Gereformeerde Kerken Nederland: Ontstaan en Ontwikkeling

De Gereformeerde Kerken Nederland is een kerkverband dat op 26 november 2009 werd opgericht door enkele kerken en predikanten van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) (GKV) en De Gereformeerde Kerken in Nederland (hersteld), een eerdere afsplitsing van de GKV.

In mei 2024 telde dit kerkgenootschap twaalf gemeenten, zes wijkgemeenten en negen predikanten. Er bestond een zusterkerkrelatie met de Selbständige Evangelisch-Reformierte Kirche Deutschland (SERK).

Ontstaan van de Gereformeerde Kerken Nederland

De Gereformeerde Kerken Nederland zijn voortgekomen uit de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) en de Gereformeerde Kerken in Nederland (hersteld). In de jaren negentig van de 20e eeuw ontstond er binnen de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) verontrusting. Deze had betrekking op diverse zaken, waaronder de procedure rond de toelating van nieuwe liederen, de prediking van de zondagsheiliging, de procedure rondom echtscheiding en de visie op de kerk in relatie tot andere kerkgenootschappen.

In 2003 splitste een groep verontruste leden zich af en vormde De Gereformeerde Kerken in Nederland (hersteld).

In november 2009 vormde de gemeente van Kampen-Noord samen met de herstelde gemeenten Hardenberg en Zwijndrecht een nieuw kerkverband. Dit kerkverband noemde zich officieel Gereformeerde Kerken Nederland.

Groei en Uitbreiding van het Kerkverband

De groei van het kerkverband verliep gestaag:

  • In 2010 traden gemeenten in Zwolle en Veenendaal (vanaf 2016 Ede) toe.
  • In 2011 sloten gemeenten in Assen/Kornhorn, Dalfsen en Goes zich aan, nadat zij zich van de vrijgemaakte kerk hadden afgescheiden.
  • Vanaf 2014 werden er ook bijeenkomsten gehouden in Borne (vanaf 2019 Enschede), vanaf 2016 in Gorssel (tot 2019) en Amersfoort.
  • Vanaf 2017 kwamen er bijeenkomsten in Harderwijk en vanaf 2019 in Apeldoorn, Zuidhorn, Den Bosch en Den Helder.
  • In 2022 voegde een gemeente in Groningen zich bij het kerkverband.
  • Vanaf 2023 werden ook bijeenkomsten gehouden in Leeuwarden.

Al enkele jaren waren er, op basis van inhoudelijke overeenkomsten, toenemende contacten met De Gereformeerde Kerken in Nederland (hersteld) met het oog op het vormen van één kerkverband in 2024.

Schematische weergave van de verschillende afsplitsingen en fusies binnen de gereformeerde kerken in Nederland

Historische Context: De Gereformeerde Kerken in Nederland (GKN)

De Gereformeerde Kerken in Nederland (GKN) waren tot 1 mei 2004 een Nederlands gereformeerd kerkgenootschap. Dit kerkgenootschap ontstond in 1892 door de vereniging van twee groepen die zich eerder van de Nederlandse Hervormde Kerk hadden afgescheiden: de Christelijke Gereformeerde Kerk in Nederland en de Nederduitse Gereformeerde Kerk.

De Afscheiding van 1834

De wortels van de gereformeerde kerken gaan terug tot de 19e eeuw. In 1834 scheidden veel groepen zich af van de Nederlandse Hervormde Kerk. De gereformeerde kerkregering, gebaseerd op de Dordtse kerkorde, was afgeschaft. De orthodoxe predikant Hendrik de Cock werd aangeklaagd en geschorst vanwege zijn geschriften. Met steun van collega's zoals Hendrik Scholte, werd de Akte tot Afscheiding of Wederkeering opgesteld. Deze acte verklaarde de Nederlandse Hervormde Kerk tot de valse Kerk volgens Gods Woord en de Nederlandse Geloofsbelijdenis.

De Afscheiding voltrok zich ook in andere delen van het land. In 1836 hielden de afgescheidenen hun eerste synode. Onder druk van de overheid moesten zij aanvankelijk afstand doen van de naam 'gereformeerd' en noemden zij hun kerkverband Christelijk Afgescheiden Gemeenten. Een minderheid die de naam wel wilde behouden, noemde zich de Gereformeerde Kerken onder het Kruis. In 1869 verenigden beide groeperingen zich tot de Christelijke Gereformeerde Kerk.

