Financiële Implicaties van een Voltijd Predikantschap in de Protestantse Kerk Nederland

Recentelijk verscheen er een artikel in het Nederlands Dagblad dat de aandacht vestigde op de jaarlijkse actie Kerkbalans, een initiatief van kerken om fondsen te werven voor hun werkzaamheden. De kop van het artikel, ‘Een fulltime predikant kost een ton per jaar’, zette direct de toon voor een discussie over de kosten van een voltijds predikant.

De Kosten van een Predikant: Meer dan Alleen Salaris

Het genoemde bedrag van een ton per jaar is geen direct salaris dat een predikant in handen krijgt. Dit bedrag omvat diverse overheadkosten die gehanteerd worden binnen de Protestantse Kerk Nederland (PKN). Hieronder vallen onder meer pensioenen, arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en andere bijkomende zaken. Voor predikanten binnen de Remonstrantse Broederschap zijn de kosten vergelijkbaar. Bij een voltijdse aanstelling varieert het maandelijkse inkomen van € 3564,58 voor predikanten met nul dienstjaren tot € 5971,67 na twintig jaar dienstverband. Deze salarissen zijn gebaseerd op de ambtenaren CAO, waarbij predikanten worden ingedeeld als docenten in het voortgezet onderwijs. Ter vergelijking: docenten in schaal LB verdienen tussen € 3301 en € 5030, en in schaal LD tussen € 3334 en € 6665, waarbij docenten LD na twaalf jaar hun hoogste salaris bereiken. De LD-schaal is specifiek voor volledig bevoegde docenten in het VWO, hoewel niet alle docenten op dat niveau dit salaris ontvangen.

illustratie van een salarisstrook met daarop verschillende kostenposten zoals pensioen en arbeidsongeschiktheid

Is het Salaris van een Predikant Veel of Weinig?

De vraag of dit salaris veel of weinig is, is complex. In vergelijking met andere beroepen die een zesjarige academische studie vereisen, is het wellicht niet excessief. Echter, voor de kerk als organisatie kan het een aanzienlijke kostenpost zijn. Vaak wordt de indruk gewekt dat predikanten inhalig zijn wanneer zij een salaris nastreven dat overeenkomt met de traktementsregeling, of wanneer zij niet bereid zijn om 50 uur per week te werken voor een 70% aanstelling. Sommige predikanten voelen zich zelfs beschaamd over hun salaris en verwijzen naar de apostel Paulus, die zijn brood verdiende als tentenmaker ('tentmaking ministry').

De Noodzaak van een Vrijgestelde Predikant en Expertise

Een fundamentele vraag binnen het protestantisme is of een aparte geestelijke stand, zoals de vrijgestelde predikant, wel noodzakelijk is. Het principe van het priesterschap van alle gelovigen suggereert dat iedereen in principe de taken van een predikant zou kunnen uitvoeren. Een goed functionerende gemeente zou kunnen draaien op vrijwilligers die preken, kringen leiden, gemeenteleden ondersteunen en diaconale activiteiten ontplooien. Mogelijk is het toebedelen van al deze taken aan predikanten een vorm van ‘geestelijke luiheid’. De vraag is dan hoeveel geld men bereid is te betalen voor iemand anders die deze taken uitvoert.

Daarnaast is er de discussie over de noodzakelijke deskundigheid van een predikant. Moet een universitaire studie een vereiste zijn? De PKN neigt hierin te verschuiven, terwijl de NGK eraan vasthoudt. De Remonstrantse Broederschap heeft de opleiding verkort. Vaak werden hierbij argumenten gebruikt die niet altijd terecht waren, zoals het idee dat alleen academisch geschoolde predikanten de sacramenten zouden mogen bedienen. De vraag of Hebreeuwse kennis nodig is om te dopen of het avondmaal te vieren, blijft hierbij open.

Vergoedingen voor Preekbeurten

De praktijk van het vergoeden van preekbeurten is eveneens een punt van aandacht. De afspraken voor preekbeurten voor een heel jaar worden vaak op een specifieke dag gemaakt, wat kan leiden tot onrust bij zowel gemeenten als predikanten. Predikanten die verder weg wonen, zoals de auteur die vanuit Barendrecht naar gemeenten in Arnhem, Nijmegen of Oosterbeek rijdt, ervaren dit verschil in vergoeding, waar soms slechts € 12 verschil zit tussen de regelingen van de PKN en andere gemeenten.

De vergoeding voor een preekbeurt bedraagt momenteel € 146, gebaseerd op 4 uur werk. Na aftrek van belastingen blijft er echter slechts € 75 over. Hier bovenop komen reiskostenvergoedingen. De 4 uur werk zijn gebaseerd op het hergebruik van een oude preek, waarbij de praktijk echter een aanzienlijk hogere tijdsinvestering vereist voor aanpassing aan lokale liturgische eigenaardigheden, communicatie van liederen, reistijd en aanwezigheid in de kerk. Een realistische tijdsbesteding van 5 uur is dan ook eerder aan de orde.

