In de hedendaagse samenleving lijkt de impact van godsdienst op het vloeken afgenomen. Vroeger, toen godsdienst een grotere rol speelde, werd het heilige juist gebruikt om een schok te veroorzaken. Tegenwoordig is dit minder gevoelig; God wordt niet meer als de absolute machthebber gezien, en voor velen is het geloof een persoonlijke keuze of zelfs een fantasie. Hierdoor is het ontheiligen van het heilige minder effectief geworden.
Sterke woorden richten zich nu meer op zaken die we als heftig ervaren, zoals "shit" en "*censuur*". Hoewel er nog steeds overgeërfde taalvormen bestaan, zoals het langgerekte "Jéééezus..." bij verbijstering, lijkt dit minder schokkend dan het Amerikaanse, gedevalueerde *censuur*, dat al bij het morsen van koffie wordt gebruikt. Dit duidt op een afname van de dominantie van godsdienst in de samenleving.
Binnen de reformatorische gezindte, een stroming binnen het protestantisme, spelen echter diepgaande theologische discussies. Een recent voorbeeld hiervan is de kritiek van ds. G. A. (Gert) van den Brink op wat hij "misleidende prediking" noemt binnen de kring van reformatorische dominees. Deze kritiek, geuit tijdens een lezing voor Geloofstoerusting, richt zich op de toepassing van een verkeerde leer, met name met betrekking tot de vrije wil van de mens en de vrije keuze om te geloven.
De Vrije Wil versus Voorbeschikking
De discussie die ds. Van den Brink aanzwengelt, zou wel eens het begin kunnen zijn van een 'reformatie' onder de refo's. Het kernpunt van de discussie is de vrije wil van de mens tegenover de voorbeschikking van God. Het spreken over vrije wil wordt binnen sommige reformatorische kringen met argwaan bekeken, omdat het in het verleden als een dwaling is bestempeld.
De auteur van het artikel merkt op dat het wegzetten van alle afwijkingen als ketterij onwerkbaar is en de weg naar de 'enige waarheid' zeer smal maakt. Hoewel het nastreven van de waarheid goed is, is het claimen van het bezitten ervan voor gebrekkige mensen onmogelijk. De waarheid wordt geïdentificeerd met Jezus, de Geest, en God Zelf, die zich laten kennen.
De mens als een wezen geschapen naar Gods beeld, bezit vrije wil en verstand. Dit stelt de mens in staat om te leren wat goed en slecht is en het goede te verkiezen. De mens is een uniek schepsel met grote verantwoordelijkheid, in staat om vrijwillig van God te houden. Het is echter een complexe vraag hoe de vrije wil van de mens te rijmen is met de voorbeschikking van God. Hoe kan een mens vrij zijn in zijn keuzes als God al weet wat er in de toekomst zal gebeuren?
De auteur stelt dat de nadruk in de prediking op Gods werkende hand en de menselijke lijdelijkheid de belangrijkste keuze van de mens, namelijk de vrije keuze tot zaligheid, ontneemt. Als de kracht om een keuze te maken wordt ontnomen, kan de keuze ook niet worden gemaakt. Dit leidt er volgens ds. Van den Brink toe dat velen in onverschilligheid vervallen en slechts in traditie leven zonder geloof en hoop.

Reacties en Discussies
De kritiek van ds. Van den Brink riep direct emotionele reacties op. Ds. Schulting, uit de rechterflank van de Refo's, reageerde als "door een wesp gestoken", wat volgens de auteur zijn betoog juist bevestigde. Hoewel ds. Kort bereid was tot een gesprek, ging hij volgens de auteur niet in op het wezenlijke probleem dat ds. Van den Brink aankaart.
De discussie, die onder andere op Cvandaag.nl wordt gevoerd, suggereert dat er bezinning nodig is binnen de reformatorische gemeenschap. De auteur juicht toe dat er opnieuw aandacht komt voor het leerstuk van de vrije wil.
Een specifieke casus die naar voren komt, is die van Opheusden, een dorp met een grote kerk en een sterke SGP-aanwezigheid. De dominee van Opheusden, Arie van Voorden, werd in 2018 geschorst vanwege een vertrouwensbreuk met de kerkenraad. Later kwam het nieuws naar buiten dat er incest binnen de gemeenschap voorkomt, en dat de dominee dit bespreekbaar wilde maken. Dit leidde tot een onderzoek door de Gereformeerde Gemeente in Nederland zelf naar incestgevallen in het dorp.
De rol van de kerk en de Afscheiding
In een reactie op de vraag of de Gereformeerde Gemeenten (GG) grond hebben om te bestaan, legt ds. H. Harinck de historische context uit. De gemeenten zijn voortgekomen uit de Afscheiding van 1834 en 1841, toen predikanten hun ambt niet meer konden uitoefenen binnen de Nederlandse Hervormde Kerk op basis van kerkelijke reglementen, die door de overheid werden opgelegd. Deze predikanten gingen door met preken, ondanks gevangenisstraffen. Hierdoor zijn de huidige gemeenten ontstaan.
