Invloed en interpretatie van de Statenvertaling in het Nederlands

De Statenvertaling: een historische context

Het Oude Testament bevat talloze leefregels die vreemd overkomen op ons in de 21ste eeuw, en straffen die elkaar overtreffen in gruwelijkheid. Voor velen zijn ook die woorden het woord van God, overgebracht door Mozes.

De Nederlandse taal is diepgaand beïnvloed door Bijbelse uitdrukkingen, gezegden en woorden. Met name de Statenvertaling - gemaakt in opdracht van de Staten-Generaal en voltooid in 1637 - uniformeerde het Nederlands en doorspekte onze taal met nieuwe woorden en woordcombinaties.

Eerste druk van de Statenvertaling uit 1637

Nicoline van der Sijs, hoogleraar Historische taalkunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen, stelde dat ongeveer de helft van de Bijbelse uitdrukkingen, gezegden en woorden letterlijk in de Nederlandse taal terecht is gekomen. De andere helft - bijvoorbeeld zondebok, iets met de mantel der liefde bedekken of een ongelovige Thomas - zijn niet-letterlijk overgenomen taalconstructies.

De directe invloed van de Statenvertaling op het Nederlands behoeft nog een andere kanttekening, namelijk dat er ook sprake is van minder directe beïnvloeding. Zo is ‘tocht der tochten’ als benaming voor de Elfstedentocht - als ‘de grootste tocht’ in zijn soort - feitelijk ook beïnvloed door Bijbeltaal.

Overigens stelde Van der Sijs in maart 2014 in haar oratie ‘De voortzetting van de historische taalkunde met andere middelen’, dat de invloed van de Bijbel op de Nederlandse taal in het verleden te zeer overdreven is. De Statenvertaling leverde nieuwe woorden en uitdrukkingen op, maar had op de spelling en grammatica geen blijvende invloed. Uit Van der Sijs’ computeranalyse bleek dat de Statenvertaling al bij haar verschijning in 1637 ouderwets was qua taalgebruik.

Woorden en uitdrukkingen uit de Statenvertaling

Een overzicht van alle woorden in de Statenvertaling, met verwijzingen naar de plaatsen waar de woorden in de tekst van de Bijbel voorkomen. Opmerkelijk is dat in het Oude Testament twee keer zoveel verschillende woorden gebruikt worden als in het Nieuwe Testament. Voor een deel zal dat komen omdat in het OT veel meer plaatsen en personen genoemd worden. Sommige boeken in het NT lijken veel op elkaar, zoals bijvoorbeeld Marcus en Mattheüs. De kortste woorden zijn de eenletterige woorden o en u. Gelet op het aantal verzen is Psalmen 119 het langste hoofdstuk.

De volgorde van onderstaande top 100 van Bijbelse uitdrukkingen, gezegden en woorden is puur de smaak van de redacteur. Omdat er veel meer dan 100 Bijbelse zegswijzen zijn, was een kritische selectie onvermijdelijk. De lijst is dan ook niet compleet.

Voorbeelden van Bijbelse uitdrukkingen en hun betekenis:

  • 'een hoofd des hoeks': een hinderlijk/ergerlijk iets of iemand (1 Petrus 2:7).
  • 'Het is volbracht!': de taak is afgerond, de klus is geklaard - een van de zeven kruiswoorden van Jezus van Nazareth (Johannes 19:30).
  • 'een verstandig, wijs besluit / oordeel': zie het verhaal over de baby in 1 Koningen 3:16-28.
  • 'iets kost je heel veel': naar de ‘rib van Adam’, waaruit God Eva maakte.
  • 'vijftig jaar worden': Daniël 5:25.
  • 'een ander woord voor homoseksualiteit': Genesis 19:5.
  • 'je begrijpt elkaar niet': Genesis 11:7-9.
  • 'de oorzaak of schuld bij jezelf zoeken': Exodus 4:6.
  • 'wat je bezighoudt, daar praat je over, en omgekeerd: waarover je praat, dat leeft in je hart': Mattheüs 12:34.
  • 'kijk eens hoe hard de mieren werken, lamzak!': Spreuken 6:6.
  • 'zichzelf onschuldig verklaren': Mattheüs 27:24 en Deuteronium 21:6-9.
  • 'zorgen voor je broer of zus, goed op anderen passen': Genesis 4:9.
  • 'helemaal niets veranderen, of: het allerkleinste nog niet begrijpen': De tittel en jota zijn de twee kleinste tekens uit het Hebreeuwse en Griekse alfabet. Bekend geworden als gezegde: ‘ergens geen (tittel of) jota van snappen’ (Mattheüs 5:18).
  • 'wordt gezegd als iemand ineens binnen komt vallen in een ruimte en betekent zoiets als ‘Waar kom jij nu vandaan?’': 2 Koningen 5:25.

