Tijdens de dienst op Hemelvaartsdag, met als kern Johannes 14:1, lag de nadruk op de toekomst en Jezus' vertrek om plaats te bereiden en terug te keren. Vandaag verschuift de aandacht naar Zijn blijvende tegenwoordigheid in de Heilige Geest, die Hij zal zenden. Het is zinvol om Handelingen 1:4-14 erbij te betrekken, omdat dit getuigenis op een andere manier dezelfde waarheden uiteenzet. Jezus belooft de Geest, maar de ontvangst hiervan vereist volhardend gebed. Beloften vervullen zich niet automatisch; ze moeten gelovig verwacht worden.
De Betekenis van 'Wees' in de Bijbel
Het woord 'orphanos' (wees) komt slechts tweemaal voor in het Nieuwe Testament. In Jakobus 1:27 verwijst het naar de in het Oude Testament zo vaak benadrukte opdracht om voor de wees te zorgen. In Johannes 14 echter, krijgt het woord een overdrachtelijke betekenis van 'verlatene'. Jezus identificeert zich hier niet als vader, maar als rabbi. Leerlingen die hun leermeester kwijt zijn, worden vergeleken met wezen.
In het Oosten was het wees zijn een verschrikking, wat de Bijbel steeds met grote gevoeligheid voor dit thema benadrukt. Wetgeving, profeten en psalmen wijzen op de kwetsbaarheid van wezen en de noodzaak om hen te beschermen (Exodus 22:22; Deuteronomium 24:17; Job 29:12; Psalm 82:3; 146:9; Jesaja 1:17; Ezechiël 22:7; Jakobus 1:27). Deze achtergrond van kwetsbaarheid is essentieel om het beeld van de wees bij Jezus' woorden te begrijpen. Het gaat niet alleen om verlatenheid, maar ook om kwetsbaarheid: wie komt op voor de wees die onrecht wordt aangedaan?

De Parakleet: Advocaat en Helper
In dit licht krijgt de betekenis van de Parakleet extra diepte. Hij is de advocaat, de rechtsbijstand. Jezus spreekt over Zijn komst in vers 15-17 en opnieuw in vers 25. De tekst vermeldt dat Jezus zelf weer tot hen zal komen, wat nauw verbonden is met de komst van de Geest. Jezus verschijnt als de opgestane in hun midden (Johannes 20:19-23), blaast op hen en zegt: "Ontvangt de Heilige Geest." Dit 'blazen' symboliseert de intieme verbinding tussen Jezus en de Geest.
De Geest zal Christus verheerlijken en voortdurend uit Zijn volheid putten (Johannes 16:13-14). Hierdoor zorgt Hij ervoor dat Christus op een andere, meer innerlijke wijze aanwezig is. De Geest is echter niet identiek aan Christus. Daarom is Jezus' komst in de tekst meer dan enkel Zijn komst in de Geest. Hij komt met Pasen, in de Geest, en telkens opnieuw daarna, wanneer de Geest Hem in Zijn heerlijkheid voor ogen stelt, en uiteindelijk om de gelovigen thuis te halen.
Kerk-zijn als een Staat van Kwetsbaarheid en Verwachting
Karl Barth karakteriseert de situatie als volgt: "indem dort als Erfüllung der Zusage: “Ich will euch nicht Waisen lassen, Ich komme zu euch” (Joh.14:18) Ostern, Himmelfahrt, Pfingsten und Parusie gewissermaszen in perspectivischer Verkürzung - etwa wie der gesamtkomplex der Alpen von Jura aus gesehen - als eine einziges Ereignis zusammen gesehen werden." De kwetsbaarheid van de gemeente heeft niet zozeer te maken met tegenspoed, waarin zij niet verschilt van andere mensen, maar met het feit dat zij Jezus volgt, voor wie in deze wereld geen plaats was. Daarom zal zij belaagd worden, zoals wezen altijd belaagd werden.
