Inleiding: De opkomst van aanbiddingsmuziek in evangelische gemeenten
Moderne aanbiddingsliederen, een vorm van christelijke aanbiddingsmuziek, hebben een sterke verbreiding gekend binnen evangelische gemeenten. Tenzij predikanten en gemeentelijke leiders een scherp inzicht hebben in wat muziek communiceert, kunnen zij zich laten leiden door de aantrekkingskracht die passiegerichte muziek op velen uitoefent. Dit plezier wordt dan vaak geïnterpreteerd als ‘een zinvolle verbinding’ met de muziek.
Dit artikel wil een kritische blik werpen op de hedendaagse christelijke aanbiddingsmuziek, met speciale aandacht voor de muziek binnen de gemeente en de kerk. Het is echter belangrijk te benadrukken dat dit niet betekent dat er tegen aanbiddingsmuziek of vernieuwing in het algemeen is. Als muziekliefhebber en amateurmuzikant is er juist altijd een voorstander geweest van het vernieuwen van kerkmuziek, weliswaar binnen bepaalde grenzen.
De grenzen van muzikale vernieuwing: rockconcerten in de kerk?
De behoefte om naar een ‘rockconcert’ te gaan op zondagochtend is er niet. Er zijn kerken waar dit de realiteit is: populaire, luide worship muziek, begeleid door een getalenteerd muzikaal team, met een lichtshow op het podium en zelfs rookmachines. Dit kan aanvoelen als het betreden van een popconcert. Voor velen, waaronder ouderen, jongeren en mensen met beperkingen zoals gehoorproblemen of hooggevoeligheid, is dit echter een verschrikking en kan het hen ‘de kerk uitjagen’.
Toen de spreker als tiener de charismatische pinksterbeweging betrad, was dit op muzikaal gebied een verademing. De stoffige psalmen en gezangen, begeleid door een orgel, maakten plaats voor keyboards, gitaren en drums. In die tijd, begin jaren ’80, was dit vaak nog onversterkt. De zangdienst was belangrijk; er werd veel, lang en met enthousiasme gezongen. Naast de muziek was er ook ruimte voor gebed, ‘profetieën en tongen’, en de prediking. De toen nog schaarse Opwekkingsliederen waren vaak kort, werden ook wel ‘koortjes’ genoemd, en werden 3 tot 4 keer herhaald.
Evolutie van muzikale keuzes in gemeenten
In de jaren daarna stapte de spreker over naar de vrije baptistengemeenten. Ook daar werd een mix van liederen gezongen. Opwekking werd af en toe gezongen, met de nadruk op evenwicht. Langzamerhand veranderde dit in de vrije gemeenten, waar uiteindelijk nagenoeg alleen nog maar Opwekkingsliederen werden gezongen. Om ‘de oudjes tevreden te houden’ werd er soms nog een lied uit Johannes de Heer gezongen.
Ervaringsgerichtheid versus Bijbelse boodschap
Bij veel mensen is de aanbiddingsdienst erg ervaringsgericht geworden, vergelijkbaar met een concert. Hoewel hier op zich niets mis mee is, speelt de spreker zelf al meer dan 30 jaar in de muziekgroep van een kerk en speelt hij ook de ‘Opwekkingsliederen’. Er is echter een fundamenteel verschil, in de ogen van de spreker, tussen het bezoeken van een (christelijk) concert en het deelnemen aan een samenkomst waar de ontmoeting met God centraal staat. Het gevaar van een ervaringsgerichte zangdienst is dat menselijke emoties en gevoelens te veel op de voorgrond komen te staan.
Kritiek op teksten: infantiel en onbijbels?
