Sola Fide en de Reformatie: Een Diepere Blik op de Theologie van de Reformatie

De Reformatie, een van de meest ingrijpende gebeurtenissen in de christelijke geschiedenis, werd gekenmerkt door de formulering van de zogenaamde 'sola's'. Deze vijf principes vormden de hoekstenen van de nieuwe theologie die ontstond. Hoewel niet door Maarten Luther zelf als een formeel mission statement op papier gezet, zijn ze onlosmakelijk verbonden met zijn gedachtegoed. De belangrijkste sola's zijn: Sola Scriptura - alleen de Schrift; Sola Fide - alleen het geloof; Sola Gratia - alleen de genade; Solo Christo - alleen Christus; en als overkoepelend principe Soli Deo Gloria - alleen God de eer.

Voor veel protestanten is Sola Scriptura een vanzelfsprekendheid geworden, een principe dat zelden kritisch bevraagd wordt. Maarten Luther heeft zijn tijd diepgaand beïnvloed, maar het is belangrijk te beseffen dat ook hij een kind van zijn tijd was. Aan het einde van de 15e en het begin van de 16e eeuw stond het laatste oordeel centraal in veel artistieke uitingen. Het beeld van de oordelende Christus, die schapen van bokken scheidt, zaaide angst in persoonlijke levens. Dit verklaart waarom in deze voorstellingen naast de tronende Christus ook zijn moeder Maria en zijn geliefde leerling Johannes als voorsprekers werden getoond, in een poging de strenge Heer mild te stemmen.

De gedachte aan een naderend einde van de wereld speelde in die tijd onvermijdelijk een rol, net als omstreeks het jaar duizend. Luthers vraag over hoe men een genadig God verkrijgt, paste perfect binnen dit wereldbeeld. Tegelijkertijd groeide in deze periode het besef van een 'resttijd': God gunde de mensheid blijkbaar nog langer de tijd op aarde, wat ruimte bood voor een hernieuwde hoop binnen het humanisme. Luther vond die hoop primair op theologisch vlak.

Wat begon als een persoonlijke overtuiging, transformeerde al snel in een (kerk)politiek instrument en uiteindelijk zelfs in een waarheidscriterium. De principes van alleen de Schrift, alleen het geloof, alleen de genade markeerden de aanvang van een nieuwe tijdperk, zowel theologisch met de Reformatie als cultureel met de Renaissance. Deze nieuwe tijd was echter niet eenduidig; voor de verschillende partijen die tegenover elkaar stonden, speelde ze een complexe rol. Het was een periode van chaos, eerder dan een simpel zwart-wit of links-rechts scenario.

De Kerk (met een hoofdletter K) was behoudend wat betreft leer en macht, maar vernieuwend in de toepassing van nieuwe kunstvormen, zoals te zien was in de verrijking van de Sint-Pietersbasiliek in Rome. Het vroege protestantisme beperkte zich evenmin tot een innerlijk geloof; het kreeg onverwacht revolutionaire trekken, zowel kerkelijk als maatschappelijk, wat een gevoel van vrijheid bracht. Diverse sociale, politieke, religieuze en maatschappelijke factoren maakten deze periode, die gezien kan worden als een breukvlak in de geschiedenis, tot een complex geheel.

Luther raakte ervan overtuigd dat alleen de Schrift de weg naar de toekomst kon wijzen. Al vroeg werd echter ook ingezien dat 'alleen de Schrift' niet volstond. De Schrift kan zichzelf wellicht uitleggen, maar dit is uitsluitend mogelijk op voorwaarde van het juiste geloof en het besef dat alles genade is. Het principe van Sola Scriptura staat dus niet op zichzelf; 'alleen' is niet absoluut en kan niet los gezien worden van andere elementen.

Luther meende oprecht dat zijn nadruk op genade alleen de sleutel bood tot het begrijpen van de gehele Schrift. Dit gold echter niet voor teksten zoals de brief van Jakobus, die de nadruk legde op geloof zonder werken als waardeloos. Luther kon niet voorzien hoe zijn gedachtegoed zich door de eeuwen heen zou ontwikkelen. De toenemende individualisering van de samenleving en de groeiende geletterdheid gaven zijn beweging onvoorziene vleugels. Daarom klinkt Sola Scriptura voor velen die protestants zijn opgevoed nog steeds sympathiek in de oren.

De Uitdaging van het 'Welke Schrift?'

