De rol van de predikantsvrouw: traditie, verandering en identiteit

Inleiding: De hervormde predikantsvrouwencontio op gereformeerde grondslag

De hervormde predikantsvrouwencontio op gereformeerde grondslag organiseert jaarlijks een studiedag om de veranderende rol van predikanten en hun echtgenotes in kerk en samenleving te bespreken. Deze bijeenkomsten bieden een platform voor uitwisseling van ervaringen en adviezen, met aandacht voor zowel de uitdagingen als de kansen die gepaard gaan met het leven in de pastorie.

Prof. dr. W. Verboom, emeritus hoogleraar aan de Leidse universiteit, spreekt op de vijftigste hervormde predikantsvrouwencontio op gereformeerde grondslag.

Het geloofsleven in de pastorie: mooie en minder mooie kanten

Professor dr. W. Verboom, emeritus hoogleraar aan de Universiteit Leiden, sprak op de vijftigste hervormde predikantsvrouwencontio op gereformeerde grondslag in De Aker te Putten. Hij belichtte het geloofsleven in de pastorie, dat zowel positieve als negatieve aspecten kent.

Tot de positieve aspecten rekende hij de betrokkenheid bij het heil van mensen, de mooie gebeurtenissen binnen de kerk, de deelname aan gemeentelijke activiteiten en het leven dicht bij het Woord. Echter, het leven in de pastorie kent ook minder aangename kanten.

Belang van goede communicatie en balans

Professor Verboom benadrukte het belang van effectieve communicatie binnen drie cruciale relaties: de gemeente, het huwelijk en het gezin. Hij stelde dat een goede balans essentieel is om elk van deze gebieden voldoende aandacht te geven.

Gevaren en uitdagingen in het predikantschap

Als potentiële gevaren noemde de hoogleraar de werkdruk van de predikant en de spanning tussen ambtelijk werk en gezinsleven. Ongelijkheid tussen de principes van de christelijke gemeente en de praktische realiteit in het predikantsgezin kan volgens hem funest zijn. Een voorbeeld hiervan is wanneer de kerkenraad een artikel over samenwonen in het kerkblad plaatst, terwijl een kind van de predikant kort daarna aankondigt te gaan samenwonen.

De veranderde positie van de predikantsvrouw

De hoogleraar wees ook op de veranderde positie van de predikantsvrouw, mede door de emancipatiebeweging. Predikantsvrouwen hebben vaak een eigen werkkring, wat voldoening kan geven maar ook extra complicaties met zich meebrengt in het relationele netwerk. Dit kan leiden tot een mismatch tussen de verwachtingen van de gemeente en het predikantsgezin. Terwijl de gemeente verwacht dat de predikantsvrouw bijvoorbeeld de vrouwenvereniging leidt, ziet zij dit mogelijk niet als haar taak. Zonder oplettendheid kunnen hierdoor communicatieproblemen ontstaan en kan er veel "scheef groeien".

Ruimte voor domineespubers

Professor Verboom pleitte ook voor ruimte voor "domineespubers", zodat zij niet in een keurslijf gedwongen worden. Hij riep op om niet te schuchter te zijn wanneer hun geloofsleven een andere expressie heeft dan dat van de ouders. "Laat je niet van de wijs brengen," aldus Verboom.

Eigen identiteit voor de predikantsvrouw

Ds. H. J. Oortgiesen, hoofd opleiding en werkbegeleiding bij de Dienst KTO van het Landelijk Dienstencentrum van de SoW-kerken, adviseerde predikantsvrouwen om authentiek te zijn en uit te komen voor hun eigen mening. Hij benadrukte dat er over het algemeen meer ruimte is voor gevoelens en belevingen, en spoorde hen aan om grenzen te stellen en niets te doen wat ze zelf niet willen.

Een studiedag van de hervormde predikantsvrouwencontio op gereformeerde grondslag in Ede.

De predikantsvrouw als eigen individu

Ds. Oortgiesen constateerde dat ook in hervormd-gereformeerde kringen predikantsvrouwen meer voor zichzelf opkomen. Ze willen niet langer alleen maar "vrouw zijn van", maar ook een eigen identiteit hebben. Hij ziet dat steeds meer jonge predikantsvrouwen hun eigen baan willen voortzetten, geheel of gedeeltelijk, wat hij een gunstige ontwikkeling vindt. Volgens hem mogen ook de gaven en talenten die de predikantsvrouw ontvangt, voluit gelden als een roeping.

