Geschiedenis van Berkenwoude en de Hervormde Gemeente

Berkenwoude, in het lokale dialect bekend als Perkouw, is een dorp met een rijke en eeuwenlange historie, gelegen in de gemeente Krimpenerwaard in de provincie Zuid-Holland. Het dorp, omgeven door uitgestrekte weilanden, heeft zijn oorsprong te danken aan het moeraswoud dat hier groeide voordat de ontginning in de 11e eeuw begon. De naam "Berkenwoude" verwijst naar dit oorspronkelijke landschap.

De eerste vermelding van Berkenwoude, toen nog onder de naam Bercou, dateert uit 1326. De gemeente Berkenwoude werd op 1 januari 1812 ingesteld en bleef tot 31 december 2014 deel uitmaken van de gemeente Bergambacht. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vonden veel onderduikers bescherming in de omliggende polders.

Het centrum van het openbare leven in Berkenwoude is cultureel centrum De Zwaan. Vanaf de jaren '70 van de 20e eeuw fungeerde dit gebouw ook als zetel van de gemeenteraad van de toenmalige gemeente Berkenwoude. Tot een ingrijpende verbouwing en uitbreiding in 2006 stond het bekend als Cultureel Centrum Berkenwoude.

De Nederlands Hervormde Kerk

De Nederlands Hervormde kerk van Berkenwoude bevindt zich aan de Dorpsstraat. Het betreft een zaalkerk met een karakteristieke westtoren. De toren dateert uit het begin van de 16e eeuw, terwijl de huidige kerk in 1833 werd gebouwd op de locatie van een eerdere kerk uit de 14e eeuw, die op zijn beurt in 1512 werd vervangen.

Van de kerk uit 1512 zijn nog muurdelen van het koor bewaard gebleven, die nu deel uitmaken van de consistorie. De preekstoel en het doophek stammen uit 1686, en de kerkklokken werden in 1755 vervaardigd. Tussen 1972 en 1974 onderging de kerk een grondige restauratie. Het orgel, gebouwd door de firma Van Dam in 1896, is voorzien van één manuaal en een aangehangen pedaal.

Gezicht op de Nederlands Hervormde kerk van Berkenwoude met de historische toren.

Architectuur en Inventaris van de Hervormde Kerk

De westtoren, deels ingebouwd tegen de kerk, stamt uit het begin van de 16e eeuw en is opgetrokken uit drie geledingen, afgesloten met een boogfries op kraagstenen. De toren heeft een ingesnoerde naaldspits uit de 18e eeuw. Kenmerkend zijn de lage, haakse steunberen tegen de eerste geleding, de spitsboognissen met bakstenen traceringen in de tweede en derde geleding, en de metseltekens in de vorm van Andreaskruisen in helderrode baksteen op de torenwanden en steunberen. Het torenportaal is voorzien van een gemetseld kruisribgewelf.

De luidklok in de toren, met een diameter van 82,4 cm, is in 1755 gemaakt door Joan Nicolaus Derck uit Hoorn. De toren wordt beschouwd als van belang vanuit architectuurhistorisch oogpunt. De eikenhouten klokkenstoel is eveneens uit 1755.

Het huidige kerkgebouw, waarschijnlijk ontstaan in het begin van de 16e eeuw, bestond oorspronkelijk uit een zaalkerk met een smaller, rechtgesloten koor. De schipkap, de zuid- en noordmuur van het schip (in 1833 beklampt) en de noord- en oostgevel van het koor met een ezelsrugboognis zijn overblijfselen van dit oorspronkelijke gebouw. In 1833 vond een ingrijpende vernieuwing plaats, waarbij de muren van schip en consistorie werden beklampt of vernieuwd, de vensters werden gewijzigd in rondboogvorm, en de kap van de consistorie werd vervangen. De zuidkant van het schip is beklampt met gele baksteen, terwijl aan de noordkant oude, secundair toegepaste baksteen werd gebruikt.

Het interieur van de kerk werd in 1833 verrijkt met een nieuw houten tongewelf. Tegen de oostkant van de kerk bevindt zich de preekstoel met dooptuin, en tegen een schot aan de westkant is het orgel geplaatst.

Tot de inventaris van de kerk behoren:

  • Een zeshoekige, gebeeldhouwde preekstoel met klankbord uit 1686.
  • Een koperen preekstoellezenaar uit de 17e eeuw, bestaande uit bladwerk rond een middenmotief aan een draaibare arm.
  • Een doophek met paneelwerk en gedraaide balusters, en een ijzeren doopboog met koperen knoppen uit de 17e eeuw.
  • De gesneden orgelkas met vleugelstukken in Lodewijk XIV-stijl, met een orgel van L. van Dam en Zonen uit 1896.
  • Avondmaalszilver: een ovale schotel, twee ronde schotels en twee bekers uit 1800, een kan en twee offerbussen uit 1874.
  • Doopbekken uit 1852.

