Geschiedenis van de Protestantse Gemeente Marknesse

De Protestantse Gemeente Marknesse kent een rijke geschiedenis, die nauw verweven is met de ontwikkeling van de Noordoostpolder. Diverse kerken en geloofsgemeenschappen hebben hun oorsprong in dit relatief jonge gebied, en hun verhalen dragen bij aan het culturele erfgoed van Marknesse en de omliggende regio.

Ontstaan van de Noordoostpolder en de eerste kerkelijke initiatieven

De Noordoostpolder werd in 1942 drooggelegd, wat resulteerde in een nieuw gebied van circa 48.000 hectare. Aanvankelijk bestond de bebouwing voornamelijk uit barakkenkampen waar polderwerkers huisden. Het religieuze leven kwam langzaam op gang, met de eerste hulpkerken die in de loop van de jaren '40 werden ingewijd.

De Gereformeerde Kerken

Het belang van gereformeerde kerkelijke arbeid in de inpolderingsgebieden werd aanvankelijk onderschat door de Generale Synode van de Gereformeerde Kerken in Nederland. Een groep particulieren nam in 1928 echter het initiatief om de geestelijke verzorging van polderwerkers en toekomstige bewoners ter hand te nemen via het 'Algemeen Gereformeerd Zuiderzee Comité' (AGZC). In 1930 nam de Generale Synode het werk over en benoemde deputaten die de arbeid in de Wieringermeerpolder voortzetten. Na de Wieringermeerpolder wachtte meer werk, met de voorbereidende werkzaamheden voor de inpoldering van de Noordoostpolder vanaf 1936.

Per 6 januari 1944 werd ds. P. de Jong benoemd voor de geestelijke verzorging van de inwoners van de Noordoostpolder, een taak die hij tot 1953 voortzette. De Deputaten streefden ernaar om zo snel mogelijk Gereformeerde Kerken te institueren en kerkgebouwen te bouwen. De Gereformeerde Kerk te Emmeloord, geïnstitueerd op 30 oktober 1945, kreeg in 1946 als eerste kerk in de polder een eigen predikant.

Het bouwen van kerken vormde een groot probleem vanwege de benodigde financiële middelen. De overheid droeg bij in de vorm van subsidies, maar deze waren niet altijd toereikend voor alle benodigde faciliteiten.

Institueringen van Gereformeerde Kerken in de Noordoostpolder:

  • Luttelgeest-Kuinre: Op 28 november 1943 werd als eerste de Gereformeerde Kerk te Luttelgeest-Kuinre geïnstitueerd. In 1954 werd een gereformeerd kerkgebouw aan de Sportstraat 2 in Luttelgeest neergezet, dat twintig jaar later aan de eredienst werd onttrokken.
  • Emmeloord: Op 30 oktober 1945 werd de tweede Gereformeerde Kerk gesticht. Aanvankelijk kerkte men in het hervormde kerkgebouw en later in een houten noodkerk.
  • Ens: De Gereformeerde Kerk in Ens werd op 25 februari 1947 geïnstitueerd. Na een ingrijpende verbouwing in 2008-2009 is deze kerk nog steeds als PKN-kerk in gebruik.
  • Marknesse: De Gereformeerde Kerk in Marknesse werd op 22 januari 1948 geïnstitueerd. Aanvankelijk kerkte men in een noodkerk, die later als gereformeerd verenigingsgebouw diende. In 1960 werd een nieuw kerkgebouw gerealiseerd, dat in het kader van het samengaan met de hervormde gemeente werd afgestoten en gesloopt.
  • Bant: Op 1 januari 1953 werd in Bant de Gereformeerde Kerk geïnstitueerd. In 1954 werd een gereformeerde kerk aan de Noordwend 1 gebouwd, die momenteel als bedrijf wordt gebruikt.
  • Rutten: Op 1 januari 1954 werd te Rutten de Gereformeerde Kerk geïnstitueerd. Na gebruik van een lokaal in een barak en het hervormde noodkerkje, werd in 1957 een eigen kerk in gebruik genomen die in 2005 buiten gebruik werd gesteld en nu als woning dient.
  • Nagele: De Gereformeerde Kerk te Nagele werd op 26 mei 1955 geïnstitueerd. Na kerken in de noodkerk van het kamp Nagele, werd aan de Ring 15 een nieuwe gereformeerde kerk gebouwd, die nog steeds als protestantse kerk wordt gebruikt en een gemeentelijk monument is.
  • Creil-Espel: In Creil kerkten de gereformeerden aanvankelijk in een noodkerk. In 1961 werd in Espel samen met de hervormden de Una Sancta kerk gebouwd.
  • Kraggenburg: Op 17 januari 1957 werd de Gereformeerde Kerk van Kraggenburg geïnstitueerd. Na samenwerking met de hervormde gemeente werden beide kerken in 2007 gefuseerd tot Protestantse Gemeente Kraggenburg.
  • Tollebeek: Tollebeek werd per 23 augustus 1970 losgemaakt uit de combinatie met Creil en Espel en kon daarna als zelfstandige Gereformeerde Kerk geïnstitueerd worden.

