Introductie tot Ravenna en de Basilica di San Vitale
Het onbetwiste hoogtepunt van iedere trip naar Ravenna is een bezoek aan de Basilica di San Vitale. Deze kerk, die zich ongeveer een kilometer ten westen van het station van Ravenna bevindt en net ten zuiden van het Mausoleum van Galla Placidia staat, is wereldberoemd vanwege haar unieke vorm en haar prachtige mozaïeken. Foto’s van deze mozaïeken treft men aan in ieder boek over Byzantijnse kunst. Dat geldt zeker voor de mozaïeken waarop de Oost-Romeinse keizer Justinianus en zijn vrouw, keizerin Theodora, zijn afgebeeld.
Ravenna, een stad van ongekende schoonheid in de regio Emilia-Romagna, is doordrenkt van geschiedenis, kunst en cultuur. De stad staat bekend om haar schitterende mozaïeken en een rijk historisch verleden, en behoort niet voor niets tot het UNESCO-werelderfgoed. Dit historisch belang is nog steeds zichtbaar in de vele kerken, mausolea en basilieken die Ravenna sieren. De stad heeft door de eeuwen heen invloeden uit Romeinse, Gotische en Byzantijnse periodes ondergaan, wat zorgt voor een unieke mix van architecturale stijlen.
De Basilica di San Vitale is een van de meest iconische bezienswaardigheden van Ravenna. Deze kerk uit de 6e eeuw staat bekend om zijn prachtige mozaïeken die verschillende bijbelse taferelen uitbeelden. De ingewikkelde kunstwerken en architectonische schoonheid maken het een bestemming die je absoluut moet bezoeken voor iedereen die geïnteresseerd is in vroegchristelijke kunst en geschiedenis.
De Basilica di San Vitale wordt beschouwd als een van de mooiste, religieuze bouwwerken in Noordoost-Italië.

De Heilige Vitalis en de Ontstaan van de Basiliek
San Vitale of Sint Vitalis is een tamelijk obscure heilige, en we mogen rustig betwijfelen of hij wel echt bestaan heeft. In haar uitstekende Ravenna in Late Antiquity legt Deborah Mauskopf Deliyannis uit dat de opkomst van Sint Vitalis als belangrijkste martelaar van Ravenna op de een of andere manier verbonden is met de scherpe rivaliteit tussen de bisschopszetels van Milaan en Ravenna. Milaan was natuurlijk de vorige hoofdstad van het Romeinse Rijk geweest en tevens de stad van de grote Sint Ambrosius (ca. Veel van deze kerken, zo niet alle, zullen ietwat ouder zijn geweest dan die van Ravenna. Ravenna was echter sinds 402 de nieuwe hoofdstad en de zetel van het keizerlijk hof. Ze meende daarom hoger in de kerkelijke hiërarchie te staan dan Milaan. In Ravenna zag men de soldaat Vitalis als de vader van de Heilige Gervasius en Protasius, Milanese martelaren en beschermheiligen van die stad (zie Milaan: Sant’Ambrogio). Het feit dat Vitalis de vader van Gervasius en Protasius was, bracht natuurlijk met zich mee dat de Kerk in Ravenna de “vader” van de Kerk in Milaan was.
Volgens de overlevering stierf Sint Vitalis in Ravenna, maar we weten niet wanneer dit verhaal speelt; dat zou op ieder denkbaar moment tussen de regering van Nero (54-68) en die van Marcus Aurelius (161-180) kunnen zijn geweest. In elk geval lijkt het erop dat er in Ravenna sinds de vijfde eeuw een kapel gewijd aan Sint Vitalis heeft gestaan. Opgravingen in 1911 onder de vloer van de huidige kerk hebben een rechthoekig bouwwerk met een altaar en mozaïekvloeren aan het licht gebracht. Delen van de vloeren van dit sacello worden nu in de San Vitale tentoongesteld, en het bijschrift vermeldt dat ze inderdaad van de vijfde eeuw dateren. De mozaïeken tonen pauwen en kleinere vogels rondom een vaas, alsook ingewikkelde geometrische patronen, waarvan sommige op swastika’s lijken.