Dit roept vergelijkingen op met tarieven van monteurs of garagisten, waarbij predikanten zich soms afvragen of dit bedrag wel reëel is voor de geleverde inspanning. Hoewel het een roeping betreft, kan men zich afvragen of jongere predikanten niet rationelere keuzes maken, zoals het verkiezen van tijd met familie boven een bescheiden geldbedrag. De bekende 'atheïstische dominee' Klaas Hendrikse vroeg naar verluidt € 300 voor een preekbeurt, wat bij veel collega's tot klachten leidde, maar de auteur zich afvroeg wie hier nu eigenlijk 'gek' was.

infographic die de tijdsbesteding en kosten van een preekbeurt vergelijkt met andere professionele diensten

Predikant als Pseudo-Ondernemer

Predikanten zijn geen gewone werknemers en de kerk is geen werkgever. Vanaf het begin van het protestantse predikantschap geldt de fictie dat een dominee geen andere baas heeft dan de Grote Baas in de hemel (Verbi Divini Minister - VDM). Praktisch gezien leidt dit tot complexiteit. Predikanten opereren als een soort zelfstandige ondernemers (pseudo-ondernemers), zonder collectieve voorzieningen als WW of WIA, en genieten niet automatisch de bescherming van het burgerlijk recht. Traditionele kerkgenootschappen trachten zekerheid te bieden middels wachtgeldregelingen, collectieve arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en pensioenfondsen. Echter, de fiscale regels zijn niet altijd ingericht op deze uitzonderlijke constructies, wat tot gedoe kan leiden. Predikanten ontvangen een bruto traktement en moeten zelf zorgen voor voldoende spaargeld voor de fiscus. Dit kan met name voor beginnende predikanten onverwacht zijn.

De relatie tussen de hemelse Baas en een kerkenraad die moeite moet doen om de centen voor het traktement in te zamelen, kan soms wringen. Vrijheid in het ambt, met name in de invulling en uitleg van het Evangelie, wordt gewaardeerd. Echter, vrijheid om zonder controle of begeleiding te opereren, leidt vaak tot problemen. Een predikant en een gemeente worden soms vergeleken met twee billen, die inhoudelijk goed op elkaar kunnen aansluiten.

Historisch gezien was er in de Remonstrantse Gemeente Rotterdam een linkse predikant, Piet Eldering, wiens uitleg van het Evangelie niet door de kerkenraad werd gedeeld, wat leidde tot discussies over ontslag.

Predikanten worden vaak gezien als onthechte, sociale, maar niet zakelijke individuen, meer met het hoofd in de wolken dan met een scherpe blik op financiën. Hun kennis van de 'grote-mensen-wereld' kan soms op verrassing stuiten.

Parttime Predikantschap: Flexibiliteit en Uitdagingen

De vraag naar het aantal preken dat een parttime predikant maakt, is afhankelijk van de reden en de manier waarop parttime wordt gewerkt. Redenen kunnen variëren van zorg voor kinderen tot gezondheidsredenen of het combineren van twee banen. Parttime werken dwingt predikanten na te denken over de invulling van hun functie en de gemaakte keuzes.

Een focus op output (waarom preekt men?) in plaats van input (hoeveel preken produceert men?) kan leiden tot meer lucht en ruimte. De gesprekken met gemeenten zouden primair moeten gaan over de doelstellingen en prioriteiten, in plaats van over het aantal preken.

Uit onderzoek blijkt dat een aanzienlijk deel van de predikanten behoefte heeft aan professionele coaching, met name binnen de NGK en GKV. Hoewel sommigen dit als bedenkelijk zien en de nadruk leggen op de Heilige Geest als Coach, is er ook positieve ervaring met professionele coachingstrajecten.

De discussie over parttime predikantschap is complex. Er is behoefte aan bezinning op wat voltijds predikantschap inhoudt, alvorens parttime percentages te bepalen. Er moet een balans gevonden worden tussen de verantwoordelijkheid van de kerkenraad voor het levensonderhoud van de predikant en de realiteit van een deeltijdaanstelling. Een predikantschap van minder dan 50% wordt als problematisch beschouwd, terwijl een 85% aanstelling feitelijk neerkomt op een voltijdse functie tegen lagere kosten.

Er zijn principiële vragen over de verplichting van de gemeente om de predikant 'zonder zorg van het evangelie' te laten leven. Het risico van verzakelijking in de relatie tussen kerkenraad en predikant is aanwezig, maar ook een te weinig zakelijke benadering kan problematisch zijn. Een pro-actieve houding van de predikant, inclusief het vermogen om 'nee' te zeggen en kritisch te kijken naar de eigen rol in moeilijke situaties, is essentieel.

De complexiteit van parttime predikantschap, met name de werkdruk, tijdsbesteding en financiële aspecten, vereist zorgvuldig management. Een open relatie met de kerkenraad en regelmatige evaluatie zijn cruciaal. Het combineren van gemeentepredikantschap met andere taken, zoals docentschap of het werken aan een proefschrift, vraagt discipline, planning en prioriteringsvermogen. Dit kan echter ook leiden tot een leerzame, afwisselende en veelzijdige loopbaan.

Dit is de kerk-rel van Kruiningen in 90 seconden

tags: #hoeveel #uren #voltijds #predikant #ngk