Johannes Calvijn en het Lijden

Johannes Calvijn, een centrale figuur in de Reformatie, heeft een blijvende invloed gehad op de Nederlandse kerk en cultuur. Zijn werk, met name de 'Institutie', werd al vroeg vertaald, maar veel van zijn kleinere geschriften bleven onvertaald. Calvijn Verzameld, een tweedelige uitgave onder redactie van Herman J. Selderhuis, brengt hierin verandering door een selectie van voor het eerst of opnieuw vertaalde teksten te presenteren, voorzien van inleidende teksten.

Boekcover van

De Opbouw van Calvijn Verzameld

De publicatie Calvijn Verzameld is vergelijkbaar met de eerdere uitgave 'Luther Verzameld' in vormgeving, opbouw en relevantie. Het eerste deel van deze verzameling is thematisch gestructureerd:

Thema's in het Eerste Deel

  • Calvijns Spreken over de Bijbel: Een introductie tot zijn benadering van de Heilige Schrift.
  • Preeken van Calvijn: Een selectie van zijn preken, waaronder vier preken over de rechtvaardiging, gebaseerd op de eerste verzen van Genesis 15. Deze preken belichten op heldere wijze hoe een zondaar voor God gerechtvaardigd wordt.
  • Leerstellig Karakter: Teksten met een meer leerstellige inhoud, zoals Calvijns catechismus en delen uit zijn 'Institutie'.

Het allereerste theologische geschrift van Calvijn, een brief 'aan allen die Jezus Christus en zijn evangelie liefhebben', fungeert als voorwoord in de Franse Bijbelvertaling uit 1535 en is opgenomen in deze bundel.

Calvijns Visie op het Lijden en God

De vraag naar Gods betrokkenheid bij menselijk lijden is een terugkerend thema, ook binnen de context van Calvijns theologie. Hoewel Calvijn niet expliciet een apart thema van 'spiritualiteit' of 'pietas' heeft behandeld, is zijn leven en werk doordrenkt van het concept van 'leven voor Gods aangezicht'. Dit impliceert zowel innerlijke vroomheid als uiterlijke gehoorzaamheid en dienstbaarheid aan God.

Calvijn benadrukte de onveranderlijkheid (immutabilitas) van Gods wezen, gekenmerkt door zijn volkomen liefde en goedheid. Dit betekent echter niet dat God statisch of levenloos is. Zijn dynamiek uit zich in zijn trouw en betrokkenheid bij de geschiedenis van de mensheid. Deze onveranderlijkheid biedt troost en zekerheid, omdat het de vastheid van Gods heil garandeert.

Hij verdedigde consequent de onkwetsbaarheid (impassibilitas Dei) van God, wat inhoudt dat God geen gevoelens kent zoals mensen die ervaren. Dit betekent echter niet dat God onverschillig of onaandoenlijk is. Calvijns denken over openbaring is doordrenkt van het besef van Gods oneindige verhevenheid boven het schepsel. God spreekt tot ons op een manier die past bij ons zwakke begrip, een concept dat bekend staat als accommodatie.

Illustratie van Calvijn die preekt

Met betrekking tot het lijden, stelt Calvijn dat God altijd rechtvaardig handelt. Zelfs in verdrukkingen, die hij ziet als een middel om het vlees te temmen en te leiden, is Gods wil en voorzienigheid werkzaam. Dit idee van Gods leiding, zelfs in moeilijke tijden, bood Calvijn troost en rust, vooral gezien zijn eigen ervaringen als vluchteling en vreemdeling. Hij benadrukte dat God ons niet leidt met een onwilige of onvoorkombare vorm van lijden, maar dat elke vorm van lijden die Hij toestaat, door Hemzelf gekozen en beheerst is.

De Waarde van de Impassibilitas-Traditie

De traditie die de impassibilitas Dei verdedigt, bevat volgens de auteur diverse waardevolle inzichten:

  • Gods Uniekheid: God is wezenlijk en principieel onderscheiden van al het geschapene.
  • Gods Almacht: Spreken over een 'lijdende God' mag de belijdenis van Gods almacht niet aantasten. Lijden bij God moet altijd gekwalificeerd worden als door Hemzelf gekozen en beheerst.
  • Transcendentie en Immanentie: Gods verhevenheid boven ruimte en tijd doet niets af aan zijn handelen erin.
  • Gods Onveranderlijkheid: Dit betekent trouw en goedheid, niet statisme of levenloosheid.
  • Afwezigheid van Zondige Emoties: God is moreel verheven boven verleiding tot het kwade.