Gereformeerde Gemeenten in Berkenwoude

Naast de Hervormde kerk, waar de 'bonders' van de overige hervormden gescheiden kerken, kent Berkenwoude ook een kerk die toebehoort aan de Gereformeerde Gemeenten. In het begin van de twintigste eeuw verlieten verschillende leden de plaatselijke Nederlandse Hervormde Kerk. Op 5 december 1912 betrokken zij een nieuw kerkgebouw aan het Westeinde, en op 18 augustus 1913 werd de gemeente officieel geïnstitueerd als zelfstandige gemeente.

Nadat het kerkgebouw in 1958 aan de Gereformeerde Gemeente in Nederland was toegewezen, verhuisde men naar een houten noodgebouw. Op 22 oktober 1969 werd een nieuwe kerk aan de Prinses Beatrixstraat in gebruik genomen. Sinds 30 september 2021 komt de gemeente bijeen in het nieuwe kerkgebouw 'de Fontein' aan het Oosteinde, met een capaciteit van 450 zitplaatsen.

Nieuw kerkgebouw 'de Fontein' van de Gereformeerde Gemeenten in Berkenwoude.

Historische Ontwikkelingen en Gebeurtenissen

De geschiedenis van de gemeente Berkenwoude wordt beschreven in het boek ‘Gods barmhartigheden hebben geen einde’. De regio Krimpenerwaard kende in het verleden ook te maken met natuurlijke uitdagingen.

In de 11e eeuw begon de ontginning van de Krimpenerwaard, die de basis legde voor het latere polderlandschap. De turfwinning, noodzakelijk voor verwarming door het dalen van de bodem en het stijgen van de rivieren, leidde tot frequenter water op het land. De bedijking van de Krimpenerwaard in 1097 maakte de polder weer bewoonbaar.

Belangrijke feodale gebeurtenissen vonden plaats in de 14e eeuw: in 1326 gaf de heer van de Lek de tienden van Berkenwoude aan zijn zwager Jan van Polanen. In 1370 en 1379 werd de leen van Berkenwoude, samen met andere goederen, opnieuw beleend aan Jan van Polanen door Albrecht van Beijeren, graaf van Holland. Later kwam het bezit in handen van de families Van Zuylen van Nijevelt en Van der Capelle.

Een proces voor het hof van Holland in 1602 betrof de henneptienden die door de inwoners van Zuidbroek betaald moesten worden. De regio werd ook getroffen door rampen:

  • In 1708 vernielde een felle brand in Bergambacht 15 woonhuizen, een schoolgebouw en bijbehorende schuren.
  • In 1732 werd de kerk getroffen door de bliksem en raakte in brand, wat dusdanige schade veroorzaakte dat het gebouw gevaarlijk werd.

In 1847 telde de gemeente ruim 500 inwoners, voornamelijk actief in de veehouderij en hennepteelt. De herindelingen in de Krimpenerwaard in 1965 mislukten, waardoor Krimpen aan den IJssel aansloot bij Rijnmond.

De Zuidbroeksemolen, een Amerikaanse windmotor gebouwd in 1922, bevindt zich aan de rand van de polder Zuidbroek. In 1984 werd de molen aangewezen als beschermd provinciaal monument. De storm van januari 2007 veroorzaakte echter zware schade aan de molen.

Illustratie van een Amerikaanse windmotor, vergelijkbaar met de Zuidbroeksemolen.

Natuur en Cultuur in Berkenwoude

Ten noordwesten van Berkenwoude bevinden zich twee eendenkooien: Kooilust, een zomerkooi met vier vangpijpen, en Nooitgedacht, een winterkooi met vijf vangpijpen.

Het secretariaat van de Natuur- en Vogelwerkgroep "De Krimpenerwaard" is gevestigd in Berkenwoude.

Het Perkouwse Feest is een jaarlijks terugkerend evenement dat plaatsvindt op de vrijdag voorafgaand aan en de eerste zaterdag van september. Dit feest, georganiseerd door de verenigingen van het dorp, viert de geboortedag van voormalige koningin Wilhelmina, die op 31 augustus 1880 werd geboren. De Oranjevereniging Juliana (OVJ) is hierbij betrokken.

Nederland in de jaren 90 | ANDERE TIJDEN

tags: #hervormde #gemeente #berkenwoude