Ds. Klaas ten Klooster: Leven en Leer

Inleiding

Klaas ten Klooster, geboren op 20 september 1946 in Hasselt, Overijssel, heeft een significante loopbaan als predikant binnen de Nederlandse kerken gekend. Na zijn studie theologie in Leiden begon hij zijn ambt in 1977 in de hervormde gemeente van Oosterwolde. Vervolgens diende hij gemeenten in Lunteren (1982), Middelharnis (1986) en Putten (1991), alvorens in 1996 predikant te worden in Ridderkerk.

Foto van Ds. Klaas ten Klooster

Ambtelijke Loopbaan en Emeritaat

De laatste gemeente die ds. Ten Klooster diende, was de hersteld hervormde gemeente ’s-Grevelduin-Vrijhoeve-Capelle, vanaf 2008. In 2011 ging ds. Ten Klooster met emeritaat. Ter gelegenheid van zijn afscheid werd hij benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau, een erkenning voor zijn jarenlange inzet en dienstbaarheid.

Theologische Perspectieven: De Opstanding en het Leven

Ds. Ten Klooster beschouwt de woorden "Ik ben de opstanding en het leven" als bijzonder indrukwekkend. Hij stelt dat de heerlijkste aspecten van Christus' opstanding in het Nieuwe Testament vooral naar voren komen in tijden van diepe beproeving. Wanneer Jezus Zijn lijden aankondigt, voegt Hij daaraan toe dat Hij op de derde dag zal worden opgewekt. Dit getuigenis van de opstanding is volgens ds. Ten Klooster al te vinden in het Oude Testament. Al in het boek Genesis, met het verhaal van Abraham en zijn zoon Izaäk, ziet hij een verwijzing naar de opstanding. Het feit dat Abraham zijn zoon terugkreeg nadat hij dacht hem te moeten offeren, wordt gezien als een voorafschaduwing van Christus' offerdood en opstanding.

Hij schetst aan de hand van de Schrift het wonder van Christus' opstanding en de kracht die daarin schuilt. Het Nieuwe Testament werpt licht op oudtestamentische teksten; zo wordt Handelingen 13 gekoppeld aan Jesaja 55. Door de realiteit van kruisdood en opstanding, en de verzoening door voldoening, kan de vergeving van zonden verkondigd worden. In het licht van de opstanding wordt duidelijk dat Christus de levendmakende Geest heeft verworven, waardoor Hij Zijn kinderen het opstandingsleven kan schenken. Christus overwon aan het kruis de dood, de hel en de machten der duisternis, en met de kracht van Zijn opstanding werkte Hij in de harten van Zijn discipelen, hen bevrijdend van ongeloof.

Illustratie die de opstanding van Christus verbeeldt

Overwegingen over de Prediking en de Kerk

Ds. Ten Klooster is ervan overtuigd dat het God behaagt mensen zalig te maken door de "dwaasheid van de prediking". Hij benadrukt dat alleen door het kruis mensen tot het kruis getrokken worden, en dat dit kruisevangelie alleen door een gebroken hart wordt ontvangen. Dit principe acht hij onopgeefbaar.

Hij deelt zijn ervaringen met de theologische studie in Leiden, waar de confrontatie met de historisch-kritische methode van schriftuitleg hem hard aankwam. Het boekje "Begonnen hebbende van Mozes" van prof. Holwerda en de artikelen 3 tot en met 7 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis, die het schriftgezag verwoorden, waren van grote waarde voor hem. Hij benadrukt de kerkelijke gemeenschap die voortvloeit uit deze artikelen.

Ds. Ten Klooster ziet het Samen op Weg-proces als een groot gevaar voor de kerk. Nog beduchter is hij echter voor uitholling van binnenuit. Hij constateert dat het besef van Gods heiligheid is geweken, wat mogelijk heeft geleid tot de grote gezagscrisis. Hij vraagt zich af waar het gezag van God, Christus, Zijn Woord en Zijn geboden gebleven is.

Gezond geestelijk leven klopt volgens hem altijd binnen het raamwerk van de gezonde leer, die onder zware druk staat. Hij ziet een toenemend relativeren van de belijdenis, mede onder invloed van de evangelische richting met de leuze "Niet de leer maar de Heer".

Hoewel verstaanbaar preken belangrijk is, stelt ds. Ten Klooster dat de kloof tussen prediking en luisteraar altijd heeft bestaan. De schoonheid van de gereformeerde religie ligt volgens hem in het stellen van de levende, soevereine God centraal. Dat de postmoderne mens de Bijbelse boodschap niet altijd vat, verbaast hem niet. De remedie ziet hij niet in ongebreidelde vernieuwingsdrang, drama of toneel, maar in de sobere, directe kruisprediking. Hij benadrukt de rechtvaardiging van de goddeloze en het werk van Gods Geest dat het hart bereikt. De benadering moet vanuit God en Zijn zaak zijn, niet vanuit de mens en zijn behoeften. Het gaat om het ruime Evangelie van de smalle weg, in combinatie met volhardend gebed en het beoefenen van de verborgen omgang met God.

Een afbeelding die de

Activiteiten buiten de Gemeente

Ds. Ten Klooster was ook actief in bredere kerkelijke verbanden. Hij was betrokken bij de Haamstede-conferentie en bezocht predikantenconferenties in Leicester. Hij was tweemaal classispredikant en medewerker van het Gereformeerd Weekblad. Van 1989 tot 1996 was hij hoofdbestuurslid van de Gereformeerde Bond, maar kon zich niet vinden in het standpunt van de Bond inzake Samen op Weg, wat leidde tot zijn vertrek uit het hoofdbestuur. Later was hij actief in het Comité tot behoud van de Nederlandse Hervormde Kerk.

Met vreugde voltooide ds. Ten Klooster zijn doctoraalstudie met een scriptie over Jacobus Trigland, wat hem ook heilzaam was tijdens een periode van ziekte. Mogelijk krijgt deze scriptie nog een vervolg.

Dankbaarheid en Reflectie

Ondanks zorgen uit de jubilerende predikant ook dankbaarheid. Hij verheugt zich erover dat de Heere hem, als nietig mens, gebruikt tot zegen voor anderen, en dat God ondanks menselijke ontrouw getrouw is en blijft. Hij verwijst naar de preek over 1 Samuël 7:12, Eben-Haëzer, als een veelzeggend moment van dankbaarheid na overwinning.

58 Miljoen Nederlanders en hun kerken, aflevering 2 - De 17e en 18e Eeuw (NOS 1979)

tags: #dominee #ten #klooster