Robert Murray M'Cheyne: Gedichten en Literaire Nalatenis

De naam van Robert Murray M'Cheyne is ook in Nederland nog steeds bekend. Zijn preken worden nog altijd gelezen en de liefde van Christus was de bron waaruit hij putte, waardoor hij vele zielen voor Hem wist te winnen.

M'Cheyne is ook bekend gebleven door de gedichten die hij naliet. Zijn dichterlijke geest hield van de vrije natuur, die hem vaak inspireerde. Nog steeds worden verschillende hymns van M'Cheyne in de Schotse kerken gezongen.

Bekendste Gedichten en Inspiratiebronnen

Het bekendste gedicht van zijn hand is: ”Het wachtwoord der hervormers”, waarvan de eerste regel luidt „Eens was ik een vreemd’ling voor God en mijn hart”. Hij schreef dat in november 1834, op 21-jarige leeftijd. Een jaar later maakte hij een gedicht over de woorden: „Zij zongen het lied van Mozes en het Lam.” Het begin daarvan luidt: „Gij licht ons voor, o Jakobs Sterre! Hoe ook de dood zijn schaduw spreidt; En hartverwekkend wenkt van verre, het gouden strand der eeuwigheid.”

Het gedicht ”Ik ben U dank verschuldigd” dateert uit 1837. M'Cheyne was toen 24 jaar en nog maar net predikant van de Church of Scotland.

Portret van Robert Murray M'Cheyne

Publicaties en Vertalingen

In hun oorspronkelijke vorm zijn de gedichten van M'Cheyne te vinden in zijn eigen prekenbundels, en in de uitgave ”Robert Murray M’Cheyne; Memoirs and Remains”, van de hand van zijn vriend en ambtsbroeder Andrew Bonar (1844).

Onder de titel ”Het leven en de nagelaten geschriften van Robert Murray M’Cheyne” vertaalde predikant-dichter J. J. L. ten Kate de gedichten in het Nederlands. In 1993 zorgde ds. C. J. Meeuse (predikant van de Gereformeerde Gemeenten) voor uitgeverij Den Hertog te Houten een nieuwe herdichting, onder de titel ”Liederen Sions”. Hij gaf daarbij als verantwoording: „Verwacht geen vertaling van de gedichten van M’Cheyne; dit zou niets anders hebben opgeleverd dan rijmloze kreupeldichten. Ik heb getracht de boodschap die hij in zijn verzen verwoordde in te leven en opnieuw in dichtvorm te vertolken. In de meeste gevallen heb ik zijn dichtvorm gehandhaafd, maar ook dit kon niet in alle gevallen.”

Nieuw vormgegeven herdrukken van zijn werk zijn bedoeld als een geschenkboekje. McCheyne, de jonggestorven Schotse prediker, droeg jonge mensen een warm hart toe. Speciaal voor hen schreef hij aansprekende stukjes, brieven en gedichten. Daaruit is voor deze boeken een selectie gemaakt. Liefdevol en eerlijk wees McCheyne op het ene nodige, samen te vatten met de woorden van de Prediker: ‘En gedenk aan uw Schepper in de dagen uwer jongelingschap, eer dat de kwade dagen komen en de jaren naderen, van dewelke gij zeggen zult: Ik heb geen lust in dezelve.’

Leven en Invloed van Robert Murray M'Cheyne

Robert Murray M'Cheyne (1813-1843) is van grote betekenis geweest voor Gods Kerk, en dat is hij nog steeds. Ouder dan 29 jaar werd Robert Murray M'Cheyne niet. Zijn leven droeg echter veel vrucht, in de negentiende eeuw maar ook vandaag.

In een lied drukte hij zijn zoektocht naar God in woorden uit. Als jong predikant werd Robert ernstig ziek. Hij besefte niet dat dit zijn einde zou worden; hij dacht op dat moment dat de ziekteperiode een tijd van bezinning vormde. Het werd echter zijn einde.

