Wellicht weet u niet goed wat u van een kerkdienst moet verwachten of hoe een kerkdienst verloopt. Hieronder vindt u een uitleg over de liturgie (programma) van onze kerkdiensten. Zoals gezegd bent u van harte welkom om onze kerkdiensten bij te wonen.
De zitplaatsen in de kerk zijn vrij. Als u een kerkdienst bijwoont, zal het u wellicht opvallen dat de vrouwen in onze kerk een hoed dragen. De grondslag hiervoor vinden wij in de Bijbel (1 Korinthe 11 : 5).

De opbouw van een kerkdienst: de liturgie
De liturgie is de opbouw van een kerkdienst. Een kerkdienst duurt doorgaans 1,5 uur. Voorin de kerk staan op (liturgie)borden de psalmen en gezangen die tijdens de kerkdienst worden gezongen. Op de borden staan de Bijbelgedeelten (afgekort) die aan de orde komen. Deze worden uitgelegd tijdens de preek, die de dominee heeft voorbereid.
De psalmen die wij zingen tijdens de kerkdienst en het gedeelte uit de Bijbel dat wij lezen, zijn aangekondigd op de liturgieborden in de kerkzaal.
Voorbereiding en binnenkomst
Voordat de kerkdienst begint, wordt het orgel al bespeeld. Dit creëert een meditatieve sfeer en helpt om tot rust te komen.

Wanneer u binnenkomt, wordt u verwelkomd door gemeenteleden die bij de deur staan. Zij heten u welkom en kunnen u de weg wijzen. Als u geen Bijbel heeft, kunt u er een lenen om mee te lezen en mee te zingen.
De kerk heeft een zij-ingang en een hoofdingang onder de toren. Een half uur voor aanvang van de dienst staan gemeenteleden bij de deur om u welkom te heten.
Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij technologieën zoals cookies om informatie over uw apparaat op te slaan en/of te raadplegen. Door in te stemmen met deze technologieën kunnen wij gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site verwerken. De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden.
De rol van de kerkenraad
Vlak voor de dienst begint, komt de kerkenraad binnen: de predikant, ouderlingen en diakenen. Zij dragen de verantwoordelijkheid voor de dienst. In een aparte ruimte in de kerk (‘consistorie’) hebben zij zich voorbereid op de dienst en in gebed gevraagd om Gods hulp.
Namens de kerkenraad heet één van de kerkenraadsleden alle kerkgangers welkom. Vaak is er ook een aantal mededelingen die aan de gemeente bekend worden gemaakt. Bijvoorbeeld voor wie de bloemschikking, die voor in de kerk staat, bestemd is. Ook zijn enkele mededelingen te lezen via de beamer projectie.
Een ouderling of diaken heet iedereen welkom en stelt de predikant voor. Hierna geeft hij de predikant een hand. Dit symboliseert de overdracht van de verantwoordelijkheid voor de dienst van de kerkenraad aan de predikant.
Als er geen predikant voorgaat, is er een leesdienst. Dit betekent dat een van de ouderlingen een preek voorleest.
De kerkenraad verlaat als eerste de kerkzaal. Bij het verlaten van de kerkzaal is er een extra collecte bij de deur.
Het begin van de dienst
Stil gebed
Aansluitend aan de binnenkomst van de kerkenraad is er een moment van stil gebed. Dit persoonlijke gebed in stilte dient als moment van voorbereiding.
In het stil gebed kunt u persoonlijk God vragen de kerkdienst te zegenen, de predikant of ouderling te helpen in het preken of bij het lezen en bidden. In het bijzonder mag u dan aan de HEERE God vragen of Hij u tijdens de preek persoonlijk door Zijn Woord wil raken. U kunt ook vragen of de Heere u wilt helpen om de preek goed te kunnen onthouden en of u niet afgeleid wordt tijdens de preek.
Tijdens het gebed sluiten wij onze ogen en vouwen we onze handen. Dit doen wij om ons beter op God te kunnen richten en om ermee te laten zien dat we afhankelijk zijn van Hem.