Functioneel denken en realistische verwachtingen

Er is binnen de kerk sprake van meer functioneel denken, waardoor de verwachtingen ten aanzien van de predikantsvrouw minder hooggespannen zijn. Dit wordt als realistischer beschouwd, aangezien velen zelf ook een werkende partner hebben met een eigen vak.

Aanbevelingen voor vreugde en betrokkenheid

Ds. Oortgiesen deed diverse aanbevelingen om "het vol te houden met vreugde en betrokkenheid". Hij moedigde predikantsvrouwen aan om leuke dingen samen met hun man te doen, wat bijdraagt aan een goede afwisseling van werk en vrije tijd.

Primaire verantwoordelijkheid en kritisch gemeentelid

De predikant benadrukte dat de eerste verantwoordelijkheid in het gezin ligt. Een predikantsvrouw dient in de eerste plaats een goede partner en echtgenote voor haar man te zijn. Ze zou het meest solidaire en kritische gemeentelid moeten zijn, niet in het openbaar, maar wel thuis.

Geen goedkope hulpkracht en eigen basis

Predikantsvrouwen zijn volgens ds. Oortgiesen niet primair een goedkope hulpkracht in de gemeente. Hij adviseerde hen om niet volledig afhankelijk te zijn van de predikant. Voor het geval de echtgenoot om welke reden dan ook geen predikant meer zou zijn, is het belangrijk om iets voor zichzelf te hebben, zoals een hobby, cursus, sport of opleiding. Dit draagt bij aan de ontwikkeling van een eigen identiteit en voorkomt dat alle energie uitsluitend in de kerk gaat zitten.

Gelijke verantwoordelijkheden als gemeentelid

Tegelijkertijd wees hij erop dat het niet goed is om naar de andere kant door te slaan. Predikantsvrouwen zijn gemeentelid met dezelfde verantwoordelijkheden als elk ander gemeentelid, niet meer en niet minder.

De veranderende rol van de predikant en de persoonlijkheid

Ds. Oortgiesen merkte op dat de nadruk steeds meer komt te liggen op de persoon van de pastor. Waar vroeger het ambt de persoon droeg, draagt nu de persoon het ambt. Eigen identiteit en authenticiteit, inclusief het persoonlijke geloof van de pastor, zijn van essentieel belang geworden.

Protocollering van pastorale dienstverlening

Hij wees op het belang van het protocolleren van pastorale dienstverlening, vergelijkbaar met hoe huisartsen en psychologen dit doen voor diagnoses en behandelingen. Hij suggereerde dat predikanten hierover als beroepsgroep eens zouden moeten praten, aangezien zij vaak "maar wat doen".

Innerlijke distantie en aandacht voor gezin

Ds. Oortgiesen, in navolging van ds. R. Kaptein, stelde dat de predikant te veel opgaat in zijn werk en te weinig aandacht heeft voor vrouw en kinderen. Dit kan worden opgelost als hij het werk met iets meer innerlijke distantie doet.

Ervaringen van predikantsvrouwen in groepsgesprekken

Tijdens groepsgesprekken kwam naar voren dat predikantsvrouwen een aparte positie ervaren in het pastorieleven, wat invloed heeft op hun eigen geloofsleven. Er werd aangegeven dat er niet altijd rechtstreeks met hen wordt gecommuniceerd, maar dat communicatie achter hun rug om plaatsvindt. Dit kan leiden tot een gevoel van isolement, zelfs ten opzichte van God.

Aan de andere kant werd ook gemeld dat het pastorieleven juist dicht bij God kan brengen.

Verstrengeling van privé en werk

De verstrengeling van privéleven en werk, zelfs tijdens vakanties, ervaren veel predikantsvrouwen als zwaar. Een van de aanwezigen reageerde hierop met de opmerking dat men dan "weg moet wezen". Ds. Oortgiesen deelde zijn eigen ervaringen, waarbij hij aangaf in het begin van zijn predikantschap tijdens vakanties dagelijks de scriba belde en later zijn adres zelfs niet meer achterliet, omdat dit te veel druk legde.

Alleen staan 's avonds en op zondag

Het alleen staan in de avonduren en op zondag valt niet elke predikantsvrouw gemakkelijk, zeker niet met opgroeiende kinderen. Ds. Oortgiesen merkte in dit verband op dat predikanten op zondag wat meer thuis zouden moeten zijn en ook veel meer onder het gehoor van collega's zouden moeten zitten om het geloofsperspectief van een ander te horen.

Geloof in een seculiere wereld en religieuze onzekerheid

Ds. C. Van Duijn, predikant van de hervormde gemeente in Gouda, sprak op de hervormde predikantsvrouwencontio over het thema "Geloven in een seculiere wereld, op het grensvlak van geloof en ongeloof". Hij stelde dat geloof in een seculiere wereld geen vanzelfsprekendheid meer is en dat individualisme de nieuwe religie is geworden.

