De geschiedenis van de Hervormde Gemeente in Onderdendam kent diverse belangrijke ontwikkelingen, met name op het gebied van kerkgebouwen, predikanten en gemeentestructuur. De oorsprong van de zelfstandige gemeentevorming kan worden teruggevoerd naar 1828, toen bij koninklijk besluit de Hervormde gemeente Onderdendam werd gesticht. Deze nieuwe gemeente omvatte de toenmalige gemeenten Menkeweer en Onderwierum, een deel van de gemeente Bedum dat in Onderdendam lag, en een huis in Onderdendam dat tot Middelstum behoorde. De kerk en kosterij in Onderwierum bleven aanvankelijk in gebruik.
De afstand naar Onderwierum bleek echter voor sommige kerkgangers een belemmering. In 1835 werd besloten de namiddagdienst af te schaffen en deze incidenteel te vervangen door een avonddienst in de school van Onderdendam. Dit leidde uiteindelijk tot een verzoek om een kerk in Onderdendam te mogen bouwen. Na verkregen toestemming van de Koning, die een subsidie van F 3000,- verstrekte, werd op 30 december 1839 de aanbesteding gehouden. De bouw werd opgedragen aan G.J. Bos uit Bedum voor ƒ 8.870,-, onder architectuur van Willem Kornelis Dusseldorp. Op 13 december 1840 was de kerk gereed. De kerk van Onderwierum werd kort daarna, in 1841, afgebroken.
Bij de bouw van de kerk in Onderdendam werd ook een nieuw orgel geplaatst, vervaardigd door N.A. Lohman en zoon voor ƒ 1.350,-. Het orgel werd op 18 juli 1841 ingewijd. In 1847 telde Onderdendam 450 inwoners, waarvan 430 hervormd, met 110 lidmaten.
Het Hervormde Kerkgebouw aan de Bedumerweg
Het huidige Hervormde kerkgebouw aan de Bedumerweg dateert uit 1840 en is een rijksmonument. De architect, Willem Kornelis Dusseldorp (1816-1869), ontwierp een driezijdig gesloten zaalkerk met een achtkantige dakruiter. Kenmerkend zijn de rondboogvensters, omlijst door lisenen, en de eveneens omlijste ingangsdeur. Het mechanische torenuurwerk, oorspronkelijk vervaardigd door W.J. Koek te Midwolda, is nu elektrisch aangedreven.
Dit gebouw verving de vervallen kerken van Menkeweer (verkocht op afbraak in 1828) en Onderwierum (afgebroken in 1840-41). Uit de kerk van Onderwierum werden diverse waardevolle elementen overgenomen: het doopvont uit 1651, de avondmaalstafel uit 1806, grafzerken van twee predikantsvrouwen uit 1642 en 1677, en de sleutel van de deur. Tevens werd de luidklok uit 1617 uit het kerkje van Menkeweer in de dakruiter geplaatst; deze werd echter bij een restauratie in 1972 verwijderd.

Het Lohman Orgel
Het kerkorgel, gebouwd door Gerhard Willem Lohman (1802-1856) van de firma N.A. Lohman en Zonen uit Groningen, beschikt over één manuaal met aangehangen pedaal en acht registers. Het orgel werd in 1997 gerestaureerd door orgelmakerij Steendam.
De geschiedenis van het orgel kent diverse onderhoudsperiodes. Vanaf de bouwtijd tot op heden is het instrument regelmatig gestemd en is er af en toe groot onderhoud gepleegd. Helaas gebeurde dit niet altijd op even zorgvuldige wijze. Vanaf 1892-1897 staat de naam van orgelmaker J. Doornbos vermeld in het rekeningenboek, wat wijst op zijn betrokkenheid bij het onderhoud. Later werd het onderhoud verzorgd door Hendrik Vegter, een leerling van Eertman, met tussenpozen.
In 1972 vond een restauratie plaats waarbij de kerk werd gemoderniseerd. De wanden werden opnieuw gestuct. In 1997 werd het orgel gerestaureerd door de firma S. Steendam en H. Hut, die ook de beschildering van de orgelkas voor zijn rekening nam. Het is gebleken dat de westzijde van de kerk, inclusief de orgelgalerij, kort na de bouw verzakte. Dit werd na 1972 nog eens met anderhalve centimeter verergerd door aardgaswinningen, wat zichtbaar was aan de orgelkas.
Ontwikkelingen door de eeuwen heen
De kerk speelde ook een rol in de watervoorziening van Onderdendam. In 1875 werden de grachten rond de kerk gedempt en werd een grote regenbak geplaatst, waarvan de pomp onder de kansel zich bevond en van buitenaf te bedienen was. In tijden van droogte konden inwoners tegen betaling water uit deze bak halen. Schoenmaker Buur beheerde de distributie. Als het water op was, werd leidingwater per melkboot uit Wehe den Hoorn gehaald.
Het huidige ijzeren hek werd in 1921 geplaatst, en in 1946 kreeg de kerk elektriciteit.
Predikanten door de jaren heen
De gemeente heeft door de jaren heen verschillende predikanten gekend:
- Ds. P. Damsteeg (1829-1847)
- Ds. I. Sonius Swaagman (1849-1858)
- Ds. A.A. Hingst (1859-1869)
- Ds. J.A. van der Scheer (1869-1898)
- Ds. Schuttevaer (1898-1902)
- Ds. A.H. van de Hoeve (1902-1903)
- Ds. H. Huizinga (1903-1906)
- Ds. J.H. Buisman (1906-1912)
- Ds. J. Speckman (1912-1926)
- Ds. J.C. Kars (1926-1941)
- Ds. H. Brink (1926-?)
- Ds. J. den Hartogh (1963-1969)
Vanaf 1972 werden predikanten gedeeld met Bedum, waaronder hulpprediker de heer Groeneveld (1972-1981).
Fusie en hedendaags gebruik
In 1944 liet de kerkscheuring van dat jaar ook in Onderdendam sporen na. De strijd, die meer dan een jaar duurde, resulteerde erin dat de gemeente op aanraden van de Classis te Bedum trouw bleef aan de Synode.
In 1960 voldeed het gebouw Rehoboth niet meer aan de eisen van de tijd, en werden plannen gemaakt voor een grote renovatie. Deze ging echter niet door omdat in 1962 het dorpshuis “Zijlvesterhoek” werd gebouwd als verenigingsgebouw.
Latere aanpassingen aan de kerk omvatten de uitbreiding met een toiletgroep en keukentje in 1974, en in 1979 werden de kerkzaal en consistoriekamer opgeknapt en opnieuw geschilderd.
Vanaf de jaren '80 werden de eerste tekenen van ontkerkelijking zichtbaar. In 2015 waren er te weinig actieve gemeenteleden om de kerk te onderhouden en de diensten te verzorgen.
Sinds de kerkenfusie van 2004 behoort de Hervormde gemeente van Onderdendam tot de Protestantse Kerk in Nederland. De voormalige Hervormde kerk wordt sindsdien gebruikt als godshuis door de Protestantse Kerk in Nederland.