In totaal werden er tien Gereformeerde Kerken in de Noordoostpolder geïnstitueerd.

De Nederlandse Hervormde Kerk

In november 1945 werd een noodkerkenraad van elf ouderlingen en vier diakenen gevormd voor de Nederlands Hervormde Gemeente in het nieuwe land. Vanwege oorlogsomstandigheden werd gebruik gemaakt van kantines in werkkampen en werden houten noodkerken beschikbaar gesteld door de Zwitserse Kerk. In januari 1946 arriveerden de eerste twee noodkerken, die in Emmeloord en Ens werden opgebouwd.

De Synode van de Ned. Herv. Kerk bouwde speciaal voor het rayon Marknesse een houten noodkerk met pastorie aan de Oudeweg, die op 15 december 1946 in gebruik werd genomen. Op 1 januari 1947 werd de gemeente 'De Noord Oost Polder' tot zelfstandige gemeente verklaard, met één centrale gemeente en drie buurtgemeenten.

Voor de bouw van nieuwe kerken in de Noordoostpolder was het Zuiderzeefonds van de Nederlandse Hervormde Kerk opgericht. Provincies kregen de zorg voor de stichting van een kerk in een bepaald dorp. Overijssel was verantwoordelijk voor een kerk in Marknesse. Tussen 1954 en 1960 droeg het Rijk 40% van de bouwkosten van kerken bij.

De Verlosserkerk in Marknesse, ontworpen door architect Ferdinand Jantzen, werd gebouwd tussen 1954 en 1955. De kerk werd op 4 augustus 1955 in gebruik genomen. Het is een traditionalistische zaalkerk in een stijl verwant aan de Delftse School, met een smal en hoog gebouw. De kerk is opgetrokken uit ijsselsteen en kenmerkt zich door een roosvenster in de voorgevel, dat de plattegrond van de Noordoostpolder en het kerkelijk zegel van de Hervormde gemeente Noordoostpolder verbeeldt.

Het interieur van de Verlosserkerk is ontworpen door architect Jantzen, die ook het meubilair en het orgelfront ontwierp. Het middenpad is gericht op de avondmaalstafel, en de achterwand weerkaatst het licht van zijramen die dopen en avondmaal uitbeelden. De kerkzaal heeft een zichtbare dakconstructie en is versierd met gebrandschilderde glas-in-loodramen die de oude Zuiderzee, het kerkje op Schokland, opkomend graan en de symbolen van de vier evangelisten voorstellen.

De 21 meter hoge kerktoren is voorzien van een driegelui en een kogge als windwijzer. In de oostgevel bevindt zich een zandstenen reliëf van het Lam Gods. Sinds 2001, na het samengaan van de Nederlands Hervormde Gemeente met de Gereformeerde Gemeente, wordt de Verlosserkerk gebruikt door de Protestantse Gemeente Marknesse.

De Dominee Bleekerstraat in Marknesse is vernoemd naar Gerhardus Helenus Bleeker, de eerste hervormde predikant van Marknesse. Hij werd op 13 april 1947 geïnstalleerd en overleed onverwachts op 13 mei 1961.

Plattegrond van de Noordoostpolder met symbolische weergave van de dorpen, verwerkt in het roosvenster van de Verlosserkerk in Marknesse.

De Katholieke Kerk

De katholieke geschiedenis in de Noordoostpolder heeft zijn wortels op Schokland, een eiland dat eeuwenlang te kampen had met de Zuiderzee. In 1859 werd het eiland ontruimd, en de laatste pastoor van Schokland sloot na de hoogmis op 1 augustus 1859 een stuk van de eilandgeschiedenis af.

