Geschiedenis van de Hervormde Kerk van Burgh

De geschiedenis van de Hervormde Kerk van Burgh is rijk en getuigt van veerkracht, met periodes van bloei, verwoesting en wederopbouw. De eerste kerk op deze locatie, vermoedelijk gebouwd in de 10e eeuw, was gewijd aan de heilige Willibrord en diende tot de Reformatie als rooms-katholiek kerkgebouw.

Vroege Geschiedenis en de Reformatie

Tot de Reformatie was de kerk rooms-katholiek. Vanaf 1576 tot 1661 deelde Burgh, in combinatie met Haamstede, een predikant. Deze samenwerking bleek echter geen succes, mede doordat Haamstede in die periode aanzienlijk groter en kapitaalkrachtiger was.

De Kruiskerk: Bouw en Vormgeving

De huidige bakstenen kruiskerk, gebouwd in de vorm van een Grieks kruis met lagere zijarmen, werd gebouwd in 1671/1674 aan de Burghseweg. Deze protestantse kruiskerk was de eerste in zijn soort op Schouwen en werd bekostigd door mr. Pieter de Huybert. De eerste steen werd gelegd op 25 mei 1671.

Architectonische schematische weergave van een Grieks kruis met zijarmen

Grafmonumenten en Hun Oorsprong

In de kerk bevinden zich diverse grafmonumenten van de familie De Huybert. Het grootste monument is dat van Jan de Huybert (1652-1701) en zijn vrouw Catharina Cornelia. Aan de wand tegenover de ingang bevinden zich de grafmonumenten van David de Huybert (1657-1700), burgemeester van Middelburg, en diens echtgenote Barbara Theodora van Willigen. Deze laatste is uit 1719 en werd vervaardigd door de Haagse beeldhouwer Johannes Blommendael (1645-1703). De grafmonumenten werden van 1789 tot 1923 uit de kerk verwijderd.

De grafmonumenten in het kerkgebouw van de Hervormde Gemeente Burgh zijn nauw verbonden met het Antwerpse atelier van de beeldhouwers Jan Pieter van Baurscheit de Oude (1669-1728) en zijn zoon Jan Pieter van Baurscheit de Jonge (1699-1768). Hoewel vader en zoon vergelijkbare monogrammen gebruikten en vaak samenwerkten, worden twee opvallende wandgraven toegeschreven aan Johannes Blommendael, en de andere twee aan Jan Pieter van Baurscheit de Jonge.

Het eerste epitaaf, circa 1719, is ter nagedachtenis aan David de Huybert. Dit wandgraf van zwart marmer met pilasters aan weerszijden bevat een Nederlandstalig grafschrift en de signatuur ‘PVBAURSCHEIT’ op de linker pilaster. De signatuur ‘S.C.I.F.’ op de rechter pilaster staat voor Sculptor (of Statuarius) Caesaris en Inventor (et) Fecit, wat wijst op zijn status als keizerlijke beeldhouwer en de eigen ontwerp- en uitvoeringskracht. Dit werk wordt in de literatuur vaak in verband gebracht met Jan Pieter van Baurscheit junior, hoewel hij destijds nog jong was. Onder de wandplaat bevinden zich symbolische elementen zoals een doodskop, zandloper, ornamenten, een wapenschild geflankeerd door leeuwen, een borstharnas, helm, kroon en een strijdbare figuur met zwaard.

Het tweede wandgraf, eveneens uit circa 1719, is opgericht ter ere van Barbara Theodora van Willigen, echtgenote van Pieter de Huybert (zoon van David de Huybert). Dit monument heeft een vergelijkbare vormgeving, maar in plaats van leeuwen zijn er twee naakte jongetjes die een gekroond wapenschild vasthouden. De grafmonumenten raakten zwaar beschadigd door de brand in 1924, maar konden gelukkig gerestaureerd worden.

