De Protestantse Kerk van Wapserveen, voorheen de Nederlands Hervormde Kerk, is een historisch monument dat een centrale rol speelt in de gemeenschap van Wapserveen. De kerk, gelegen aan de noordzijde van het Oosteinde, werd in 1803 gebouwd en kenmerkt zich door zijn rechthoekige zaalvormige architectuur.
Oorsprong en Naamgeving
Wapserveen, oorspronkelijk ook wel Wapsterveen genoemd, is waarschijnlijk ontstaan in de buurt van Wapse, wat de oorsprong van de naam 'Wapse ter veen' verklaart. In de loop der tijd evolueerde deze naam naar Wapsterveen en uiteindelijk naar Wapserveen. Het dorp ontwikkelde zich als een veenkolonie rond 1380, in de middeleeuwen, en strekte zich uit langs de Wapserauwen. In zijn vroegste vorm was Wapserveen een lang lintdorp met talrijke boerderijen, een structuur die tot op heden grotendeels behouden is gebleven, zij het met enkele zijstraten.
Kerkelijke Geschiedenis
In 1395 werd Wapserveen een zelfstandige parochie. Echter, bewijzen uit archieven suggereren dat Wapserveen zich in 1461 als parochie van Vledder afscheidde, waarbij de 13e-eeuwse kapel werd verheven tot parochiekerk. De kerk van Wapserveen was oorspronkelijk gewijd aan de Heilige Maagd. Na de Reformatie behield de oude pastoor, Antonius Veenraet, de achting van de gemeenschap, mede door weerstand tegen de nieuwe hervormde leer. Pogingen om inkomsten van de pastorie te onttrekken ten gunste van de oude pastoor leidden tot conflicten, waaronder de tragische dood van predikant Ds. Foppius Hilarii in 1606. Uiteindelijk werd aan pastoor Veenraet een jaarlijkse toelage van 50 gulden toegekend.
De kerk werd in 1803 in gotische stijl herbouwd, waarbij gebruik werd gemaakt van zowel oude als nieuwe bakstenen. Het benedendeel is opgetrokken uit oude baksteen. De kerk is een rijksmonument sinds 1965.
Architectuur en Interieur
De kerk is een rechthoekige zaalkerk met een driezijdig gesloten koor. De ramen zijn spitsbogig en voorzien van glas-in-lood. Het interieur omvat een eikenhouten preekstoel uit 1776, afkomstig uit de oude kerk, compleet met twee geelkoperen blakers uit het einde van de 17e eeuw. De preekstoel vertoont gelijkenis met die in Vledder en Diever. Op de avondmaalstafel staan een tinnen avondmaalsschotel en kan. De vier tafels, banken en het orgel dateren uit de jaren '60 van de 20e eeuw. Het orgel werd in 1965 gebouwd door G.A.C. de Graaf uit Amsterdam.
De luiken van de preekstoel zijn beschilderd door F.W.A. van der Veen uit Havelte. Het linker luik toont een voorstelling van Genesis 19:26, terwijl het rechter luik is versierd met een afbeelding uit Openbaringen 21 en 22.

De Klokkenstoel en Kerkespraaksteen
Naast de kerk bevindt zich een eikenhouten klokkenstoel, daterend uit 1775 (of 1776 volgens andere bronnen). Deze klokkenstoel is de enige nog authentieke, losstaande klokkenstoel in Drenthe. De oorspronkelijke luidklok uit 1776 werd in 1943 door de Duitse bezetter geconfisqueerd. In 1948 werd deze vervangen door een nieuwe klok, vervaardigd door Van Bergen te Heiligerlee. De restauratie van de klokkenstoel werd in april 1997 voltooid. De klokkenstoel heeft zijn karakteristieke oude balken behouden en is voorzien van een rechte houten luidas voor het luiden met een vliegende klepel.

Op het kerkhof bevindt zich ook een achtzijdige, afgeplatte steen, bekend als de kerkespraaksteen of kostersteen. Deze steen diende vroeger als podium voor de dorpsomroeper om nieuws, zoals geboorten, huwelijken en overlijden, aan te kondigen.
Pastorie en Grafmonument
Tegenover de kerk staat de pastorie, een monumentaal pand uit de tweede helft van de 19e eeuw, dat eveneens een provinciaal monument is. Op het kerkhof bevindt zich het eenvoudige grafmonument van Wilhelmina Helena Christina Ebbinge (1845-1857), de dochter van de Wapserveense predikant J.W.E. Ebbinge.
Bestuurlijke Indeling
Bij de instelling van de gemeenten werd Wapserveen gevoegd bij de gemeente Havelte, ondanks de beperkte wegverbinding in vroegere tijden. De band met Diever was daarentegen sterker; lange tijd was de schulte van Diever ook verantwoordelijk voor Wapserveen, waarbij beide plaatsen één schultambt vormden. In de Bataafs-Franse periode werden de schultambten van Diever/Wapserveen samengevoegd met die van Vledder. Na het overlijden van de schulte van Diever/Wapserveen in 1803 werd er geen nieuwe benoeming gedaan.
tags: #protestantse #kerk #wapserveen