Votum en groet
Het votum wordt uitgesproken door de predikant. Met het uitspreken van het votum begint de echte kerkdienst. Votum is een Latijns woord en betekent “wens of gebed”. Het is een belijdenis, waarin we zeggen dat we in deze dienst de hulp van God verwachten, Die de hemel en de aarde gemaakt heeft.
Na het votum volgt de zegen. Omdat de predikant deze zegengroet uitspreekt als gevolmachtigde van Christus, ontvangen wij als gemeente deze groet ook in de gebedsgestalte: met gesloten ogen en gevouwen handen. De groet is een belofte van Gods aanwezigheid in de verdere kerkdienst. De groet begint met: ‘Genade zij u en vrede’ en wordt vervolgd met een kort bijbelcitaat (meerdere mogelijkheden).
Onze hulp is in de Naam des HEEREN, Die de hemel en de aarde gemaakt heeft. Als een dominee voorgaat, wordt daaraan toegevoegd: Genade en vrede zij u en vrede van Hem, Die is, en Die was, en Die komen zal; en van de zeven geesten, die voor Zijn troon zijn; en van Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de overste van de koningen der aarde.
Aanvangslied en overdracht
De predikant of ouderling noemt vervolgens de openingspsalm (of één van de gezangen die in ons psalmboek achter de psalmen staan). Als in de voorafgaande week een lid van de gemeente is overleden, dan wordt dit eerst afgekondigd en is de keus van de openingspsalm daarop afgestemd.
Na het welkom en de mededelingen zingen we een lied, waarbij we gaan staan als uitdrukking van onze eerbied voor God. Dit is een lied waarin God bezongen wordt: wie Hij is en wat Hij gedaan heeft. Ook daarvoor komt u samen als gemeente.
Na dit lied loopt een ouderling met de predikant naar voren. Op het liturgisch centrum geeft hij of zij de predikant een hand. Dat gebaar maakt duidelijk dat de leiding van de dienst in handen ligt vanaf dat moment van de predikant. Na de dienst is er opnieuw een handdruk en daarmee wordt de verantwoordelijkheid als het ware weer teruggegeven. Want een kerkdienst is geen ‘one-man-show’, maar een zaak van de hele kerkenraad en de hele gemeente.
De ouderling van dienst wacht dan de predikant onder aan de preekstoel op en wenst hem Gods Zegen.
Kernonderdelen van de kerkdienst
De lezing van Gods geboden
De Tien Geboden (ook wel de Wet des Heeren genoemd) kunt u vinden in Exodus 20 : 1-17 en in Deuteronomium 5 : 6-21. In de morgendienst worden de 10 geboden (‘Wet des Heeren’) voorgelezen (uit Bijbelboek Exodus 20).
Het voorlezen van de Wet heeft drie functies:
- De Wet is eigenlijk de spiegel waarin wij, bij het licht van Gods Geest, onze zonden zien tegenover God. Iedereen wordt opgeroepen om zijn of haar eigen hart en leven te toetsen aan de norm die God in de Tien Geboden stelt.
- Met de wens en het gebed dat de Wet ons brengt naar het verlossende werk van de Heere Jezus Christus aan het kruis.
- De Wet is ook een “regel van dankbaarheid”. Als wij de Heere God dienen met ons hart, willen wij niets liever dan zo leven als Hij in de Bijbel van ons vraagt.
De bedoeling van het voorlezen van de geboden is tweeledig. Enerzijds is dit moment een uitnodiging om eerlijk te worden naar onszelf, naar ons leven, naar onze woorden en daden. We spiegelen ons aan Gods gebod om te ontdekken dat we zelf vaak tekortschieten en dat voor God te belijden. Anderzijds is het ook een moment om opnieuw onszelf aan God toe te wijden. De geboden zeggen ons: dit is de weg die je mag gaan!
Als antwoord op de lezing van Gods goede geboden zingt de gemeente een psalmvers.
Schriftlezingen en gebed
Vervolgens wordt door een diaken een gedeelte uit de Bijbel voorgelezen, ook wel schriftlezingen genoemd. Vaak is dit het gedeelte waar de preek over zal gaan. De gedeelten die gelezen worden, worden uitgelegd en toegelicht in de preek.
Op de liederenborden, aan weerszijden van de preekstoel, staat vermeld welke liederen er gezongen worden, voor diegenen die een liedboek gebruiken. De tekst van de liederen en de schriftlezingen worden in de ochtenddiensten en bij sommige avonddiensten (o.a. Goede Vrijdag, jeugddiensten) op de muur geprojecteerd.
De Apostolische Geloofsbelijdenis die achter in de Bijbel staat en 's middags wordt uitgesproken, heeft een ander karakter dan de Wet.
Het lezen van de Bijbel is één van de belangrijkste gebeurtenissen tijdens de dienst. Als wij een gedeelte uit de Bijbel horen voorlezen, is het God die op dat moment direct tot ons spreekt.
Voor we de bijbel gaan lezen, bidden we of God bij ons wil zijn door Zijn Woord en Geest. Dat wil zeggen, we bidden dat de oude woorden van de bijbel nieuw voor ons zullen zijn, zodat we ons echt aangesproken weten. Daarom bidden we ook om de hulp en de leiding van de Heilige Geest.
Na het lezen van het Bijbelgedeelte volgt een gezamenlijk gebed. In dit gebed vraagt de predikant of de ouderling onder meer om een zegen over de dienst. In de morgendienst worden eveneens de zorgen van de leden van de gemeente aan God voorgelegd (voorbede) en wordt gedankt voor het goede dat God in de voorgaande periode heeft geschonken (dankzegging).
Als we bidden spreken we met de Heere God. We bidden om Gods zegen in de kerkdienst. De dominee spreekt het gebed uit en de kerkgangers bidden mee. We bidden voor de wereld, zieken, rouwenden, enz.

