Evangelische Broedergemeente: Geschiedenis, Organisatie en Wereldwijde Impact

De Evangelische Broedergemeente (EBG), ook wel bekend als de Hernhutters of de Moravische Kerk, is een protestantse kerk met een rijke geschiedenis die teruggaat tot het voormalige Tsjechoslowakije, meer specifiek Moravië en Bohemen. Haar oorsprong ligt in de 15e eeuw, voortkomend uit de Hussitische beweging. Na de veroordeling en executie van Johannes Hus in 1415 ontstond er onrust in Bohemen en Moravië, wat leidde tot een afscheiding van de Rooms-Katholieke Kerk. Een kleine groep, die zowel het geweld van radicalen als compromissen met Rome afwees, trok zich rond 1457 terug in het dorp Kunwald om volgens de Bijbel en in navolging van Christus te leven, wat gepaard ging met strenge tucht.

De Broedergemeente breidde zich snel uit over Bohemen en Moravië en telde in het begin van de 16e eeuw wel honderdduizend leden. Vanaf het begin werd de gemeenschap vervolgd en nooit door de overheid erkend. De vervolging nam toe, wat leidde tot de gevangenschap van bekende figuren zoals bisschop Jan Augusta. De Broedergemeente sloot zich aan bij de Reformatie. Toen het kerkelijk leven in het thuisland onmogelijk werd, verplaatste de gemeenschap zich grotendeels naar Polen, waar men een overeenkomst sloot met de lokale Gereformeerden en Lutheranen.

Na de Vrede van Münster in 1648, die protestanten godsdienstvrijheid garandeerde, bleek de Broedergemeente, ook wel "Unitas Fratrum" of "Gemeenschap der Broeders" genoemd, vergeten. De kerk van martelaren moest haar weg van vervolgde kerk voortzetten. In Bohemen en Moravië werd de Broedergemeente vrijwel volledig uitgeroeid. De laatste bisschop, Jan Amos Comenius, een gerespecteerde pedagoog en moedige kerkleider, zocht tevergeefs hulp voor de "stervende moeder, de BroederUniteit".

historische illustratie van Jan Amos Comenius

Rond 1720 werd het overblijfsel van de Broedergemeente in Bohemen en Moravië nieuw leven ingeblazen door piëtisten uit het Duitse grensgebied. Er ontstond een sterk verlangen naar geestelijke vrijheid en de bereidheid om bezit en werk op te geven voor een nieuw vaderland. Onder de bezielende leiding van Nikolaus Ludwig Graf und Herr von Zinzendorf und Pottendorf (1700-1760) begon de geschiedenis van de hernieuwde Broedergemeente met de aankomst van de eerste Moravische gezinnen op het landgoed Mittelberthelsdorf van Zinzendorf in 1722. Hier werd de nederzetting Herrnhut gesticht, wat "onder de hoede van de Heer" betekent.

Zinzendorf, die een piëtistische achtergrond had en een innig geloof verbond met het lutheranisme, streefde naar een levend en oprecht geloof in Jezus Christus, wars van dogmatische meningsverschillen. Door intensieve zielzorg bereikte hij dat de kolonisten ontvankelijk werden voor de Heilige Geest, hun eigenwilligheid inzagen en door broederliefde tot een levende gemeente werden verenigd. Deze innerlijke vernieuwing en versterking van de hele gemeente, ook onder de kinderen, markeerde een nieuw begin.

portret van Nikolaus Ludwig Graf von Zinzendorf

Wereldwijd Zendingswerk en Vestiging in Nederland

In 1732 vertrokken de eerste twee broeders naar St. Thomas om onder de slaven in West-Indië te werken, wat het begin markeerde van het Hernhutter zendingswerk. De Moravische emigranten bleken uitstekende zendingspioniers, die niet terugdeinsden voor reizen naar ijsstreken of tropen om het evangelie te brengen aan diverse volkeren. Zo breidden zij hun zendingswerk uit naar West-Indische eilanden (1732), Groenland (1733), Noord-Amerika (1734), Suriname (1735) en Zuid-Afrika (1736).

Om ook in Indië het evangelie te kunnen verspreiden, vestigden de Hernhutters zich vanaf 1734 in Nederland, omdat er veel schepen naar Indië voeren. Hier kwamen ze in contact met doopsgezinden die zich tot de Broedergemeente aangetrokken voelden. Toen Zinzendorf in 1736 naar Nederland kwam, sloten deze doopsgezinden zich aan, wat de vestiging van de Broedergemeente in Zeist mogelijk maakte. Vanaf 1738 waren er vaste kringen in Amsterdam en Haarlem, en een eigen huisgemeente genaamd 's-Heerendijk.