Het was bisschop Ecclesius (522-532) die plannen maakte om een grotere kerk gewijd aan Vitalis te bouwen op de plaats van de kleinere kapel. Op dat moment vielen Ravenna en Italië nog onder het gezag van de Ostrogoten, en het feit dat de Gotische autoriteiten geen bezwaar maakten tegen het project toont wel aan dat - om wat voor reden dan ook, ware tolerantie of simpelweg omdat het politiek goed uitkwam - orthodoxe Italianen hun geloof vrij mochten belijden en zelfs nieuwe kerken mochten bouwen. Ecclesius heeft het resultaat van zijn inspanningen niet meer kunnen zien. Zowel Ecclesius als Victor moeten veel tijd en moeite in het project hebben gestoken, want eerstgenoemde heeft een prominente plaats in het apsismozaïek, en het monogram van de laatstgenoemde staat op de imposten in de kerk.
Architectuur en Constructie
De kerk werd op 19 april 547 voltooid en gewijd door bisschop Maximianus (546-557). Hoewel we niet weten wanneer de bouw van de kerk precies begon, kunnen we ervan uitgaan dat de bouw werd vertraagd door het uitbreken van de Gotische Oorlog in 535. Ravenna werd in 540 door een Oost-Romeins leger ingenomen en rond het jaar 543 was er sprake van een uitbraak van de builenpest in de stad.
Veel bouwmateriaal moest vanuit het Oosten worden geïmporteerd, vooral het marmer dat nodig was voor de zuilen en de decoraties. Er waren kennelijk geen bakstenen van oudere gebouwen meer beschikbaar, dus de San Vitale moest worden gebouwd met nieuwe bakstenen. Al met al lijkt het redelijk om aan te nemen dat de bouw zo’n twintig jaar heeft geduurd.
Het project werd mogelijk gemaakt door een gift van 26.000 gouden solidi van een mysterieuze, maar rijke bankier (argentarius) genaamd Julianus, over wie we vrijwel niets weten. Het lijkt daarom een beetje oneerlijk dat, terwijl de drie bisschoppen - Maximianus werd rond 553 zelfs aartsbisschop - die waren betrokken bij de bouw van de San Vitale allemaal een zichtbaar eerbetoon in de kerk hebben gekregen, geen enkel monument werd opgericht voor Julianus.
Hoewel de kerk in het Italiaans de Basilica di San Vitale heet, verwijst het woord basilica hier alleen naar haar status, niet naar haar vorm. De San Vitale is namelijk allesbehalve een typische Romeinse basilica, te weten een rechthoekig gebouw met een hoog middenschip en iets lagere zijbeuken. De kerk is een gebouw met een centraal grondplan en kan het beste omschreven worden als een achthoek binnen een achthoek, maar dan net even anders. De centrale achthoek heeft een koepel en exedrae (halve cirkels) aan zeven van de acht zijden. De achtste zijde loopt door in het koor, dat weer in een apsis eindigt. De centrale achthoek wordt omringd door een tweede achthoek, zijnde een kooromgang met een galerij erboven, en de apsis van de kerk steekt buiten de kooromgang uit. De apsis is gericht op het (zuid)oosten en wordt geflankeerd door twee ronde ruimtes. De koepel boven de centrale achthoek is 28,7 meter hoog. Het plafond van het koor is iets lager: 17,7 meter.

Aan de westkant van het gebouw werden twee torens gebouwd, waarvan er een in de Middeleeuwen werd omgebouwd tot een klokkentoren. Deze stortte in 1688 in, maar werd kennelijk herbouwd. Er staat er namelijk nog steeds een, die overigens nogal uit de toon valt en slecht past bij de rest van het gebouw. Aan de kerk werden op enig moment externe steunbogen toegevoegd, mogelijk in de late jaren 1100.
De in deze bijdrage opgenomen plattegrond van de San Vitale toont aan de westkant van het gebouw een grote rechthoekige ruimte met apsissen. Dit was ooit de narthex van de kerk, die weer was verbonden met een vierkant atrium. Ergens in de tiende eeuw werd de kerk onderdeel van een Benedictijns klooster, en ik neem aan dat het atrium toen werd omgebouwd tot kruisgang. Men kan dit atrium - of zijn opvolger - nog altijd van boven bekijken met Google Maps.
De Betoverende Mozaïeken
Bezoekers kunnen gemakkelijk uren doorbrengen met het bekijken van de mozaïeken in het koor en in de apsis. Deze zijn gewoonweg schitterend. Het detailniveau is spectaculair en de kleuren zijn uitzonderlijk mooi, waarbij goud en groen domineren.
