De gereformeerde predikant Klaas de Vries (65) is, samen met zijn jongere collega Laurens Odding (30), sinds de zomer van 2024 actief in de Koepelkerkgemeente op het Jansplein in Arnhem. Deze kerk, centraal gelegen in de stad, hanteert het jaarthema ‘Wees herbergzaam’, wat een oproep is om een plek van geborgenheid te bieden in een wereld die soms onherbergzaam aanvoelt.

Een Brug tussen Generaties en Levenspaden
Hoewel beide predikanten een eigen, unieke geloofsgeschiedenis hebben, vinden ze elkaar in een gedeelde visie op geloof en kerkzijn. Klaas de Vries komt uit een predikantenfamilie; zowel zijn vader als grootvader, de bekende Klaas Schilder, waren dominees. Hij omschrijft zijn eigen jeugd als een periode waarin hij zich ergens tussen aanpassing en rebellie bevond. Tijdens zijn studie theologie belandde hij in een diepe geloofscrisis, waarna hij een meer evangelische weg insloeg, waarbij het persoonlijke contact met God centraal kwam te staan boven dogmatische waarheden.
Laurens Odding daarentegen kende een jeugd waarin hij zich aanvankelijk niet thuis voelde in de kerk. Als puber zocht hij zijn heil in de muziekscene, maar vond daar uiteindelijk geen vervulling. Een ontmoeting met een begripvolle oudere predikant leidde hem naar de studie theologie. Hij werd wel eens 'theoloog van het geleefde leven' genoemd, een titel die zijn benadering van geloof weerspiegelt. Na zijn stage in de Koepelkerk werd hij daar fulltime predikant, met de afspraak dat een ervaren predikant hem zou begeleiden.
De Kracht van ‘Herbergzaamheid’ en Gedeelde Waarden
De openheid en het 'herbergzame' karakter van de predikanten blijkt uit hun vermogen om makkelijker met mensen buiten de kerk te praten dan met kerkleden. Ze delen de ambitie om alle 1200 gemeenteleden te bezoeken, niet alleen om hen te leren kennen, maar ook om te ontdekken wat zij nodig hebben. "De Koepelkerker bestaat niet," stelt Klaas, waarmee hij de diversiteit van de gemeente benadrukt. Laurens voegt toe dat het een uitdaging is om leiding te geven aan zo'n dynamische en spiritueel diverse groep.
Een ander belangrijk aspect dat hen verbindt, is de omgang met het kruis, een centraal christelijk symbool. Laurens draagt vaak een houten kruis, terwijl Klaas aan het begin en einde van de dienst een kruisteken maakt. Zij zien het kruis als een symbool van verbinding, zowel naar God als naar elkaar toe.

Kerst: Tussen Humor en Commerciële Druk
Met de naderende kerstperiode reflecteren de predikanten op de betekenis van de geboorte van Jezus. Laurens ziet het verhaal als humoristisch, een tegenhanger van de menselijke drang om als God te zijn. God kiest er in dit verhaal juist voor om mens te worden en naar de aarde af te dalen. Klaas heeft een meer ambivalente relatie met kerst, mede door de overweldigende commercie en de hoge verwachtingen die er vaak mee gepaard gaan. Laurens deelt deze observatie en merkt op dat het steeds moeilijker wordt om de hoop die in het kerstverhaal besloten ligt, over te brengen.
Toekomstplannen: Resonantie en Individuele Aandacht
Voor het nieuwe jaar 2025 hebben de predikanten duidelijke ambities. Klaas wil zijn bezoekronde aan de gemeenteleden afronden en de inzichten daaruit gebruiken om de accenten voor de toekomst te bepalen. Laurens benadrukt het belang van 'resonantie': dat mensen iets van zichzelf herkennen in anderen en in de kerkdienst. De aandacht voor het individu, het gevoel 'er zelf ook nog te zijn' binnen de groep, wordt gezien als essentieel, wat ook weer aansluit bij het thema van herbergzaamheid.
Een concrete wens van Klaas is om vaker het avondmaal te vieren, idealiter elke zondagavond, zoals hij dat in een eerdere, kleinere gemeente in Amsterdam deed. Hij gelooft dat dit meer contact tussen gemeenteleden kan bevorderen.
De Koepelkerk als Kerk in de Stad
De Koepelkerk wil een actieve rol spelen in de stad Arnhem. Laurens benadrukt het belang om eerst te onderzoeken waar God al mee bezig is in de stad, alvorens zelf initiatieven te ontplooien. Hij waarschuwt voor de neiging om vanuit onzekerheid impact te willen maken, wat kan leiden tot onuitvoerbare plannen.
Als voorbeeld van positieve ontwikkelingen in de stad noemt Laurens de inspanningen van burgemeester Marcouch om verschillende religies en gelovigen bij elkaar te brengen. Klaas beaamt dit en prijst Arnhem als een 'ruige samenleving' waar het stadsbestuur, ondanks landelijke discussies, succesvol veel meer asielzoekers huisvest dan strikt noodzakelijk. Hij ziet hierin een weerspiegeling van Gods werk en meent dat de Koepelkerk zich bij dergelijke initiatieven zou moeten aansluiten, bijvoorbeeld door maaltijden te organiseren voor de buurt en onderzoek te doen naar eenzaamheid onder singles. Het doel is om mensen met elkaar in contact te brengen en een plek te creëren waar men zich welkom en gezien voelt.