GGiN Ledenstand per 1 januari 2024
Per 1 januari 2024 telden de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (GGiN) 12.040 leden en 11.129 doopleden, wat neerkomt op een totaal van 23.169 personen. Dit blijkt uit het nieuw verschenen kerkelijk jaarboek 2024.
Eerdere jaren met een significante afname van het ledental waren 2020, met een daling van 226 leden, en 2023, met een daling van 260 leden. Opvallend in 2023 was de aanzienlijke daling in het aantal doopleden (262) in vergelijking met de daling in het aantal belijdende leden (4).
Tot 2017 kende het kerkverband altijd meer doopleden dan belijdende leden. Vanaf dat jaar keerde deze verhouding om, en sindsdien nam het aantal doopleden jaarlijks sneller af dan het aantal belijdende leden.

Redenen voor Ledendaling in 2023
De daling in het ledental in 2023 wordt voornamelijk verklaard door het vertrek van 702 personen uit de GGiN. Van hen verlieten 227 leden en 475 doopleden het kerkverband. In totaal ging het om 60 onttrekkingen minder dan in het voorgaande jaar.
Van de vertrekkenden in 2023 gingen 108 leden en 172 doopleden over naar de Gereformeerde Gemeenten (GG). De Hersteld Hervormde Kerk verwelkomde 38 leden en 80 doopleden. De Protestantse Kerk in Nederland ontving 8 leden en 27 doopleden, terwijl de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland (OGGiN) 17 leden en 20 doopleden opnamen. Voor 44 leden en 156 doopleden is de bestemming na vertrek onduidelijk.
Natuurlijke Aanwas en Toetredingen
De onttrekkingen worden deels gecompenseerd door natuurlijke aanwas. In 2023 werden 461 kinderen gedoopt en overleden er 110 personen, wat resulteerde in een natuurlijke groei van 351 leden.
Er waren in 2023 ook toetredingen tot de GGiN, met in totaal 61 leden en 89 doopleden. Deze toetredingen kwamen voornamelijk voort uit de Gereformeerde Gemeenten (GG) (31 leden en 51 doopleden) en de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland (OGGiN) (27 leden en 16 doopleden).
Gemeentestructuur en Predikanten
De Gereformeerde Gemeenten in Nederland tellen 49 gemeenten, inclusief de gemeente in Pretoria, Zuid-Afrika. De grootste gemeenten zijn Barneveld met 3882 leden en Opheusden met 2119 leden.
Het kerkverband telt zeven dienstdoende predikanten, waarvan één werkzaam is in de zustergemeenten van de Reformed Congregations in North America. Daarnaast is er één emeritus predikant en zijn er twee theologische studenten. Naar verwachting zal student G.M. van Putten eind mei beroepbaar worden gesteld.
Historische Context van de GGiN
De Gereformeerde Gemeenten in Nederland (GGiN) vormen een kerkgenootschap met een bevindelijk gereformeerd karakter. Het kerkverband is ontstaan in 1953 na een scheuring binnen de Gereformeerde Gemeenten.
De gebeurtenissen rondom de predikanten R. Kok en C. Steenblok in de periode 1943-1953 speelden een belangrijke rol bij de vorming van de GGiN. De directe aanleiding voor het ontstaan van het kerkverband was de afzetting van Steenblok als docent aan de Theologische School van de Gereformeerde Gemeenten te Rotterdam.
De rol van C. Steenblok
In 1944 kwam er kritiek op de visie van Steenblok op de algemene genade. De voortgezette vergadering van de generale synode van 20 september 1945 deed hierover uiteindelijk een uitspraak.
Op de voortgezette generale synode van 13 april 1950 werd bezwaar gemaakt tegen de manier van doceren door Steenblok aan de Theologische School en zijn opvatting dat de geschriften van de Erskines en Boston doordrenkt waren van een remonstrantse lijn van algemene verzoening. Zijn voorstelling dat er slechts een aanbod van genade is aan bewuste zondaren en niet aan allen die onder het Woord leven, kon op weerstand stuiten. De term "voorwaardelijk aanbod van genade" werd geïntroduceerd om te voorkomen dat de remonstrantse leer van de algemene verzoening voet aan de grond zou krijgen.
Tijdens de generale synode in Utrecht in de zomer van 1953 bracht predikant J. van den Berg het onderwijs van Steenblok opnieuw ter sprake. De synode besloot tot stemming over te gaan, ondanks protest van synodeleden die de vergadering verlieten. Steenblok werd met 24 stemmen voor en geen tegenstemmen van zijn functie als docent ontheven wegens "eenzijdigheid in het geven van onderwijs". Steenblok kreeg niet de gelegenheid zich te verdedigen.
De rol van R. Kok
Eén van de eersten die kritiek uitte op de theologische visie van Steenblok was zijn collega-predikant R. Kok. Bepaalde stellingen die hij zelf innam en bezwaren opriepen, herriep hij op de classicale vergadering van 1 juni 1948.