Wat de spreker zich de afgelopen jaren steeds meer is gaan storen, is het infantiele niveau en het onbijbelse karakter van veel teksten. Zinnen als ‘Til mij op, neem mij in uw armen. Til mij op, ik wil U omarmen. Kan dat niet, bij God op schoot?’ roepen vragen op. Verwijzend naar Spurgeon, die schreef over zijn verdriet en hoe hij dan ‘als een kind die bij zijn moeder geborgen is’ geborgenheid van God ervaarde in zijn privéomgang, niet voor een ‘lekker onderbuikgevoel’. Het gevoel dat men God zou kunnen omarmen, de Alomtegenwoordige, wordt als problematisch ervaren, omdat het God te klein maakt. God wordt dan gereduceerd tot ‘de lieve pappa’ waar je altijd terechtkunt. De God die zonde niet verdraagt, die enorm veel groter is dan wij, zelfs zo groot dat men in het Oude Testament niet kon zien zonder te sterven (Exodus 33:20, Johannes 1:18), lijkt te ontbreken.
De afwezigheid van zonde, oordeel en de verloren toestand van de mens
De algemene tendens in veel hedendaagse liederen is dat er niet vaak of veel over zonde, oordeel of de verloren toestand van de mens gesproken wordt. Hoewel de Bijbel leert dat Jezus de straf voor zonde heeft gedragen en gelovigen niet meer veroordeeld worden, betekent dit niet dat mensen zondeloos zijn of niet meer door God beoordeeld worden. Petrus schrijft (1 Petrus 4:17): ‘Want nu is het de tijd dat het oordeel begint bij het huis van God; en als het eerst bij ons begint.’ God oordeelt eerst zijn eigen kinderen, en daarna de wereld. Dit oordeel is niet aan ons als christenen.
Gebrek aan bijbelkennis en de rol van liederen
Otto de Bruijne uit in een interview zijn frustratie over het simplisme in de evangelische wereld, waar soms mensen zonder diepgaande kennis prediken en dit als ‘het werk van de Geest’ wordt gezien. Hij noemt concepten als ‘bij God op schoot’ en ‘thuiskomen bij de Vader’ sentimenteel en feminien geneuzel, en benadrukt zijn Calvinistische en Gereformeerde identiteit. Hoewel zijn uitspraken als grof kunnen worden ervaren, raakt hij een belangrijk punt: het gebrek aan bijbelkennis. Vroeger werden liederen gebruikt om dit gebrek aan kennis bij de mensen die de liederen leerden weg te nemen. Liederen, zoals de Psalmen in de Bijbel (Psalm 4:1, Psalm 32:1, Psalm 45:1, Psalm 53:1, etc.), waren onderwijzend van aard. Voor mensen die niet konden lezen en schrijven, waren het leren van liederen met belangrijke Bijbelse begrippen een steun voor hun geloof.
Tegenwoordig is er, ondanks geletterdheid, sprake van een enorm Bijbels analfabetisme onder christenen. De vraag is hoeveel mensen nog regelmatig de Bijbel bestuderen, zoals via een Bijbelkring of online cursus, en hoeveel mensen op zondag hun Bijbel meenemen naar de kerk. Het argument ‘dat hoeft niet, het staat wel op het scherm’ draagt bij aan dit Bijbels analfabetisme. De Gereformeerde School met de Bijbel van vroeger, waar wekelijks een Psalm of Gezang uit het hoofd leerden, alle boeken van de Bijbel kenden en elke maandagochtend samen lazen, wordt als voorbeeld genoemd van een diepere bijbelkennis.
Geest en verstand versus emotie in aanbidding
In 1 Korintiërs 14 geeft de apostel Paulus principes voor het gebruik van de gaven van de Geest in de gemeente. In vers 15 zegt hij: ‘ik zal lofzingen met mijn geest, maar ook lofzingen met mijn verstand.’ Emotie of gevoel wordt hier niet genoemd, noch verboden. Echter, tegenwoordig staat ervaring en emotie voorop, niet ‘geest en verstand’. Soms hoort men zelfs de bewering dat men ‘zijn verstand moet leren uitschakelen, dat staat de Geest in de weg’.
