De Hartebrugkerk in Leiden: Geschiedenis en Functie

De Hartebrugkerk, officieel genaamd Onze Lieve Vrouw Onbevlekt Ontvangen, is een markante katholieke kerk gelegen in het hart van Leiden. Hoewel de officiële naam de kerk eer aandoet, staat deze in de volksmond beter bekend als de Hartebrugkerk, vernoemd naar de voormalige brug die zich ter plaatse bevond.

Historisch uitzicht op de locatie van de Hartebrugkerk in Leiden

Historische Context en Ontstaan

De geschiedenis van de Hartebrugkerk is nauw verbonden met de religieuze ontwikkelingen in Nederland. Van de Reformatie tot het begin van de 19e eeuw hadden de protestanten de macht, waardoor katholieken hun erediensten moesten houden in zogenaamde schuilkerken. Pas na de vestiging van godsdienstvrijheid werd het mogelijk om in Leiden een officiële katholieke kerk te bouwen.

De keuze voor de locatie aan de Haarlemmerstraat was strategisch: de kerk kwam pal naast de brug over het water van de Mare te staan. Het ontwerp van dit nieuwe katholieke kerkgebouw was in handen van architect Theo Molkenboer. De bouw werd voltooid in 1836, met een totale kostprijs van 79.934 gulden. De kerk is een voorbeeld van een zogenaamde waterstaatskerk, gebouwd in een neoclassicistische stijl.

Architectonische details van de Hartebrugkerk: Ionische zuilen en tympanon

Architectonische Kenmerken

De neoclassicistische invloeden zijn aan de buitenkant van de Hartebrugkerk duidelijk zichtbaar. Kenmerkend zijn de Ionische zuilen die het tympanon (of fronton) ondersteunen. Op het tympanon is een oog afgebeeld, symbool van het alziend oog. Onder het tympanon bevindt zich een doorlopend fries waarop de Latijnse spreuk 'Hic domus Dei et porta coeli' (Dit is het huis van God en de poort van de hemel) te lezen staat. Vanwege deze inscriptie wordt de kerk soms ook wel 'Coelikerk' genoemd.

Het gebouw staat op een bijzondere plek in het hart van de stad, minder ingesloten dan de nabijgelegen Marekerk, waardoor het als bouwwerk beter tot zijn recht komt. Opmerkelijk is dat de brouwerij 't Witte Hart, die zich op de hoek van de Haarlemmerstraat en de Lange Mare bevond, al was afgebroken voordat de plannen voor de Hartebrugkerk op die locatie werden gemaakt.

De Geschiedenis van de Locatie en de Bouw

De geschiedenis van de locatie gaat terug tot de schuilkerk van de Franciscanen aan de Haarlemmerstraat 143, op de hoek van de Kuiperssteeg. Na de Reformatie was de katholieke eredienst slechts oogluikend toegestaan, en katholieke gelovigen kwamen bijeen in gebouwen die niet als kerken herkenbaar waren. De schuilkerk aan de Kuiperssteeg was oorspronkelijk een woonhuis, waarbij de eerste en tweede verdieping werden gebruikt voor erediensten, maar de ruimte was veel te klein.

In de negentiende eeuw, toen katholieken weer eigen kerken mochten hebben, deed pastoor Kervel in 1819 een poging om de Vrouwekerk over te nemen, een middeleeuwse, oorspronkelijk katholieke kerk die na de Reformatie in protestantse handen was gekomen en in 1584 de Waalse kerk werd. Het gebouw verkeerde in slechte staat en was te groot voor de Waalse gemeente, die de gasthuiskerk aan de Breestraat kon overnemen. Hoewel de overname van de Vrouwekerk door de katholieken logisch leek, ging dit niet door. Pastoor J.C.M. van Winden merkte later op dat hij hier blij om was, omdat anders de Hartebrugkerk wellicht nooit gebouwd zou zijn.

De Hartebrugkerk werd destijds ook wel de Nieuwe Vrouwekerk genoemd. Pastoor Goofers kocht eerst panden aan de Haarlemmerstraat 106 en 110, evenals een klein perceel aan de Spijkerboorsteeg. Gezien de beperkingen van de kerk aan de Kuiperssteeg, was een nieuw kerkgebouw noodzakelijk. Pastoor Goofers probeerde aanvankelijk panden te kopen die grensden aan het huis op de hoek van de Kuiperssteeg. Toen hij vernam dat het huis met tuin op de hoek van de Haarlemmerstraat en de Lange Mare te koop stond, zag hij hier een schitterende locatie.

Het perceel was echter eigendom van de protestantse professor Donckermann, die het waarschijnlijk niet aan een katholieke pastoor zou willen verkopen. Door handig manoeuvreren, met behulp van vertrouwelingen Dooreman en Maas, slaagde pastoor Goofers erin de koopovereenkomst tot stand te brengen, waarbij werd gesuggereerd dat de kopers Brabantse bierbrouwers waren. Om de geruchten over de bouw van een kerk te ontzenuwen, liet de pastoor een kleine verbouwing uitvoeren in de kerkruimte aan de Kuiperssteeg.