De Gereformeerde Gemeente Onderdendam
Naast de Hervormde Gemeente, ontstond er ook een Gereformeerde Gemeente in Onderdendam. In 1890 kocht J. Wiersema een perceel aan de Uiterdijk met een lokaal, kosterswoning en twee te verhuren kamers om kerkdiensten en catechisatie te houden voor de Gereformeerde inwoners. Op 5 juli 1914 werd tijdens een kerkeraadsvergadering te Bedum de kerkeraad en diakenen gekozen voor de nieuwe Gereformeerde gemeente Onderdendam.
Er werd gezocht naar een passende pastorie (Bedumerweg 22), en de scriba werd verzocht een predikant te zoeken. In 1919 werd Ds. H. aangesteld, gevolgd door Ds. H. Brink in 1926.
Op 20 februari 1931 groeide de gemeente uit het gebouw aan de Uiterdijk, en werd gesproken over de aankoop van percelen grond aan de Bedumerweg. Op 3 maart werd architect A. Wiersema gevraagd een nieuwe kerk te bouwen aan de Bedumerweg. Op 2 december 1932 werd besloten een pastorie naast de kerk te bouwen.
De gemeentezang werd in het begin begeleid door de Chr. Muziekvereniging “Juliana”.
Nieuwe kerk aan de Bedumerweg (1933)
In 1932 kreeg architect Albert Wiersema uit Bedum de opdracht een nieuwe kerk te bouwen voor de gereformeerde gemeente Onderdendam. Het eerdere gebouw aan de Uiterdijk was te klein geworden voor de groeiende gemeente. Wiersema ontwierp een zaalkerk waarin de invloed van de Amsterdamse School-stijl duidelijk zichtbaar is.
Kenmerkend voor deze stijl zijn het waaiervormige bankenplan met houten banken, het met hout betimmerde paraboolgewelf, het podium met de kansel, en de glas-in-loodramen. Het interieur verkeert grotendeels in originele staat.
De kerk, pastorie en hekwerk werden in 1933 opgeleverd. De façade, met een deels uitgebouwde toren, is bijna driehoekig. De kerk heeft aan weerszijden een tweezijdige uitbouw met een driehoekige plattegrond, wat de kerkzaal vergroot tot een zeshoek met een breder rechthoekig middendeel. De toren wordt gedekt door een naar buiten gebogen zadeldak van koper met een koperen kruis. De hoogte wordt geaccentueerd door een lange, verticale en inspringende sleuf met kleine, horizontale bakstenen elementen.
Het interieur van de kerkzaal is grotendeels in oorspronkelijke staat. Het rechthoekige middendeel wordt overkapt door een houten parabolisch gewelf. De witgepleisterde wanden hebben een houten lambrisering aan de onderkant. De vloer is van hout en loopt vanaf de kansel iets op. De hoge vensters van de kerkzaal zijn voorzien van gekleurd glas-in-lood met geometrische motieven.

Architectuur: Amsterdamse School (1976)
tags: #hervormde #gemeente #onderdendam