Zingen en prijzen van God, Hem grootmaken, en daardoor geestelijk en verstandelijk opgebouwd worden, is Bijbels. Dit mag best met moderne instrumenten gebeuren. De Psalmen zijn hierbij een goede leidraad. Het Nieuwe Testament zegt niet zo veel over muziek, behalve dat Jezus een lied zong (Matteüs 26:30), Paulus en Silas zongen in de gevangenis (Handelingen 16:25-26), en Kolossenzen 3:16 een aanwijzing geeft. De liederen in het Nieuwe Testament waren waarschijnlijk Psalmen, die boete, lofprijzing, onderwijs, gebed en het uiten van nood bij God bevatten.
Analyse van moderne aanbiddingsliederen
In de moderne aanbiddingsmuziek wordt weinig boetedoening gevonden. Lofprijzing is er in overvloed, maar de vraag is of deze liederen God lof en eer brengen, of slechts onze emotie kietelen. Onderwijs is zeer beperkt en vaak in strijd met de Bijbelse leer. Liederen voor gebed, troost en steun zijn er wel, maar essentiële punten, met name het onderwijs, ontbreken. Dit onderwijs is noodzakelijk voor geestelijke groei.
De evangelische gemeenten en orthodoxe kerken hebben klakkeloos de ‘aanbiddingsliederen’ uit de charismatische beweging overgenomen. Het probleem ligt niet in het hedendaagse karakter, noch in de charismatische achtergrond van de songwriters. Er zijn vele mooie hymnen geschreven door mensen met theologieën die niet iedereen deelt. Het probleem is de hybride-vorm van samenzang die is geïntroduceerd, waarbij de klassieke samenzang mogelijk volledig vervangen zal worden door de ‘aanbiddingsdienst’ zoals die in de charismatische beweging bekend is, inclusief de problematische liederen.
De noodzaak van inhoudelijke liederen
Een terugkeer naar vroeger is niet wenselijk, aangezien twee generaties gewend zijn aan de huidige vorm. Echter, er is zorg over de toekomstige generaties en wat zij leren van de liederen die in de diensten worden gezongen. Hoewel de spreker als gereformeerd opgevoed kind blij was van de psalmen en gezangen af te zijn, vooral de vorm van samenzang, erkent hij dat liederen zoals Psalm 42 (“het hijgend hert”) destijds niet begrepen werden en zelfs niet op de gemeente van Christus Jezus slaan, maar op Israël. Er wordt dan ook niet gepleit voor een ‘terug naar vroeger’, maar wel voor liederen met inhoud, zoals die te vinden zijn in de Bundel van Johannes de Heer, die de Bijbelse waarheid onderwijzen.
De rol van gebed in de kerkdienst
Bid en gebed worden in de bijbel uitgebreid behandeld. Bidden is het zich wenden tot God, waarbij allerlei overwegingen en bekommernissen worden geuit. Het is een uiting van het menselijk geestesleven, geworteld in de concrete leef- en werksituatie. Bidden impliceert het besef dat de wereld meer is dan een mechanische orde, geschiedenis meer dan blind noodlot, en het leven meer dan een biologisch-neurologisch proces. De biddende mens leeft met een mentale gerichtheid, die invloed heeft op het leven en de wereld, met name door het wilskrachtige vermogen.
Verschillende aspecten van gebed
- Vraaggebed: gericht op het willen bereiken van iets, met een wilsintentie.
- Dankbaarheid: gebed als uiting van dankbaarheid, berouw en verslagenheid.
- Reflectief gebed: gericht op gebeurtenissen of omstandigheden, waarbij het denkvermogen wordt ingeschakeld.
- Aanroepen en aanspreken: God aanroepen op zijn deugden.
Vooronderstellingen bij gebed
Bij het bidden spelen bepaalde vooronderstellingen een rol, zoals het geloof in de persoonlijkheid van God en de zekerheid van zijn aanwezigheid. Dit geeft het gebed de structuur van verkeer en communicatie, een persoonlijke verhouding met God. De menselijke behoefte aan hulp en de goddelijke bereidheid om te helpen worden hierbij op elkaar betrokken.