Delen van de mozaïeken zijn gerestaureerd, wat na zoveel eeuwen ook onvermijdelijk is. Er zijn restauraties geweest in de twaalfde, veertiende, zestiende en late achttiende eeuw, en daarnaast in de jaren 1850, de jaren 1930 en de jaren 1960. In 1988 werd een nieuwe ronde restauraties gelanceerd, en ongetwijfeld zal er in de toekomst nog meer restauratiewerk nodig zijn: de kleine blokjes (tesserae) waaruit een mozaïek is opgebouwd hebben helaas de neiging om zo nu en dan los te laten. Niettemin, wat we vandaag de dag zien is grosso modo wat een kerkganger in 547 zou hebben gezien. Juist het gevoel dat je iets ziet wat iemand anders bijna anderhalf millennium geleden ook zo gezien zou hebben, maakt van een bezoek aan de San Vitale zo’n ongelooflijke ervaring.

Mozaïeken in het koor: Bijbelse Scènes
We zien een voorstelling met vijf deelnemers tegen een gouden achtergrond met enkele blauwe en roze wolken. In het midden zit een jeugdige Christus op een blauwe globe. Christus is baardeloos en draagt een purperen tuniek met een brede gouden zoom (clavus). In zijn linkerhand heeft hij een boekrol met de zeven zegels van de Apocalyps uit de Openbaring van Johannes: “een boekrol die aan beide kanten beschreven was en met zeven zegels was verzegeld” (Openbaring 5:1; NBV). Rond het hoofd van Christus zien we een aureool met daarin een met juwelen bezet kruis. Met zijn rechterhand houdt hij een kroon vast die hij aan Sint Vitalis aanbiedt, de persoon uiterst links (maar rechts van Christus; hij heeft het bijschrift S(AN)C(TV)S VITALIS). Vitalis is afgebeeld als een oudere man, met grijzend haar. Christus wordt geflankeerd door twee engelen met een staf. De engel links heeft zijn hand op de schouder van Vitalis en introduceert hem bij Christus. De engel rechts doet hetzelfde met betrekking tot de vijfde persoon in de voorstelling, bisschop Ecclesius, die het bijschrift ECLESIVS EPIS(COPVS) heeft. Hij houdt een miniatuurversie van de kerk in zijn handen. Mauskopf Deliyannis beweert dat dit een van de vroegste voorbeelden is van een afbeelding waarop een beschermheer een kerk aan Jezus aanbiedt. Een nog iets ouder voorbeeld kan men in Rome vinden. Op het apsismozaïek van de Santi Cosma e Damiano zien we Paus Felix (526-530) die zijn nieuwe kerk aan Christus aanbiedt. Het is interessant om de twee mozaïeken met elkaar te vergelijken. Er zijn duidelijke verschillen qua stijl, waarbij het mozaïek in Rome een meer klassieke, natuurlijke ‘look’ heeft.
De mozaïeken in het koor bestaan uit een lagere en een hogere zone. Op de linkermuur zien we boven de bogen een lunette met twee scènes uit het Oude Testament: Abraham die drie vreemdelingen te eten geeft bij Mamre en Abraham die Isaak offert. Beide verhalen zijn afkomstig uit Genesis en beide worden gezien als voorlopers van de christelijke eucharistie. Midden in de lunette zijn de drie vreemdelingen uit Genesis 18:1-15 afgebeeld. Ze zitten achter een tafel met drie stukken platbrood erop. Het brood is gemerkt met een kruis en ziet er verdacht veel uit als de hosties die bij de eucharistieviering gebruikt worden. Links nadert Abraham met een gebraden kalf, terwijl zijn vrouw Sara in de deuropening van een simpele hut met een rieten dak staat. Rechts van de tafel zien we Abraham nogmaals, ditmaal terwijl hij op het punt staat zijn zoon Isaak te offeren (Genesis 22:1-13). De jongen is vastgebonden en op het altaar gezet. Abraham heeft zijn linkerhand op Isaaks hoofd gelegd en heeft zijn zwaard opgeheven, klaar om toe te slaan. Maar dan verschijnt de Hand van God vanuit de hemel om in te grijpen. Boven de lunette zien we twee engelen die een medaillon vasthouden met daarin een kruis. We zien ook een afbeelding van de profeet Jeremia - met het bijschrift IEREMIA - met een geopende boekrol. Rechts staat Mozes - met het bijschrift MOSE en afgebeeld als een jonge man - die op de Sinaïberg van de Hand van God de Wet ontvangt. Onder hem staat een menigte Israëlieten.