De Doleantie

Na 1834 bleven orthodoxe stromingen binnen de Nederlandse Hervormde Kerk strijden voor de gereformeerde belijdenis. In 1863 werd de Vereniging van vrienden der waarheid tot handhaving van de leer en de rechten der gereformeerde kerk opgericht. Ondertussen had dr. A. Kuyper, na een periode van modernisme, de overtuiging gekregen dat de Nederlandse Hervormde Kerk bevrijd moest worden van de organisatie opgelegd door Koning Willem I in 1816. Met een meerderheid van orthodoxen in de kerkelijke besturen, met name in Amsterdam, werd op 11 april 1883 het besluit tot de doleantie genomen.

Vereniging tot de Gereformeerde Kerken in Nederland

Op 17 juli 1892 verenigden de Christelijke Gereformeerde Kerk en de Nederduitse Gereformeerde Kerken zich tot de Gereformeerde Kerken in Nederland. Na deze vereniging telde het kerkverband 700 plaatselijke gemeenten (394 uit de Afscheiding, 306 uit de Doleantie) en 370.000 leden (189.000 uit de Afscheiding, 181.000 uit de Doleantie).

Theologische Ontwikkelingen en Conflicten

Na de vereniging van 1892 openbaarden zich binnen het kerkverband ingrijpende tegenstellingen. Een belangrijk punt van discussie was de visie op de doop, waarbij prof. L. Lindeboom zich verzette tegen de visie van dr. A. Kuyper dat de doop plaatsvindt op grond van Gods bevel en de beloften van het genadeverbond verzegelt, en niet op grond van veronderstelde wedergeboorte.

De Gereformeerde Kerken in Nederland droegen in eerste instantie bij aan een herleving van de oude gereformeerde orthodoxie. In 1922 verscheen de populaire Bijbelverklaring Korte verklaring der Heilige Schrift, verzorgd door theologen van de Hogeschool in Kampen en de Vrije Universiteit te Amsterdam. Deze verklaring, die de Statenvertaling als uitgangspunt nam en de historische juistheid van de Bijbelteksten trachtte aan te tonen, werd goed ontvangen.

Het conflict rond dr. J. Geelkerken (1926)

In 1926 speelde zich een conflict af naar aanleiding van een aanklacht tegen dr. J. Geelkerken over de interpretatie van de Bijbel in Genesis 3. De vraag was of dit een historisch verslag of een symbolisch relaas betrof. De synode van 1926 oordeelde dat er sprake was van een "zintuiglijk waarneembare" slang, wat inhield dat het om feitelijk waarneembare werkelijkheden ging.

De Afsplitsing van 1944: Gereformeerde Kerken vrijgemaakt

De tweede grote afsplitsing vond plaats in 1944, naar aanleiding van de schorsing van dr. K. Schilder als hoogleraar in Kampen. De diepere oorzaak lag in een verschil van mening over de juiste gereformeerde leer en de macht van de landelijke kerkleiding. Schilder en zijn volgelingen vonden dat de synode te ver ging in het bepalen van theologische standpunten en te centraal opereerde. Ongeveer tien procent van het kerkverband, dat meer autonomie voor de plaatselijke kerken wenste en vasthield aan een specifieke interpretatie van de leer, scheidde zich af en vormde de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt.

Foto van een gereformeerde kerk uit de vroege 20e eeuw

Veranderingen in de 20e Eeuw en de Weg naar de PKN

Tot aan de Tweede Wereldoorlog werden de Gereformeerde Kerken gekenmerkt door klassiek gereformeerd belijden met een rationalistisch karakter, hoewel er ook een bevindelijke onderstroom was. Mede door de invloed van Karl Barth werd de heersende positie van het klassiek gereformeerd belijden steeds verder losgelaten.

Vanaf 1962 veranderde de kerk sterk van karakter en werd zij een open, plurale kerk met veel ruimte en vrijheid. In 1976 kreeg de synode te maken met de kritiek van theoloog Herman Wiersinga op de klassieke verzoeningsleer. Wiersinga nam afstand van de opvatting dat Christus plaatsvervangend de toorn van God over de zonde had gedragen.

In 1980 hebben de Gereformeerde Kerken het gezag van de Bijbel verder losgelaten met de aanvaarding van het rapport 'God met ons'. Deze ontwikkeling, die de kerken steeds pluriformer maakte, is vooral terug te vinden in het theologisch werk van prof. dr. Gerrit Cornelis Berkouwer en prof. dr. Harry M.

