Het leven kan onverwacht wendingen nemen, en voor sommigen betekent dit geconfronteerd worden met ernstige gezondheidsproblemen zoals een herseninfarct. Deze ingrijpende gebeurtenissen kunnen leiden tot verlies van gezondheid, baan, bedrijf en zelfstandigheid. Toch, zelfs te midden van deze tegenslagen, kan geloof een bron van kracht en hoop zijn, leidend tot onverwachte genezing en een hernieuwd perspectief op het leven.
Marjon van Duijn: Van Burn-outs naar Bemoediging
Marjon van Duijn maakte vijf jaar geleden een uitzonderlijk zware periode door. Ze kampte met vier burn-outs, long-COVID en uiteindelijk een herseninfarct. Dit alles leidde tot het verlies van haar gezondheid, baan, bedrijf en zelfstandigheid. Ondanks deze immense verliezen behield Marjon een opmerkelijke vrolijkheid, die zelfs haar man verbaasde.
“Vijf jaar geleden kreeg ik voor de vierde keer een burnout. Het was heel heftig. Ik was leerkracht en zou weer gaan re-integreren. Daarbovenop kreeg ik een herseninfarct, terwijl ik de vaatwasser aan het leegruimen was. Mijn linkerkant was verlamd, mijn spraakaansturing werkte niet meer, ik had moeite met mijn evenwicht.”
In plaats van direct naar het ziekenhuis te gaan, zocht Marjon haar toevlucht in de kerk. “Ik heb God nodig, geen dokter,” dacht ze bij zichzelf. Tijdens een dienst hoorde ze het lied: “Stil mijn ziel wees stil en wees niet bang voor de onzekerheid van morgen God omgeeft je steeds Hij is er bij in je beproevingen en zorgen.” De volgende dag, op aandringen van haar kinderen, ging ze toch naar het ziekenhuis. Daar werd een grijze vlek op haar hersenscans waargenomen, waarvan de aard - zwelling of bloeding - onduidelijk bleef. De neuroloog stuurde haar naar huis.
Vervolgens kreeg ze COVID, met bijkomend zuurstofgebrek. Een neuroloog suggereerde de mogelijkheid van de Katwijkse ziekte, een zeldzame erfelijke aandoening. Marjon bad: “Maakt U het oké? Ik wil volledig op U vertrouwen. Zorg dat ik rust krijg in mijn hart om het aan mijn kinderen te vertellen.” Ze ervoer een diepe rust en vertrouwen, en was nooit bang.
Drie maanden later bevestigde een DNA-test dat ze de Katwijkse ziekte niet had, maar wel een herseninfarct. Maandenlang lag ze zestien uur per dag in bed. Een uitnodiging voor een Bijbelstudieweekend in Vierhouten, georganiseerd door Jacob en Mirjam Klok, leek onmogelijk gezien haar afgekeurde gezondheidssituatie, het verbod op autorijden en het verlies van haar baan als leerkracht en haar bedrijf als psychomotorisch kindercoach.
“Ik had al toegezegd om naar het bijbelstudieweekend te komen en vertrouwde op God dat ik er kon komen,” aldus Marjon. Een vriendin ging met haar mee. Tijdens een dienst sprak Hans Maat, die Marjon niet kende. De dienst, die ging over bidden en Gods genezende kracht, was anders dan ze gewend was. “Mag dat wel, zo vrij, kan dat allemaal wel?” vroeg ze zich af. Na een gebed van Hans Maat voor haar hoofd, longen en baarmoeder, waarbij hij niet wist van haar long-COVID en overgang, bad Marjon: “Heer, als dit van U is, stel ik me volledig open en vertrouw ik op uw Geest. Ik heb mijn hele leven al een rotsvast vertrouwen in God.” Ze ervoer een innerlijke schudding, maar verder leek er niets te zijn gebeurd. “Laat Uw wil geschieden,” bad ze.