Op de tegenoverliggende muur worden de scènes met Mozes voortgezet. Hier zien we hem zijn sandaal vastmaken te midden van verschillende brandende doornstruiken. Hij draait zijn hoofd om richting de Hand van God. Daaronder zien we nog een keer Mozes, ditmaal met drie schapen. Hij voedt een van de schapen met zijn rechterhand, terwijl hij met zijn linkerhand een boekrol vasthoudt. In het midden, boven de lunette, is wederom een engelenpaar afgebeeld dat een medaillon met kruis vasthoudt. De interessantste voorstelling bevindt zich echter in de lunette zelf. Wederom worden twee scènes uit Genesis getoond. We zien Abel, zoon van Adam en Eva, die een lam aan God offert en de Koning van Salem, Melchisedek, die een stuk brood aanbiedt.
Keizer Justinianus en Keizerin Theodora
De San Vitale is beroemd vanwege twee mozaïekpanelen op de muren van de apsis met daarop keizer Justinianus en zijn hofhouding, alsook zijn vrouw Theodora en haar hofhouding. Noch Justinianus, noch Theodora (die overigens in een eerder leven pantomimespeelster was) zijn ooit in Ravenna geweest.
Justinianus, die men op de linkermuur aantreft, i.e. aan de rechterzijde van Christus, is duidelijk Justinianus om de simpele reden dat hij de rode en paarse schoenen draagt die alleen de keizer mocht dragen. Aangezien de San Vitale werd gebouwd tijdens zijn lange regering (527-565) en er geen andere keizer was gedurende deze periode, moet het om hem gaan. De keizer is gladgeschoren en heeft als enige figuur in de voorstelling een aureool. Het detailniveau van zijn kleding is verbazingwekkend. De keizer wordt geflankeerd door verschillende personen. Een van hen heeft het bijschrift MAXIMIANVS, en hij is natuurlijk de bisschop - en latere aartsbisschop - die in 547 de San Vitale inwijdde. Hij is afgebeeld als een kalende man, gekleed in een kazuifel, met het pallium van een bisschop over zijn schouders gedrapeerd en een gedecoreerd kruis in zijn rechterhand. Een interessant detail is dat hij de enige man in de voorstelling is met lichte ogen: alle andere hebben donkere ogen.

Er is een theorie dat oorspronkelijk bisschop Victor (538-545) op het mozaïek was afgebeeld. Dat is niet onmogelijk, want Victor leefde nog bijna lang genoeg om de voltooiing en wijding van de kerk mee te maken. Bewijs voor de theorie is er echter niet. Aangezien Victor in 545 stierf en pas ongeveer een jaar later door Maximianus werd vervangen, is het ook mogelijk dat de plek simpelweg leeg werd gelaten en het gezicht van de bisschop pas werd toegevoegd toen Ravenna weer een bisschop had. De twee mannen rechts van Maximianus zijn diakens. Een houdt een Bijbel vast, de ander een wierookbrander. De twee mannen links van de keizer en de man tussen de keizer en de bisschop zijn hofdignitarissen, maar we weten niet zeker wie het zijn. Er is wel gesuggereerd dat de man met de baard en de zeer dunne snor de beroemde Oost-Romeinse generaal Belisarius (505-565) is, die een sleutelrol speelde tijdens de Gotische Oorlog in Italië. Wederom geldt: het is best plausibel, maar het kan niet bewezen worden. Uiterst links op het mozaïek staan soldaten in kleurrijke tunieken afgebeeld. Ze dragen speren en we zien tevens ovale schilden met het bekende chi-rho-symbool. Minstens drie van de soldaten dragen torques rond hun hals, wellicht een teken van hun niet-Romeinse komaf.