Cornelis Schellinger, broer van de Amsterdamse koopman Jacob Schellinger, kocht de heerlijkheid Zeist. In 1746 werd op het Slot Zeist een grote synode gehouden. In de jaren daarna werd een nieuwe nederzetting gebouwd in de voortuinen van het Slot, met het Broederhuis en het Zusterhuis als eerste gebouwen. In deze huizen leefden ongetrouwde gemeenteleden in gemeenschap, beoefenden ambachten en leidden een rijk godsdienstig leven met dagelijkse samenkomsten.

historische foto van het Slot Zeist en de Broedergemeente nederzetting

In 1768 werd op het Zusterplein een kerkzaal annex pastorie en kosterswoning gebouwd. De kerkzaal, die van buiten niet direct als zodanig herkenbaar is, kreeg pas in 1853 een torentje. Binnenin doet de zaal denken aan een feestelijke ruimte en dient als 'woonkamer' van de gemeente voor kerkdiensten, feesten, concerten en andere bijeenkomsten.

In 1793 werd het Zeister Zendingsgenootschap opgericht om het zendingswerk in Suriname en andere landen te ondersteunen. Vele zendelingen werden vanuit Zeist naar Suriname uitgezonden voor werk in de kerk, scholen, bedrijven en de medische zending. Innovatieve bedrijven, zoals de bakkerij van het Broederhuis, een warenhuis met vaste prijzen, de Kachelfabriek Martin en de zinkgieterij Schütz & Zoon, droegen bij aan de ontwikkeling van Zeist in de 19e eeuw. Tot ver in de 20e eeuw was de groothandel Van Wees en Weiss gevestigd op de Pleinen. Scholen waren ook belangrijk, en tot op heden is de Comeniusschool aan de Zinzendorflaan verbonden met de Broedergemeente.

Organisatie en Structuur van de Evangelische Broedergemeente

Hoewel de Evangelische Broedergemeente bisschoppen heeft, is het geen episcopale kerk. Het is een typisch synodale kerkgemeenschap. Stemgerechtigde leden van alle plaatselijke gemeenten kiezen afgevaardigden voor de synode, die om de twee jaar bijeenkomt. De Synode is de kerkelijke beraadslaging die ten dienste staat van de Broeder-Uniteit. De verantwoordelijkheid van de Synode is het opbouwen van de gemeente in elk opzicht en het laten toegroeien naar Christus.

Tijdens de Synode worden de principes van het kerkelijk leven vastgelegd, afspraken geëvalueerd, nieuwe voorstellen bestudeerd en het beleid voor de komende jaren uitgestippeld. De Synode heeft het hoogste gezag, stelt de Kerkorde vast en kiest het Provinciaal Bestuur en verschillende Intersynodale commissies. Het Provinciaal Bestuur is de hoogste beheer instantie van de Provincie en handelt in naam en opdracht van de Synode, waaraan het rekenschap aflegt.

De Kerkorde legt de regelgeving en organisatie van de Broedergemeente vast. Elk land met een zeker aantal gemeenten vormt een Kerkprovincie. Zweden, Denemarken, Nederland en Zwitserland vormen met Duitsland de Europees-Continentale Uniteitsprovincie. Andere provincies zijn bijvoorbeeld Suriname, Engeland, Zuid-Afrika en Noord-Amerika. Deze provincies vormen samen de Grote Broederuniteit, die om de zeven jaar een Uniteitssynode houdt.

Op lokaal gemeenteniveau ligt de leiding in handen van de Oudstenraad, die door kiesgerechtigde gemeenteleden wordt gekozen. Predikanten en penningmeesters zijn ambtshalve lid van de Oudstenraad. Predikanten worden door het Provinciaal Bestuur beroepen.

De Evangelische Broedergemeente Nederland (EBG) maakt deel uit van de Europees-Continentale Provincie (ECP) van de Unitas Fratrum, de officiële naam van de wereldwijde Broeder-Uniteit. Wereldwijd zijn er 24 zelfstandige Provincies. Binnen de EBG Nederland zijn veel vrijwilligers actief in diverse groepen, georganiseerd in 6 teams met coördinatoren en plaatsvervangers. Regelmatig overleg tussen de coördinatorenteams bevordert de onderlinge bekendheid.

schematische weergave van de organisatie van de Evangelische Broedergemeente

De Evangelische Broedergemeente Vandaag

De Evangelische Broedergemeente is wereldwijd actief in meer dan 25 landen en telt ongeveer 800.000 leden. De kerk kenmerkt zich door openheid en verbondenheid, en hecht waarde aan oecumenische contacten. De Bijbel is de enige bron voor het geloof, en de kerk verschilt in haar grondleggende geloofsinhoud niet van andere protestantse kerken. Een bijzonderheid is het internationale karakter en het uitgebreide zendingswerk.

In Nederland is de Broedergemeente vooral bekend door haar zendingswerk in Suriname, waar ongeveer 40% van de creolen lid is van de EBG. Als een van de weinige kleine kerkgenootschappen is de EBG erkend als aparte schooldenominatie door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Er zijn basisscholen verbonden aan de Broedergemeente, zoals "Crescendo" in Amsterdam-Zuidoost en "Comenius" in Zeist.

De Evangelische Broedergemeente is ook bekend door de uitgave van de dagteksten, de "Losungen". De gemeente heeft sinds 1980 een thuis gevonden in de Rotterdamse wijk Kralingen, waar geloof in de drie-enige God wordt gevierd, met Jezus Christus centraal. De Broedergemeente nodigt uit tot het belijden van geloof in woord en daad en streeft ernaar een thuis te bieden aan haar leden.

tags: #evangelische #broerder #gemeente