Het Evangelie volgens Johannes: Een Diepgaande Analyse

Het Evangelie volgens Johannes, vaak kortweg Johannes genoemd, is een cruciaal onderdeel van het Nieuwe Testament. Traditioneel werd dit evangelie toegeschreven aan de apostel Johannes, een opvatting die echter door hedendaagse wetenschappers wordt betwist. De auteur zelf noemt zijn naam niet in de tekst, wat suggereert dat het geschrift oorspronkelijk anoniem was en de titel "Evangelie volgens Johannes" pas later werd toegevoegd toen men de apostel als auteur aannam.

Vanaf de 2e eeuw hebben talloze kerkvaders en wetenschappers geprobeerd de identiteit van de auteur vast te stellen, wat bekend staat als het Johanneïsch vraagstuk. Irenaeus, bisschop van Lyon vanaf 177, suggereerde dat Johannes het evangelie op hoge leeftijd te Efeze heeft uitgegeven, waarbij hij Polycarpus van Smyrna als bron noemde. Hedendaags onderzoek, met name uit de tweede helft van de twintigste eeuw, heeft echter aangetoond dat de theorie van een enkelvoudige auteur waarschijnlijk niet houdbaar is. Het evangelie is waarschijnlijk, net als de synoptische evangeliën, ontstaan door het samenvoegen van perikopen en een redactioneel proces.

Illustratie van een oude papyrusrol met Bijbelse tekst

Datering en Ontstaan

Het Johannesevangelie wordt vrij laat gedateerd. F.C. Baur suggereerde aanvankelijk het jaartal 160. Een belangrijk bewijsstuk voor een vroege datering is de Bodmer II papyrus, die de eerste 14 hoofdstukken van dit evangelie bevat en dateert van rond 200. Eerder, in 1934, publiceerde C.H. Roberts een stukje papyrus (P52 = Papyrus Ryl. Gr. 457) met verzen uit hoofdstuk 18, gedateerd op de eerste helft van de tweede eeuw op basis van het lettertype dat overeenkomt met regeringsstukken van keizer Hadrianus (117-138). Hoewel er diverse speculaties bestaan, wordt er doorgaans van uitgegaan dat het Evangelie volgens Johannes rond 90-110 zijn definitieve vorm heeft gekregen, wat waarschijnlijk later is dan de andere drie evangeliën.

Theologische Kenmerken en Stijl

Het boek is voornamelijk gericht op niet-Joodse christenen, wat blijkt uit de vele parenthesen (uitleggingen direct na een bepaald woord, zie bijvoorbeeld 1:39, 1:42, 1:43 en 9:7). Een opvallend kenmerk zijn de diverse "Ik ben"-uitspraken van Jezus, zoals "ik ben het brood", "ik ben het licht der wereld", "ik ben de deur" en "ik ben de goede herder". Soms bevatten deze uitspraken geen predicaat, waarbij Jezus simpelweg zegt: "Ik ben".

Het Johannesevangelie is sterk naar binnen gericht en bevat weinig verwijzingen naar wereldse geschiedenis of maatschappelijke kwesties, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het evangelie van Lucas. Het gebod om vijanden lief te hebben, zoals bij Matteüs, is bij Johannes vervangen door het gebod elkaar lief te hebben (13:34, 15:12).

Jezus wordt in dit evangelie vaak verkeerd begrepen wanneer hij metaforen en beeldspraak gebruikt. Een bekend voorbeeld is de dialoog met Nicodemus over wedergeboorte, waarbij Nicodemus de uitspraak letterlijk neemt (3:3-5). Ook bij de Samaritaanse vrouw leidt Jezus' belofte van "levend water" tot verwarring (4:10-12). Omgekeerd gebeurt ook: Jezus' uitspraak tegenover Marta over de opstanding van Lazarus wordt aanvankelijk verkeerd geïnterpreteerd.

Illustratie van Jezus die spreekt tot de Samaritaanse vrouw bij de bron

Vergelijking met de Synoptische Evangeliën

De evangeliën van Marcus, Matteüs en Lucas worden de synoptische evangeliën genoemd vanwege hun grote onderlinge overeenkomsten in passages, vaak zelfs woordelijk. Het Johannesevangelie vertoont echter aanzienlijke verschillen met deze synoptische evangeliën, hoewel er ook overeenkomsten zijn en enkele passages in Johannes ook in een of meer synoptische evangeliën voorkomen.

Tot in de twintigste eeuw werd vaak aangenomen dat de auteur van Johannes in ieder geval het evangelie van Marcus kende. Het Johannesevangelie bevat een tiental passages die in dezelfde volgorde staan als die in het Marcusevangelie. Verder zijn er verschillende korte passages met een sterke gelijkenis in woordkeuze en formulering met Marcus.

