Historische buitenplaatsen en ontwikkelingen in Heemstede

Aan de oostzijde van de Herenweg, tussen de Koediefslaan en de Kerklaan, bevinden zich enkele aaneensluitende terreinen die in de tweede helft van de 20e eeuw de locatie werden voor de bouw van drie bejaardentehuizen: Kennemeroord (Nederlands Hervormd, 1961), Kennemerduin (Gereformeerd, 1965) en Overbos (Rooms-katholiek, 1968). Deze terreinen liggen tegenover de heerlijkheid Berkenrode, met de bijbehorende buitenplaatsen Oud-Berkenroede, Berkenrode (Westerduin) en Knapenburg.

Berkenrode, gelegen op de strandvlakte ten westen van de Herenweg, kent een rijke geschiedenis. Het terrein, ooit ontgonnen door Willem Terninc, werd in 1284 door graaf Floris V beleend aan Jan van Haarlem. In 1466 deed Jan van Heemstede afstand van zijn heerlijke rechten ten gunste van Gerrit van Berkenrode Janszoon. Na een periode als zelfstandige gemeente werd Berkenrode in 1857 opnieuw met Heemstede verenigd.

Oorspronkelijk maakten Kennemerduin en Kennemeroord deel uit van de Heemsteedse 'wildernisse', een natuurlijk duingebied begroeid met bomen. In de loop der tijd werden delen van dit gebied afgegraven voor landbouw en woningbouw. De aanleg van de Gasthuiszandvaart (nu Crayenestervaart) had tot doel de verkoop van zand, het faciliteren van watervervoer en het omzetten van ledige duingrond in cultuurgrond.

Op 5 april 1461 verleende hertog Philips van Bourgondië het Haarlemse Sint Elizabethsgasthuis een stuk grond in eeuwigdurende erfpacht in de banne van Heemstede. Dit werd op 12 oktober 1462 bevestigd door ambachtsheer ridder Jan van Heemstede, waardoor een aanzienlijk deel van Heemstede aan het ziekenhuis toekwam.

Een interessante verbinding tussen het verleden en heden is te vinden in de hal van Kennemeroord, waar een originele steen is ingemetseld met de tekst: "Het Scheyt van de Duynen in Heemstede ende van ‘t Gasthuys binnen de stad Haerlem".

In de 16e eeuw, voorafgaand aan het Beleg van Haarlem, stonden er drie galgen in de Heemsteedse duinen waar ter dood veroordeelden werden opgehangen. De meest bekende bevond zich ten zuiden van de Crayenestervaart. Andere galgen stonden in de Hout en nabij de Dorstige Kuil aan de Herenweg.

Op een hoog duin, mogelijk op het terrein van Kennemeroord, genaamd Trappenberg of Trappersberg, vonden kunstschilders in de 17e eeuw inspiratie voor het schilderen van het landschap rond Haarlem.

Kennemeroord was oorspronkelijk ongeveer 1,5 eeuw een herberg genaamd 'De Dorstige Kuil', gevolgd door een periode van 1,5 eeuw als buitenplaats. Een kaart uit 1746, vervaardigd door Melchior Bolstra, toont de 'wildernisse' ingetekend tegenover Berkenrode.

Rond 1795 liet J.B. van Keulen de herberg afbreken om op die plek een landhuis te bouwen, dat hij 'Kennemeroord' noemde. Dit huis werd uitgebreid met diverse bijgebouwen, waaronder een oranjerie, menagerie en een bijzondere ijskelder. Het landgoed werd aangelegd in een vroeg-landschappelijke stijl, mogelijk ontworpen door J. Zocher senior.

De buitenplaats Kennemeroord kende diverse eigenaren, waaronder de Amsterdamse koopman Herman Rahuzen, die het in 1803 kocht. Later werd het eigendom van Lodewijk Raphael Bisschoffsheim en vervolgens van Gerrit Jan Dijk. Na diverse andere eigenaren kwam het landgoed in 1857 in handen van Johannes Roos.

In 1867 werd Kennemeroord, dat toen ruim 7 hectare omvatte, aangekocht door mr. Jan Pieter Adolf Teding van Berkhout, advocaat en een welgesteld figuur uit een adellijke familie. Hij breidde zijn grondbezit aanzienlijk uit en verzette zich tegen annexatie door Haarlem.

F.W. van Eeden beschreef in 1880 de omgeving van Kennemeroord als een stukje wilde natuur tussen weilanden en hyacintenvelden.

De zoon van Jan Pieter Adolf Teding van Berkhout, Pieter Teding van Berkhout, was Hoogheemraad van Rijnland en actief als financier. Hij verloor echter een aanzienlijk bedrag door investeringen in de bloembollencultuur.

De laatste particuliere bewoners van Kennemeroord waren Pieter Quarles van Ufford en zijn echtgenote Henriette Cornelia de Favauge. Na het overlijden van Pieter Quarles van Ufford in 1932 bleef zijn weduwe tot 1947 op Kennemeroord wonen.

In 1948 werd het huis met landgoed aangekocht door de Hervormde Gemeente Heemstede. De Protestants Christelijke ULO Gerrit Barger was tot 1956 in de villa gehuisvest.

De Rijksstraatweg (Herenweg) moest voor de Olympische Spelen van 1928 verbreed worden. Omdat Kennemeroord in de weg stond, werd het huis na aankoop door de provincie afgebroken. Een nieuw landhuis werd gebouwd naar ontwerp van architect A.A. de Maaker.

De tuin van Kennemeroord werd in 1926/1927 gewijzigd door landschapsarchitect Leonard Springer.

Historische foto van de buitenplaats Kennemeroord

Het archief bevat diverse documenten, waaronder brieven van Thera aan haar familieleden, daterend uit de periode 1928-1938. Deze brieven geven inzicht in persoonlijke gebeurtenissen en familiebanden.

Verdere documenten betreffen onder andere een ledenlijst van de Nederlandsche Christen Officieren Kring voor Leger en Vloot uit 1948, een aankondiging van een huwelijk in 1929, en diverse brieven en kaarten gerelateerd aan Jean Gustave Ulric van Hoogstraten, een predikant die actief was in Stadskanaal en ‘s-Gravenpolder.

De correspondentie van Henriëtte Jacoba, echtgenote van Jean Gustave Ulric van Hoogstraten, met haar familie, met name haar moeder Maria de Geer-van Marwijk Kooy, biedt een inkijkje in het gezinsleven en reizen rond 1931.

Collectie brieven en documenten uit het archief

De medische expertise van chirurg Bartelma uit het Protestant Ziekenhuis Den Bosch omvat onderzoek naar handletsels, minimale invasieve behandeling van calcaneusfracturen en onderzoek naar ski-letsels. Hij is actief betrokken bij medisch onderwijs in Leiden en de organisatie van medische specialistenopleidingen in Suriname.

tags: #protestant #ziekenhuis #den #bosch #chirurg #bartelema