Hij stelde vragen over de invloed van de tijd en de wereld op het denken en persoonlijk geloof, de redenen waarom gezinsleden verschillend betrokken zijn bij het geloof, en hoe men christen kan zijn in deze tijd, met verwijzing naar de Bijbel en kerkgeschiedenis.

Secularisatie als proces

Secularisatie schetste hij als een proces van ontkerkelijking en afnemende invloed van het christelijk geloof op het openbare en persoonlijke leven. Hoogleraar dr. Herman Paul uit Groningen zal zich de komende jaren met dit onderwerp bezighouden.

Kritiek op de 'verlammende werking' van secularisatieverhalen

Ds. Van Duijn refereerde aan het boek "Marginaal en missionair" van dr. W. Dekker en waarschuwde, in navolging van dr. Paul, dat veel verhalen over secularisatie en kerkverlating een verlammende werking kunnen hebben op gemeenteleden. Hij betwijfelde of secularisatie een onomkeerbaar proces is en stelde dat de wetenschap niet het laatste woord heeft gehad over het geloof.

Religieuze onzekerheid en openheid

Met de Canadese filosoof Charles Taylor stelt ds. Van Duijn dat er naast het traditionele geloof meer alternatieve religieuze stromingen zijn, zoals het areligieuze humanisme en het humanisme gericht op eigen geluk. Hij concludeerde dat we leven in een tijd van religieuze onzekerheid en openheid, waarin God als heilige en persoonlijke God wel uit beeld verdwijnt, terwijl begrippen als zonde en schuld onbekend worden.

Minimalisme en twijfel als levenshouding

Hij noemde het boek "Flirten met God" van Koert van der Velde, dat religiositeit zonder geloof beschrijft, als een voorbeeld van minimalisme. Voor iemand als Van der Velde is het geloof voorbij en is twijfel de levenshouding geworden.

De Schrift als basis voor geloof

Ds. Van Duijn is het met Taylor eens dat de klassieke benadering van secularisatie niet klopt. Hij benadrukte dat, op grond van de Schrift, Gods Naam van generatie op generatie zal worden voortgeplant, en dat geloven in een seculiere wereld met vallen en opstaan achter Jezus aan is.

Workshops en themadagen

Na de lezing werden drie workshops gehouden:

  • Dr. J. A. van den Berg, missionair predikant te Groningen, liet predikantsvrouwen aan de hand van 36 uitspraken aangeven in hoeverre deze voor hen persoonlijk gelden.
  • Drs. Margriet van der Kooi-Dijkstra uit Driebergen ging in op haar boek "Als kinderen andere wegen gaan".
  • De uit Pakistan gevluchte familie Lawrence deelde hun ervaringen over wat geloven in een moslimwereld betekent.

Rusteloosheid en de plek van God

Ds. N. M. (Niek) Tramper sprak op de hervormde predikantsvrouwencontio over het thema "Stil bij U - de plek die God mij geeft", gebaseerd op Psalm 62. Hij beschreef hoe de rusteloosheid diep in de tijdgeest verankerd is, wat het moeilijk maakt om aandachtig te leven en voedsel te vinden voor de ziel.

Hij stelde de vraag of dit de reden is waarom we steeds minder bij de woorden van Psalm 62 kunnen komen, mogelijk door de eisen die het leven stelt en de vermoeidheid die dit met zich meebrengt. Dit raakt ook de plek van de vrouw in de pastorie.

Onrust: van alle tijden, maar anders

Ds. Tramper betoogde dat onrust van alle tijden is, net als rusteloosheid en verveling. Hij definieerde moderne verveling echter als de angst dat het leven niet gelukkig of spannend genoeg is, wat leidt tot een voortdurende zoektocht naar avontuur.

Tegencultuur in de pastorie

Hij vroeg zich af of we in staat zijn om in het dagelijks leven in de pastorie een tegencultuur te vormen: een veilige plek creëren waar met aandacht wordt geleefd en waar de ziel kan ademhalen. "Stil worden bij God betekent dat we eerlijk worden voor Hem en al onze pijn, ons gevoel van falen, onze moeheid en onze schuld voor Hem uitstallen."

Spanning tussen individuele ontplooiing en dienstbaarheid

Ds. Tramper identificeerde de spanning tussen individuele ontplooiing en dienstbaarheid als een reden waarom de rol van predikantsvrouw ingewikkeld is geworden. Hij vroeg zich af hoe men zich schikt in de traditionele rol om er te zijn voor man en gezin, en hoe persoonlijke verlangens gecombineerd kunnen worden met beschikbaarheid in de pastorie. Innerlijke onzekerheid kan hierdoor ontstaan, evenals problemen met het omgaan met verwachtingspatronen.

