De Protestantse Gemeente Breukelen beschikt over twee waardevolle kerkgebouwen: de 'oude' Pieterskerk, met een geschiedenis die teruggaat tot de 15e eeuw en later, en de 'nieuwe' Pauluskerk, gebouwd in 1909. Beide kerken zijn niet alleen geliefde plaatsen van samenkomst, maar ook locaties waar orgelmuziek een centrale rol speelt.
Het Bätz-orgel in de Pieterskerk
In de historische Pieterskerk bevindt zich een bijzonder fraai instrument: het Bätz-orgel uit 1787. Dit orgel, een meesterwerk van Gideon Thomas Bätz, is het pronkstuk van de kerk en een belangrijk onderdeel van het authentieke interieur.

De geschiedenis van het Bätz-orgel is rijk en getuigt van vakmanschap en restauratie. Het instrument werd destijds geschonken door de Amsterdamse koopman Claude van Noortwijck (1709-1797), die in Breukelen een buitenplaats bezat. De ingebruikname van het orgel werd in juni 1787 uitgebreid beschreven in de Boekzaal der Geleerde Waereld. In de loop der jaren heeft het orgel verschillende aanpassingen en restauraties ondergaan.
Restauraties en aanpassingen
In 1807 en/of 1834 hebben hoogstwaarschijnlijk het huis Bätz zelf de stemming en toonhoogte van het orgel gewijzigd. Een belangrijke uitbreiding vond plaats in 1867, toen C.F.G. Witte een onderpositief toevoegde, vergelijkbaar met uitbreidingen in Loenen aan de Vecht en de Lutherse Kerk te Amersfoort. In 1905 verving W. van Dijk de spaanbalgen door een magazijnbalg en voorzag hij het orgel van een dak, daarvoor was er gaas aanwezig. Het pijpwerk in het front werd in 1927 door dezelfde orgelmaker vervangen door pijpwerk van gelijke mensuur, maar vermoedelijk met een grotere wanddikte. Van Dijk plaatste bij die gelegenheid ook een windmotor.
De vele halveringen in bas en discant werden in 1956 door J. de Koff weer ongedaan gemaakt. Bij deze werkzaamheden verdween het originele G.Th. Bätz-pijpwerk. Een algehele restauratie door Gebr. Van Vulpen Orgelmakers werd in 1980 voltooid. Hoewel dit werk met respect werd uitgevoerd, werd een modern sleepafdichtingssysteem toegepast dat later lekkages veroorzaakte. Om onduidelijke redenen werden de spaanbalgen in 1980 niet gereconstrueerd, ondanks advies, verkregen toestemming en subsidie. Ook de toonhoogte van a1=435 Hz bleef gehandhaafd.
Recente restauratie en herstel
Tussen 2018 en 2019 onderging het Bätz-orgel een grondige restauratie door Van Rossum Orgelbouw uit Wijk en Aalburg. Tijdens deze restauratie zijn de drie spaanbalgen, op basis van de aanwezige sporen, gereconstrueerd. Het sleepafdichtingssysteem uit 1980 is vervangen door een afdichting met geweven ringen. De toonhoogte van het orgel is teruggebracht naar de situatie van 1867. Onderzoek tijdens de restauratie leverde nieuwe inzichten op over de bouwwijze van Gideon Thomas Bätz, waaronder de toepassing van 'ventieltjes' voor de aanspraak van het register Cornet.
Op basis van kleurenonderzoek door Ferrie Ovink is de kleurstelling van 1787 teruggebracht, waarmee het historische ensemble van dat jaar compleet is gemaakt. De restauratie vond plaats onder advies van Jaap Jan Steensma en Wim Diepenhorst van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Dick Oosthoek en Kees de Jong waren namens de Protestantse Gemeente Breukelen en de Stichting Vrienden van de Pieterskerk Breukelen de belangrijkste betrokkenen.

De heringebruikname van het gerestaureerde G.Th. Bätz-orgel vond plaats op zaterdag 23 maart 2019. Tijdens dit evenement werd het instrument gepresenteerd door middel van een combinatie van verhaal en muziek, met medewerking van organisten en specialisten. Het project werd mede mogelijk gemaakt door bijdragen van verschillende particuliere fondsen.
Het De Koff-orgel in de Pauluskerk
De Pauluskerk, gebouwd in 1909, herbergt een orgel dat in zijn laatste gedaante uit 1870 dateert en werd gebouwd door De Koff. Dit orgel vormt een belangrijk onderdeel van de muzikale nalatenschap van de Protestantse Gemeente Breukelen.