De volgende ochtend voelde ze een verandering. “Doe het licht eens aan,” zei ze tegen haar vriendin. Waar ze voorheen niet in een rechte lijn kon lopen, niet kon rekenen, moeite had met woorden vinden en haar linkerhand niet snel kon bewegen, kon ze nu haar linkerhand net zo snel bewegen als de rechter. Ze kon weer sommen oplossen en in een rechte lijn lopen. Zelfs haar passie voor schilderen, die ze na het infarct niet meer kon uitoefenen vanwege het mengen van kleuren in haar hoofd, kon ze weer oppakken.

Demets Bekering: Van Beroertes naar Bemoediging
Demet, een Turkse christen die opgroeide in Nederland in een tolerant moslimgezin, vond de Heer Jezus nadat ze werd getroffen door twee zware beroertes en op zoek ging naar de betekenis van haar leven.
“Ik ben geboren in Turkije in Erzincan. Ik was één jaar oud toen ik met mijn ouders in Amersfoort kwam. Daar ben ik opgegroeid in een Alevitisch gezin. Ik ben als meisje beschermd opgevoed. In de winter mocht ik na zessen niet meer naar buiten. Mijn ouders kenden de cultuur in Nederland natuurlijk niet. Ik merkte niks van het geloof. Ik wist tot mijn twaalfde niet eens dat er verschillen waren tussen moslims, dat er Alevieten en Soennieten zijn. Op de middelbare school kwam ik daar achter. Mijn vader liet ons vrij. Hij zei: je bent een Aleviet, maar bij ons is iedereen gelijk; behandel iedereen zoals je zelf behandeld wilt worden.”
In 2009 en 2010 kreeg Demet haar eerste en tweede beroerte. “Dan kom je dus ineens thuis te zitten. Het leek of mijn leven in één keer ophield. Daarvoor ging ik veel naar feesten met vriendinnen, ik rookte, ik dronk. Ik had een scheiding achter de rug en om mijn verdriet maar niet te hoeven voelen, ging ik feesten. Ik was boos op Allah. Ik dacht: Ik steel niet, ik lieg niet, ik leef oprecht… waarom word ik gestraft? Met mijn twee beroertes hoorde ik de moslims om me heen - niet mijn ouders - zeggen: God straft jou.”
Het leven leek stil te vallen. Na altijd actief te zijn geweest, moest ze alles opnieuw leren: lopen, denken, praten, bewegen. “Het was echt heftig. Ik werd toen opener voor het geloof. Ik werd ’s nachts ook ontzettend lastig gevallen. Het voelde alsof iemand mij wilde laten stikken, ik kon niet meer bewegen. Ik ben echt geen bangerik maar op die momenten kon ik mijn ogen niet openen. Ik wist niet hoe ik moest bidden.”
Haar moeder raadde haar aan Allah, Mohammed of Ali aan te roepen, maar een christelijke vriendin introduceerde haar aan iemand die voor haar kon bidden. Na een bericht aan deze man zonder reactie, werd Demet zieker. Tijdens een wandeling met haar ouders kwam de buurman naar buiten en bood aan voor haar te bidden. Tijdens dit gebed voelde ze een enorme kracht en warmte, en alsof alle last van haar schouders gleed. De buurman vroeg: “Weet je wie bij je was?” “Jezus!” antwoordde ze, tot haar eigen verbazing.
Kort daarna, tijdens een reis naar Turkije, bleven de nachtelijke aanvallen aanhouden. Een vrouw die koffiedik keek, kon haar koffiedik niet lezen omdat er geesten om haar heen waren. Toen ze weer thuis was, kreeg ze eindelijk antwoord van de man die ze eerder had benaderd. Hij nodigde haar uit en vroeg of ze openstond om haar hart aan Jezus te geven. Demet stemde toe, aangezien eerdere pogingen met moslimgebruiken niets hadden geholpen.
Samen met zijn vrouw baden ze voor haar. Demet ervoer de aanwezigheid van God en zag een beeld van een weiland met bomen, met prachtige kleuren en heldere bloemen. Ze voelde zich totaal anders, danste van vreugde en boog steeds als ze de Heer voorbij voelde gaan. Na het gebed riep ze uit: “Ja, Hij leeft! Ik heb hem echt gevoeld, Hij leeft!” De duisternis verdween en er was licht. Op weg naar huis, ondanks de regen, scheen een zonnestraal voor haar. Thuis zag ze Jezus overal waar ze keek. De volgende ochtend werd ze verlost wakker; de duisternis was weg, er was licht.