Echter, de auteur erkent ook dat de impassibilitas-traditie soms kan leiden tot een verstarring van Godsbeeld, waarbij Gods betrokkenheid en bewogenheid met de mens niet volledig tot zijn recht komt. Dit kan de deur openen naar een meer genuanceerde opvatting van passibilitas Dei, waarbij God weliswaar niet lijdt in de menselijke zin, maar wel geraakt kan worden door het leed van de wereld.

Calvijns Visie op de Zondag

Bij de behandeling van het vierde gebod in zijn Institutie wijkt Calvijns visie op de zondag af van de traditionele opvatting in veel reformatorische kerken. Calvijn distantieerde zich van de sabbatdag als een verplichte rustdag in de joodse zin, refererend aan de apostel Paulus. Voor hem was het belangrijker dat mensen voldoende rust kregen en de mogelijkheid hadden om naar de kerk te gaan, wat ook op een andere dag dan zondag kon.

Hij had er geen probleem mee om op zondag, na de middagdienst, naar zijn vakantiebestemming te reizen, wat blijkt uit zijn brieven. Vergelijkbare opvattingen werden aangehangen door Augustinus en Luther.

Calvijn en het Lijden: Een Diepere Beschouwing

De vraag of God kan lijden, is een eeuwenoud theologisch debat dat de gemoederen blijft bezighouden. De traditionele opvatting, die de impassibilitas Dei (de onkwetsbaarheid van God) centraal stelt, benadrukt Gods volmaaktheid en onafhankelijkheid van het geschapene. Lijden wordt gezien als een onvolmaaktheid, die God per definitie niet kan ondergaan.

De moderne theologie kent echter een verschuiving naar de passibilitas Dei (de mogelijkheid van lijden bij God), waarbij men een sensitieve, emotionele en gepassioneerde God beleeft. Dit concept stelt dat God juist wel lijdt, wat een breuk betekent met de hoofdstroom van de christelijke traditie.

De auteur van dit artikel pleit voor een genuanceerde benadering. Hoewel de klassieke opvatting van impassibilitas Dei waardevolle inzichten biedt, zoals Gods uniekheid, almacht en onveranderlijkheid, mag dit niet leiden tot een beeld van een onverschillige God. De bijbelse openbaring getuigt van Gods diepe betrokkenheid bij menselijk leed. Het spreken over God die berouw heeft, verdrietig is of toornig wordt, wordt door Calvijn verklaard vanuit het principe van accommodatie: God past zijn spreken aan ons beperkte begrip aan.

Calvijns eigen leven, gekenmerkt door vluchtelingenbestaan en tegenwerking, was een voortdurende oefening in vertrouwen op Gods voorzienigheid. De Psalmen boden hem troost en leerden hem dat zowel hij als zijn lezers met hun zwakheden tot God mogen gaan. Hij zag in de Psalmen een spiegel van alle menselijke gemoedstoestanden en een oproep tot Godsvrucht.

Leven en leer van Johannes Calvijn

Het lijden van Christus op Golgotha wordt door Calvijn gezien als het ultieme bewijs van Gods liefde en genade. Christus' vrijwillige offer, zijn vernedering tot in de dood, toont de ontzagwekkende toorn van God over de zonde, maar ook zijn bereidheid tot verlossing. Het besef van Christus' lijden en zijn huidige verhoging aan Gods rechterhand biedt troost en verwachting, en herinnert eraan dat Hij er ook vandaag de dag bij is.

De discussie over Gods lijden raakt aan fundamentele vragen over het kwaad, zonde en straf. De theodicee van Augustinus, die stelt dat er kwaad is dat wij doen (zonde) en kwaad dat wij lijden (straf), is kritisch onderzocht op de ruimte die het biedt voor de ervaring van het kwaad als raadsel en voor de klacht aan het adres van God. De vraag blijft hoe om te gaan met onverdiend lijden en de 'onbegrijpelijkheid' van het kwaad.

tags: #jo0hannes #calvijn #god #en #het #lijden