De Statenvertaling versus de Herziene Statenvertaling

De Statenvertaling bevat in de huidige edities (GBS, Jongbloed, Den Hertog) verouderde woorden. De GBS heeft veel van deze woorden in een afzonderlijke woordenlijst opgenomen achterin de school- en zakbijbels. In de Herziene Statenvertaling (HSV) zijn deze woorden vervangen. Dit is in veel gevallen terecht. Het vervangen van verouderde woorden is in de negentiende eeuw begonnen en ook in de GBS-uitgaven komen veel oude woorden niet meer voor, zoals ‘wijf’, ‘perikel’ en ‘exempel’.

Helaas is de Herziene Statenvertaling veel verder gegaan dan het vervangen van verouderde woorden, naamvallen en enkele onnodig moeilijke zinsconstructies. Ook niet-verouderde woorden zijn (onnodig) aangepast. Zinnen die vaak nauw aansluiten op het Hebreeuws en Grieks, zijn herschreven en staan daardoor dikwijls verder van de grondtekst af.

Argumenten en bezwaren tegen de Herziene Statenvertaling

Tegenover de genoemde argumenten vóór de Herziene Statenvertaling staan belangrijke argumenten en bezwaren tégen deze vertaling, tenminste wanneer wij deze vertaling vergelijken met de Statenvertaling.

In het Oude Testament komen we veel Hebreeuwse spreekwijzen tegen. Bijvoorbeeld spreekwijzen met het woord ‘aangezicht’. Wel maakt de herziening onderscheid tussen het ‘aangezicht’ bij mensen en het ‘aangezicht’ van God. In het laatste geval is niet hertaald. Daardoor gebeurt het dat uitdrukkingen die in het Hebreeuws volledig identiek zijn, in het ene geval wel hertaald zijn, en in het andere geval niet.

Ook veel andere Hebreeuwse spreekwijzen zijn hertaald. Zelfs een eenvoudige uitdrukking als ‘het wildbraad was naar zijn mond’ is geworden: ‘omdat hij graag wildbraad at’ (Gen. 25:28). Het ‘brood der smarten’ is geworden: ‘brood [waarvoor u] moet zwoegen.’ (Ps. 127:2). In Psalm 2:6 en andere plaatsen is ‘de berg Mijner heiligheid’ geworden: ‘Mijn heilige berg’. Dit ondanks de welbewuste keuze van de statenvertalers om dit onveranderd naar het Hebreeuws weer te geven.

In enkele gevallen is de hertaling ten koste gegaan van de betekenis. Zo vinden we in de psalmen diverse malen ‘de stem mijner smekingen’, bijvoorbeeld in Psalm 86:6 en 130:2. In de HSV is dit gewijzigd in ‘mijn luide smeekbeden’. Met ‘luid’ heeft het woord ‘stem’ in deze teksten echter niets te maken. Het woord ‘stem’ heeft hier eenvoudig betrekking op een verzoek of bede, of de woorden van die bede, zoals ook in het eerste deel van Psalm 130:2: ‘Hoor naar mijn stem’. Ook een onhoorbaar uitgesproken gebed mag worden genoemd ‘de stem mijner smekingen’. Iedereen die de Statenvertaling met enige regelmaat leest, zal dergelijke uitdrukkingen leren begrijpen en zich eigen maken.

De statenvertalers hadden echter een andere opdracht. Uitdrukkelijk was in 1618 op de Dordtse Synode bepaald dat zij de uitdrukkingen van de oorspronkelijke talen, voor zover de Nederlandse taal dit toeliet, dienden te bewaren. Dat is beslist een heel ander uitgangspunt dan te streven naar gebruikelijk Nederlands!

