De geschiedenis van de Hervormde Gemeente in Voorhout is verweven met de ontwikkeling van het dorp zelf, met een rijke historie die meer dan duizend jaar teruggaat. Van de vroege vestiging van mensen op een strandwal tot de huidige Protestantse Gemeente Voorhout, heeft het dorp en zijn kerkelijke gemeenschap diverse transformaties doorgemaakt.
Vroege Geschiedenis en de Stichting van de Hervormde Gemeente
De eerste sporen van menselijke bewoning in Voorhout dateren van duizenden jaren geleden, op een strandwal. Archeologische vondsten, zoals bronzen bijlen en Romeinse munten, getuigen van vroege bewoning. Een belangrijke mijlpaal in de geschiedenis van Voorhout was de schenking van de kerk door graaf Dirk II van Holland aan de abdij van Egmond in 988, wat de eerste vermelding van Voorhout markeert.
In 1591 werd in Voorhout een Hervormde Gemeente gesticht. Dit vormde de basis voor de latere Protestantse Gemeente Voorhout. Het dorp zelf kende in de middeleeuwen een belangrijke rol, mede dankzij Slot Teylingen, dat regelmatig werd bezocht door de graven en gravinnen van Holland. Jacoba van Beieren bracht er haar laatste maanden door en overleed er in 1436.
Ds. Pieter de Haan: Een Centraal Figuur
Een sleutelfiguur in de geschiedenis van de Hervormde Gemeente Voorhout was dominee Pieter de Haan. Geboren in 1890, werd hij op 2 mei 1917 door zijn vader bevestigd als predikant van de Nederlands Hervormde Gemeente in Voorhout, als opvolger van ds. Bas Ter Haar Romeny.
Ds. De Haan was een drijvende kracht achter de oprichting van een Stichting ter Oprichting en Instandhouding van Christelijke Scholen. Deze school werd op 9 maart 1922 officieel geopend aan de Voorhouterweg, nu de Jacoba van Beierenweg. Daarnaast speelde hij, in overleg met pastoor Schravenmade, een rol bij het oplossen van een eeuwenoud dossier betreffende de verdeling van goederen uit de tijd van de reformatie.
Op 1 juni 1924 verleende men Pieter de Haan eervol emeritaat vanwege zijn aanstaande vertrek naar Antwerpen, waar hij predikant werd bij de Belgisch Nationale Kerk. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bood de woning van het gezin De Haan onderdak aan Engelandvaarders en vliegtuigbemanningen als onderdeel van de Van Niftrik route. Ds. De Haan nam deze risicovolle taak op zich nadat de oorspronkelijke contactpersoon, Henk van Dulken, door de bezetter was opgepakt.
Pieter de Haan ontving diverse onderscheidingen voor zijn verdiensten, waaronder het ridderschap in de Orde van Oranje Nassau in 1936 en de bevordering tot officier in 1951. Hij was tevens drager van de Erkentelijkheidsmedaille in zilver, Officier in de Kroonorde van België, Ridder in de Leopoldsorde en Drager van het Burgerlijk Ereteken eerste klas van België. Na zijn emeritaat verhuisde hij met zijn echtgenote Nelly naar Driebergen.

Het Boerhaavehuis: Van Pastorie tot Nieuwe Bestemming
Het Boerhaavehuis, dat ruim 350 jaar als pastorie heeft gediend, staat voor een nieuwe bestemming. Het huis, vermoedelijk rond 1640 gebouwd, is vernoemd naar de beroemde arts en botanicus Hermannus Boerhaave, die er op 31 december 1668 werd geboren.
De kerkenraad van de Protestantse Gemeente Voorhout heeft besloten het pand niet langer als pastorie te gebruiken. Dit besluit is ingegeven door financiële overwegingen: het onderhouden van zo'n groot, eeuwenoud pand is kostbaar, zowel voor de kerk als voor de predikant die er woont, mede door gewijzigde fiscale regelgeving en hoge energielasten.
De kerk kiest ervoor het pand te verhuren in plaats van te verkopen, om zo recht te doen aan de vrijwilligers en de Stichting Het Boerhaavehuis die zich inzetten voor het behoud van het pand en de tuin. De naar een ontwerp van Bosch & Slabbers aangelegde tuin, een groene oase van rust, blijft toegankelijk voor publiek.
De gemeente Teylingen is zich bewust van het belang van het Boerhaavehuis en de tuin en denkt mee over een nieuwe functie. Brainstormsessies hebben geleid tot diverse potentiële gebruiksmogelijkheden, zoals zorgverlening, dagopvang, horeca, of educatieve functies. De kerk zoekt lange termijn gebruikers die bereid zijn de kosten van een verbouwing te dragen en de tuin publiekelijk toegankelijk te houden.

De Kleine Kerk: Een Historisch Monument
De Kleine Kerk, formeel een protestantse kerk, is het restant van de middeleeuwse parochiekerk van Voorhout. Het gebouw omvat het 14e-eeuwse koor, twee kleine 16e-eeuwse transeptarmen en een dakruiter. Deze delen overleefden de verwoesting van de kerk in 1573, waarna het schip en de toren in 1768 werden hersteld.
In 1809 werd de kerk gesplitst in een oostelijk (protestants) en een westelijk (rooms-katholiek) deel, een situatie die duurde tot de voltooiing van de Sint-Bartholomeuskerk in 1883. De kerk werd in 1916 gerestaureerd en uitgebreid met een driezijdige bakstenen koorsluiting. De inventaris omvat een midden-17e-eeuwse preekstoel.
Het schip van de kerk werd in 1913 uitgebreid omdat het te klein was geworden voor de groeiende gemeente. De eerste steen werd gelegd op 12 november 1913 en op 14 juni 1914 werd de vergrote kerk, met 50 zitplaatsen en een gerepareerd dak, feestelijk in gebruik genomen. Op het kerkhof rond de kerk bevinden zich 130 graven, waaronder twee oorlogsgraven. Ook het baarhuisje op het kerkhof, gebouwd in 1913-1914, is een rijksmonument.

Sociaal en Cultureel Leven in Voorhout
Naast de kerkelijke geschiedenis, kende Voorhout ook andere sociale en culturele ontwikkelingen. In de periode 1965-1966 hing een groep jongens rond bij de Nagelbrug en de 8-hoekige fontein op het Vuurtorenplein in Noordwijk. Ze lieten hun haren groeien en voelden zich aangetrokken tot de hippiebeweging, geïnspireerd door de hippies op de Dam in Amsterdam. Deze groep, bestaande uit Peter van der Werf, Nico Bakker, Tinus Zuidhoek, Cock Slobbe en Gerard Meijer, werd later aangevuld met Joop Brussee en Harry Bos. Duitse jongeren, de 'halbstarken', sloten zich soms tijdelijk bij hen aan. Peter deelde zijn vaardigheden in tatoeëren met een naald en inkt, wat tot onverwachte reacties bij terugkeer naar huis kon leiden.
Het dorp Voorhout zelf onderging economische veranderingen. Aan het begin van de twintigste eeuw verdiende de meerderheid van de bevolking hun geld in de bloembollenteelt. Tegenwoordig is dit aandeel aanzienlijk kleiner en is Voorhout een forensendorp geworden, met veel inwoners die buiten het dorp werken.
In 2006 fuseerde Voorhout met Sassenheim en Warmond tot de gemeente Teylingen. Ondanks de veranderingen blijft Voorhout een dorp met een rijke historie, waar het verleden en heden samenkomen.
