De Geschiedenis van Moordrecht: Van Veenontginning tot Industriële Bloei

De geschiedenis van Moordrecht, een dorp dat zijn oorsprong vindt bij een oversteekplaats van de IJssel, gaat terug tot 1248. In dat jaar werd de plaats voor het eerst in een geschrift vermeld. De naam Moordrecht zelf duidt op een veer (drecht) in het moeras (moer), wat de vroege verbinding met het veenlandschap benadrukt. De geschiedenis van Moordrecht is nauw verbonden met de ontginning van het veen. Door deze ontginning klonk het veen in, waardoor het noodzakelijk werd het land te beschermen tegen het rivierwater. Omstreeks 1275 werd een rivierdijk aangelegd, die de basis vormde voor de huidige Schielands Hoge Zeedijk. Rond 1283/1284 strekte het ambacht Moordrecht zich uit van de Gouwe tot aan Kralingen. Tussen 1330 en 1350 viel dit gebied uiteen in drie afzonderlijke ambachten: Moordrecht, Nieuwerkerk en Capelle.

Historische kaart van de regio Moordrecht met de IJssel

Moordrecht in de Middeleeuwen: Conflict en Ontwikkeling

Tijdens de middeleeuwen kende Moordrecht periodes van aanzienlijk geweld. In de dertiende eeuw moest de nederzetting troepen leveren aan de graaf van Holland voor zijn strijd tegen de bisschop van Utrecht. Een bloedige veldslag vond plaats in 1489 in de Moordrechtse venen, waar de Hoeken en de Kabeljauwen elkaar troffen. In 1574 kwamen de Spanjaarden en de Watergeuzen met elkaar in conflict in het dorp, waarbij onder andere de Moordrechtse kerk afbrandde. Na deze turbulente periode begon Moordrecht langzaam tot bloei te komen. De veenrijke omgeving bood mogelijkheden voor inkomsten door turf te steken, wat voor velen een broodwinning werd in de turfgraverij. De winning van turf leidde tot de vorming van steeds grotere en diepere plassen rondom het dorp, die uiteindelijk de Zuidplas zouden vormen. Dit water werd echter een bedreiging voor de omliggende dorpen, waaronder Moordrecht.

Economische Groei en Industriële Activiteit

De economische ontwikkeling van Moordrecht werd sterk beïnvloed door de exploitatie van natuurlijke bronnen en de strategische ligging. Zolang er in de achttiende eeuw veel turf werd gestoken en vervoerd, bloeiden ook de scheepvaart en scheepsbouw. De industriële activiteit in het dorp nam mettertijd toe. Moordrecht kende een bloeiende touwslagerij, en ook wolkammerijen en linnenblekerijen floreerden. Ondanks de lage lonen waren er in 1800 maar liefst zes wolkammerijen en vijf linnenblekerijen gevestigd. Kenmerkend voor Moordrecht was tevens de fabricage van ijsselsteentjes. Het dorp fungeerde als een pleisterplaats op de route Gouda - Rotterdam en was verbonden met de Krimpenerwaard door middel van een veerpont naar Gouderak.

Illustratie van turfstekers in het Moordrechtse veen

De Zuidplas en de Droogmaking

Het water van de Zuidplas, ontstaan door de intensieve turfwinning, werd een groeiende bedreiging. In 1825 werd daarom besloten de Zuidplas droog te maken. De droogmaking werd een grootschalig project, waarbij rond de plas dertig molens werden ingezet om het water weg te malen. De eerste molen begon te draaien in 1836, en vijf jaar later was de polder droog. Stoomgemalen namen veertig jaar later de functie van de molens over. De vruchtbare grond van de Zuidplaspolder werd vervolgens gebruikt voor veeteelt en landbouw, wat leidde tot de bouw van steeds meer boerderijen.

Kerken en Religieuze Architectuur

De geschiedenis van Moordrecht is ook verbonden met zijn kerkelijke gebouwen. De huidige Hervormde Kerk, een ruime, eenbeukige kruiskerk in gotische stijl, werd gebouwd in 1657. De kerk heeft een vijfzijdig gesloten koor dat smaller is dan het schip en is voorzien van houten tongewelven met trekbalken en korbelen. De kerk werd gerestaureerd tussen 1957 en 1967. De inventaris omvat onder meer een preekstoel uit de 17e eeuw, banken met toogpanelen, psalmbordjes uit de late 18e eeuw en koperen kaarsenkronen uit de 18e eeuw. Het orgel, met een rijk gesneden kas in Lodewijk XIV-stijl, werd in 1772 vervaardigd door J.J.B. Hinsz.

De geschiedenis van kerken in de Krimpenerwaard, waaronder Moordrecht, was vaak turbulent. Na de Reformatie namen de hervormden de vaak beschadigde kerkgebouwen in gebruik. In Moordrecht werd de afgebrande kerk na de conflicten in 1574 in 1657 herbouwd. De tekst benadrukt dat de meeste kernen in de Krimpenerwaard van oorsprong middeleeuwse kerkgebouwen bezitten, met uitzondering van Gouderak, dat aanvankelijk in Moordrecht ter kerke ging.

