De gemeente Elst kent een rijke en complexe geschiedenis, gevormd door de samenvoeging van verschillende historische gebieden. Deze omvatten het vroegere panderambt Elst, een deel van het ambt Over-Betuwe, de heerlijkheid Meinerswijk, een gedeelte van het panderambt Bemmel en een stukje van het schependom van Nijmegen. Al deze gebieden vormden samen het oorspronkelijke kerspel Lent.
Historische Wortels en Vroege Nederzettingen
De geschiedenis van Elst reikt ver terug, met vermeldingen van bezittingen in het gebied rond Elden al in de 8e en 9e eeuw. In 814/815 verkreeg het klooster Lorsch bezittingen in Megensherdeswich (het huidige Meinerswijk). Later, in 855, kwam het klooster Werden in het bezit van goederen te Elden.
De latere heerlijkheid Meinerswijk omvatte onder andere De Praast, een buurt die tegenwoordig bij de gemeente Arnhem hoort. Deze buurt was destijds een belangrijke handelsplaats, maar werd in 847 verwoest door de Noormannen. In 1844 werd de heerlijkheid, die in het verleden tweeherig is geweest, aangekocht door Koning Willem II. Het bijbehorende huis, destijds bestaande uit niet meer dan een toren met een leien dak, werd in 1853 afgebroken.
In Elden stond tevens een hof van het St. Catharinagasthuis in Arnhem, dat in 1581 op bevel van Parma door Wolf van Frankfort in brand werd gestoken. Tijdens de Franse tijd maakte Elden deel uit van de mairie van Huissen.

De Gereformeerde Kerk van Elst
De Gereformeerde Kerk (voorheen Nederlands Hervormde Kerk), oorspronkelijk gewijd aan de H. Bonifacius, bevindt zich in het midden van het kerkhof, ten oosten van de Rijksstraatweg, in de kern van het dorp. Zowel de toren als de kerk zijn eigendom van de Nederlandse Hervormde gemeente.
De vroegste vermelding van de Eldense kerk dateert uit 1359. Verder komt de kerk voor in de kerkenlijst van de Utrechtse domfabriek vanaf 1395. In de kerk waren twee St. Nicolaasvicariëen gefundeerd, waarvan één ook bekend stond als de Leydeckersvicarie.
De kerkelijke gemeente van Elst was van 1603 tot 1837 gecombineerd met die van Driel. Op een tekening uit 1742 is te zien dat de zuidgevel van de kerk versierd was met jaarankers uit 1593. Het schip en het koor werden in 1866 afgebroken en herbouwd.

Architectuur en Interieur
De huidige toren is een gepleisterde bakstenen toren, bestaande uit drie geledingen, waarvan de middelste de grootste is. In de tweede geleding, aan de westzijde, bevinden zich twee rondbogige venstertjes. De derde geleding heeft aan alle zijden, behalve de oostzijde, twee smalle spitsboognissen die als rondbogig gesloten galmgat dienen.
De toegangsdeur bevindt zich in een segmentbogig gedekte opening. Binnen in de toren is op de begane grond de kerkeraadskamer ingebouwd. Er is een rond koperen doopbekken met deksel.
In de berghokken, aan weerszijden van het portaal aan de oostzijde van de kerk, bevinden zich grafzerken. Een zerk aan de rechterzijde vermeldt: "int jaer 1643 den 11 november is in den heer gerust lisbet hellingh(?) (huisfrou van) wilhelm v. predikant tot elden en driel/ao 1634 den 22 mert is in den heer gerust wilhelm v.". De zerk aan de linkerzijde draagt het opschrift: "anno 1623 den 14 november sterf rijck klasen van hooft". In 1956 werd uit de kerkvloer een zerk naar boven gehaald met het opschrift: "anno 1657, den 7 october is in den heer gerust gerrit klasen van hooft, hieronder de letters h.v.k.h.".
Kerkelijke Goederen
Een zilveren beker uit 1655, die tijdens de evacuatie in 1944 verdween, was een waardevol bezit van de kerk. Momenteel bezit de kerk nog een zilveren ronde schotel, met een diameter van 28 cm. Het midden van de schotel toont een figuur gevormd door vier harten, omringd door een krans. Op de rand zijn gegraveerde cartouches te vinden met voorstellingen van de vier evangelisten en hun symbolen, evenals figuren als Jonas, Job, Tobias en Loth met zijn dochters. Op de achterzijde staat gegraveerd: "anno. ab. incarnato. christo/millesimo. sexcentesimo/qvinto.et.qvinqvagesimo/pastore.winando. te(n)daer/aedilibvs. henrico. winen."
De kerk bezit tevens een tinnen kelk van 22 cm hoog, met een middellijn van 12,5 cm, waarop "the associate congregation of urr." staat vermeld. Daarnaast is er een tinnen schenkkan, 21,5 cm hoog, met de inscriptie: "belonging to the asociate/congregation in orr."

Archeologisch Belang en Romeinse Invloeden
De locatie van de Gereformeerde Kerk van Elst is van bijzonder archeologisch belang. In 1947 toonden opgravingen in de bouwvallen van de verwoeste kerk aan dat het gebouw was gefundeerd op twee Gallo-Romeinse tempels uit de 1e eeuw na Christus. Deze tempels maken deel uit van het UNESCO-werelderfgoed Neder-Germaanse limes.
Buiten het tempelgebied werden in 1953 ook overblijfselen van twee Romeinse muren gevonden. Onderzoek suggereert dat deze tempels niet binnen een nederzetting, maar op een centrale locatie ten opzichte van de diverse woonplaatsen in de omgeving werden gebouwd. Mogelijk ontstond er later een vicus bij het heiligdom.
Elst lag strategisch gunstig op een kruispunt van drie stroomruggen. Bodemkundig onderzoek heeft uitgewezen dat er van Haalderen af, langs Elst en richting Driel, een bevaarbare Rijnarm liep die waarschijnlijk in de Romeinse tijd werd gebruikt voor de aanvoer van bouwstenen voor het heiligdom. Binnen een straal van 5 km rondom het tempelgebied bevonden zich destijds 30 woonplaatsen.

