend stond om zijn bescherming tegen de pest, is hoogstwaarschijnlijk gesticht rond het jaar 1000 door de eerste heren van Wijchen. Deze heren hadden het recht om priesters te kiezen en kerkelijke belastingen te innen, wat hun invloed op het geloofsleven in de regio onderstreepte. Rond 1000 was Wijchen een belangrijke heerlijkheid geworden onder direct gezag van de Duitse keizers, mede dankzij de strategische ligging in een waterrijk gebied.

Van het oorspronkelijke vroeg-middeleeuwse kerkje is enkel de toren bewaard gebleven, een stille getuige van de hoge ouderdom van de locatie. De kerk zelf evolueerde van een eenvoudig zaalkerkje tot een driebeukige gotische pseudobasiliek. Een basiliek zonder bovenramen in het middenschip, omdat de zijbeuken er hoog tegenaan werden gebouwd.

Schematische weergave van de ontwikkeling van de Sint-Antonius Abtkerk door de eeuwen heen

De Reformatie en de Periode van Missiestaties

In 1568 begon de Nederlandse opstand tegen de katholieke heerser Filips II. De Staten van Gelderland sloten zich aan bij de opstand, verboden de uitoefening van het katholieke geloof en voerden de Reformatie door. Dit had tot gevolg dat alle parochies werden opgeheven en de bisschop van Roermond nauwelijks nog invloed had op het geloofsleven in het Land van Maas en Waal en het Rijk van Nijmegen. De katholieke zielzorg werd echter voortgezet door reguliere priesters, zoals jezuïeten, franciscanen, kapucijnen, karmelieten en norbertijnen. Zij richtten, bij ontstentenis van parochies, missiestaties op.

Formeel mochten deze priesters hun werk niet uitoefenen, maar in de praktijk werd dit door de lokale autoriteiten toegestaan na betaling van zogenaamde recognitiegelden. Geweld tegen deze illegale zielzorgers kwam zelden voor. Na een plakkaat van de Staten van Gelderland in 1730 tegen reguliere geestelijken, werden de meeste staties overgenomen door seculiere geestelijken van het bisdom Roermond.

In 1609 werd de pastoor van Wijchen verdreven en kwam de kerk in protestantse handen. Vanaf 1675 bevond zich in Wijchen een statie die, ondanks het plakkaat uit 1730, bijna onafgebroken werd bediend door franciscanen. De katholieken moesten het aanvankelijk hebben van jezuïeten, later van de franciscanen uit Megen die rondtrokken door het Land van Maas en Waal.

Herstel van de Parochie en Nieuwbouw

In 1795, na de uitroeping van de Bataafse Republiek, werd het katholieken weer toegestaan hun godsdienst vrij te belijden. In dit jaar en de daaropvolgende jaren werden opnieuw parochies opgericht. Na de opheffing van het bisdom Roermond in 1801 vielen deze parochies eerst onder de jurisdictie van de apostolisch vicaris van Grave-Nijmegen, vanaf 1851 onder die van de apostolisch vicaris van ’s-Hertogenbosch en vanaf 1853 onder die van de bisschop van ’s-Hertogenbosch.

In 1853, bij het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland, werd een nieuw kerkgebouw opgetrokken naar een ontwerp van Gradus Gradussen uit Winssen. De oorspronkelijke middeleeuwse toren werd hierbij ommetseld en verhoogd en in het nieuwe gebouw opgenomen. De kerk werd op 2 oktober 1854 ingewijd door mgr. Johannes Deppen, hulpbisschop van het bisdom ’s-Hertogenbosch. Dit gebouw vertoont grote gelijkenissen met de waterstaatskerken uit die tijd, maar werd zonder rijkssubsidie en medewerking van ambtenaren van Rijkswaterstaat gebouwd. De toren bleef aanvankelijk gemeente-eigendom, wat verklaart waarom de ingangen van de kerk zich aan weerszijden van de toren bevonden en er geen doorgang in de toren werd gemaakt uit angst de constructie te verzwakken.

Exterieur van de Sint-Antonius Abtkerk, met nadruk op de opgenomen middeleeuwse toren

In 1901 droeg het gemeentebestuur de toren alsnog over aan de parochie, ter gelegenheid van het veertigjarig priesterfeest van pastoor Van Zuijlen. In 1939 werd de kerk uitgebreid met twee zijkapellen aan weerszijden van het priesterkoor en werd een nieuwe sacristie gebouwd.

Architectuur en Interieur

De Sint-Antonius Abtkerk aan de Oosterweg is een driebeukige neoklassicistische hallenkerk uit 1853 met Ionische zuilen. De kerk werd gebouwd op de plaats van een voorganger. Bij de verbouwing in 1853 werd de in oorsprong romaanse toren geheel ommetseld en opgenomen in de kerk. De voorgevel van de kerk heeft een middenrisaliet dat wordt bekroond met een fronton, wat de neoclassicistische bouwstijl accentueert.