Gebed als coping-strategie en hoop
Gebed is niet slechts iets verlangen, maar vragen met een wilsintentie. Het is energetisch en omvat het willen, voelen en denken. Bidden is diep verankerd in het menselijke streven naar geluk, en het niet neerleggen bij het gegevene. Het is een uiting van veerkracht en levenslust, een appel op de God van het leven. Het gebed bevindt zich tussen klacht en verlangen. Mensen streven naar geluk, uiten verdriet en klagen over lijden, in de hoop dit te overwinnen. Bidden is het uitspreken van de wereld en het leven, vaak spontaan als schietgebedje, of door ingrijpende levenservaringen.
Hindernissen voor gebed
Het natuurwetenschappelijke denkklimaat, een seculier leefklimaat en de verschrikkingen van natuurrampen en tragedies kunnen de biddeloosheid versterken. Het gebrek aan ruimte voor goddelijke betrokkenheid, de moeilijkheid voor de menselijke geest om God te vinden, en het ontbreken van gedeelde culturele of maatschappelijke waardepatronen dragen bij aan dit fenomeen.
De rol van de kerk in gebed
De kerk als huis van gebed brengt de vragen en verlangens van kerkgangers tot uitdrukking voor Gods aangezicht. De kerk beschikt over religieus kapitaal, een gebedstraditie en een agenda. De liturgie, met name het kerklied als gezongen gebed, heeft een kanaliserende functie voor het gemoedsleven.
Liturgisch gebed versus persoonlijk gebed
Er kan een vloeiende overgang zijn tussen persoonlijk gebed en gebeden in de kerkdienst. Echter, wanneer er weinig persoonlijke gebedsleven is, kan de overgang naar het liturgisch gebed groter zijn. Kerkgangers komen in de kerk in aanraking met een grotere variëteit aan gebedsmodi, gevormd door de taal en traditie van de kerk. Kerkelijke gebeden en liederen vertolken levens- en geloofservaringen van concrete mensen.

Dankzegging als kern van gebed
In de kerkdienst worden kerkgangers meegenomen in de dankzegging, waarbij de gemeente zich tot God wendt op grond van Gods zelfopenbaring. De dankzegging is georiënteerd aan het leven en lijden van Jezus, en trekt alle wederwaardigheden van het leven in de horizon van Gods goedheid. Hoewel de dankzegging de kern van de gebedspraktijk zou moeten vormen, is het vraaggebed vaak dominanter, mogelijk omdat dit het langst overeind blijft in een geseculariseerd leven.
Schuldbelijdenis en verootmoediging
Naast de doxologie en het vraaggebed hebben verootmoediging en schuldbelijdenis een geordende plaats in de kerkdienst. Wie tot God spreekt, moet beginnen met een oprechte schuldbelijdenis, die het besef uitdrukt dat men alleen met God kan spreken als Hij genadig is. Dit is niet bedoeld om schuld aan te praten, maar om de nieuwe werkelijkheid van het rijk Gods en de radicaliteit van de genade in het licht te stellen. Zowel de Gereformeerde als de Rooms-Katholieke kerkdienst kennen een schuldbelijdenis aan het begin.
Het wezen van gebed: een puur geestelijke grootheid
Het wezen van het gebed is een puur geestelijke grootheid, de directe expressie van een oersterke zielservaring. Het vindt zijn oorsprong in de menselijke subjectiviteit en is een expressie van een subjectieve, krachtige gemoedsaandoening. Er wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende gebedstypen, waaronder het profetische type, dat kenmerkend is voor de joodse en christelijke traditie, waarin God de trekken van de menselijke persoonlijkheid heeft.
Profetisch bidden en de directe uiting van het hart
Profetisch bidden is een naïef ‘uitgieten van het hart’, het directe uitspreken van de prangende nood en het smachtende verlangen. Het is een bede om verhoring, hulp, genade en heil. Dit primitieve bidden leeft weer op, religieus verinnerlijkt en zedelijk verlicht, maar onverzwakt in zijn concrete realiteitsbesef. De aandacht gaat hierbij vooral uit naar grote religieuze persoonlijkheden en profetische gestalten uit de Bijbel.