Ze ging naar een klein kerkje waar ze warm werd verwelkomd. De dienst werd gehouden in hetzelfde gebouw als de cemevi, wat voor een Aleviet die Jezus zocht, bijzonder was. Ze ontmoette daar Alevieten die ze kende, wat haar aanvankelijk schrik aanjoeg, maar ze realiseerde zich dat ze op zoek was naar Jezus, ook al was dit voor moslims een zonde. Ze ervoer leiding en antwoorden op haar vragen.
“Heer, ik weet dat U leeft, dat U de weg bent, de waarheid en het leven. Maar mijn hersenen hielden het niet bij; na de beroertes leek het wel of ik soms geblokkeerd raakte,” zei ze. Hoewel sommigen direct gedoopt werden, voelde Demet dat het te snel ging. Ze wilde haar ouders niet kwetsen. Na sinds 2015 gezocht te hebben, begon ze eind 2018 naar de kerk te gaan en werd in 2019 gedoopt.
Haar vriendin speelde een cruciale rol in haar proces. Vroeger reageerde Demet afwijzend op gesprekken over Jezus. Toen ze haar bekering uiteindelijk vertelde, gaf haar moeder toestemming, met het verzoek het voor zichzelf te houden uit angst voor de gemeenschap. Haar vader accepteerde het als haar pad.
Via koffieochtenden voor moslimvrouwen, die ze als Alevitische Turkse vrouwen kende, kwam ze in contact met andere gelovigen. Ze nodigde hen uit om Jezus echt te leren kennen en startte een Turkse Bijbelstudie, die nu al het derde jaar loopt. Ze merkt dat de vrouwen Jezus beter gaan begrijpen. Demet is niet bang om het evangelie te delen en deelt haar getuigenis, waarbij de vrouwen open en luisterend zijn.
Tijdens een reis naar Turkije zocht ze de kerk op, wat haar bemoediging gaf om door te gaan met het delen van het evangelie. De interesse van mensen in Turkije was groot. Ze bad om te weten of er andere Turkse christenen waren in Nederland en hoe ze het evangelie in het Turks kon delen. Via internet vond ze Evangelie & Moslims en nam contact op met Hatice, een medewerkster met een Turkse naam. Dit leidde tot het leren kennen van de Turkse christelijke gemeenschap, wat voor Demet van grote betekenis is. De bijeenkomsten van Evangelie & Moslims fungeren als een leerschool om Turks te leren, meer over het geloof te weten te komen en het te delen met familie en vrienden. Ze volgde de Filippus-cursus, waar ze leerde hoe een Bijbelstudie te geven.
“Ik ben opnieuw geboren. Vroeger kon ik goed discrimineren, maar ik las in de Bijbel als eerste over liefde. Nu weet ik: de Heer heeft mij zo liefgehad, wie ben ik dan om mensen af te keuren? Zelfs mijn zoon zei: ‘Ik zie heel veel verandering in je. Je bent nu rustig.’ Daarvoor was ik heel snel boos. Nu luister ik en als iets me raakt dan bid ik: Heer, help me dat ik kalm blijf. Ik merk dat ik meteen naar God ren met alles. Dat geeft zo’n rust, zo’n heerlijk gevoel dat ik niet meer hoef te vechten want God kent me, God heeft me lief. Ook heb ik mijn ziekte een plek kunnen geven. We leven in een gebroken wereld, maar toch heeft God mij genezen.”
Haar verlangen is dat er meer openheid komt, dat mensen hun armen openen voor verloren zielen en Gods liefde laten zien, zodat mensen de levende God leren kennen. Ze benadrukt het belang van volharden in het delen van het evangelie, zelfs als er nog geen vrucht zichtbaar is.