Hasselaar noemt als thema voor deze tekst 'Zendingswoorden', wat treffend is geformuleerd. Zolang men zich enkel richt op eigen religieuze behoeften of anderen aanspreekt op hun behoeften (revival-evangelisatie), wordt de diepere noodzaak van een trooster niet gepeild. De ogen moeten opengaan voor de woorden die worden meegegeven aan uitgezonden getuigen en tolken voor wie keer op keer het uur der waarheid zal slaan.
De Viering van 'Wezenzondag'
Is het reëel om 'Wezenzondag' te vieren? Het gaat hier niet om een eenmalig heilsfeit zoals Hemelvaart of Pinksteren. Bij de viering van heilsfeiten wordt het verleden levend gemaakt in het heden, een vorm van in-oefenen in de betekenis van de feiten voor nu. Dit geldt voor de 'presentia continua' van heilsfeiten.
Echter, de speciale viering van Wezenzondag is om meer dan één reden waardevol. Ten eerste herinnert het ons aan de onzelfsprekende aanwezigheid van Christus door de Geest. Zijn aanwezigheid is ons toegezegd in een belofte, die gelovig verwacht moet worden. Wanneer Jezus in Johannes 14:16 zegt dat Hij de Vader zal bidden om de Geest te zenden, zit daarin een verwijzing naar het feit dat de Geest altijd op gebed komt. Ook in Johannes 16:24 verbindt Jezus de komst van de Geest met het gebed van de discipelen: "Bidt en gij zult ontvangen, opdat uw blijdschap vervuld zij."
Ten tweede helpt Wezenzondag ons om onze kwetsbaarheid en aangevochten gestalte te beseffen. Net als bij heilsfeiten, mag Wezenzondag niet gehistoriseerd worden. De periode tussen Hemelvaart en Pinksteren bevat een element dat bij het kerk-zijn hoort, tot Jezus' definitieve wederkomst. De belofte luidt: "Ik kom tot u." Dit gold voor de discipelen in de verschijningen na Pasen, en in het bijzonder toen Hij de Geest op hen blies. Deze Geest blijft bij hen. Tegelijkertijd is er nog het laatste komen: "Opdat ook gij zijn moogt waar Ik ben" (Johannes 14:3).
Wezenzondag accentueert elementen van ons geloof die we dreigen te vergeten. De kerk kan zo leven bij de 'presentia realis' dat zij niet meer verwacht, en het Koninkrijk reeds aanwezig acht. Of, vanwege de uitgestelde parousie, kan zij zich zo thuis gaan voelen in de wereld dat zij meer lijkt op een rentenier dan op een wees.
Het Geloof als Vondst: Van Wees naar Geliefd Kind
"Ik zal jullie niet als wezen achterlaten", zegt Jezus de avond voor Zijn dood. Dit beeld zet aan tot nadenken over de aard van geloof. Een wees, iemand zonder ouders, mist liefde, vertrouwen en zorg - een diepe leegte. In Bijbelse tijden was de wees het toonbeeld van iemand die alleen stond, kwetsbaar was en een basis miste. Jezus gebruikt dit beeld omdat Hij weet dat Hij gevangen genomen en gedood zal worden, en Zijn volgelingen dan alleen, verweesd zullen achterblijven zonder hun leider en leraar.
Het wonder van het geloof is Jezus' belofte: "Ik laat jullie niet als wezen achter." Ze zullen Zijn zorg, liefde en nabijheid nooit hoeven missen. Wie gelooft, is geen wees, maar heeft een Vader en een vriend.
Als je Jezus nooit gekend hebt, ken je de leegte van het Hem missen niet. Voel je je zonder Jezus vanzelf een wees? Niet per se. Maar wanneer je Jezus vindt, wanneer Hij jou opzoekt en je Hem leert kennen, is het alsof je niet wist dat je wees was, en dan ineens ouders vindt. Als je God vindt, in Jezus - want zij zijn één - dan merk je pas hoe je leven daarvoor een wezen-leven was. Dan merk je wat je miste, hoe de diepste band ontbrak, zelfs al ben je omringd door aardige mensen.
Wie Jezus leert kennen, begrijpt Zijn woorden: "Ik zal jullie niet als wezen achterlaten." Misschien wist je niet dat je iets kwijt was, maar als je het vindt, als je Hem vindt, dan merk je het pas! Je hele leven verandert.