Geografische Indeling en Inhoudelijke Verschillen

In tegenstelling tot de synoptische evangeliën, waar het optreden van Jezus geografisch is verdeeld in Galilea en Jeruzalem, kent het Johannesevangelie deze duidelijke tweedeling niet. De reis van Galilea naar Jeruzalem, die bij de synoptici een keerpunt vormt, is bij Johannes minder prominent.

Het Johannesevangelie bevat geen echte gelijkenissen zoals bij de synoptici, noch verhalen over bezetenheid of het uitdrijven van geesten. Het Laatste Avondmaal beslaat bij Johannes vijf hoofdstukken (13-17). Elders gebeurt dit in veel beknoptere vorm.

Jezus spreekt in het Johannesevangelie veelvuldig over wie hij is, wat bij de synoptici nauwelijks het geval is. Het is het enige canonieke evangelie waarin Jezus zichzelf als gelijk of gelijkwaardig aan God voorstelt.

Ontbrekende Passages

Een aantal markante passages uit de synoptische evangeliën ontbreekt bij Johannes. Voorbeelden hiervan zijn de verhalen over de geboorte van Jezus, de verzoeking in de woestijn, de transfiguratie en de instelling van het Avondmaal.

Rol van Johannes de Doper

Johannes de Doper wordt in het evangelie enkel als Johannes aangeduid. Waar de synoptische evangeliën suggereren dat Johannes de Doper optrad vóór Jezus' publieke optreden, vermeldt het Johannesevangelie expliciet een overlapping tussen hun optredens. De eerste leerlingen die Jezus volgen, doen dit in Johannes niet direct op Jezus' roep, maar op instigatie van Johannes de Doper (1:35-37).

Hypothesen over de Structuur en Bronnen

Er zijn diverse hypothesen opgesteld om eigenaardigheden in het Johannesevangelie te verklaren. Rudolf Bultmann suggereerde dat de auteur gebruikmaakte van verschillende bronnen, waaronder een verzameling verhalen over wonderen en een verzameling toespraken van Jezus. De auteur zou deze bronnen (en andere) hebben samengevoegd.

De Opbouw van het Evangelie

Het evangelie begint met een proloog (1:1-18) waarin sleutelthema's worden geïntroduceerd. Na de proloog volgt het verhalende deel, dat opgedeeld kan worden in twee delen:

  • Deel 1 (hoofdstuk 2-12): Dit deel beschrijft Jezus' openbare optreden, beginnend met het wonder op de bruiloft in Kana. Het bevat diverse wonderverhalen, toespraken en 'dialogen' (vaak monologen geplaatst in een gesprekscontext). Er worden zes wonderen beschreven, die elk aansluiten bij een van de zes 'dialogen'.
  • Deel 2 (hoofdstuk 13-21): Dit deel behandelt Jezus' samenzijn met zijn directe volgelingen, zijn lijden en sterven, en zijn verschijningen na de opstanding. Hoofdstuk 17 bevat het hogepriesterlijke gebed.

De schrijver zelf verklaart zijn doel: "Jezus heeft nog veel meer wondertekenen voor zijn leerlingen gedaan, die niet in dit boek staan, maar deze zijn opgeschreven opdat u gelooft dat Jezus de messias is, de Zoon van God, en opdat u door te geloven leeft door zijn naam" (20:30-31). De zeven beschreven wonderen worden in dit boek teken genoemd, wat hun symbolische betekenis benadrukt. Daarnaast zijn er zeven symbolen waarmee Jezus zichzelf vergelijkt.

Diagram dat de structuur van het Johannesevangelie weergeeft

Mogelijke Latere Toevoegingen

Er is discussie over de authenticiteit van bepaalde passages. Sommige handschriften bevatten de tekst van Johannes 7:53-8:11 tussen Lucas 21 en 22, andere aan het einde van het Johannesevangelie, terwijl de oudst bekende handschriften deze tekst missen. Ook het laatste hoofdstuk, Johannes 21, wordt door sommigen beschouwd als een latere toevoeging. Dit hoofdstuk speelt zich af in Galilea, terwijl hoofdstuk 20 zich in Jeruzalem afspeelt, en de stijl en vocabulaire lijken af te wijken.

Het Evangelie volgens Matteüs

Het Evangelie volgens Matteüs, een van de vier evangeliën in het Nieuwe Testament, behoort eveneens tot de synoptische evangeliën. Hoewel de christelijke traditie de apostel Matteüs als auteur beschouwt, is de consensus onder Bijbelwetenschappers dat het evangelie is geschreven door een anonieme christen. De vroegste melding van Matteüs als auteur komt van Eusebius, die Papias citeert over het opschrijven van de 'logia' (woorden, spreuken) van de Heer in het Hebreeuws.