Assertieve gemeenten en theologische voorkeuren

Hij signaleerde ook de spanning die de gemeente meebrengt, aangezien kerkelijke gemeenten assertiever zijn geworden. Predikanten moeten aan diverse verwachtingspatronen voldoen, en gemeenteleden steken hun kerkelijke of theologische voorkeuren niet onder stoelen of banken. Charismatische figuren en spannende leiders scoren beter dan dienaars, en deze spanning gaat de pastorie niet voorbij.

Handreikingen voor een aandachtig leven

Ds. Tramper bood handreikingen voor een aandachtig leven, waaronder:

  • Een klein ritueel, een heilig gebruik dat betekenis geeft aan het alledaagse leven.
  • Patronen waarin de genade van het gebed nodig is.
  • Het zoeken van momenten van stilte, omdat pas in rust ontvankelijkheid en aandachtig luisteren mogelijk is.

"De oefening in de stilte brengt vruchten voort," aldus ds. Tramper. De plek die God ons geeft is volgens hem een wachtpost, waarin God ons leert wachten en waken. Wachten vereist vertrouwen.

De grondslag van kerken: HHK, PKN en de gereformeerde traditie

De discussie over de grondslag van kerken zoals de Hersteld Hervormde Kerk (HHK) en de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) is complex. Een PKN-er mag zich naast de grondslag ook gereformeerd of luthers noemen, maar iemand die een convenant onderschrijft, valt officieel onder een specifieke grondslag.

De HHK is onder andere ontstaan door de verandering van de grondslag van de Nederlandse Hervormde Kerk (NHK). De kerkorde van 1951 van de NHK luidde in artikel 10 (in de kern): "In dankbare gehoorzaamheid aan de Heilige Schrift als de bron der prediking en enige regel des geloofs doet de gehele Kerk, ook in haar ambtelijke vergaderingen, in gemeenschap met de belijdenis der vaderen en in het besef van haar verantwoordelijkheid voor het heden, strekkende naar de toekomst van Jezus Christus, belijdenis van de zelfopenbaring van de Drie-enige God."

Vorming van de PKN

Na een langdurig proces van overleg en toenadering tussen delen van de NHK, Gereformeerde Kerken in Nederland (GKN) en Evangelisch-Lutherse Kerk (ELK) is de PKN gevormd als voortzetting van deze drie kerken.

Kerkorde van de PKN

In de kerkorde van de PKN is in artikel 1 (in de kern) verwoord: "Betrokken in Gods toewending tot de wereld, belijdt de kerk in gehoorzaamheid aan de Heilige Schrift als enige bron en norm van de kerkelijke verkondiging en dienst, de drie-enige God, Vader, Zoon en Heilige Geest. Het belijden van de kerk geschiedt in gemeenschap met de belijdenis van het voorgeslacht, zoals die is verwoord in de Apostolische geloofsbelijdenis, de geloofsbelijdenis van Nicea en de geloofsbelijdenis van Athanasius - waardoor de kerk zich verbonden weet met de algemene christelijke Kerk-, in de Onveranderde Augsburgse Confessie en de catechismus van Luther - waardoor de kerk zich verbonden weet met de lutherse traditie-, in de catechismus van Heidelberg, de catechismus van Geneve en de Nederlandse geloofsbelijdenis met de Dordtse leerregels - waardoor de de kerk zich verbonden weet met de gereformeerde traditie. De kerk erkent de betekenis van de theologische verklaring van Barmen voor het belijden in het heden."

Verbinding met de gereformeerde traditie binnen de PKN

Ieder lid van de PKN valt onder deze kerkorde. Om tegemoet te komen aan bezwaren van orthodoxe, met name hervormde leden, is in ordinantie 1 uitgesproken dat het mogelijk is om zich bijzonder verbonden te weten met de gereformeerde traditie. Het moderamen van de synode heeft een Verklaring opgesteld waarin kerkenraden zich gebonden weten aan de gereformeerde belijdenis en alles weerspreken en weren wat met dit belijden in strijd is.

Het convenant van Alblasserdam

Het convenant van Alblasserdam heeft dezelfde doelstelling als de Verklaring, namelijk het behoud van de eenheid in gemeenten en kerk, maar gaat in bepaalde opzichten verder, zoals het verwerpen van Barmen en Leuenberg.

tags: #hervormde #predikantsvrouwencontio #op #gereformeerde #grondslag