Het Samen op Weg-proces en de fusie tot de PKN

In 1962 startte het langdurige Samen op Weg-proces. Dit proces werd op 1 mei 2004 afgesloten met de fusie van de Gereformeerde Kerken in Nederland, de Nederlandse Hervormde Kerk en de Evangelisch-Lutherse Kerk tot de Protestantse Kerk in Nederland (PKN). Op dat moment hadden de Gereformeerde Kerken in Nederland circa 675.000 leden, waarvan 400.000 belijdende leden. Het kerkverband telde 857 plaatselijke kerken met ongeveer 1000 kerkgebouwen.

De veertien gemeenten en 7000 leden van de Evangelisch-altreformierte Kirche in Niedersachsen behoorden eveneens tot de Gereformeerde Kerken in Nederland. Een zevental gemeenten kon zich niet verenigen met de fusie en richtte op 8 mei 2004 de voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland op.

Dit gelooft een strenge christen | Wat Gelooft Nederland

Belangrijke publicaties en archieven

Er zijn diverse publicaties en archieven die relevant zijn voor de geschiedenis van de gereformeerde kerken:

  • De Bazuin was jarenlang het landelijke gereformeerde kerkblad dat ten voordele van de Theologische School te Kampen werd uitgegeven.
  • Het boek Verberg de verdrevenen. Predikanten die Joden hielpen 1940-1945, geschreven door Geert C., werd op 15 april 2026 in Utrecht gepresenteerd.
  • Het archief van de voormalige Gereformeerde Kerk in het Friese Beetsterzwaag (bij Drachten) is in bewaring gegeven bij de burgerlijke gemeente Opsterland.
  • De voormalige gereformeerde Ontmoetingskerk in Delft kreeg een opvallende nieuwe bestemming.
  • Het befaamde gereformeerde Zendingscentrum werd op 20 februari 1946 in Baarn geopend.
  • Dr. P. de Vries schreef Het Woord in het geding. een belangrijke publicatie over de uitleg van de Bijbel (13 april 2023).

Een archieftoegang biedt uitgebreide informatie over een bepaald archief, inclusief kenmerken, inleiding en inventaris. De kenmerken omvatten omvang, vindplaats, beschikbaarheid en openbaarheid. De inleiding geeft informatie over de geschiedenis van het archief en de archiefvormer. De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken.

Publicaties zoals De kerk van alle tijden (Selderhuis, J. H. Red.), De Nederlandse Hervormde Kerk vanaf 1795 (Rasker, A.J.), Om de schat van Christus' bruid (Zwaag, W. van der), Kleine geschiedenis van de gereformeerde gezindte (Golverdingen, M.), Het wonder van de negentiende eeuw (Algra, H. Keizer, G.) en Het Woord in het geding (De Vries, P.) bieden verdere inzichten.

De Gereformeerde Kerken in Nederland (GKN) telden in januari 1949 660.568 zielen, waarvan 343.802 belijdende leden.

De Parkkerk, gebouwd naar ontwerp van E.A.C. Roest, wordt beschreven als een typisch gereformeerde kerk.

Informatie over de ontwikkeling van kerken kan ook worden teruggevonden in jaartallen zoals:

  • 1926: Geref. Kerk in Hersteld Verband
  • 1944: Geref. Kerk vrijgemaakt
  • 2004: Grotendeels opgegaan in PKN, restant omgedoopt tot Voortgezette Gereformeerde Kerken

De kerkenraad van de Protestantse Gemeente Aalten heeft op 24 februari 2026 definitief ingestemd met het verbouwplan van de Oude Helenakerk.

De Zuiderkerk wordt genoemd als de enige 'eigen' kerk van de Prot. Gem. De voormalige gereformeerde Ontmoetingskerk in Delft kreeg een opvallende nieuwe bestemming.

De gereformeerde kerkregering (de Dordtse kerkorde) was afgeschaft. In 1833 werd de orthodoxe predikant Hendrik de Cock (predikant in Ulrum) aangeklaagd door het provinciale kerkbestuur van de Nederlands Hervormde Kerk.

De Dolerenden en het grootste deel van de Chr. Geref. waren betrokken bij deze ontwikkelingen.

De Gereformeerde Kerken Nederland waren wel lid van de internationale koepel ICRC.

De fusie tussen de DGK en GKN vond plaats op 5 oktober 2024.

tags: #top #200 #gereformeerde #kerk