De preek
De preek is de uitleg en de toepassing van het gelezen gedeelte uit de Bijbel. Door middel van de preek wordt het Woord van God zoals dat in de Bijbel staat aan iedereen uitgelegd en de opdracht uit 2 Timotheüs 4 : 2 (Predikt het Woord) uitgevoerd.
In iedere preek zal de predikant een bepaalde tekst uitkiezen als “centrum” van de preek. Hij legt de context van het Bijbelgedeelte uit en werkt de gekozen tekst uit aan de hand van een aantal aandachtspunten. Bij de afronding van de preek wordt soms heel specifiek op de toepasbaarheid van de inhoud van de preek voor ons persoonlijke geestelijk leven ingegaan, maar vaak gebeurt dit ook al tijdens de preek.
De preek beslaat een groot deel van de duur van de kerkdienst. De uitleg van wat God door Zijn Woord tot ons heeft te zeggen en hoe wij dat in ons eigen leven kunnen toepassen vinden wij belangrijk.
In een preek wordt het Woord van God uitgelegd en toegepast in onze concrete situatie. De bijbel moet uitgelegd worden. Het is een boek dat eeuwen geleden geschreven werd, voor mensen in een heel andere cultuur dan nu. Maar tegelijk is het een boek dat zeggings- en geldingskracht heeft voor mensen vandaag. De oude woorden krijgen een nieuwe toepassing. In de preek wordt als het ware een brug geslagen tussen de bijbeltekst van toen en ons en onze situatie, hier en nu. Juist ook met het oog daarop hebben we gebeden om de leiding van de Heilige Geest.
De preek wordt één- en soms tweemaal onderbroken door het zingen van een psalm. Door deze onderbrekingen blijft de aandacht van de mensen bij de preek.
De preek neemt een centrale plaats in de dienst in.
Afsluiting van de dienst
Dankgebed en collecte
Na de preek volgt het dankgebed. In het dankgebed wordt God gedankt voor het Woord dat Hij gaf, voor de uitleg en voor de krachten die Hij de predikant of ouderling heeft geschonken om zijn werk te doen. Ook wordt God gevraagd of Hij Zijn Woord wil zegenen.
Na het dankgebed worden er enkele verzen van een psalm gezongen. Tijdens het zingen wordt er gecollecteerd. Het collecteren wordt gedaan door de diakenen. Er zijn 3 collectezakken waar ieder een bijdrage in doet.
Aansluitend op de voorbede geven we onze gaven. Er worden twee collectes gehouden. De ene is meestal bestemd voor een zogenaamd ‘diaconaal’ doel. Dat wil zeggen, hiermee wordt hulp geboden aan mensen, ver weg of dichtbij, die dat nodig hebben. De andere collecte is bestemd voor de eigen gemeente: de gebouwen, de werkers en het werk dat er plaatsvindt.
Terwijl het orgel speelt, wordt er een collecte gehouden. De dominee heeft de doelen van de collecte genoemd. Dit kan zijn voor de kerk, voor financiële steun aan minder bedeelden of voor een bijzondere actie.

Slotlied en zegen
Na de slotzang worden er mededelingen namens de kerkenraad gedaan. Ten slotte volgt de zegengroet of zegenbede uit de Avondzang. De hele gemeente gaat dan staan, dus de mannen en de vrouwen, en iedereen neemt de gebedshouding aan: gesloten ogen en gevouwen handen.
Het afsluitende lied is opgewekt van toon. We gaan daarbij staan en zingen van Gods trouw en goedheid. Zo mogen we de kerk verlaten, als mensen die gesterkt en bemoedigd verder kunnen.
Na het zingen van de laatste psalm gaat iedereen staan. Daarna volgt de zegen die de dominee namens God oplegt. Dit is de belofte dat Hij ieder nabij wil zijn en vrede wil geven. Met een handdruk geeft de dominee de leiding weer terug aan de ouderling; de kerkenraad verlaat met de predikant als eerste de kerk.
Namens God legt de voorganger de zegen van God op de gemeente met woorden uit de Bijbel. De zegen is meer dan een wens. Het is een belofte: God gaat met u, met jou mee! Daar kun je zeker van zijn. Als onderstreping daarvan maakt de predikant een zegenend gebaar met beide armen. We krijgen als het ware collectief de handen opgelegd.
De Betekenis van de Sabbat Oorsprong
Verdere informatie en contact
Heeft u een vraag naar aanleiding van het lezen van deze uitleg of nadat u een dienst hebt bijgewoond? Neem dan gerust contact met ons op via contact.
Benieuwd geworden? Als je meer wilt weten, neem dan contact op met Ds.
De kerkdiensten worden aangekondigd in het kerkblad en kunt u vinden in het 'Diensten overzicht' op onze site.
tags: #welkom #en #mededelingen #kerkdienst