Hoewel ze strikt genomen niet centraal op het mozaïek staat, is Theodora zeker wel de centrale figuur in de voorstelling, al was het alleen maar omdat ze de enige figuur is met een aureool. Wederom is het detailniveau zeer indrukwekkend. Het hoofd van de keizerin en haar schouders zijn bedekt met smaragden en parels. Theodora draagt een chlamys - een gewaad dat alleen door mannen én keizerinnen werd gedragen - en op het onderste gedeelte ervan zien we afbeeldingen van de Drie Koningen. Deze vertonen grote gelijkenis met die in de Sant’Apollinare Nuovo. De man links - mogelijk een eunuch - lijkt een gordijn opzij te schuiven voor zijn meesteres. De overige figuren in de voorstelling zijn allemaal vrouwen, en er zijn interessante verschillen tussen hen qua stijl en kleur van hun kleding. Hun gezichten zijn echter vrijwel identiek. We weten alleen dat de vrouwen hofdames van Theodora zijn; namen van de vrouwen zijn niet bekend.

Andere Byzantijnse Schatten in Ravenna
Naast de Basilica di San Vitale herbergt Ravenna een schat aan andere Byzantijnse monumenten die de moeite waard zijn.
Mausoleum van Galla Placidia
Vlak naast de basiliek ligt het Mausoleum van Galla Placidia, een klein maar verbluffend gebouw met een diepblauw sterrenhemel als mozaïekplafond. Dit mausoleum, gebouwd in de 5e eeuw, is een van de oudste nog intacte christelijke bouwwerken en behoort tot de meest indrukwekkende bezienswaardigheden van de stad.
Het Mausoleo di Galla Placidia stamt uit de vierde eeuw. Zij heeft tijdens haar leven over Ravenna en de rest van de westerse wereld geheerst maar stierf in Rome alwaar ze begraven is. Het is gebouwd in de vorm van een Latijns kruis en meet ongeveer 10 bij 12 meter. Aan de buitenkant doet het zeer sober aan, vroeg Romaans. Maar je krijgt een tegenovergestelde ervaring als je naar binnen loopt. Het hele mausoleum staat in het teken van de Verlossing. De mozaïeken omvatten alle muren vanaf ca. 2 meter en het plafond. De onderkant van de muren bestaat uit geel marmer. De ramen zijn van albast die een diffuus licht doorlaten. Terugkijken vond ik dit mausoleum het mooiste gebouw dat ik vandaag gezien heb.
Het mausoleum werd begin 5e eeuw in opdracht van Galla Placidia, dochter van de romeinse keizer, gebouwd. Het uit rode bakstenen opgetrokken bouwwerk ziet er aan de buitenkant sober uit. Maar eenmaal binnen kom je in een totaal andere wereld uit. Het centrale thema van de onwaarschijnlijk mooie mozaïeken is de herder die de overledene verlossing biedt. Alle overige mozaïeken zijn gegroepeerd rond dit thema. Toch zien de afzonderlijke elementen van het mausoleum er door de mozaïeken totaal anders uit. Denk bijvoorbeeld aan nachtelijke tinten in de koepel en lichtere gewelven. Door dit spel van licht en kleur lijkt de binnenruimte groter dan in werkelijk.

Andere Historische Monumenten
Op korte loopafstand vinden we het Battistero Neoniano (ook wel bekend als het Baptisterium van Neon of het Orthodoxe Baptisterium), een van de oudste religieuze gebouwen van de stad. De mozaïeken in de koepel tonen de doop van Christus, omringd door de twaalf apostelen, en vormen een prachtig voorbeeld van vroegchristelijke kunst. De bouw er van begon in de vierde eeuw. De goudkleur overheerst. In het midden staat een groot doopvont.
Het Battistero degli Ariani, een doopkapel die werd gebouwd in de tijd van de Ostrogoten, is eveneens een bezoek waard.
De Basilica di Sant’Apollinare Nuovo, een kerk die ooit werd gebouwd door de Ostrogotische koning Theodorik, biedt op de muren boven de kolommen aan beide kanten over de volle lengte fantastische mozaïeken die zowel Byzantijnse als Romeinse invloeden tonen. Deze kerk werd gebouwd tussen 493 en 496.
Nog verder buiten het centrum ligt de Basilica di Sant’Apollinare in Classe, die is gebouwd in de zesde eeuw en eveneens magnifieke mozaïeken herbergt.
Het Aartsbisschoppelijk Paleis, met daarin de aartsbisschoppelijke kapel, is ook beslist een bezoekje waard. Het privé-verblijf van de bisschoppen uit begin 6e eeuw bevat veel marmer en stokoude mozaïeken.