Het middenschip van de kerk is vijf traveeën lang. De beelden van de heiligen Rochus, Antonius Abt, Blasius, Bonaventura, Anna, Barbara en Lucia, die nog uit de oude kerk stammen, werden in de nieuwe kerk op consoles tegen de pilaren aangebracht. Het hoogaltaar is versierd met een gebeeldhouwd reliëf van de Antwerpse kunstenaar P.J. de Cuijper, geïnspireerd door de schilderijen van Peter Paul Rubens.

De preekstoel was een geschenk van de parochianen aan pastoor Van Lieshout ter gelegenheid van zijn zilveren priesterfeest en werd in 1877 geplaatst. Het orgel, gebouwd door de gebroeders Gradussen uit Winssen, werd in 1889 in gebruik genomen. Oorspronkelijk mechanisch, werd het orgel in 1957 uitgebreid door de firma Vermeulen uit Weert met een zwelwerk, waarbij het werd omgebouwd naar elektro-pneumatisch.

Interieur van de Sint-Antonius Abtkerk, met zicht op het orgel en het hoogaltaar

Fusies en Huidige Structuur

In 2008 besloot de bisschop het aantal parochies in zijn diocees drastisch te verminderen. De fusiegolf, die hiervan het gevolg was, was in 2016 afgerond; bijna alle oude parochies hadden toen plaatsgemaakt voor nieuwe, grotere parochies.

De parochie Sint-Antonius Abt is onderdeel van de fusieparochie De Twaalf Apostelen. Deze parochie ontstond op 19 september 2010 door de fusie van drie pastorale samenwerkingsverbanden: Maaskant, De Hoeksteen en Kruispunt. Deze samenwerkingsverbanden waren eerder ontstaan door fusies van eeuwenoude parochies die niet meer zelfstandig konden blijven.

Pastorale Eenheid Maaskant ontstond in 2000 door de fusie van de parochies St. Georgius (Heumen) en de parochies van Malden en Molenhoek. Pastorale Eenheid De Hoeksteen ontstond op 1 oktober 1988 door een samengaan van de H. Antonius Abt (Wijchen centrum), Everardus (Wijchen oost), H. Paschalis Baylon (Woezik) en Emmanuel (Wijchen Achterlo). In 2003 kwam daar de H. Jozef (Alverna) bij. Pastorale Eenheid Kruispunt werd op 1 oktober 2004 gevormd uit de parochies H. Judocus (Hernen/Leur), H. Anna (Bergharen), H. Victor (Batenburg) en H. Johannes de Doper (Niftrik).

De geschiedenis van de samenstellende parochies gaat ver terug. Op een kaart van het dekenaat rond 1300 staan Bergharen, Batenburg, Leur, Wijchen, Balgoij en Overasselt reeds vermeld. De paters franciscanen speelden eeuwenlang een belangrijke rol in de zielzorg in deze regio, aanvankelijk vanuit Megen en later vanuit een groot klooster in Alverna.

Hoe is het katholicisme ontstaan?

De Sint-Antonius Abtkerk door de Jaren Heen

In 1936 werd de kerk uitgebreid met twee zijkapellen aan weerszijden van het priesterkoor en werd een nieuwe sacristie gebouwd. Het middenschip van de kerk is vijf traveeën lang.

De kerk vertoont een sterke gelijkenis met de waterstaatskerken uit die tijd. Het uitwendige van de kerk maakt door de geringe detaillering een sobere indruk. Het fronton in de voorgevel accentueert de neoclassicistische bouwstijl. Tussen het middenschip en de zijbeuken bevinden zich forse Ionische zuilen. In de koorsluiting achter het hoge neo-barokke altaar bevinden zich geen vensters. Aan weerszijden van het priesterkoor bevinden zich transeptachtige uitbouwsels die in de periode 1936-1939 door architect Hendrik van de Leur zijn aangebouwd.

De kerk bezit een orgel uit 1889, gebouwd door de gebroeders Gradussen. In de dwarsarmen bevinden zich vier spitsboogramen met musicerende engelen, hoogstwaarschijnlijk van broeder Cosmas Tap O.F.M. (1903-1981) uit de jaren 30, geschilderd in grisailleverf op rechthoekige ruitjes in lood gezet. In de zijgevels bevinden zich twee gebrandschilderde spitsboogramen met bijbelse scènes, ontworpen door Pater Humbert Rondag O.F.M. uit circa 1930. In de zijkoren, links en rechts van het priesterkoor, bevinden zich vier glas-in-loodramen van broeder Cosmas Tap O.F.M. In de zijbeuken zijn twee grote kleurrijke gebrandschilderde ramen van pater Humbert Randag O.F.M.

Het raam met de afbeelding van de H. Antonius Abt, met het varkentje aan de voet, is een geschenk van dhr. J. van Elk van de Wijchense Glashandel A. De herkomst van dit raam is onduidelijk, maar waarschijnlijk is het afkomstig uit de voormalige klooster- en parochiekerk "Alverna"/St. Jozef, behorende bij het Franciscanerklooster "Alverna" te Alverna, Wijchen.

tags: #evangelische #kerk #in #wijchen