"Ik Leef, en Ook Jullie Zullen Leven"
Jezus belooft meer: "Ik leef, en ook jullie zullen leven." Dit wijst ten eerste vooruit naar Zijn opstanding uit de dood, waarmee Hij Zijn leerlingen levend zal terugzien. Het is echter een veel bredere uitspraak: Jezus leeft, en ieder die bij Hem hoort, zal leven en delen in het leven dat Jezus geeft. Dit is niet simpelweg ademen en bewegen, maar een ander soort leven dat nu al begint, waarbij men van eenzame wees tot geliefd kind wordt, gevonden en verbonden. Het omvat zelfs leven dat de dood doorstaat, net als Jezus, die voor altijd leeft.
Deze belofte heeft twee aspecten: een ander leven nu, en eeuwig leven straks. Maar hoe verkrijg je dit leven waarin je nooit meer wees bent? Alleen bij Jezus. Hij maakt onderscheid tussen "de wereld" - de mensen die Hem niet kennen - en Zijn leerlingen. Geloof in Jezus is essentieel.
Geloof: Erkennen en Liefhebben
Geloof is ten eerste het erkennen dat Jezus is wie Hij is: door God gezonden, de weg, de waarheid en het leven. Dit is een wonder van God als onze ogen daarvoor opengaan. Tegelijkertijd kan men ook zonder onderzoek besluiten dat Jezus niet boeit. Het verkennen van Jezus, in de Bijbel of in de kerk, is een weg van ontdekking.
Ten tweede is geloof meer dan erkennen; het is een zaak van het hart. Het zien van Jezus' grote liefde, de liefde die Hij preekte, uitleefde en waarmee Hij omzag naar degenen die er niet bij hoorden, zelfs tot aan Zijn kruisiging om zonde en duisternis te dragen en vergeving te bewerken. Dit is het diepste geheim van geloof: Jezus liefhebben omdat Hij jou liefheeft.
Belijdenis doen, zoals Noah straks zal doen, is dit geloof openbaar uitspreken. De oproep is om het geloof te onderzoeken en Jezus te zoeken, om geen wees te zijn. Wie Jezus vindt en in Hem gelooft, ontvangt dat nieuwe leven: een ander leven nu al, en voor altijd.
Een Nieuw Leven als Geliefd Kind van God
Als geliefd kind van God, onze Vader in de hemel, verandert het leven. Hoewel God de Vader van iedereen is, zijn we Hem kwijtgeraakt door de verbroken relatie. Jezus, Gods geliefde Zoon, maakt jou weer tot een geliefd kind. Niet van een verre vader, maar door Zijn Geest is Hij dichtbij. Hij is bij je, en door Zijn Geest ben je verbonden met de Vader en de Zoon.
Deze verbinding verandert je leven. Liefde voor Jezus betekent Zijn geboden houden. Jezus' gebod is primair: elkaar liefhebben. Dit uit zich in concreet omzien naar anderen, respect, compassie, het bevorderen van het goede, eerlijkheid, en zelfs het goede zoeken voor wie je irriteert. Het betekent ook geestelijke wezen wijzen op de Vader en de Zoon.
Dit nieuwe leven, dat Jezus geeft, is prachtig. Het is alsof een wees ouders vindt, een blinde kleuren ziet, of iemand die ronddwaalt de richting vindt. Een hatelijk mens wordt zachter, een egoïst eerlijk. Leven met Jezus verandert je.

De Belofte van Eeuwig Leven
"Ik leef, en ook jullie zullen leven" is een belofte voor nu, Gods leven dat in je groeit. Het is echter ook een belofte voor de toekomst. Jezus, die opgestaan is uit de dood en naar Zijn Vader is gegaan, belooft dat ieder die bij Hem hoort, daar ook eens thuis zal komen. Jezus maakt een plek klaar in het vaderhuis met de vele woningen.