Een deel van zijn gemeente in Veenendaal ging afzonderlijke diensten beleggen, wat leidde tot de instituering van een tweede gemeente in Veenendaal (vanaf 1953 Gereformeerde Gemeente in Nederland). Omdat Kok bleef vasthouden aan de stelling dat de beloften van het genadeverbond gelijkstaan aan de aanbieding van het evangelie, werd hij voor een half jaar geschorst. Kok besloot zich los te maken van het kerkverband en werd in 1956 met zijn gemeente toegelaten tot het kerkverband van de Christelijke Gereformeerde Kerken.
Ontwikkelingen binnen het Kerkverband
Liturgie en Prediking
Net als andere reformatorische kerkgenootschappen houden de Gereformeerde Gemeenten in Nederland vast aan het gezag van de Bijbel, samengevat in de Apostolische geloofsbelijdenis, de Geloofsbelijdenis van Nicea, de Geloofsbelijdenis van Athanasius en de Drie Formulieren van Enigheid. In de eredienst wordt vastgehouden aan de Statenvertaling van de Bijbel en de psalmberijming van 1773. Enkele gemeenten in Zeeland zingen de Psalmen van Datheen.
Wat betreft de prediking, kenmerkt Mallan: "Men noemt ons lijdelijk. Gelukkig, dat er in de Bijbel staat dat God gevonden is van hen die naar Hem niet hebben gevraagd. Tot degenen die niet naar Hem hebben gezocht, heeft Hij gezegd: Ziet hier ben Ik. Ziet hier ben Ik. Zeker, we moeten vragen om bekering en in die weg is er wel van een zoeken sprake, maar van een oprecht zoeken niet, want dat moet door God gewerkt worden."
Over het onderwerp de orde des heils zijn twee brochures verschenen (auteur ds. J. Roos) waarin wordt benadrukt: "de noodzaak van het plaatsmakende werk van Gods Geest voor de kennis van Christus, en anderzijds het voortgaande werk van Gods Geest, in het leren van nadere weldaden." De "Bijbelse lijn van ellende, verlossing en dankbaarheid" wordt gevolgd. Gezelschappelijke onderscheidingen en uitdrukkingen die niet terug te vinden zijn bij oude schrijvers, worden afgewezen.
In 2021 gaf de synode een brochure uit waarin wordt uitgelegd dat er sprake is van twee verbonden met betrekking tot de eeuwige bestemming van de mens: het werkverbond en het genadeverbond. Benadrukt wordt welke voorrechten en plichten het meebrengt om op het erf van het genadeverbond geboren te zijn en te leven, en de noodzaak om wezenlijk deel te krijgen aan het genadeverbond door de wedergeboorte.
Actuele Standpunten
Binnen het kerkverband wordt afstand genomen van moderne theologische opvattingen zoals 'schepping door evolutie'. L. van der Tang, een opiniemaker binnen het kerkverband, wijst op oorzaken waarom volgens hem velen deze denkbeelden willen omarmen: de wetenschap als afgod, verwereldlijking, en het postmoderne denken. Het kerkelijk ambt voor vrouwen wordt afgewezen.
In 2023 deed de synode een uitspraak over de geldigheid van de doop die door een vrouwelijke ambtsdrager is uitgevoerd. Het afwijzen van vaccinatie en verzekeringen, een gewoonte die oude papieren heeft binnen de bevindelijk-gereformeerde traditie, komt binnen het kerkverband van de Gereformeerde Gemeente in Nederland voor.
Verhouding tot Andere Kerkgenootschappen
De Gereformeerde Gemeenten in Nederland zijn onderdeel van de bevindelijk-gereformeerde bevolkingsgroep. Wat betreft kerkelijke eenheid met de Christelijke Gereformeerde Kerken geldt hetzelfde als beschreven bij de Gereformeerde Gemeenten, hoewel men zich met individuele predikanten uit het verleden van deze kerken wel verbonden voelt.
Met de Gereformeerde Gemeenten hebben gesprekken plaatsgevonden over de oorzaak van de scheuring van 1953. Omdat er inmiddels sprake is van een geworteld profiel, ligt eenwording op korte termijn niet voor de hand. Formeel zijn er verschillende theologische formuleringen, maar ds. O. M. van der Tang merkte op: "Het gaat erom dat we hetzelfde spreken en gevoelen." In 2020 spraken de Gereformeerde Gemeenten uit het voor hen kenmerkende "onderscheid tussen evangeliebeloften en verbondsbeloften" te handhaven. De Gereformeerde Gemeenten in Nederland benadrukken dat alle beloften één zijn, maar hebben wel twee vormen: voorwaardelijke en onvoorwaardelijke of volstrekte beloften.
Zending en Evangelisatie
Binnen het kerkverband was er ten opzichte van verenigingsleven, jeugdwerk en zangkoren altijd reserve. Tegenwoordig zijn er meer initiatieven voor de jeugd.
Het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland heeft altijd de Mbuma-zending in Zimbabwe ondersteund, die uitgaat van de Schotse Free Presbyterian Church (FPC). In 2017 heeft men het initiatief genomen tot een zelfstandig zendingsproject in Zuid-Afrika. De aanzet hiertoe werd gedaan door ds. J. A. Weststrate, destijds predikant van de gemeente van Pretoria in Zuid-Afrika. In juni 2017 besloot de synode van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland een kerkelijk kader voor de zendings- en evangelisatiewerkzaamheden van ds. Weststrate te vormen. Hierop werd Stichting Bethlehem opgericht.