Voor wie even de drukte van de stad wil ontvluchten, is het Parco di Teodorico een heerlijke plek om te ontspannen. Dit park herbergt het imposante Mausoleum van Theodorik, een massief wit marmeren bouwwerk dat dateert uit de 6e eeuw en de laatste rustplaats van de Gotische koning is.
Een leuke verrassing is Domus dei Tappeti di Pietra, het huis van de stenen tapijten. Het is een van de grootste archeologische vindplaatsen in Italië van de afgelopen decennia. De stenen tapijten bevinden zich ongeveer drie meter onder de grond. Hier vind je 14 kamers in een ruimte van circa 400 m². De vloeren zijn geplaveid met Romeinse mozaïeken en marmer.

Dante Alighieri en het Culturele Leven van Ravenna
Ravenna is de laatste rustplaats van de beroemde dichter Dante Alighieri, de schrijver van De Goddelijke Komedie. Zijn graftombe bevindt zich vlak bij de Basilica di San Francesco, een bijzondere kerk met een ondergrondse crypte die gedeeltelijk onder water staat. Bezoekers kunnen hier de mysterieuze sfeer van het graf ervaren en stilstaan bij Dante’s nalatenschap.
Dante Alighieri bracht de laatste 19 jaar van zijn leven in Ravenna in ballingschap door. Zijn 18e eeuwse graftombe bevindt zich links van de Basilica di San Francesco.
Naast religieuze gebouwen heeft Ravenna, net als de meeste oud-Italiaanse steden, mooie pleinen. Een daarvan is het Piazza del Popolo. Dit plein uit de 15e eeuw bevindt zich in het hart van het historische centrum. Het is een fraai plein met vele gezellige terrassen en uitstekende koffietentjes. Aan het plein zijn er diverse, prachtige historische panden. Vergeet echter niet om ook de aangrenzende pleinen via de smalle steegjes te bezoeken.

Praktische Informatie voor Bezoekers
Ravenna is gemakkelijk te bereiken vanaf de A14. Vervolgens zijn de wegen naar de stad duidelijk aangegeven. Volg daarbij de borden Centro. In het centrum zelf zijn de hoofdwegen prima. Maar de kleine, smalle straatjes kunnen nog wel eens uitdaging zijn voor je auto. Probeer daarom accommodatie te vinden die ofwel eigen parkeermogelijkheden biedt, of dichtbij een parkeerterrein ligt. Eenmaal in Ravenna zijn alle bezienswaardigheden en horeca eenvoudig te voet te bereiken. De oude stad is voor het grootste deel een voetgangersgebied.
De beste tijd voor een bezoek aan Ravenna is van mei tot en met midden oktober. In die maanden valt de minste neerslag. Een nadeel van de echte zomermaanden is dat het er behoorlijk druk en warm kan zijn! Oktober bood overwegend blauwe luchten, overdag aangenaam warm, ‘s avonds op het terras vrij fris.
Er is voldoende accommodatie in Ravenna te vinden. Het is aan te raden om accommodatie te zoeken met eigen parkeermogelijkheden of in de nabijheid van een parkeerterrein.
Als je niet zoveel tijd hebt, dan is een officiële wandeling een betere optie. Die kun je volledig zelf of met een gids doen. Wil je meerdere locaties met de prachtigste mozaïeken bezoeken? Koop dan een combinatieticket.
Culinaire Ontdekkingen in Ravenna
Ravenna ligt, net als Venetië, in de regio Emilia-Romagna. De regionale keuken van deze streek staat bekend om de wat vettere pasta-maaltijden. Denk aan lasagna, tortellini, mortadella, pancetta, enz. Maar ook de Prosciutto di Parma, Parmigiano Reggiano en de Piadina. Vooral laatstgenoemde, een soort platte wat zoutige pannenkoek, kon op veel enthousiasme rekenen.
Gelukkig stelden de kwaliteit van de vele eettentjes en restaurants in Ravenna zeker niet teleur. Alleen al voor piadina kun je uitstekend in Ravenna terecht. Bijvoorbeeld bij Profumo di Piadina aan de Via Cairoli. Andere goede tips voor piadina zijn Dante Piadina di Rinalda en Il Lokalino. Voor een heerlijk diner ga je naar Cabiria. Of naar Osteria il Paiola (ook voor vis) of Azienda Agricola Palazzo Manzoni. Maar probeer ook vooral een van de vele, super gezellige terrassen uit in het oude centrum.
