De context van het verhaal
Het verhaal van Jezus’ ontmoeting met de Samaritaanse vrouw bij de put staat niet op zichzelf. Het vindt plaats in een bredere context van reisverhalen en theologische diepgang. In het hoofdstuk voorafgaand aan dit Bijbelverhaal vindt ook een ontmoeting plaats met een geleerde Farizeeër, Nikodemus. Hij wordt sympathiek getekend: hij schiet Jezus niet af maar is oprecht belangstellend. Het thema daar is ‘opnieuw geboren worden’ en Nikodemus vraagt zich af wat hij zich daarbij moet voorstellen. Het gesprek vindt plaats in de nacht.
Het gesprek met de Samaritaanse vrouw, dat plaatsvindt op klaarlichte dag, is een contrast met het nachtelijke gesprek met Nikodemus. Het thema van breken met minder goede gewoontes wordt hier benadrukt door het tijdstip: de middag, 12.00 uur, in het volle licht. Nu geen ontmoeting met een man, maar met een vrouw. Niet met een Joodse, maar met een Samaritaanse, een ‘half-Joodse’, hoewel dit geen adequate formulering is. Het is iemand die de Thora kent, maar door de Joden niet wordt erkend.

Jezus’ reis door Samaria
Jezus is op weg naar Galilea en ‘moest’ door Samaria gaan. Dit ‘moeten’ slaat niet alleen op de geografische route, maar ook op een theologisch ‘moeten’: de ontmoetingen moeten worden gezocht. De tekst spreekt van Sichar, een plaatsje dat verder nergens in de Bijbel wordt genoemd. Het gaat in elk geval rond de put van Jakob, die een paar honderd meter van Sichem (het huidige Nabloes) ligt. Dit was een plek waar een rechtgeaarde Jood niet graag kwam, maar Jezus lapt dat aan zijn laars.
De ontmoeting bij de put
Terwijl zijn leerlingen in de omgeving een maaltijd proberen te regelen, verschijnt er een Samaritaanse vrouw bij de put en begint een gesprek. Het valt op dat zij water put op het heetst van de dag, om 12.00 uur. Normaal gesproken halen vrouwen ’s morgens water, wat ook een sociaal moment is. Deze vrouw lijkt daar geen oren naar te hebben, mogelijk omdat ze wordt buitengesloten door de gemeenschap vanwege haar levensloop: ze heeft al vijf mannen gehad en de huidige man is niet haar man.
De ontmoeting begint met een verzoek van Jezus: ‘Heb je wat te drinken?’ De Samaritaanse vrouw is alert, want de etiquette verbiedt Joden om met Samaritanen om te gaan. Jezus tilt het gesprek naar een hoger niveau door te spreken over het ‘levende water’, een gave van God. Hij vraagt aandacht voor zijn eigen rol: ‘Als je eens wist met wie je nu spreekt; als je eens wist van dat bijzondere water…’
De vrouw reageert ad rem en ironisch, zoals te lezen is in vers 11: ‘Als u dat water wilt tappen, moet u wel een emmertje meenemen, mijnheer, want de put is diep. Hoe komt u anders aan dat levende water? Dit water hebben we gekregen van onze vader Jakob. Welk water hebt u in de aanbieding? Of voelt u zich soms meer dan Jakob?’ Jezus antwoordt: ‘Het water dat Jakob heeft gegeven, daarmee is je dorst niet voorbij. Die dorst komt steeds weer terug. Maar dit levende water komt uit een andere bron, die zit in je en die blijft maar stromen.’
De vrouw steekt opnieuw de draak met Jezus’ uitleg: ‘Dat is mooi makkelijk, dat scheelt me een dagelijks loopje naar de put hier.’
Theologische diepgang en symboliek
Jezus stuurt het gesprek nu anders aan: ‘Ga je man halen en kom dan hier terug.’ De vrouw antwoordt dat ze geen man heeft. Jezus bevestigt dit, maar gaat dieper dan alleen een echtgenoot: ‘Je hebt vijf mannen gehad en deze is je man niet.’ De suggestie wordt gewekt dat de zesde ‘man’ Jezus zelf is. De optelsom van vijf en twee (de vijf mannen en Jezus als de zevende) is theologisch significant. Het verwijst naar de bruidegom die de bruid ontmoet bij de waterput, een motief dat terugkomt in verhalen als Eliëzer en Rebekka, Jakob en Rachel, en Mozes en Sippora. Deze beelden dragen bij aan het beeld van het grote huwelijk tussen hemel en aarde.
De vrouw voelt zich ongemakkelijk en probeert het onderwerp te veranderen naar iets banaals als: ‘Waar moeten we bidden?’ Dit is een beproefde gesprekstechniek om moeilijke onderwerpen te vermijden. Jezus antwoordt: ‘Het maakt niet uit waar je bidt, wel hoe je bidt: in geest en in waarheid.’ Hiermee is het gesprek op het niveau van de ware aanbidding van God gekomen, wat de kern van de ontmoeting blijkt te zijn.