Ontwikkeling Ledenbestand Gereformeerde Gemeenten (GG)
Volgens het Kerkelijk Jaarboek 2025 telde de Gereformeerde Gemeenten (GG) per 1 januari 2025 60.265 belijdende leden en 46.464 doopleden, een daling van 286 ten opzichte van een jaar eerder. Deze daling is vergelijkbaar met die van 2023.
Doopleden maken nu 43,5 procent uit van het ledental. Vijftien jaar geleden was dit nog 46,1 procent. In 2014 kwam het ledental van de GG voor het eerst boven de 107.000, maar inmiddels ligt het daar weer onder. Tot 2018 steeg het ledental ononderbroken, en sinds 2022 lijkt de daling definitief ingezet.

Cijfers en Gegevens GG in 2024
Het jaarboek meldt verschillende andere getallen voor 2024: 1841 kinderen en 13 volwassenen werden gedoopt, 662 leden overleden, 1551 personen legden openbare geloofsbelijdenis af en ongeveer 1400 leden vertrokken van de ene GG naar de andere.
In 2024 verlieten 2411 personen de GG, wat minder is dan in de twee voorgaande jaren. Zij sloten zich voornamelijk aan bij de Protestantse Kerk in Nederland (826) en de Hersteld Hervormde Kerk (664). Daarnaast onttrokken 439 personen zich zonder opgave van redenen om naar een andere kerk te gaan.
Toetreders tot de GG
Toetreders tot de GG, in totaal 848 personen, kwamen in 2024 voornamelijk uit de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (277) en uit de Hersteld Hervormde Kerk (204). Drie buitenkerkelijken werden lid.
Predikanten en Gemeenten GG
Begin 2025 telden de GG 151 gemeenten (inclusief twee in het buitenland), die werden gediend door 69 dienstdoende predikanten en 17 emeritus predikanten. Het aantal dienstdoende predikanten is hoger dan ooit; vijftien jaar geleden waren dat er nog 58.
De GG zijn verdeeld in twaalf classes. De grootste is Barneveld met 19.842 leden, de kleinste is Amsterdam met 2231 leden. De kleinste twee gemeenten zijn Oostvoorne (30 leden) en Delft (32), de grootste zijn Rijssen-Zuid (2710) en Kootwijkerbroek (2423).
Netherlands Reformed Congregations (NRC)
Het jaarboek bevat ook gegevens van de Netherlands Reformed Congregations (NRC), de zusterkerk van de GG in Canada en de Verenigde Staten. De NRC telden begin dit jaar 25 gemeenten, elf predikanten en twee emeritus predikanten. Het kerkverband telde 11.572 leden, een stijging van 34 ten opzichte van 2024.
Ontwikkelingen binnen de GG
In het jaaroverzicht waarmee het jaarboek opent, gaat ds. P. Mulder, preses van de laatstgehouden generale synode, in op ontwikkelingen in 2024. Tegenover "libertijnse vrijheidsidealen" in Europa ziet hij "een conservatief-populistische beweging die daaraan een halt wil toeroepen, maar tevens zich zo materialistisch en technocratisch opdringt, dat het de vraag is of daar de wezenlijke lijnen vanuit Gods Woord wel veilige ruimte hebben."
Jezus’ Koninkrijk is niet van deze wereld, schrijft ds. Mulder. Hij vindt het jammer dat kerkelijke mensen Gods Naam verbinden met "klimaatprotesten of zelfs met sportprestaties". Ook betreurt hij dat "een nieuwe, eigentijdse uitleg van de Bijbel" doorwerkt in de Nederlandse Gereformeerde Kerken en in de Christelijke Gereformeerde Kerken.
Binnen de GG is ds. Mulder bezorgd dat "een wandel in de vreze Gods feitelijk onbekend kan worden". Tegelijk wijst hij erop dat "de nodiging tot het heil en de oproep tot bekering tot eenieder komen" en dat "de Heere het werk van Zijn genade laat voortgaan."
Uit het jaaroverzicht blijkt dat drie GG-ouderlingen in 2024 hun vijftigjarig ambtsjubileum vierden: C.J. Kot te Tholen, W. Roozemond te Dinteloord en W. Bouter te Middelburg.
Kerkelijke Scheuring in Kruiningen
Een recent incident in Kruiningen betreft een vertrouwensconflict tussen de dominee en een deel van de kerkenraad, wat leidde tot opstootjes bij de kerk, rechtszaken en aangiftes. Dominee Bredeweg besloot een eigen Vrije Gereformeerde Gemeente te beginnen, waarbij het merendeel van de gereformeerde gemeente in Kruiningen niet meeging.
De dienst in het Dorpshuis, met dominee Bredeweg als voorganger, trok naar schatting 130 tot 240 kerkgangers, wat een significant aantal is vergeleken met de reguliere kerkdiensten.

tags: #ger #gem #kruiningen #aantal #leden