Het protestantisme speelde tot het midden van de zestiende eeuw geen significante rol in het koninkrijk Frankrijk. Johannes Calvijn, een sleutelfiguur in de Reformatie, werd in 1509 in Frankrijk geboren. Binnen iets meer dan tien jaar had echter de helft van de Franse adel zich bekeerd tot het calvinisme. De motieven voor deze massale bekering waren divers: sommigen handelden uit overtuiging, anderen uit afkeer van de Rooms-Katholieke Kerk, en weer anderen zagen er een kans in om kerkelijke bezittingen te verwerven.
Tijdens het bewind van de repressieve koning Hendrik II (vanaf 1547) bleven de spanningen onder controle. Na zijn dood in 1559, waarbij hij omkwam bij een riddertoernooi, volgde zijn vijftienjarige, ziekelijke zoon Frans II hem op, met koningin Catharina de' Medici als regentes. Catharina, nauw verbonden met de Rooms-Katholieke Kerk via haar familie, probeerde een eigen koers te varen, onafhankelijk van haar adviseurs, de katholieke hertog Frans van Guise en diens broer Karel, kardinaal van Lotharingen.
In maart 1560 verijdeld protestantse samenzweerders een poging om de koning te ontvoeren. Hoewel het complot mislukte, leidde het tot een milde versoepeling van de geloofsvervolging. Na een regeerperiode van 17 maanden stierf Frans II in december 1560. Hij werd opgevolgd door Catharina's tienjarige zoon, Karel IX.
De toenaderingspogingen van Catharina, zoals de conferentie in Poissy in 1561, mislukten door haar onervarenheid en het fanatisme van haar kinderen en de broers Guise. In 1562 richtte Frans van Guise het bloedbad van Wassy aan, wat beschouwd wordt als het startsein voor de Hugenotenoorlogen.
De Hugenotenoorlogen
De periode van religieuze conflicten in Frankrijk, bekend als de Hugenotenoorlogen, kenmerkte zich door een reeks bloedige conflicten:
- Eerste Hugenotenoorlog (1562-1563)
- Tweede Hugenotenoorlog (1567-1568), met de Verrassing van Meaux en de Michelade in Nîmes, afgesloten met de Vrede van Longjumeau.
- Derde Hugenotenoorlog (1568-1570), aangewakkerd door paus Pius V.
In de loop van deze oorlogen wisten de hugenoten een zekere mate van tolerantie af te dwingen. In het voorjaar van 1572 overtuigde de calvinistische admiraal Gaspard de Coligny Catharina van Medici van een anti-Spaanse en meer tolerante godsdienstpolitiek. Dit moest worden bekrachtigd door het huwelijk van Catharina's dochter Margaretha, tegen haar wil, met de calvinist Hendrik van Navarra.

De spanningen bleken echter te groot. Enkele dagen na de bruiloft werd Gaspard de Coligny vermoord, wat leidde tot de beruchte Bartholomeusnacht. In de nasleep werden naar schatting 30.000 hugenoten in heel Frankrijk vermoord. Hendrik van Navarra werd gedwongen zich tot het katholicisme te bekeren. Karel IX nam de verantwoordelijkheid voor de Bartholomeusnacht op zich, hoewel zijn moeder en Hendrik I van Guise, de zoon van Frans van Guise, waarschijnlijk de belangrijkste aanstichters waren.
Na de Bartholomeusnacht stierf Karel IX in 1574 en werd opgevolgd door zijn broer, Hendrik III. Hij probeerde een gematigde koers te varen, wat leidde tot het Edict van Beaulieu in 1576. Dit verdrag stuitte op verzet van Hendrik I van Guise, die de Katholieke Liga oprichtte. De Liga eiste dat Hendrik III de hugenoten zou bestrijden en kardinaal Karel van Bourbon als troonopvolger zou erkennen.
De Katholieke Liga greep in 1585 de macht in Noord-Franse steden, waardoor Hendrik van Guise een serieuze rivaal werd voor Hendrik III. Het Verdrag van Nemours (juli 1585) ontnam de hugenoten hun rechten en sloot Hendrik van Navarra uit van de troonopvolging. Dit leidde tot een nieuwe oorlog tussen de hugenoten van Hendrik van Navarra en het bondgenootschap tussen Hendrik III en Hendrik van Guise.
De onderlinge strijd tussen Hendrik III en Hendrik van Guise escaleerde. Hendrik III liet Hendrik van Guise en diens broer, kardinaal Lodewijk van Guise, vermoorden in december 1588. Om Parijs te heroveren, sloot hij een bondgenootschap met Hendrik van Navarra, die hij weer als opvolger erkende. Hendrik III werd echter op 1 augustus 1589 vermoord door een monnik.
Hendrik IV en het Edict van Nantes
De calvinist Hendrik van Navarra werd koning Hendrik IV. Het kostte hem nog tien jaar en vier oorlogen, plus een bekering tot het katholicisme in 1593, om door het hele land geaccepteerd te worden. De Franse invasie door een Spaans leger onder Filips II, ter ondersteuning van de aanspraak van zijn dochter Isabella op de Franse troon, speelde Hendrik in de kaart. Hij kon de binnenlandse oorlog omvormen tot een verdediging tegen een buitenlandse mogendheid en ontving militaire steun van koningin Elizabeth I van Engeland.
Met het Edict van Nantes in 1598 maakte Hendrik IV een einde aan de Hugenotenoorlogen. Hij schonk de hugenoten godsdienstvrijheid in vrijsteden, met door hem betaalde garnizoenen. De Vrede van Vervins in hetzelfde jaar beëindigde de Spaanse interventie.

De door het Edict geregelde vrijheid van de protestanten werd echter al snel geschonden. Het katholieke Franse hof draaide de rechten van de hugenoten in twee stappen terug. De eerste stap volgde na bloedige onderdrukking van drie Hugenotenopstanden tussen 1620 en 1629 door kardinaal Richelieu. De tweede stap kwam in 1685, toen Lodewijk XIV het Edict van Nantes geheel herriep.
De oorsprong van de term "Hugenoot" is onduidelijk. Een veelgehoorde theorie is dat het een verbastering is van het Duitse "Eidgenosse" (eedgenoot), vanwege de banden met Zwitserland waar Johannes Calvijn woonde en werkte. Een andere verklaring is dat het afgeleid is van Hugues de Besançon, een invloedrijke figuur in Genève.
De Hugenoten volgden de leer van Johannes Calvijn en verwierpen het katholieke geloof. Ze vormden aanvankelijk een religieuze stroming, die later uitgroeide tot een politieke beweging, met name onder de adel en in de grote steden. De vervolging door de katholieken leidde tot bloedige godsdienstoorlogen en massamoorden, waarvan de Bartholomeusnacht de bekendste is.
Na de godsdienstoorlogen trokken veel hugenoten weg uit Frankrijk en vestigden zich in Nederland, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland. In deze landen werden zij vaak gewaardeerd om hun ambachtelijke vaardigheden en ondernemerschap, en speelden zij een rol in de economische ontwikkeling, zoals de industriële revolutie in Engeland.
Hoe veroverde het christendom Europa? | Documentaire over godsdienstgeschiedenis
Het hugenotenkruis, een herkenningsteken van de Hugenoten, is gebaseerd op het Maltzer-kruis en symboliseert christelijke waarden en de wedergeboorte. De acht punten vertegenwoordigen de acht zaligsprekingen, en de lelies of harten symboliseren reinheid en trouw.