De bekering van Saulus van Tarsus: een parallel verhaal
Het evangelie van Johannes 4, dat het verhaal van de Samaritaanse vrouw vertelt (verzen 5-42), wordt hiernaast geplaatst in de context van een bredere Bijbelse boodschap. Een ander fascinerend verhaal is dat van de bekering van Saulus van Tarsus (Handelingen 9). Dit verhaal, net als de ontmoeting met de Samaritaanse vrouw, laat zien hoe Jezus mensen oproept en hun leven transformeert.
Saulus, een bloedfanatieke gelovige die de gemeente van Jezus vervolgde, is onderweg naar Damascus om de gemeente daar aan te pakken. Hij wordt overvallen door een hemelse verschijning en een stem: ‘Saul, Saul.’ Dit is een moment van totale overdondering. Hij beseft dat hij niet met een mens, maar met God te maken heeft. De boodschap dat de gekruisigde Jezus leeft, is een schokkende openbaring voor Saulus.
Net als de Samaritaanse vrouw die haar levenstijl moet confronten, wordt Saulus geconfronteerd met zijn verleden en krijgt hij een nieuwe taak. Zijn transformatie is cruciaal voor de verspreiding van het evangelie en de vorming van de kerk. Zijn brieven, zoals de brief aan de Galaten, bieden tot op vandaag waardevolle inzichten, hoewel ze niet altijd eenvoudig te begrijpen zijn.

De brieven van Paulus, zo wordt benadrukt, zijn alleen te begrijpen als men ziet dat Saulus diep geworteld was in de Schriften (het Oude Testament) en dat Jezus hem in zijn essentie heeft gegrepen. Zijn leven, denken en schrijven staan in het verblindende licht van Handelingen 9. De kern is Jezus zelf: ‘Wie bent U, Heer?’
De betekenis van de ontmoetingen
De ontmoeting met de Samaritaanse vrouw en de bekering van Saulus laten zien dat Jezus mensen oproept, ongeacht hun achtergrond of verleden. Jezus roept niet de rechtvaardigen, maar zondaren. Hij roept een christenvervolger en een ‘zondevolle’ vrouw. Hij bekeert atheïsten, twijfelaars en ‘ietsisten’, en laat hen van Hem getuigen.
De verhalen benadrukken dat Jezus verder en beter kijkt dan mensen dat kunnen. Hij heeft deze mensen nodig als instrumenten in zijn handen. De Samaritaanse vrouw wordt een getuige in de stad, en Saulus wordt een apostel die brieven schrijft die tot op de dag van vandaag gelezen worden. De kern is het zoeken van Jezus, het leven in Zijn licht en het getuigen van Zijn evangelie.
Bijbelse verhalen over hoop en geloof
Naast de verhalen over de Samaritaanse vrouw en Saulus worden er ook andere Bijbelse verhalen aangehaald die hoop en geloof centraal stellen, met name in de context van de Tweede Wereldoorlog:
- Cornelia de Vries (Dove Knelia): Tijdens het bombardement op Rotterdam weigerde zij haar huis te verlaten, vertrouwend op Gods belofte dat haar tent veilig zou zijn. Haar geloof werd beproefd, maar haar huis bleef gespaard, terwijl de omliggende huizen verwoest werden. Dit verhaal benadrukt Gods trouw en de vervulling van Zijn beloften.
- Dominee Van Reenen en Dominee Lamain: Dominee Van Reenen waarschuwde voor de naderende oorlog met de tekst ‘Zie, de Rechter staat voor de deur’. Dominee Lamain preekte hierover en later over de komst van de Bruidegom. Deze waarschuwingen, hoewel aanvankelijk genegeerd, bleken profetisch te zijn voor het uitbreken van de oorlog.
- Dominee Lamain en Psalm 58: Dominee Lamain preekte over Gods oordeel, ondanks de dreiging van de Gestapo. Zijn geloof in Gods heerschappij gaf hem rust, zelfs in donkere tijden. Dit illustreert dat er niets gebeurt zonder Gods wil en dat gelovigen veilig zijn onder Zijn zorg.
- Jeugdherinneringen aan de Tweede Wereldoorlog: Persoonlijke herinneringen aan de dreiging van razzia's, honger en bombardementen schetsen de harde realiteit van de oorlog. De nadruk wordt gelegd op de geestelijke vrijheid die Christus brengt, een vrijheid die meer kost dan de fysieke vrijheid waarvoor velen hun leven gaven.
Deze verhalen, hoewel uit verschillende contexten, delen een gemeenschappelijke boodschap: Gods trouw, Zijn leiding in moeilijke tijden, en de kracht van geloof en hoop. Ze laten zien dat God altijd aanwezig is en dat Zijn Woord leidt tot bevrijding en vrede.