De vraag die na bijna vijf eeuwen gesteld moet worden, is: welke Schrift? Ieder individu, hetzij binnen kerkelijk verband, hetzij in persoonlijk geloof, kreeg een eigen interpretatie van de Schrift. De versplintering van protestantse kerken ging onverminderd door. Vóór Luther was het in West-Europa de Kerk (met een hoofdletter K) die de Bijbel door de eeuwen heen had gekoesterd als de heilige Schrift, het boek der boeken, Gods eigen woord. Dit was mogelijk omdat de mens door de eeuwen heen in deze heilige Schrift een klankbord had gevonden; ingebed in liturgie en rituelen bleek het boek zeer geschikt om mensen te begeleiden in leven en sterven. In die zin had de Bijbel altijd al een existentiële betekenis voor de collectieve christenheid.

Luther slaagde er echter in het boek op een uiterst persoonlijke en daarmee individueel-existentiële manier te lezen. Hij vond erin het antwoord op de voor hem nijpende vraag hoe men een genadig God verkrijgt. Voor Luther was dit een geloofsovertuiging, terwijl het voor Erasmus een humanistisch ideaal was. Beiden deelden de wens dat de Bijbel altijd en overal voor iedereen beschikbaar moest zijn. En zo geschiedde ook: Luther en Erasmus gaven ons de Bijbel letterlijk in handen, waarvoor dankbaarheid op zijn plaats is.

Desondanks blijft er 'ruis' bestaan wat betreft het verstaan van de Schrift. Luther was ervan overtuigd dat de Schrift zichzelf uitlegt. Met de opeenstapeling van de verschillende sola's meende men de weg naar misverstanden voor de vroege Reformatie afgesloten te hebben. Erasmus volgde deze weg niet; hij kende meer betekenis toe aan de Heilige Geest, die ons zou helpen bij het juiste verstaan van de Schrift, althans datgene wat God Zijn mensen had vergund te begrijpen.

Hierbij kan opgemerkt worden dat de Heilige Geest, of wat daarvoor gehouden werd, het nogal heeft laten afweten. Kennistheoretisch is er nauwelijks onderscheid te maken tussen de Heilige Geest en onze eigen intuïties, die met name in opwekkingsbewegingen gemakkelijk aan de Geest worden toegeschreven. Men kan van alles roepen, en dat gebeurt dan ook met slechts drie woorden: "De Bijbel zegt...". Dit is voldoende voor autoriteit. De Bijbel is echter zo veelkleurig dat het boek niet eenduidig kan spreken. We gebruiken de Bijbel als een grabbelton waaruit men kan halen wat men lief is. Spreekt God dan, of spreken we zelf? Is ook de Geest niet een instrument geworden, dat in onze handen levensgevaarlijk kan zijn?

infographic die de vijf sola's van de Reformatie illustreert

De Invloed van Individualisering en Geletterdheid

Terug naar Luther. Zijn hoogst persoonlijke benadering viel in de Europese geschiedenis na de middeleeuwen samen met een toenemende individualisering van de samenleving, die een grote vlucht nam en tot op de dag van vandaag voortduurt. Tegelijkertijd nam de geletterdheid van het 'gewone volk' toe, met de overtuiging dat het goed was als ieder de Bijbel in zijn eigen volkstaal kon lezen. Luthers vertaling van de Schrift was niet de eerste Duitse vertaling, maar zijn versie zou een onnavolgbaar grote invloed uitoefenen op de Duitse taal, vergelijkbaar met de invloed van de Statenvertaling in Nederland en de King James in Engeland.

Waar bijbelvertalingen in Europa een relatieve eenheid in de verschillende landstalen wisten te bewerkstelligen, was dit bepaald niet het geval voor het verstaan van de Bijbel. Zeker niet in Nederland, waar zich een lappendeken van gescheurde kerken en kerkjes bevond en nog steeds bevindt. Nog geen honderd jaar na Luther legde Friedrich von Logau (1605-1655) de vinger op de zere plek toen hij schreef: "Luthrisch / Påbstisch vnd Calvinisch / diese Glauben alle drey / Sind verhanden; doch ist Zweiffel / wo das Christenthum dann sey".

Sinds de tijd van Luther en Erasmus, en ook dankzij hen, maakte de geletterdheid van wat wel 'het gewone volk' is genoemd enorme sprongen vooruit, zodat vrijwel een ieder na verloop van tijd ook daadwerkelijk in staat werd gesteld om altijd en overal de Bijbel te (kunnen) lezen. Lezen is echter nog niet hetzelfde als begrijpen. Het toenemende individualisme bracht ook met zich mee dat wij ons in ons bijbelverstaan niet (meer) laten sturen. Inzichten die in de bijbelwetenschappen zijn opgedaan, vinden maar zelden een weg naar de gemiddelde bijbellezer, die zich vrij voelt om vast te houden aan wat hem of haar ooit is geleerd, met de daarbij behorende en vooronderstelde uitleg van de Bijbel.