Van nature zijn wij mensen op weg naar de dood, een hopeloos vooruitzicht. De dood is Gods oordeel over de zonde. Maar met Jezus wordt alles anders. Als je bij Hem hoort, is Hij al door de dood heen gegaan - voor jou. Hij heeft de straf gedragen en geeft eeuwig leven, ook als het aardse bestaan eindigt. Dit wordt gevierd met Pasen: Jezus leeft - en wie bij Hem hoort, zal ook leven.
Jezus belooft geweldige dingen: "Geen wezen zijn" en "ik leef, en ook jullie zullen leven." Leven met Zijn leven betekent gevonden, verbonden en thuis bij God zijn. Nu al en altijd. Geen wees, maar een geliefd kind.
Een Oproep tot Geloof en Verandering
Ken je dat nieuwe leven al? Zou je het niet willen hebben? Het is verkrijgbaar bij Jezus Christus, de unieke Heer die we hier vereren. Hij die stierf aan het kruis, opstond uit de dood, en jouw hart wil veranderen, je zoektocht een vind-tocht wil maken.
De uitnodiging is om te bidden: "Jezus, mag ik dat andere leven leren kennen?" En voor hen die al jaren naar de kerk gaan: leeft dat nieuwe leven in je? Wordt er al iets van zichtbaar voor anderen? Besef hoe groot het wonder is dat Jezus zoveel geeft!
Dit is de kern van het Evangelie: Jezus leeft - en deelt leven uit. Het is mooi dat iemand klaarstaat om zijn geloof te belijden en de doop te ontvangen als teken van nieuw leven. God werkt nog en zoekt mensen. Zoek de Heer - Hij is te vinden! Roep Hem aan - Hij wil luisteren.
Christelijke meditatie - 1/7 - Tjitske zoekt rust: Alleen voor rustige mensen?
De Heilige Geest: De Helper die Altijd Blijft
Jezus' afscheidstoespraak, zoals opgetekend in het Evangelie naar Johannes, benadrukt de komst van de Heilige Geest als 'een andere Trooster' (Parakleet). Deze Helper zal altijd bij de gelovigen blijven. De Geest is niet zomaar een vervanging van Jezus' fysieke aanwezigheid, maar een voortzetting van Zijn werk op aarde, vanuit de hemel.
De term 'Parakleet' kan worden vertaald als helper, advocaat of bemiddelaar. De Geest bijstaat de gelovigen met raad, wijsheid, moed en kracht. Hij richt de schijnwerper op Jezus, onderwijst en herinnert aan Zijn woorden. De Geest wil wonen in de harten van mensen die God liefhebben en Zijn geboden onderhouden.
Dit is essentieel voor de gelovige, die, net als de discipelen, kwetsbaar kan zijn in een wereld die hen soms niet begrijpt of vervolgt. De Geest voorziet in de nodige kracht om staande te blijven en getuigenis af te leggen.
Liefde als Kern van het Christelijk Geloof
De evangelist Johannes benadrukt liefde als centraal thema. Jezus' gebod is om elkaar lief te hebben, niet als een louter sentimentele emotie, maar als een engagement, een actieve keuze om zich te houden aan Zijn opdrachten. Dit betekent bruggen slaan, de muren van zelfgenoegzaamheid doorbreken en de logica van God toepassen in de omgang met elkaar.
Dit engagement, gedragen door de Geest, stelt gelovigen in staat om Gods liefde concreet te maken in de wereld, door elkaar te zien als broeders en zusters en dienstbaar te zijn aan mensen.
De Kerk Tussen Hemelvaart en Pinksteren: Een Tijd van Verwachting
De zondag tussen Hemelvaart en Pinksteren wordt traditioneel 'Wezenzondag' genoemd. Deze periode markeert het vertrek van Jezus en de nog te komen komst van de Heilige Geest. Het is een tijd van verwachting, waarin de gelovigen zich bewust zijn van hun afhankelijkheid van God en de belofte van Zijn blijvende aanwezigheid.
De kerk, ook in de 21e eeuw, bevindt zich in deze 'tussenperiode'. Het is aan de gelovigen om de boodschap van het leven levend te houden, gedragen door liefde en de inspiratie van de Geest. De kerk is niet alleen een instituut, maar de levende boodschap van Gods liefde die doorgegeven moet worden.