Ds. Harinck erkent dat de gemeenten grond van bestaan hebben, maar benadrukt dat het verlaten van dit verband om ondergeschikte redenen niet is toegestaan. Hij stelt dat een volmaakt kerkverband nergens te vinden is, net zomin als volmaakte predikanten. Men dient te letten op datgene wat de maatstaf van Gods Woord kan doorstaan.

Kritiek op de Artikelen van 1931 en de Prediking
Verder wordt de Westminster Confessie aangehaald, met name artikel 7, dat spreekt over het genadeverbond. Volgens ds. Paul was het beter geweest als de generale synode van de Gereformeerde Gemeenten in 1931 de formulering van deze Confessie had overgenomen. Er is binnen de reformatorische gezindte veel discussie over de prediking en de aanbieding van Gods genade.
De kritiek richt zich op de zes artikelen van 1931, waarvan de formulering over de prediking en de verantwoordelijkheid van de mens niet altijd duidelijk en Bijbels wordt geacht. Ds. Van den Brink wijst hier terecht op, maar zijn conclusies worden door sommigen als te vergaand beschouwd.
Ds. H. Harinck stelt dat de nadruk in de zes artikelen op de verzwaring van schuld door kennis van het Evangelie wel Bijbels is, maar dat dit niet het wezenlijke doel van de prediking is. Artikel 6 zou slechts één doel aanwijzen: de vermeerdering van onze schuld. Deze verkeerde opvatting over het doel van de prediking zou geleid hebben tot een gevaarlijke dwaling binnen de prediking.
Harinck geeft toe dat er deels waarheid in de beschuldiging zit, maar dat deze te scherp en algemeen gesteld is. Hij gelooft dat geen enkele dominee preekt om alleen de verdoemenis van zijn hoorders te verzwaren. Hoewel het Evangelie soms een reuk des doods is, ziet de prediker uit naar oprechte bekering en waar geloof. Hij hoopt dat de kritiek van ds. Van den Brink zal leiden tot bezinning op de prediking, met een warmere en wervendere prediking van het onvoorwaardelijke aanbod van Gods genade in Christus. Dit zou het medicijn kunnen zijn voor een vervallen en machteloze kerk.
Is God of de mens soeverein?: De duivel het zwijgen opleggen met R.C. Sproul en John Gerstner
Verdere Ontwikkelingen en Nieuws uit de Reformatorische Wereld
De discussie over de prediking en de vrije wil wordt verder verdiept in de Cvandaag podcast, waar prof. dr. Jan Hoek ingaat op uitverkiezing en het aanbod van genade, en zoomt in op de reformatorische gezindte.
In Urk, een centrum van de biblebelt, is een nieuwe refobaptistische kerk gesticht, geleid door Jacques Brunt. Dit wekt vragen op over de doelstellingen van de stichting HeartCry, die voorheen gericht was op herleving binnen bestaande reformatorische kerken en niet op het stichten van nieuwe gemeenten. De verbrokkeling binnen christelijk Nederland lijkt hierdoor niet af te nemen.
Opvallend bij veel ‘refobaptisten’ is de relativerende toon over de betekenis van de doop. De vraag wordt gesteld waarom men zo’n punt zou maken van het verschil tussen kinderdoop en geloofsdoop, als bijbelgetrouwe christenen elkaar over deze grens heen herkennen. Echter, het zich laten overdopen impliceert dat de eerdere doop als onecht wordt beschouwd, terwijl er maar één doop kan zijn.
Er is ook aandacht voor de interpretatie van Romeinen 9, waarbij de vraag wordt gesteld of dit hoofdstuk gaat over de vraag of christenen hun redding kunnen verliezen, of dat er iets heel anders achter de woorden van Paulus schuilt.
In ander nieuws wordt gemeld dat Christelijke leiders in het Verenigd Koninkrijk brandstichting bij ambulances van een Joodse hulporganisatie veroordelen. Ook wordt de nieuwe directeur van Mercy Ships Nederland aangesteld en is er nieuws over een mishandeld voorgangersechtpaar in Rotterdam. De mogelijkheid om de abortuspil online te bestellen leidt tot politieke en maatschappelijke reacties, en de Pakistaanse overheid stelt de ontruiming van wijken met veel christenen uit.
Een CGK-predikant, ds. W. J. van de Velde, benadrukt dat de hemel en de nieuwe aarde geen eeuwige kerkdienst zullen zijn, maar wel een plek waar alle zonde verdwijnt. Tenslotte wordt het jongerenwerk in een steeds diversere samenleving belicht, en een rapport meldt een toename van haatmisdrijven tegen kerken en christenen in Europa.
Een interview met Eddy, die zich ontworstelde aan een 'giftige' kerk, en een verslag van een vechtpartij op de redactie van het Reformatorisch Dagblad, waar de discussie over de lezing van dr. Van den Brink hoog opliep, illustreren de spanningen en de zoektocht naar waarheid binnen de reformatorische gemeenschap.