Arie en Wilma Zwitser: Trouw in Tegenspoed
Op 2 maart 2020 werd het leven van Arie Zwitser volledig op zijn kop gezet door twee herseninfarcten op één dag. Arie vertelt over de schokkende gebeurtenissen:
“Ik zat in de keuken iets te eten en opeens viel het vorkje uit mijn hand. Dan pak je dat op, maar toen viel hij weer en nadat ik het voor de derde keer van de grond wilde rapen, viel ik zelf voorover op de keukenvloer.” Gelukkig was hun jongste dochter aanwezig en belde direct de ambulance. Onderweg naar het ziekenhuis sloeg de medicatie aan en keerden Arie's functies terug. De familie dacht dat het met een sisser zou aflopen.
Niets was echter minder waar. “Wilma werd om ’s avonds om half 12 gebeld en ik was toen al buiten weten. Blijkbaar was er een tweede infarct overheen gekomen en die heeft alles neergemaaid.”
Arie moest alles opnieuw leren: praten, lopen, slikken. De linkerkant van zijn lichaam was verlamd geraakt, wat extra moeite kostte om te spreken. Ook de emoties waren geraakt, waardoor uitval extra confronterend was. Vóór de hersenbloedingen was Arie een sportieve en enthousiaste man, die zijn werk als uitvaartverzorger met passie deed. Hij hield van hardlopen, schaatsen, skeeleren en motorrijden, en leefde een gezond leven.
In de donkerste momenten ervoeren Arie en Wilma Gods nabijheid. “Psalm 23 is voor mij zo kostbaar geworden, met name het vierde vers: ‘Ook in het dal van diepe duisternis, bent U bij mij.’ Die persoonlijke relatie die we met God hebben is door alle moeite verdiept. Hij was erbij in de kleinste dingen. Hij kijkt veel verder dan wij als mensen kunnen overzien. Dat geeft wel troost en zekerheid, ondanks dat het ook echt heel moeilijk was. We wisten dat het in Gods handen lag en dat Hij doet wat goed voor ons is. Al is dat best wel eens lastig.”
Arie ervoer Gods nabijheid ook direct in het ziekenhuis. Toen hem werd gevraagd of hij bang was om te sterven, antwoordde hij: “Nee, ik voel dat God erbij is.” En op de vraag of hij boos was, zei hij: “Nee, ik ben niet boos. Op wie zou ik boos moeten zijn? Het is mij overkomen.” Een verpleegkundige, een “broeder in functie én broeder in de Heer,” vroeg of ze christen waren. Een van de kinderen antwoordde: “God is hier.” Dit was een moment van grote bemoediging.
Arie en Wilma, die dit jaar 35 jaar getrouwd hopen te zijn, stonden samen sterk in deze zware periode. “Het was niet altijd gemakkelijk. Helemaal niet zelfs. Er zijn tijden geweest waarin er veel tranen gehuild zijn, maar tegelijkertijd hebben we ook mogen ervaren dat God erbij was.”
Twee jaar voor de infarcten waren ze in Israël geweest. “Dat komt nooit meer terug. We hebben veel moeten inleveren, maar we zijn gaan leven vanuit dankbaarheid en dat maakt dat je anders in het leven komt te staan,” vertelt Wilma. Arie koos, na een toespraak van een man die net uit coma was ontwaakt en voor dankbaarheid had gekozen, ook voor dankbaarheid: “Wilma zat bij mij en ik zei: ‘En nu ga ik ook voor dankbaarheid kiezen. Het is nu klaar. Vanaf vandaag is het glas halfvol. Dat betekent dat je niet meer gaat zeuren over dingen die je niet meer kunt, maar dat je kiest voor de dingen die je nog wel kunt. Als je die knop omzet, dan zijn er opeens heel veel dingen die je nog wel kunt. Dat is dankbaarheid.’”

Jurjen van Houwelingen: Worstelen met Vragen, Vinden van Hoop
Jurjen van Houwelingen (39) kreeg eind 2017 een herseninfarct met niet-aangeboren hersenletsel als gevolg. Omringd door zijn eigen kleurrijke kunstwerken in zijn atelier, deelt hij zijn ervaringen:
“Ik was ervan overtuigd dat God een wonder zou doen, en mij zou genezen. Want dan zou mijn lijden zin hebben.” Hij beschrijft hoe hij “stampvoetend aan de hemelpoort stond en God vroeg: ‘Waarom doet u niets? Waar bent u? Waarom overkomt mij dit?’ Ik had twijfels of er überhaupt wel een God was. Als er een God is, dan geeft Hij niets om mij, want Hij laat mij maar aanmodderen.”