Op 11 maart 1836 vond de officiële overdracht plaats. Professor Donckermann kwam pas bij de notaris te weten dat hij zijn huis aan een pastoor had verkocht, maar maakte geen bezwaar. Kort daarna verwierf pastoor Goofers nog twee percelen: Haarlemmerstraat 106 met een groot achtererf, en een klein perceel aan de Spijkerboorsteeg. Pogingen om Haarlemmerstraat 108, een pakhuis ingesloten door de percelen van de pastoor, te verwerven, mislukten vanwege de te hoge vraagprijs.

Schematische weergave van de percelen rondom de Hartebrugkerk en de aangrenzende straten

Bouwactiviteiten en Uitdagingen

Pastoor Goofers werkte voortvarend aan de voorbereiding van de bouw, waarbij veel gemeenteleden bereid waren een aanzienlijke bijdrage te leveren. Architect Th. Molkenboer kreeg de opdracht voor het ontwerp. Zowel de gemeente als de provincie waren bezorgd over de gevolgen van het heiwerk, wat leidde tot proefpalen en grondboringen. De buurtbewoners maakten zich zorgen over verzakkingen van aangrenzende panden en dienden een officieel verzoekschrift in met de eis voor de nodige waarborgen.

Op 21 december 1835 kon met de bouw worden begonnen. Enkele buren, die eerder al bang waren voor het heiwerk, protesteerden opnieuw toen ze de beoogde hoogte van de kerk zagen. Ze vreesden voor problemen met de schoorstenen, waardevermindering van hun huizen en overlast van het klokgelui. De kerk werd waarschijnlijk in december 1836 in gebruik genomen. Het luiden van kerkklokken door katholieken was destijds van grote betekenis, omdat het het einde van de tijd van de schuilkerken markeerde. Vanuit protestantse kring werd hier bezwaar tegen gemaakt, met de bewering dat het klokgelui de eredienst van de Marekerk verstoorde.

De kerk was echter nog niet volledig af; werkzaamheden zoals stucwerk en het vervangen van dakpannen door leien waren blijven liggen door geldgebrek. Op het terrein tussen de kerk en het pakhuis aan Haarlemmerstraat 108 moesten nog bijgebouwen worden geplaatst. In 1845 was er voldoende geld beschikbaar voor verdere werkzaamheden aan de kerk.

Foto van de Hartebrugkerk met de kerktoren

Latere Ontwikkelingen en Uitbreidingen

In 1859 ontstond een conflict met buren aan de achterzijde van de kerk, die hun bedrijfspand uitbreidden met ramen die uitkwamen op het kerkterrein, wat geluidsoverlast veroorzaakte. Op 22 juli 1865 kocht de kerk het pand Haarlemmerstraat 104, en op 16 oktober 1856 werd het fabriekspand achter de kerk aangekocht. In 1871 ontstond een nieuwe burenruzie met Isaac Planjer over ramen die uitkwamen op het kerkterrein. Dit conflict werd opgelost door ook zijn perceel aan te kopen. Hiermee bezat de kerk het hele blok tussen de Spijkerboorsteeg en de Lange Mare, met uitzondering van Haarlemmerstraat 108.

In 1877 werd door M. Maarschalkerweerd een nieuw orgel gebouwd, ter vervanging van het tijdelijke orgel uit de schuilkerk aan de Kuiperssteeg. Latere restauraties aan het orgel vonden plaats in 1903, 1981 en 1985.

In 1892 bleek bij een schilderbeurt dat de toren in slechte staat verkeerde en vervangen moest worden. Architect L. van der Laan ontwierp een nieuwe, minder kwetsbare torenconstructie, die op 28 november 1892 gereed was. Op 3 mei 1888 werd overigens al een nieuw orgel ingewijd.

In 1895 waren er plannen voor uitbreiding van de kerk. Er werd opnieuw geprobeerd Haarlemmerstraat 108 te kopen, maar dit mislukte wederom. De uitbreiding vond plaats aan de achterzijde, op percelen die inmiddels eigendom waren van de kerk. Alle gebouwen achter de kerk tot aan de Spijkerboorsteeg werden gesloopt, met uitzondering van Lange Mare 55. Een strook gemeentegrond van 78 m2 werd bijgekocht. De uitbreiding bestond uit een absis tegen het bestaande gebouw, wat interne aanpassingen vereiste. Tijdens deze verbouwing werden ook de leien van het kerkdak vervangen en het voorportaal aangepast. Op 8 april 1897 kon het nieuwe gedeelte worden ingewijd.

In 1901 werd besloten de pastorie aan Haarlemmerstraat 106 uit te breiden met het naastgelegen pand Haarlemmerstraat 104. Dit werk werd in 1902 uitgevoerd, waarbij de pastorie de gevel met kenmerkende boogvensters kreeg. In 1904 werd de tekst ‘Hic domus Dei est et Porta Coeli’ op de onderrand van het fronton geschilderd, wat bijdroeg aan de bijnaam 'Coelikerk'. In hetzelfde jaar werd het huis aan de hoek van de Lange Mare en de Spijkerboorsteeg gesloopt, en het vrijgekomen stuk grond werd bij de tuin gevoegd.