De rol van het gemoed en de consequenties voor kerkelijk gebed
In de piëtistische vroomheid van de Nadere Reformatie wordt het gebed gezien als een uitdrukking van heilige begeerten tot God, voortkomend uit een wedergeboren hart. Hierbij worden verstand, wil en hartstochten, ogen, mond, handen en knieën ingespannen. Het gemoed speelt een belangrijke rol. Deze benadering heeft consequenties voor het gebed in de kerkdienst, waarbij het persoonlijke gebed als de meest authentieke vorm wordt beschouwd. Stilistische vormgeving en institutionalisering worden dan snel gezien als ‘verval’.

Collectieve uitingen en de oorspronkelijke spontaniteit
Hoewel vaste formuliergebeden en refreinen soms als verval worden gezien, wordt gesuggereerd dat ook het liturgisch gemeentegebed oorspronkelijk een innerlijke, gedreven uitdrukking was van een gemeenschappelijke religieuze ervaring. In tijden van religieuze opwekking stroomt het vroomheidsleven over op alle leden van de gemeente. Het middelpunt van het liturgisch bidden is de lofprijzing op Gods grootheid en macht, en dankzegging voor het geschonken heil. Dit wordt onderbouwd met Bijbelteksten uit Handelingen 2:47 en 1 Korintiërs 1:4.
Praktische hulpmiddelen voor gebed
Voor wie verlangt naar een rijker of meer gestructureerd gebedsleven, maar door de drukte van het dagelijks leven weinig tijd vindt, zijn er hulpmiddelen beschikbaar. De podcast ‘Bidden Onderweg’ biedt dagelijks ongeveer tien minuten gebedstijd. Aan de hand van een leesrooster wordt gemediteerd op de bijbeltekst van de dag, met ruimte voor verdieping, stilte en muziek.
Bidden wordt beschreven als God ontmoeten. Regelmaat is belangrijk voor het verdiepen van het gebedsleven, net zoals vriendschappen verdiepen door tijd met elkaar door te brengen. Het kan helpen om gebed in de agenda te zetten en dagelijks op een vast moment enkele minuten te reserveren.
Diversiteit in gebed en ontmoeting met God
De katholieke, protestantse en evangelische tradities hebben eigen invullingen gegeven aan de ontmoetingen tussen mens en God. Kloosterlingen bidden de getijden, in evangelische kerken gaan de handen in de lucht en zingt men mee met de band. Persoonlijk gebed is er voor iedereen, ongeacht hoe gemakkelijk men woorden vindt, hoe lang men zwijgt, of hoe vaak men bidt. Het simpelweg sluiten van de ogen en bidden is al een manier om God te ontmoeten.
Kritische beschouwing van de liturgie in de Protestantse Kerk in Nederland
Een liederenonderzoek binnen de Protestantse Kerk in Nederland wees uit dat de twintig meest geliefde liederen afkomstig zijn uit verschillende zangbundels, waaronder het Liedboek 2013, de Psalmberijming 1773 en Opwekking. Het lied ‘Ga met God’ werd door één op de zes deelnemers als favoriet aangemerkt. Leden van de Protestantse Kerk blijken de traditie te eren: Liedboek en orgel zijn favoriet als het gaat om liedkeuze en begeleiding in de eredienst, zonder significant verschil tussen leeftijdsgroepen.
De spreker uit kritiek op de manier waarop in veel evangelische gemeenten de liturgie wordt vormgegeven. Het zingen van liederen als ‘de Heer welkom is in ons midden’ impliceert dat de gemeente de gastheer is en God vereerd dat Hij mag komen. Dit wordt als een omgekeerde wereld beschouwd, aangezien het erom gaat of wij, als zondige mensen, überhaupt welkom zijn bij God. In het Oude Testament leidde het betreden van het heiligdom zonder bevoegdheid tot de dood. Dit illustreert de noodzaak om de gang van zaken in kerkdiensten kritisch te onderzoeken.
tags: #evangelische #kerk #muziek #bidden