De keerzijde van een minder letterlijke vertaling is dat de vertaler genoodzaakt is om meer interpretatie in zijn vertaling te verwerken. Dit is voor het vertalen van de Bijbel een belangrijk bezwaar. Het vertalen van de Bijbel kan niet worden vergeleken met het vertalen van een gewoon boek. Het gaat hier immers om een geïnspireerde tekst, terwijl de tekst bovendien dikwijls meerdere betekenissen kent en op meerdere manieren kan worden uitgelegd. Juist dan is het van groot belang om zeer getrouw de spreekwijzen van de Bijbel, ook in de vertaling, te bewaren.

In de Herziene Statenvertaling zien we dat aanzienlijk meer interpretatie is toegevoegd dan in de Statenvertaling. Dat zit vaak in kleine veranderingen. Soms zijn de betekenissen van woorden ‘ingekleurd’ (tegen de letterlijke betekenis), soms zijn woorden toegevoegd, soms is de woordbetekenis vervangen door een uitleg van een woord, enzovoort.

In Mattheüs 1:20 staat van Jozef: ‘En alzo hij deze dingen in den zin had.’ In de HSV-tekst lezen we: ‘Terwijl hij deze dingen overwoog.’ Het verschil is klein, maar er is een verschil. De statenvertalers vatten het zo op, dat Jozef zijn beslissing al genomen had en van plan was Maria te verlaten. In de herziening staat slechts dat hij deze dingen overwoog. Op basis van de grondtekst is beide mogelijk. Het Griekse woord betekent namelijk niet alleen: overleggen, beraadslaan, maar ook: zich voornemen, van plan zijn, besluiten. Wanneer de herziening beoogt ‘de Statenvertaling te bewaren’, is niet te begrijpen waarom de vertaling hier moest worden aangepast. Bovendien is de keus van de statenvertalers begrijpelijk. In het vorige vers lezen we immers dat Jozef Maria heimelijk wilde verlaten. Het was bij Jozef niet meer een overwegen, maar een vast voornemen, een plan.

In Romeinen 1 geef ik twee voorbeelden. In vers 3 is ‘geworden’ (‘geworden uit het zaad Davids naar het vlees’) gewijzigd in ‘geboren’. Op grond van de grondtekst is de vertaling ‘geboren’ niet onmogelijk, maar ligt toch minder voor de hand dan ‘geworden’. Bovendien heeft dit ‘geworden’ een diepere betekenis. In vers 31 van Romeinen 1 is ‘verbondsbrekers’ gewijzigd in ‘trouwelozen’.

Naast deze kleinere wijzigingen geef ik een voorbeeld (uit vele) van een grotere wijziging, namelijk Jesaja 3:4. De Statenvertaling heeft: ‘En Ik zal jongelingen stellen [tot] hun vorsten, en kinderen zullen over hen heersen.’ In de herziening is ‘kinderen’ gewijzigd in ‘willekeur’: ‘Ik zal jongens aanstellen als hun vorsten, / willekeur zal onder hen heersen.’ Er is dus onzekerheid over de precieze betekenis van het woord in de grondtekst.

De relevantie van de Statenvertaling vandaag

Drs. W. C. leest met vreugde én vraagtekens uit de Statenvertaling. Met vreugde omdat hij merkt dat deze vertaling dicht bij de grondtekst ligt, maar met vraagtekens omdat hij sommige dingen niet begrijpt. Bijvoorbeeld waarom er altijd geschreven wordt over de hel, terwijl in sommige gevallen (bijvoorbeeld in psalm 139) duidelijk dodenrijk wordt bedoeld? En ligt het niet voor de hand dat een (bijna) ongelovige eerst naar de NBG of NBV grijpt voordat hij de ouderwetse Statenvertaling pakt? Als iemand begint in een nieuwere vertaling is de kans klein dat de oude vertaling er ooit aan de pas komt, denkt u niet? Maar als iemand tóch met de Statenvertaling begint dan zal hij/zij ongetwijfeld aanlopen tegen woorden die anders worden bedoeld dan dat zij klinken, zoals: magen, verschonen, gemene lieden, die slechten wijheid leert, verdraaid geslacht, enzovoorts.