En in Europa wordt de Bijbel niet langer zoveel gelezen als Luther en Erasmus voor ogen stond. Het conventionele christendom, waarin het geloof als vanzelfsprekend op volgende generaties werd overgedragen, is definitief voorbij. Daarbij is er bij het leesproces dat nog wel geschiedt, nog meer sprake van willekeur.

De Schrift Alleen: Een Politiek Instrument en de Zoektocht naar Waarheid

Wat voor Luther met Sola Scriptura eerst en vooral een persoonlijke overtuiging was, werd in zijn tijd een (kerk)politiek instrument. Dat instrument kreeg vleugels in de tijden die volgden, niet slechts in vooral Noord-Europa, maar later ook in Amerika. Kerkpolitiek heeft Sola Scriptura doen leiden tot de scheuring van de oude moederkerk. De meningen stonden lijnrecht tegenover elkaar en leken in beton gegoten. In de standpunten was geen beweging meer te krijgen. En zo staan Sola Scriptura aan de ene kant - en het Vaticaanse magisterium (dat overigens geen alternatief is in mijn ogen) aan de andere kant - nog steeds lijnrecht tegenover elkaar.

En dan kwam er in de tijd dus ook nog het probleem van de waarheid. Nu is Waarheid, of de waarheid wijsgerig, een uitermate abstract begrip dat ons niet, of in ieder geval niet goed, verder helpt in het verstaan van de Bijbel. Als je postuleert dat de Bijbel met Sola Scriptura altijd en overal waar is, dan heb je het boek onbedoeld op slot gedaan omdat het een onzuivere verhouding blootlegt tussen geloof en waarheid onderling. Geloof werd minder 'vertrouwen op' en meer 'voor waar houden'. Daardoor is het ons gelukt aan de Bijbel niet passende vragen te stellen, met grote gevolgen.

Wie in de Bijbel zoekt naar een definitie van God, die hoeft het boek niet te lezen, want die definitie vind je er niet. Wie in de Bijbel zoekt naar een sluitende verklaring voor het kwaad in de wereld, die hoeft het boek ook niet te lezen, want ook zo'n verklaring vind je er niet. En wie ten slotte zoekt naar de waarheid in de Bijbel (letterlijk of wijsgerig), die kan het boek ook ongelezen laten. De waarheid zoals wij die verstaan, vind je er niet. Bovendien lijkt het abstracte begrip waarheid tegenwoordig gereduceerd te zijn tot 'meten is weten', en wordt er in onze dagen zelfs al gesproken over een postfactuele samenleving waarin de feiten er niet meer toe doen. Wij hebben de waarheid niet meer in pacht.

Laat mij toevoegen dat ik hoop dat u als lezer mij niet verkeerd verstaat. Ik acht de Bijbel dermate bijzonder en hoog dat er geen enkele reden is om hem niet meer te lezen. Integendeel zelfs, maar ik sta een andere lezing voor. We zullen mijns inziens toe moeten naar een nieuw perspectief in ontvankelijkheid - minder vooringenomen. Een zoektocht naar betekenis en een gesprek daarover dat in redelijkheid gevoerd wordt en niet vanuit een bastion van het gelijk. We kunnen in mijn ogen niet meer terug. We zijn aan Luther voorbij.

De sola's bleken in de praktijk onmogelijk en de Geest helpt ook niet als verondersteld. Aan de andere kant is ook het Vaticaanse magisterium geen optie als het gaat om het alleenrecht de Bijbel uit te leggen. Wat ons overblijft is een welwillende benadering van de teksten, die ons niet slechts bevestigen, maar ook verbazingwekkend verrassend kunnen zijn, en de bereidheid om met alle redelijkheid die we op kunnen brengen te zoeken naar de betekenis van het oude woord. En dan is het al mooi als we die betekenis er niet zelf zomaar meer inleggen. Waardevol daarbij is dan zelfs een toenemende waardering voor de Bijbel onder lezers die zeggen niet meer te geloven. Vandaag kan er mijns inziens maar één conclusie zijn: we zijn aan het Sola Scriptura voorbij.

tags: #sola #fide #kerk