De Geschiedenis van de Lutherse Gemeente in Harlingen

Hoewel het tegenwoordige lutherse Jaarboek de provincie Friesland slechts vermeldt met de evangelisch-lutherse gemeente in Leeuwarden, kende Harlingen in de zeventiende eeuw een bloeiende lutherse gemeenschap. De instroom van lutheranen was divers: velen kwamen uit Duitsland als seizoens- en vak arbeiders, sommigen dienden als militair in het leger van de Friese stadhouder, terwijl anderen via handel en scheepvaart vanuit het zuiden naar Friesland trokken. Daarnaast studeerden lutherse studenten uit Scandinavië aan de universiteit van Franeker. Deze stromingen leidden tot de vestiging van lutheranen binnen de stadsgrenzen van zowel Harlingen als Leeuwarden.

De Vroege Jaren en Uitdagingen

Sinds 1650 kent Harlingen een lutherse gemeente. De eerste predikanten die in de geschiedenisboeken worden vermeld, zijn Jacob Taube (1667-1668) en Arnold Lenderick (1668-1669). In de korte periode dat zij Harlingen dienden, waren zij tevens verbonden aan de lutherse gemeente in Leeuwarden, wat hen een drukke agenda bezorgde. In 1670 ging Leeuwarden zelfstandig verder, wat aanzienlijke gevolgen had voor de lutheranen in Harlingen. Zij moesten zich aanvankelijk behelpen met lekenpredikers, ook wel voorlezers genoemd, en kerkten veelal thuis bij gemeenteleden.

Een ware ramp trof de gemeente rond 1680 met de komst van een predikant die zich niet hield aan de Tien Geboden. Hoewel hij in de geschiedschrijving wordt doodgezwegen, zamelde deze geestelijke geld in voor de aankoop van een kerkgebouw, maar ging er vervolgens met het kapitaal vandoor. Het duurde jaren voordat de Harlinger lutheranen voldoende middelen hadden om een eigen gebouw te kunnen aanschaffen. Tot die tijd, vanaf 1710, huurden zij een pand aan de Wortelhaven, nu de Simon Stijlstraat.

De tegenspoed was nog niet voorbij. In 1714 kreeg de gemeente eindelijk weer een eigen predikant, Johannes Brechlauw. Helaas kwam hij binnen vier jaar om het leven door een tragisch ongeval. In 1718 verdronk Brechlauw toen hij schaatsend terugkeerde uit Workum, waar hij enkele lutheranen had bezocht, en in een wak reed.

Groei en Terugval

Begin 1700 telde de Harlinger gemeente ongeveer 150 zielen. Vanwege haar beperkte middelen moest zij vaak genoegen nemen met jonge predikanten die Harlingen zagen als een opstap naar meer invloedrijke posities, zoals in het lutherse Kampen, dat toen al een kerkenstad was.

Het ledental vertoonde soms een dalende tendens. Op het dieptepunt, in 1877, had de evangelisch-lutherse gemeente Harlingen nog slechts 24 leden. Echter, toen de hervormde gemeente ter plaatse een meer orthodoxe koers ging varen, stapten veel hervormden over naar de lutheranen. In 1879 vertienvoudigde het ledental zich, onder leiding van ds. Mari Johan Mees.

Een oude prent van de stad Harlingen met de haven

Materiële Bewijzen en Invloedrijke Predikanten

In Harlingen zijn nog steeds tastbare bewijzen te vinden van de beginperiode van de lutheranen. Het Museum Hannemahuis bezit een in leer gebonden kanselbijbel van ds. Caspar Theodor Schaeffer (1739-1743). De lutherse gemeente in Leeuwarden bewaart een zilveren beker en bord van Klaas Dirk Rave, de man die in 1765 de eerste steen legde voor de nieuwbouw van de kerk die in 1774 werd opgeleverd.

Een bijzonder invloedrijke figuur was ds. Johan Wilhelm Feritz, die van 1762 tot 1799 als luthers predikant in Harlingen diende. Gedurende zijn ambtsperiode doopte hij 432 kinderen, gaf hij de aanzet tot de kerknieuwbouw en wist hij de benodigde financiën hiervoor te verwerven. Feritz stierf in 1799, na een periode van ziekte die hem dwong hulp te zoeken in zijn dienstwerk.

Op dat moment vormden de lutheranen de vierde geloofsgemeenschap van de stad, na de hervormden (5427 leden), katholieken (1128 leden) en doopsgezinden (582 leden). De joden telden 83 leden.

De Afsplitsing en Hereniging

Ondanks de relatieve kleinheid van de gemeente, ontstonden er op een bepaald moment twee lutherse gemeenten in Harlingen. In 1791 ontstond in Amsterdam een hersteld evangelisch-lutherse gemeente, voortkomend uit een geschil over de aard van Jezus Christus. Sommigen beschouwden Hem als een bijzonder mens, in plaats van goddelijk. Dit vrijzinnige standpunt leidde tot een breuk, die in 1800 ook in Harlingen tot een scheuring resulteerde. Deze scheiding duurde tot februari 1952, waarna de lutheranen landelijk, en ook in Harlingen, weer gezamenlijk verder gingen.

Fusie en Voortleven

Gebrek aan financiële middelen en een teruglopend ledental boden uiteindelijk te weinig toekomstperspectief voor een zelfstandige plaatselijke gemeente. In 1972 besloot de lutherse synode dat de Harlingers moesten fuseren met Leeuwarden. Het kerkgebouw aan de Simons Stijlstraat werd omgebouwd tot een winkel met daarboven appartementen. De enige overgebleven kerkbank uit de kerk bevindt zich nu in het Hannemahuis.

Opmerkelijk is dat diverse andere Friese plaatsen een link met Harlingen behielden. Zo was Balk een 'filiaal' waar de predikant van Harlingen in 1730 en die van Leeuwarden in 1754 de sacramenten bedienden. In 1830 woonden er in Balk nog negen lutherse leden. Ook in Den Helder (1852-1881) en Workum (1841-1880) waren afdelingen van de Harlinger gemeente actief.

De geschiedenis van luthers Harlingen is doorspekt met opmerkelijke verhalen, van een dominee die wegens krankzinnigheid werd afgezet tot kerkdiensten in de winter waarbij het zó koud was dat kerkgangers massaal wegblijven. Harlingen leeft nu voort als de 'kring Harlingen' binnen de evangelisch-lutherse gemeente Leeuwarden, waarbij de verhalen van vroeger voortleven.

Ferdinand Domela Nieuwenhuis en de Kerkbouw

Mogelijk de bekendste lutherse predikant die in Harlingen heeft gestaan, was Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1846-1919). Hij diende de gemeente vanaf 1870, zij het voor korte tijd. Desondanks blijft de naam van deze latere socialistische voorman verbonden aan luthers Harlingen. Verder is vermeldenswaard dat het nog bestaande voormalige lutherse kerkgebouw in 1879 werd gebouwd in een opvallende Engelse neogotische Tudorstijl.

Met dank aan Nico P. Pellenbarg, scriba van de lutherse gemeente in Leeuwarden, die over dit onderwerp recent een artikel publiceerde in het blad Oud Harlingen.

tags: #lidmaatschap #lutherse #kerk #harlingen