In een brief aan een vriend schreef hij het volgende: ‘Ik hoop, dat deze ziekte aan mijn ziel gezegend zal worden. Altijd gevoel ik de slaande hand van God dringend nodig te hebben. In de maalstroom van het leven is er zo weinig tijd tot waken. Tot het betreuren van onze zonden en het zoeken van genade. Ik voel dat het een grote zegen is als de Heere mij uit de schare verwijdert. Net zoals hij de blinde buiten de stad uitleidt en daar de sluier wegneemt en de nevels opklaart die het licht voor onze ogen verduisteren; en door Zijn Woord en Geest mij leidt tot een zalige vredige wandel. Niets is zo geschikt om ons de nietigheid van alle eer bij de mensen te doen voelen, om ons Christus, Die de beproefde Steen genoemd wordt, in al Zijn dierbaarheid te leren kennen, als een kalme blik in de eeuwigheid.’

Op 25 maart 1839 stierf Robert. Eens was ik een vreemdeling.

Gedicht: Eens was ik een vreemdeling

Eens was ik een vreemd’ling voor God en mijn hart.
Ik kende geen schuld en ‘k gevoelde geen smart.
Ik vroeg niet: “Mijn ziele, doorziet gij uw lot?
Hoe zult gij rechtvaardig verschijnen voor God?”
Al sprak daar een stem uit de heilige blaân
van ‘t Lam, met de zonden der wereld belaân,
ik zocht bij de kruispaal geen veilige wijk,
‘k stond blind en van verre, in mij zelven zo rijk.
Ik deed als Jeruzalems dochters weleer,
ik weend’ om de pijn van mijn lijdende Heer’,
maar dacht er niet aan, dat ik zelf door mijn schuld
Zijn kroon had gevlochten, Zijn beker gevuld.
Maar toen mij God Geest aan mij zelf had ontdekt,
toen werd in mijn ziele de vreze gewekt.
Toen voeld’ ik wat eisen Gods heiligheid deed.
Daar werd al mijn deugd een wegwerpelijk kleed!
Toen vluchtte ik tot Jezus! Hij heeft mij gered;
Hij heeft mij verlost van het vonnis der wet.
Mijn heil en mijn vrede en mijn leven werd Hij.
Ik boog me, en geloofde, ...en mijn God sprak mij vrij.
Nu ken ik die waarheid, zo diep als gewis,
dat Christus alleen mijn gerechtigheid is.
Nu tart ik de dood; nu verwin ik het graf.
Nu neemt mij geen satan de zegekroon af!
Nu reis ik getroost onder 't heiligend kruis
naar 't erfgoed daarboven, in 't Vaderlijk huis.
Mijn Jezus geleidt mij door de aardse woestijn.

Illustratie van een Schotse kerk of landschap

Nalaten Schriften en Preken

Aan het begin van de twintigste eeuw kocht James Macdonald uit Edinburgh een doos met oude papieren. De inhoud bleek van grote waarde te zijn. Het waren de preeknotities van Robert Murray M'Cheyne, de godvruchtige en toegewijde predikant van de St. Peter's Church in Dundee. De preken zijn getranscribeerd en verschijnen nu voor het eerst integraal in Nederlandse vertaling. Elke preek is vol van Christus: Zijn noodzakelijkheid voor zondaars, de volheid van Zijn genade, het geluk van degenen die tot Hem komen en het gevaar van het verloochenen van het geloof in Hem.

De bewogen nodiging om te komen tot Christus als de Bron van zaligheid is overal aanwezig in deze bundel van 64 preken en 15 bijbellezingen.

Deze bundel met 37 preken werd vijf jaar na het overlijden van McCheyne (1813-1843) voor het eerst uitgegeven onder de titel A basket of fragments. Reeds van eind vorig jaar dateert een brief uit Canada, waar wij ook lezers hebben, met het verzoek om het gedicht van Robert Murray Mc. Cheyne (Eens was ik een vreemdeling) af te drukken. Uiteraard willen we aan dat verzoek graag voldoen.

Robert Murray M'Cheyne werd geboren in Edinburgh, op 21 mei 1813. Tijdens zijn studie aan de Universiteit van Edinburgh overleed zijn broer. Dit sterven werd door de Heilige Geest gebruikt om hem een indruk te geven van de eeuwigheid en om hem te bepalen bij de noodzaak om God in Christus te leren kennen.