In 1942, toen de Noordoostpolder droogviel, waren er barakkenkampen waar polderwerkers huisden. Het duurde tot september 1944 voordat in Marknesse de eerste hulpkerk kon worden ingewijd. Pastoor Van Dijk droeg zijn werk over aan F. Koopmans, die de eerste officiële pastoor werd van de nieuwe parochie in de Noordoostpolder, opgericht op 29 september 1945.

Na Emmeloord werden er parochies opgericht in Marknesse en Kraggenburg. In 1949 werd de St. Johannes de Doper parochie in Kraggenburg opgericht, waar de parochianen samenkwamen in de kampen De Voorst en Zwartemeer. In 1950 begon de bouw van een kerkgebouw in Kraggenburg.

In Marknesse was sinds 1944 een noodkerk in gebruik, en in 1948 begon de bouw van het dorp. Het houten gebouwtje werd al snel te klein, en er moest een grotere kerk komen. In Ens werden vergelijkbare stappen genomen.

In 1951 werd de parochie Onze Lieve Vrouwe van Altijddurende Bijstand opgericht. In 1955 bracht de vicaris van het bisdom Utrecht een gedenksteen aan in het nieuwe kerkgebouw in Marknesse, opgetrokken in de stijl van de “Delftse School”. Deze gedenksteen is ingemetseld met 30 stenen van de oude kerk van Schokland.

De bewoners van Luttelgeest gingen aanvankelijk ter kerke in een omgebouwde barak. In 1955 begon de pastoor van Marknesse aan de bouw van een kerk in Luttelgeest.

In 1991 gingen de vier parochies van Marknesse, Luttelgeest, Ens en Kraggenburg samen verder als één parochie: parochie Heilige Ireneüs. In 1954 werd de parochie van Creil gesticht. Tot eind 1959 vormde Bant een onderdeel van de Michaëlparochie. Door teruglopend kerkbezoek en een afnemend aantal pastores werden in 1991 ook de drie parochies in het noordwestelijke deel van de polder samengevoegd tot de parochie van De Goede Herder.

In de dorpen Nagele, Espel en Tollebeek werd eerst gekerkt in de houten barakken van de werkkampen. Na ruim dertig jaar zelfstandigheid werd ook in dit deel van de polder samenvoeging van parochies een noodzaak. Vanaf 1991 gingen deze drie dorpen verder als één parochie: De Heilige Geest.

Van één parochie in 1945 groeide het aantal naar 11 in 1959, wat wijzigingen in kerk en samenleving vereiste.

De katholieke kerk in Marknesse, gebouwd in de stijl van de Delftse School.

Erfgoed en Monumentenbeleid

Kerken, schokbetonschuren en bietenbruggen behoren tot het erfgoed in de Noordoostpolder dat verdwijnt, maar dat volgens erfgoedverenigingen beschermd zou moeten worden. De gemeente wil haar erfgoed beter behouden en onderzoekt de mogelijkheden om meer panden en plekken op de gemeentelijke monumentenlijst te plaatsen.

Volgens Anton Brink van Heemschut is de protestantse kerk in Marknesse een goed voorbeeld dat monumentale status zou moeten krijgen. De kerk is gebouwd in de nadagen van de Delftse School, een sobere architectuurstijl die in het dorp te zien is. Brink benadrukt dat het behoud van de kerk belangrijk is voor de ruimtelijke structuur van de Delftse School in het dorp.

Ook agrarisch erfgoed, zoals bietenbruggen, verdient aandacht. Deze bruggen werden vroeger gebruikt voor het laden en lossen van gewassen en zouden, indien nog aanwezig, beschermd moeten worden.

De windwijzer op de Verlosserkerk in Marknesse kent verschillende interpretaties. Een technische beschrijving vermeldt een windwijzer met een tekening, maten, materialen en schroefjes. Een andere bron beschrijft het als een karveel met een Maltezer kruis in het zeil, mogelijk een verwijzing naar de 'Santa Marina' en de symboliek van de Kerk als gemeenschap der gelovigen. Een andere uitleg ziet de kogge als symbool van de Kerk en als verwijzing naar het verleden toen er nog schepen op de Zuiderzee voeren.

De windwijzer op de Verlosserkerk in Marknesse, mogelijk een kogge of karveel.

tags: #protestantse #gemeente #marknesse