Gedetailleerde foto van een van de grafmonumenten in de kerk

De Toren en zijn Geschiedenis

De kerktoren, gebouwd in de 17e eeuw, is een bakstenen westtoren. Op de vooruitspringende omgang staat een achtkant met een open koepel en een achtkantige spits. Op 5 januari 1945 werd de toren volledig verwoest na een precisiebombardement door een Engelse bommenwerper, gericht op de Duitse wachtpost die er gevestigd was. De toren is na de laatste opbouw in 1948 herbouwd naar afbeeldingen van voor 1924, met een spits gebaseerd op de oude vorm.

De Grote Brand van 1924

Op 25 september 1924 gingen de kerk en de toren grotendeels in vlammen op tijdens onachtzaamheid bij loodgieterswerkzaamheden. Een loodgieter liet tijdens de pauze zijn brander op het dak achter. De brand vernielde de fraaie torenspits met uurwerk en achttiende-eeuwse klok, het dak, de gebrandschilderde ramen, de ambachtsherenbank, de preekstoel en de kerkorgel. De epitafen werden zwaar beschadigd. Gelukkig werden de muren overeind gehouden en bleven de koperen kroon, bijbels, archief en avondmaalszilver gespaard. De ramp leidde ook tot de ontdekking van de grafkelder van de ambachtsheren.

De oorzaak van de brand was duidelijk: onvoorzichtigheid van loodgieters die aan de kerk hadden gewerkt. Ondanks de primitieve blusmiddelen en de toenemende wind, probeerden vele Burghenaren met emmers water tevergeefs de felle brand te bestrijden. De kerk bood na de brand een troosteloze aanblik, met een zwart geblakerde romp van de toren.

Illustratie van de verwoesting van de kerk na de brand van 1924

Herstel en Restauraties

De kerk werd in 1925 hersteld naar ontwerp van architect Hoogenboom. De herbouwde kerk werd op 17 juni 1926 in gebruik genomen. Na de verwoesting van de toren in 1945, kreeg deze een nieuwe spits. In 1993 kwam de restauratie van de epitafen gereed, en in 1999 werd een gereconstrueerd gebrandschilderd raam, ontworpen door Hoogenboom, onthuld. Dit raam bevat de wapens van de zes Zeeuwse steden en is een geschenk van Jonkheer Westpalm van Hoorn. De kerk onderging een tweede restauratie in 1973/74 en is nu onderdeel van de PKN-kerk.

De kerktoren is een bakstenen westtoren, een restauratie van de toren die in de 17e eeuw gelijktijdig met de kerk gebouwd werd. Op de vooruitspringende omgang staat een achtkant met een open koepel en een achtkantige spits.

De Orgels van de Hervormde Kerk Burgh

Het eerste orgel, uit 1905, ging verloren bij de grote brand in september 1924. Het tweede orgel was een Dekker-orgel, gefabriceerd in 1911 in Goes. Dit orgel werd na de brand aangekocht van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Zierikzee, maar ging verloren toen de kerktoren in 1945 gebombardeerd werd.

Het derde orgel werd in 1794 gefabriceerd door Albertus van Gruisen uit Friesland. Dit orgel stond eerder in de Hervormde kerk van Ee en de Veenkerk in Klazienaveen-Noord, waar het tijdens WOII zwaar beschadigd werd.

Bouwkundige Aspecten en Restauraties

De kerk is opgetrokken in baksteen metselwerk in kruisverband. Op de hoeken van de steunberen en als waterlijsten zijn blokken ledesteen aangebracht. De fundering bestaat voor een groot deel uit blokken Römer tufsteen, afkomstig van hergebruik van de waarschijnlijk Romaanse voorganger van het gebouw. De oorspronkelijke raamtraceringen zijn waarschijnlijk aan het begin van de 19e eeuw verwijderd. De grote ramen in de kopgevels zijn dichtgemetseld. De kapconstructie is bij een restauratie in het begin van de 20e eeuw aangepast, waarbij de trekbalken, gewelfbogen en muurstijlen in eiken zijn bewaard gebleven. De vloer van de kerkzaal is rond 1960 geheel opgenomen en op een betonvloer teruggebracht.