Het is een grote zegen met vreugde de Bijbel te lezen. Ga daar vooral mee door. Ook als het soms moeilijk is. De moorman las uit de profeet Jesaja (Handelingen 8:34). Ook al begreep hij niet waar het om ging en om Wie het ging. Totdat Filippus bij hem kwam om het hem uit te leggen. De Bijbel is ons overgeleverd in de grondtalen en is dus in veel talen vertaald. Ook in het Nederlands is de tekst van de Bijbel "getrouwelijk overgezet" in de Statenvertaling: nog steeds de beste vertaling in onze taal. Het is jammer dat deze vertaling niet regelmatig is aangepast aan de ontwikkeling van de Nederlandse taal. Er heeft al eens een herziening plaats gevonden (de zogenoemde Tukker-vertaling). Nu is men bezig de Statenvertaling te herzien. Een gedeelte is al uitgebracht. Zeker, ook andere vertalingen kunnen met zegen gelezen worden. Het kan ook goed zijn verschillende vertalingen met elkaar te vergelijken. Vraag bij het Bijbellezen altijd om verlichting door de Heilige Geest. Om zo te ervaren dat het Woord van God levend en krachtig is.

Eigenlijk zou de vertaling moeten gebeuren door mensen die geen binding hebben met welke geloofsovertuiging dan ook. Op zich helemaal niet verkeerd. Toch bekijk ik het met enige scepsis. Alleen al dit feit: omdat er geen eensluidendheid is binnen de GerGem hebben een tweetal bekende GerGemmers zich op persoonlijke titel in de commissie gevoegd. Eigenlijk vind ik dat hele herzien nergens voor nodig. Met alle tegenargumenten heb ik het eens. Maar moeten we niet eens normaal onze ogen open zetten en kijken wat er nu gebeurt? Veel mensen pakken nu andere Bijbels en laten de Statenvertaling leggen omdat ze het te moeilijk vinden! Zit de kracht van de Statenvertaling in de oude woorden of in alle woorden (nieuw of oud) van de Bijbel?

De Statenvertaling is al dik 380 jaar oud, en de Oude Berijming 229 jaar oud.

Ik lees zelf ook wel eens in de NBG'51 vertaling, maar die voegt erg weinig toe. Hier en daar is het wel begrijpelijker, maar vaak is de lijn uit de zinnen weg.

Beste Rekna, de SV is een vertaling. Gods Woord dient recht vertaald te worden uit de brontalen. Aan deze woorden mag niets toegevoegd of afgedaan worden! Jammer is dat sommigen nog steeds menen dat de SV geinspireerd is. Dat vertroebelt soms heel sterk de discussie. Laten we zorgen dat Gods Woord ook nu nog kan landen! Niet alleen bij ons kerkvolk dat soms al onwetend is, maar ook bij diegenen die nog nooit het Woord gehoord hebben. Laten we ook niet vergeten dat de taal van de Statenvertaling heel mooi en vloeiend is!

Inderdaad, de SV heeft prachtige zinnen, maar ook vaak ACI-constructies, en Zoeker, je gaat mij niet vertellen dat je dat prettig vindt lezen, of neem de hoeveelheid hebraismen & graecismen. Wat vind je bijvoorbeeld van de "welluidende" zin in Genesis 1:4? De Statenvertalers waren geen heiligen, ook zij maakten fouten. Ieder mens maakt fouten, ook bij de hier ter sprake gebrachte herziening zullen fouten gemaakt worden. Dat valt niet uit te sluiten.

We hebben in Nederland een bijbelstichting "GBS" juist voor de instandhouding van de Statenvertaling opgericht, die de steun heeft in de volle breedte van de gereformeerde gezindte. Die steun over de hele breedte van de gereformeerde gezindte is niet waar. Als ik naar mezelf kijk en anderen er over hoor (als onderdeel van de ger. gez.) dan hebben ze niet over de volle breedte steun.

tags: #moeilijke #woorden #statenvertaling