In 1909 brak brand uit in het pand Haarlemmerstraat 108. De kerk deed opnieuw een poging om het pand te verwerven, maar dit lukte opnieuw niet. In 1924 werd op initiatief van pastoor Romanus Crombag de Romanuszaal gebouwd op het terrein achter de kerk.

Monumentale Status en Recente Restauraties

In 1967 werd de Hartebrugkerk opgenomen op de Rijksmonumentenlijst. Destijds werd vastgesteld dat een grondige restauratie noodzakelijk was. De werkzaamheden konden pas in 1979 beginnen vanwege de benodigde financiering en werden in fasen over een lange periode uitgevoerd.

Intussen vonden ook ontwikkelingen plaats bij de bijgebouwen. In 1987 werden plannen gemaakt voor een nieuwe pastorie (Haarlemmerstraat 104-106). Het monumentale pand werd grondig verbouwd, waarbij op de begane grond winkelruimte kwam en daarboven vijf appartementen, waarvan één voor de pastoor. De bouw was in 1990 voltooid.

In 1990 werd het binnenterrein achter de kerk beschikbaar gesteld als rijwielstalling voor bezoekers van de binnenstad, die dankzij de gunstige locatie goed gebruikt wordt. In 2002, tijdens de lopende restauratie, werden onder de vloer van de kerk restanten van kelders ontdekt, vermoedelijk waterkelders van de voormalige brouwerij 'Het Witte Hart'.

Foto van de vernieuwde fietsenstalling bij de Hartebrugkerk

In 2022 werden plannen gemaakt om de capaciteit van de fietsenstalling te vergroten van 125 naar 350 plaatsen en de stalling de hele week open te stellen. Om meer ruimte te creëren, is de Romanuszaal op een verdieping geplaatst.

Huidige Functies en Activiteiten

Tegenwoordig vinden in de Hartebrugkerk veel uitvoeringen door koren plaats.

Sacramentele Vieringen en Parochiële Activiteiten

De Hartebrugkerk, als onderdeel van de Parochie Heiligen Petrus en Paulus, is een actief centrum voor diverse kerkelijke activiteiten en vieringen:

  • Geboorte: Bij de geboorte van een kind wordt het op prijs gesteld een geboortekaartje te ontvangen.
  • Dopen: Voor het regelen van een doopafspraak kan contact worden opgenomen met het secretariaat.
  • Vormsel: Kinderen in groep 8 of hoger worden uitgenodigd voor het Vormsel. De Vormselviering is gepland op 15 november 2025, met voorbereidingen die na de meivakantie beginnen.
  • Biechten: Meestal is er gelegenheid tot biechten op zondag na de mis in de Hartebrugkerk.
  • Huwelijkssluitingen: De Hartebrugkerk is een populaire locatie voor kerkelijke huwelijken. Vanwege de planning en de noodzakelijke afstemming met het bisdom, is het raadzaam ruim van tevoren contact op te nemen. Ter voorbereiding vinden doorgaans drie gesprekken plaats over de betekenis van het huwelijkssacrament en de viering zelf.
  • Ziekenzalving: Vroeger bekend als het Sacrament van het Heilig Oliesel, vooral voor stervenden, heet dit sacrament nu Ziekenzalving. Het benadrukt de viering voor ernstig zieken, waarbij gebeden wordt om kracht, vergeving van zonden en zalving.
  • Uitvaarten: Bij een overlijden is het belangrijk eerst contact op te nemen met een uitvaartverzorger. De uitvaartverzorger zal vervolgens contact opnemen met het secretariaat om de wensen voor de uitvaartviering te realiseren, met name wat betreft dag, tijdstip en aard van de viering.

Op elke eerste en derde zondag van de maand is er na de Eucharistieviering van 11.15 uur gelegenheid tot ontmoeting en koffiedrinken.

Maatschappelijke Betrokkenheid

De parochie kent een bloeiende afdeling van De Zonnebloem, een organisatie die zich inzet voor het welzijn van langdurig zieken en gehandicapten, ongeacht hun gezindte. De Zonnebloem wil vereenzaming en isolement tegengaan en de gezonden attent maken op hun zieke medemensen, onder andere door ziekenbezoek.

Daarnaast is er de Soos, een ontspanningsmiddag voor ouderen uit de parochie en daarbuiten. Op woensdagmiddag van 13.30 tot 17.00 uur kunnen deelnemers elkaar ontmoeten en genieten van kaarten, sjoelen en andere spellen in de Romanuszaal.

Elke zondag staat er achter in de kerk een mand klaar waarin houdbare producten gedeponeerd kunnen worden voor de voedselbank, mits de houdbaarheidsdatum nog niet verstreken is.

tags: #kerkdiensten #hartebrugkerk #leiden