In 1998 is het dak van de kerk gerestaureerd, waarbij speciale gierzwaluwpannen werden aangelegd om een kolonie gierzwaluwen te sparen. Dit bleek een succes, met een terugkeer van ongeveer 30 broedparen in 1999.

Gedetailleerde foto van een gierzwaluwpannendak

De Hervormde Gemeente Burgh en de PKN

De Hervormde Gemeente Burgh maakt deel uit van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN), die op 1 mei 2004 is ontstaan uit de fusie van de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelisch-Lutherse Kerk. Er zijn plannen om een predikantenbord te maken, met informatie verzameld door Arie Damman en Huib Uijl, dat begint met de eerste predikant uit 1661 en eindigt met de laatste die in 2020 afscheid nam.

Specifieke Bouwkundige Elementen

In het begin van de 19e eeuw schonk koning Lodewijk Napoleon een houten koorschot met beschildering als afscheiding tussen het schip en het transept. De kerkzaal bestaat uit een driebeukig schip van vijf traveeën onder een houten tongewelf in de middenbeuk en halve houten gewelfbogen in de zijbeuken. De kolommen zijn opgetrokken in baksteen met speklagen in tufsteen en een basement en koolbladkapitelen in ledesteen. Het transept is ingedeeld in een Winterkerk, consistorie, keuken en toiletruimten.

De kerk is opgetrokken in baksteen metselwerk in kruisverband. Op de hoeken van de steunberen en als waterlijsten zijn blokken ledesteen aangebracht. De fundering bestaat voor een groot deel uit blokken Römer tufsteen, afkomstig van hergebruik van de waarschijnlijk Romaanse voorganger van het gebouw. Bij de restauratie bleek de tufsteen ook te zijn toegepast als speklaag in het metselwerk van de binnengevels en als onderdorpels onder de ramen.

De oorspronkelijke raamtraceringen en montants van de huidige kerkzaal zijn waarschijnlijk al aan het begin van de 19e eeuw verwijderd of vernield en vervangen door houten ramen. De grote ramen in de kopgevel aan de westzijde en de beide kopzijden van het transept zijn dichtgemetseld. De montants van de ramen van de zijbeuken in de westgevel zijn bij een restauratie in het begin van de 20e eeuw vervangen door een enkele middenmontant in beton.

De kapconstructie is bij de restauratie in het begin van de 20e eeuw aangepast. De trekbalken, gewelfbogen en muurstijlen in eiken zijn bewaard gebleven. De dakbedekking, oorspronkelijk uitgevoerd met leien, is vervangen door verbeterde Hollandse pannen. De vloer van de kerkzaal is bij een restauratie rond 1960 geheel opgenomen en op een betonvloer teruggebracht.

Bijzonderheden en Historische Objecten

Een koperen kroon, ongeveer uit 1660, is een opvallend object in de kerk. De kroonluchters zijn ambachtelijk vervaardigd door de familie Van Vliet. De oude luidklok, gegoten door Jacob Waghevens in 1532, is na inbeslagname tijdens de Tweede Wereldoorlog teruggekeerd in de kerk en geplaatst in een klokkestoel.

Het stenen doopvont, van Romaanse afkomst en daterend van vóór 1250, werd per schip uit de Vogezen naar Haamstede vervoerd. Na diverse omzwervingen, waaronder als voerbak voor vee, werd het in 1937 in de kerk geplaatst.

De preekstoel dateert uit 1600 en staat op de voet van een doopvont. Op de preekstoel bevindt zich een massief koperen lezenaar, vermoedelijk uit de 17e eeuw. De avondmaalstafel is vervaardigd uit eikenhout dat vrijkwam bij de restauratie in 1937. Zilveren schotels en bekers, deels daterend uit 1655, maken deel uit van het avondmaalsstel.

Het houten koorschot, geschonken door koning Lodewijk Napoleon in 1809, bevat beschilderingen die de christelijke deugden geloof, hoop en liefde symboliseren. De ambachtsherenbank, vervaardigd in 1743, is een bijzondere zitplaats voor de heren van Haamstede.

tags: #hervormde #kerk #burgh