De auteur van Matteüs heeft waarschijnlijk gebruikgemaakt van het Marcusevangelie, wat blijkt uit de 600 gemeenschappelijke verzen. Uitgaande van de 'prioriteit van Marcus' (de aanname dat Marcus het oudste synoptische evangelie is), is Matteüs jonger dan Marcus.

Doelgroep en Ontstaansplaats

Het evangelie werd waarschijnlijk geschreven voor een gemeenschap bestaande uit zowel heidenchristenen als Joden die zich tot het christendom bekeerden. De gemeenschap was waarschijnlijk relatief welvarend en bevond zich in een stedelijke omgeving nabij Palestina. Veel onderzoekers plaatsen de oorsprong in Antiochië, de toenmalige hoofdstad van de Romeinse provincie Syrië. Deze gemeenschap had vermoedelijk te maken met sociale en religieuze weerstand.

Taalkwestie en Bronnen

Er is discussie over de oorspronkelijke taal. Eusebius meldt dat Papias sprak over een opschrijving in het "Hebreeuwse dialect". De precieze betekenis van deze aanduiding is onduidelijk. Het huidige Griekse evangelie zou dan een vertaling zijn. Echter, de interne structuur en zinsbouw wijzen niet sterk op een vertaling. Bovendien gebruikt Matteüs de Septuagint (de Griekse vertaling van het Oude Testament) voor zijn aanhalingen. Hoewel de doelgroep deels Joods was, sprak men overal Grieks. Het evangelie is nooit in een andere vorm gevonden dan de huidige Griekse versie.

Net als bij Lucas, wordt voor Matteüs de twee-bronnentheorie gehanteerd. Matteüs zou hebben geput uit het Marcusevangelie en een hypothetische verzameling gezegden en uitspraken van Jezus, bron Q (afkorting van het Duitse Quelle, 'bron').

Illustratie van de apostel Matteüs die schrijft, met een engel die hem inspireert

De Theologische Boodschap van Matteüs

Het centrale doel van de auteur van het Matteüsevangelie is aantonen dat Jezus van Nazareth de beloofde Messias is, en dat in hem oude beloften en profetieën uit de Schrift vervuld zijn. Het evangelie kenmerkt zich door het veelvuldig gebruik van aanhalingen uit het Oude Testament (65 verwijzingen, waaronder 43 citaten) en verwijzingen naar profetieën. Matteüs benadrukt dat Jezus de Joodse Schrift niet afschaft, maar vervult en de Wet haar eigenlijke, diepere betekenis geeft.

Matteüs legt symbolische verbanden tussen Jezus en de geschiedenis van het Joodse volk: net als Israël verbleven Jozef, Maria en Jezus in Egypte; net als Israël zwierf veertig jaar in de woestijn, zwierf Jezus veertig dagen in de woestijn. Jezus wordt voorgesteld als de nieuwe Mozes, die de Wet uitlegt en uitwerkt, in contrast met de uitleg van de Joodse religieuze leiders.

Structuur en Belangrijke Passages

Het evangelie begint met een inleiding (1:1-4:11) die Jezus' stamboom, geboorte en vroege leven beschrijft. Dit wordt gevolgd door Jezus' verkondiging, die start met de Bergrede (hoofdstuk 5-7), de eerste van de vijf grote redevoeringen van Jezus in dit evangelie. In hoofdstuk 16 vindt het evangelie een keerpunt met de mededeling dat Jezus moet lijden en gedood worden, wat de weg naar Jeruzalem en zijn lijden markeert.

De tekst kan op verschillende manieren worden ingedeeld, waaronder de vijf grote redevoeringen en diverse optredens waarin Jezus de hypocrisie van de Joodse leiders aan de kaak stelt.

Antisemitisme en het "Meest Joodse" Evangelie

Sommige critici beschouwen het Evangelie volgens Matteüs als antisemitisch, of stellen dat het antisemitisme lijkt op te roepen. Tegelijkertijd wordt het vaak gezien als het meest Joodse evangelie, omdat de auteur, waarschijnlijk zelf een Jood, de Joodse schrift en Wet als onaantastbaar beschouwt. De auteur bekritiseert echter de houding en levenswijze van de Joden in zijn tijd, met name de religieuze leiders, die volgens hem schijnheilig zijn en het volk misleiden.

Passages zoals de uitroep van het volk "Zijn bloed kome over ons, en over onze kinderen" en het ritueel van Pilatus die zijn handen wast, worden door Matteüs specifiek vermeld om de schuld van het volk aan Jezus' veroordeling te benadrukken. Dit maakt het evangelie enerzijds diep geworteld in het Jodendom, en anderzijds kritisch ten opzichte van bepaalde aspecten ervan, wat mogelijk voortkomt uit de complexe relatie tussen Jodendom en Christendom in die tijd.

Jezus - De documentaire over historische feiten

tags: #het #evangelie #volgens