“Ik ben er nog steeds niet helemaal uit waarom mij dit overkomt. Maar ik ben wel al een stuk verder dan waar ik jaren geleden was.” Jurjen's verhaal illustreert de worsteling met geloof en lijden na een herseninfarct, en de zoektocht naar betekenis te midden van onbeantwoorde vragen.
Documentaire 'Protocol van mijn vader': Medische Protocollen en Levensreddende Ingrepen
Op maandag 29 oktober zond de Evangelische Omroep de documentaire ‘Protocol van mijn vader’ uit, waarin dr. Bonte, een arts die buiten de lijntjes durft te kleuren, een levensreddende operatie uitvoert. Televisiemaker Melliena Beckmann volgt de gevolgen van het handelen van deze arts.
In de nacht van 30 op 31 augustus 2016 kreeg Melliena's vader een herseninfarct. Hij kon niet meer praten, begreep niet wat er werd gezegd en was halfzijdig verlamd. Bij aankomst in het ziekenhuis herkende Melliena haar vader nauwelijks; hij was een schim van zichzelf. Het medisch protocol bij een dergelijk herseninfarct hield in dat haar vader niet meer behandeld zou worden. Echter, de dienstdoende arts, dr. Bonte, besloot anders en liet een operatie uitvoeren. De operatie slaagde en Melliena's vader herstelde goed.
Melliena reflecteert: “Wat als deze levensreddende arts geen dienst had op de betreffende ochtend dat mijn vader werd binnengebracht? Dan was mijn vader waarschijnlijk dood geweest of had er een zeer ernstig hersenletsel aan overgehouden. Waar zijn deze medische protocollen voor bedoeld? Hoe ga je verder?” De documentaire onderzoekt ook de impact van de ziekte en het herstel van haar vader op haar moeder en wat het herseninfarct had overgelaten van de man met wie ze 44 jaar getrouwd was.

Het Evangelie van Genezing: Hoop en Vertrouwen in Jezus Christus
Verschillende verhalen in dit artikel benadrukken de kracht van geloof en gebed in het omgaan met de gevolgen van een herseninfarct. De nadruk ligt op het vertrouwen in Jezus Christus als bron van genezing, zowel fysiek als geestelijk.
De tekst citeert predikanten die spreken over de rust die Jezus Christus schenkt aan het hart, de geest en het geweten van gelovigen. Er wordt benadrukt dat deze rust diep, blijvend en gegrond moet zijn, niet slechts een ingebeelde kalmte.
“Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven,” is een centrale boodschap. Deze uitnodiging is gericht aan iedereen, ongeacht hun achtergrond of de mate van hun geloof. De predikant benadrukt de grootsheid van Christus' hart, die allen uitnodigt, zelfs zij die vermoeid zijn door de dienst aan Satan, en de zonde als een last op hun schouders dragen.
De persoonlijke omgang van Christus met ieder individu wordt onderstreept. Hij kent ieders strijd en roept op om tot Hem te komen, weg van andere zekerheden, naar Hem toe die de enige Zaligmaker is.
Verder wordt de genezende kracht van Christus benadrukt, niet alleen voor het lichaam, maar ook voor de geest en de ziel. Genezing van zonden door bekering is een centraal thema, waarbij het belang van het niet uitstellen van dit proces wordt benadrukt.
De verhalen van Marjon, Demet, Arie en Wilma, en Jurjen, hoewel verschillend in hun uitkomst, delen een gemeenschappelijke draad: het vinden van hoop, kracht en genezing door geloof, zelfs te midden van de meest uitdagende omstandigheden. Het Evangelie van genezing biedt een perspectief van herstel, zowel in dit leven als in het eeuwige leven.
Jayme Kelly, die een beroerte heeft overleefd, deelt haar verhaal over overleven en herstel.
tags: #evangelie #voor #mensen #met #herseninfarct