De Hervormde Kerk van Moordrecht met de toren

De Opkomst van de Gereformeerde Kerk

De negentiende eeuw zag de opkomst van het conventikelwezen in Moordrecht, waarbij groepen zich in particuliere woningen verzamelden voor bijeenkomsten. Krijn van Kranenburg speelde hierin een belangrijke rol. Zijn schuur werd een centrum voor deze bijeenkomsten. Na zijn overlijden in 1892 ontstond hieruit de Gereformeerde Kerk. De gemeenschap groeide en streefde naar een eigen kerkgebouw. In 1897 werd een stenen gebouw in de Dorpsstraat betrokken. De kerk werd in 1905 voorzien van een eigen predikant, ds. W. van den Berg. Later volgden ds. J.L. Jaspers en ds. F. Drost. Ds. D.P. Kalkman was van 1928 tot 1958 verbonden aan de Gereformeerde Kerk te Moordrecht. Onder zijn leiding werd in 1949 toestemming verkregen voor de bouw van een nieuwe, grotere kerk aan de Molenlaan, die in juni 1954 in gebruik werd genomen.

De Gereformeerde Kerk te Moordrecht werd officieel geïnstitueerd op 10 juli 1892, kort na de landelijke vereniging van de Christelijke Gereformeerde Kerk en de Nederduitsche Gereformeerde Kerken tot 'De Gereformeerde Kerken in Nederland'. De kerk begon met een eigen kerkenraad, bestaande uit ouderlingen en diakenen, en een vereniging voor de kerkelijke kas, aangezien de Dolerende kerken nog geen rechtspersoonlijkheid konden verkrijgen.

Het eerste gebouw voor de samenkomsten was een houten schuur, later vervangen door een stenen gebouw aan de Dorpsstraat. Dit gebouw werd gebruikt tot 1954, toen de nieuwe kerk aan de Molenlaan in gebruik werd genomen. De gemeenschap kende periodes van groei en uitdagingen, waaronder de zoektocht naar een eigen predikant en de bouw van nieuwe kerkgebouwen.

Industrieel Erfgoed en Monumenten

Moordrecht kent diverse sporen van zijn industriële verleden. Zo is er de voormalige Koninklijke Vereenigde Tapijtfabrieken (KVT), waar de fabriekstoren nog steeds staat. Deze toren, gebouwd in 1923 in de stijl van de Late Amsterdamse School naar ontwerp van architect P.D. Stuurman, is 32 meter hoog en diende oorspronkelijk voor het verkrijgen van water voor het verven van garens. Het fabrieksgebouw werd in 1996 gesloopt. De toren heeft ook dienstgedaan voor drinkwaterlevering en als openbaar badhuis, maar is sinds 1978 buiten gebruik als waterreservoir. Het wordt beschouwd als een representatief voorbeeld van industrieel erfgoed uit de periode 1850-1940 en is een belangrijk herkenningspunt in het silhouet van Moordrecht.

De dorpsstraat van Moordrecht wordt deels beschermd als Beschermd Dorpsgezicht, met een reeks historische panden.

De toren van de voormalige Koninklijke Vereenigde Tapijtfabrieken

Maatschappelijke Ontwikkelingen

In 1851 werd de Gemeentewet ingevoerd, waarna Moordrecht, voorheen bestuurd door de Ambachtsheerlijkheid, een gemeenteraad en college met burgemeester en wethouders kreeg. In 1869 legden de heer en mevrouw Drost IJsserman in hun testament vast dat hun vermogen na hun overlijden ten goede zou komen aan de zorg voor wezen. Een belangrijke mijlpaal in de sociale geschiedenis was de aanpak van kinderarbeid. In 1855 kaartte onderwijzer Gerrit Lalleman de grootschalige kinderarbeid in steenfabrieken en touwslagerijen aan. Dit leidde in 1873 tot de aanneming van een initiatiefwet voor de afschaffing van kinderarbeid, hoewel Lalleman deze te beperkt vond.

De latere twintigste eeuw bracht verdere maatschappelijke veranderingen, zoals de bouw van de 'Ambonwijk' in 1961 voor Molukse militairen die na de Indonesische onafhankelijkheid naar Nederland kwamen. Tegen het einde van de 20e eeuw telde Moordrecht ongeveer 8.000 inwoners. In 2006 koos de meerderheid van de bevolking voor samenvoeging met Nieuwerkerk aan den IJssel en Zevenhuizen-Moerkapelle.

De Hervormde Gemeente te Moordrecht en de Gereformeerde Kerk van Moordrecht-Goudriaan gingen in december 2010 samen verder na de ondertekening van een fusieakte.

tags: #hervormde #kerk #moordrecht