Op 24 november 1836 werd hij predikant in Dundee. Hij deed er intrede met Jesaja 61 : 1 - 3: "De Geest des Heeren Heeren is op mij omdat de Heere mij gezalfd heeft om een blijde boodschap te brengen aan de zachtmoedigen, enz." Reeds deze eerste preek was voor velen het middel tot een geestelijk ontwaken.

In de jaren 1838 en 1839 maakte Mc Cheyne een reis naar Palestina om aan de joden de enige Naam tot zaligheid te verkondigen. Deze reis is uitvoerig beschreven in het onlangs herdrukte werk: „De zendingsreis van Robert Murray Mc Cheyne" (J. P. van den Tol, Dordrecht, 1981).

Mc Cheyne had te kampen met een zwakke gezondheid en voelde wel aan dat hij niet oud zou worden. Uitzonderlijk vroeg werd hij van zijn post afgelost. Uit de levensbeschrijving door zijn vriend Andrew Bonar weten we dat Mc Cheyne in zijn korte leven voor ontelbaar velen tot zegen is geweest. Wanneer we nu, na meer dan een eeuw, zijn preken lezen, kunnen we dat ook wel verstaan. Ze vormen één voortdurende aansporing om tot Christus te komen, Die hij onvermoeid aanprijst als de volkomen Zaligmaker. Kortom, zijn bediening was „in betoning van Geest en kracht".

Die bediening werd bovendien gedragen door een Godzalige wandel en een leven dat voortdurend gebonden was aan de troon der genade. Een citaat uit de Inleiding op het Dagboek van Jessie Thain (een zielsvriendin van Mc Cheyne) moge dat illustreren: Mc. Cheyne was een bijzondere man. Reeds vroeg in zijn christelijk leven werd hij op ongewone wijze tot de Heere getrokker. Gedurende vele maanden verkeerde hij in bijna onafgebroken vereniging met God in de voorportalen des hemels. Vanaf die Bethelheuvel kwam hij tot zijn medemensen om te vertellen de dingen die hij gezien en gehoord had. Hij had de heerlijkheid des Heeren gezien. Hij had Zijn stem gehoord. Hij had ook in rijke mate de liefde van Jezus gesmaakt.

Zijn lippen waren verwarmd, geheiligd en gezegend, toen ze werden aangeraakt door de gloeiende kool van het altaar, waarop het bloed der besprenging was gestort. Daarom waren tot het einde toe de liefde, de dood en de heerlijkheid van de Verlosser zijn vaste onderwerpen. De dauw zijner jeugd rustte tot het einde op hem, want hij stief in zijn 29ste levensjaar. Op de preekstoel, of in de huizen van zijn mensen, of op het ziekbed, of wanneer hij uitrustte en blij was in de tegenwoordigheid van zijn broeders, altijd droeg hij een ontzagwekkende hemelsgezindheid mee, waarover zijn vrienden en hoorders in latere jaren op gedempte toon spraken.

Gedichten en Literaire Erfenis

Behalve als prediker is Mc Cheyne ook bekend geworden als dichter. Van de gedichten die hij naliet, en waarvan sommige opgenomen zijn in prekenbundels, is wel het meest bekende „De Heere onze Gerechtigheid", ook wel genoemd: „Het wachtwoord der Hervormers".

Het gedicht dat hier integraal wordt afgedrukt, met de titel "Eens was ik een vreemdeling", illustreert zijn theologische diepgang en persoonlijke geloofsreis.

April 12th Robert Murray M’Cheyne – Scottish Preacher #christianmotivation #truestory

Robert Murray McCheyne (1813-1843), de predikant uit het Schotse Dundee, werd al op zeer jonge leeftijd door de Heere Thuisgehaald. Zijn leven droeg echter veel vrucht, en zijn geschriften, inclusief zijn gedichten, blijven velen inspireren.

tags: #robert #murray #mccheyne #gedichten