Orgelconcerten en muzikale activiteiten
Zowel de Pieterskerk als de Pauluskerk zijn levendige centra voor orgelmuziek. In beide kerken worden regelmatig orgelconcerten georganiseerd, waarbij een breed repertoire aan orgelliteratuur ten gehore wordt gebracht. Bekende organisten en componisten zoals Johann Sebastian Bach, John Stanley, Alexandre-Pierre-François Boëly en Léon Boëllmann worden regelmatig uitgevoerd.
Voorbeelden van geplande en uitgevoerde concerten zijn:
- Op zondag 1 mei om 15:00 uur: Jan Pieter Karman in de Pauluskerk met een Bachconcert, met werken van J.S. Bach en C. Franck.
- Op maandag 6 juni om 15:00 uur: Jan Pieter Karman in de Pauluskerk met een Benefietconcert voor Oekraïne.
De Vrienden van de Pieterskerk spelen een cruciale rol in het ondersteunen van de Pieterskerk, zowel financieel als met middelen. Zij dragen bij aan het behoud en de instandhouding van het exterieur en interieur, waaronder het Bätz-orgel. In 2017 werd begonnen met de ondersteuning van de restauratie van dit orgel, die op 23 maart 2019 officieel werd afgerond.
Muziek en geschiedenis
De orgels van Breukelen zijn niet alleen muziekinstrumenten, maar ook dragers van geschiedenis. De rijke historie van de Pieterskerk, die teruggaat tot de stichting van de eerste parochie in de Vechtstreek door Bonifatius in 720, is nauw verbonden met de ontwikkeling van de kerk en haar inventaris, waaronder het orgel. Het orgel, met zijn vele registers en pijpen, symboliseert de complexiteit en de schoonheid van de orgelbouwkunst.
Historische teksten en verhandelingen over orgelbouw, zoals die van Michael Praetorius (ca. 1571-1621), bieden inzicht in de technische aspecten en de ontwikkeling van orgels. Deze geschriften beschrijven de constructie van pijpen, registers, windvoorziening en de mensuur, wat de waardering voor de orgels in Breukelen verder vergroot.
Historische context en orgelbouw
De orgelbouw kent een lange en rijke traditie, met invloeden die teruggaan tot de oudheid. Oude verhandelingen, zoals die van Hero Alexandrinus en Vitruvius, beschrijven al vroege vormen van blaasinstrumenten en orgels. De ontwikkeling van het orgel is een continu proces geweest van innovatie en verfijning, waarbij techniek en kunst hand in hand gingen.
De beschrijvingen van orgelbouwers en theoretici zoals Michael Praetorius (in zijn monumentale werk, dat deels uit het begin van de 17e eeuw dateert) bieden gedetailleerde inzichten in de constructie van orgels. Deze teksten behandelen onderwerpen als de mensuur van de pijpen, de constructie van de lade en de windvoorziening, de samenstelling van registers en mixturen, en de afstemming van de instrumenten.
Technische aspecten van orgelbouw
De verhandelingen benadrukken het belang van de juiste proporties en materialen voor de klankvorming. Zo wordt de keuze tussen lood en tin voor pijpen besproken, waarbij de kwetsbaarheid van lood voor vocht en ongedierte wordt aangekaart. Ook de samenstelling van registers wordt gedetailleerd beschreven, met de aanbeveling om niet te veel registers te maken, maar te kiezen voor acht of negen goede registers. Het belang van een goede mixtuur, waarbij de verschillende koorstemmen rein en gelijkmatig moeten zijn, wordt eveneens benadrukt.
De plaatsing van de toetsen (klavieren) van zowel het manuaal als het pedaal wordt nauwkeurig beschreven, met de nadruk op een ergonomische indeling zodat de organist comfortabel kan spelen. De breedte van de toetsen en de afstand tussen de semitonien worden gedetailleerd besproken, met de waarschuwing dat te brede of te smalle toetsen het spel bemoeilijken. Ook de hoogte van de klavieren ten opzichte van elkaar is een belangrijk punt, om te voorkomen dat de organist met de knieën tegen het manuaal stoot.
De windvoorziening, essentieel voor de klank van het orgel, wordt eveneens uitgebreid behandeld. De beschrijving van de balgen, die de wind moeten leveren, benadrukt het belang van een soepele werking zonder schokken, om een constante en stabiele windtoevoer te garanderen. Het gebruik van smeermiddelen om de balgen te beschermen tegen ongedierte wordt ook genoemd.
De verhandelingen wijzen ook op het belang van dagelijkse oefening voor organisten om het instrument goed te beheersen en het orgel in goede staat te houden. Het ontbreken van vakkundig advies kan leiden tot schade aan het instrument.

Orgels in de Nederlandse geschiedenis
De orgelbouw in Nederland heeft een rijke geschiedenis, met invloedrijke orgelbouwers zoals G.T. Bätz en C.G.F. Witte. De beschrijvingen van orgels in kerken, zoals de Pieterskerk en de Pauluskerk in Breukelen, illustreren de evolutie van deze instrumenten door de eeuwen heen.
In bredere zin is de waardering voor het orgel als muziekinstrument al eeuwenoud. Het wordt beschouwd als een instrument dat in staat is tot een grote variëteit aan klanken en expressiemogelijkheden, en dat in staat is om de meest complexe muziek uit te voeren.