De Oudste Tempel
De oudste Gallo-Romeinse tempel was een rechthoekig gebouw, gericht van noord naar zuid, met uitwendige afmetingen van 8,70 x ca. 11,60 meter. De noordmuur ligt nagenoeg op de lengte-as van de huidige hoofdbeuk van de kerk. Delen van de fundering van de westmuur ontbreken, en een aanzienlijk deel van de oostmuur werd afgebroken bij de bouw van de tweede tempel. Aan de zuidzijde buiten de kerkmuur zijn fragmenten van de west-, zuid- en oostmuur gevonden.
De muren waren opgebouwd uit een kern van kalkmortel met brokken kwartsiet, grind en dakpanfragmenten, ingesloten door twee wanden van opus quadratum (kleine, regelmatig gehakte kwartsietblokken). Delen van de oude tempelvloer werden ook teruggevonden.
Onder de rode tempelvloer zijn fragmenten van onbeschilderd pleisterwerk aangetroffen, evenals stukken beschilderd pleisterwerk met roodbruine, groene en zwarte vlakken, afgesloten door biezen. Ook werd marmer nagebootst door het schilderen van aders op een donkergele ondergrond.
De muren waren vermoedelijk geheel uit steen opgetrokken, mogelijk met een bekleding van tufsteen. Het gebouw had waarschijnlijk een zadeldak met een vlak houten plafond. Voor zover bekend, is deze tempel het oudste stenen gebouw in Nederland.
De Tweede Tempel
De tweede tempel bestond uit een rechthoekig podium van 28,25 x 23,15 meter, waarop een cella van 15,90 x 12,86 meter stond, omgeven door een omgang met zuilen. De ongeveer 1,80 meter brede cellamuren zijn tot een hoogte van ca. 3,30 meter bewaard gebleven.
Deze muren rustten op scherp aangepunte eikenhouten palen van 1,15-1,35 meter lang. Het muurwerk, tot een hoogte van ca. 2,40 meter, was van een tamelijk onregelmatig karakter, met ruwe, blokvormige kwartsieten. Sporen van ruwe vurenhouten planken aan de oostzijde van de west-cellamuur suggereren het gebruik van bekisting tijdens de bouw.
De kolonnademuren waren gefundeerd in de grond en gebouwd van hetzelfde materiaal als de cellamuren. Delen van de west-, oost- en zuidmuur (ca. 1,50 meter breed) werden gevonden, met slechts enkele sporen van de noordmuur. Tegen de zuidzijde van het podium was een brede trap aangebracht.
Er zijn stukken muurbeschildering gevonden, ca. 5 cm dik, bestaande uit minstens drie lagen: een specielaag, een witte stuclaag en een verflaag.

Latere Ontwikkelingen en Verwoesting
In de Franse tijd behoorde Elden tot de mairie van Huissen. Begin december 1944 lieten de Duitsers de zuidelijke Rijndijk op een punt, ongeveer 500 meter ten oosten van de vernielde spoorbrug, in de lucht vliegen. Het water stroomde de Over-Betuwe binnen, en pas in maart 1945 begon het land geleidelijk droog te vallen. Het gat in de dijk kon in de zomer van 1945 gedicht worden.
Elst heeft ook veel geleden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het dorp vormde de frontlinie van het Britse leger dat in september 1944 oprukte. Elst diende als bruggenhoofd voor de Waalbrug bij Nijmegen.
De Gereformeerde Kerk is een rijksmonument. Hoewel het gebouw in de Tweede Wereldoorlog grotendeels verwoest werd, is het weer opgebouwd. Tijdens de wederopbouw werden de fundamenten van de Romeinse tempels ontdekt. Het Tempel | Kerkmuseum, gevestigd in de Mariakapel, toont Romeinse fragmenten die in bruikleen zijn afgestaan door de staat.
Wat "het meest mysterieuze archeologische object" ons vertelt over het Romeinse leven
Moderne Gemeenschap en Activiteiten
De PKN-gemeente van Elst kenmerkt zich door een open karakter, waarbij de Bijbel als referentie dient en ruimte is voor individuele inzichten. Momenteel zijn er twee predikanten actief: Jeroen Jeroense en Aafke Zaal (tijdelijk).
Er is bijzondere aandacht voor de jeugd, met een speciale ontmoetingsruimte genaamd 'De Ruimte'. Activiteiten voor jongeren worden begeleid door een jeugd- en jongerenwerker. De gemeente organiseert een breed scala aan activiteiten.
Op zondagochtend is er crèche voor kinderen van 0-4 jaar in De Ruimte. Tijdens de kerkdienst worden kinderen van 4 t/m 12 jaar uitgenodigd om naar een verhaal te luisteren. Voor jongeren vanaf 12 jaar is er 'The Meeting', een plek voor ontmoeting en zingeving.
Kunst speelt een belangrijke rol in de gemeente en wordt gezien als een uiting van verbondenheid met God. De Grote Kerk in Elst beschikt over twee orgels: het neobarokke Van Leeuwen-orgel en het romantische Walker-orgel. De orgelcommissie organiseert regelmatig orgelconcerten.
In 'De Ruimte' is er op donderdag de gelegenheid om samen te eten; aanmelden kan tot woensdagmiddag bij het kerkelijk bureau.

tags: #goudzwaard #elst #gereformeerde