Het kerstlied 'Wij staan aan een kribbe': oorsprong, ontwikkeling en betekenis

Het kerstlied 'Wij staan aan een kribbe', op de melodie van 'Cradle Song' ('Away in a manger'), heeft een rijke geschiedenis die teruggaat tot herinneringen aan de zondagsschool. De dichter Sytze de Vries liet zich inspireren door het lied dat hij als kind leerde op de tekst ‘Geen wiegje als rustplaats, / maar een krib was het weleer’. Dit lied was opgenomen in de bundel Wie zingt mee?, een uitgave van de Nederlandse Zondagsschool Vereniging, en in de Zangbundel van Joh. de Heer (nr. 719).

Ontstaansgeschiedenis van 'Away in a manger'

De oorsprong van de melodie 'Cradle Song' ligt in de Verenigde Staten, waar het kerstlied 'Away in a manger' eind negentiende eeuw ontstond. De eerste publicatie van de originele tekst met twee strofen verscheen op 2 maart 1882 in de krant The Christian Cuynosure. De auteur is onbekend, maar bij de tekst werd genoteerd: ‘The following hymn, composed by Martin Luther for his children, is still sung by German mothers to their little ones’. Deze toewijzing aan Martin Luther berust echter niet op historische feiten; er is geen tekst van Luther bekend die overeenkomsten vertoont met 'Away in a manger', en een Duitse versie van het lied verscheen pas in 1934.

De oudst bekende publicatie met de melodie is te vinden in Little Children’s Book for Schools and Families (1885). De melodie werd toegeschreven aan J.E. Clark. Enkele jaren later verscheen Dainty Songs for Little Lads and Lasses (1887), samengesteld door James R. Murray, die bij de tekst een eigen melodie schreef. In Europa werd het lied echter populairder met de melodie van de Amerikaanse componist William James Kirkpatrick (1838-1921), die deze melodie, genaamd CRADLE SONG, schreef voor de musical Around the World with Christmas (1895). In deze publicatie werd het lied gepresenteerd als een Duits kerstlied.

illustratie van de oorspronkelijke bladmuziek van 'Away in a manger' met de melodie van J.E. Clark

De ontwikkeling van 'Wij staan aan een kribbe'

Sytze de Vries publiceerde in 2004 een eerste versie van zijn lied met vijf strofen in de bundel Jij, mijn adem. Verzamelde liederen. Destijds luidden de titel en eerste strofe naar de huidige tweede strofe ‘Wij lezen Gods wezen’. In herschreven vorm werd het lied opgenomen in de verzameling Engelse liederen Het liefste lied van overzee 1 (2012).

De definitieve vorm kreeg het lied in het Liedboek. Een spoor van de eerdere versies was nog te herkennen in de taalfout ‘licht’ in plaats van ‘ligt’, het laatste woord van de eerste regel van de tweede strofe (in latere drukken van het Liedboek gecorrigeerd). Voor eerdere tekstversies kan men terecht in het boek van Sytze de Vries en Erick Versloot: Het lied op andere lippen. Een leven in liederen (2015).

Omwille van de zingbaarheid is in de eerste regel van de derde strofe (‘Hier tussen de schapen is voor Hem uit het hout’) het woord ‘voor’ komen te vervallen in latere drukken van het Liedboek. Het lied bestaat uit vier strofen, geschreven in de dactylus, met gepaard rijm (AA-BB). Een enkele maal komt binnenrijm voor, zoals in ‘lezen’-‘wezen’ (regel 1 in strofe 2).

Theologische en symbolische betekenis

De eerste zin van het lied herinnert aan het oorspronkelijke lied: de kribbe met het pasgeboren kind Jezus, waar omheen de gemeenschap zich heeft verzameld. De betekenis van het kind wordt uitgelegd met beladen woorden als ‘bron’, ‘rijzende zon’ en ‘toekomst’. Het kind wordt gezien als de ‘oorsprong der schepping’, wat herinnert aan het beeld in de Kolossenzenbrief, waarin Paulus Christus ziet als ‘eerstgeborene van heel de schepping’ (1,15) en ‘oorsprong’ (1,18). In een eerdere versie van het lied stond dat het kind de ‘opgaande zon’ is, een wijziging die de dichter mogelijk doorvoerde omwille van de allusie op de verrijzenis. Het kind is stralend leven en ‘bemind’ door God.

In de tweede strofe wordt de betekenis van het kind verder uitgelicht. In dit kind valt de identiteit (‘wezen’) van God te ‘lezen’. Dit gebeurt doordat het in de duisternis een ‘helder gezicht’ aan de liefde van God geeft. De pasgeborene is een klein vlammetje (nog ‘aarzelend’), maar zal ontbranden als een vuur.

een artistieke weergave van de kerstkribbe met het kindje Jezus, omringd door symbolen van hoop en vrede

De derde strofe speelt met het gegeven van een oude legende. Daarin wordt verteld dat de kerstkribbe uit het hout van de levensboom uit het paradijs (‘Eden’) is gesneden, evenals het kruis waaraan Christus is gestorven. Zo wordt Kerstmis met Goede Vrijdag verbonden. Het beeld van de ‘schapen’ wordt gekoppeld aan de ‘herder’ en het ‘Lam’, beelden van Christus aan het kruis. Daarbij voegen zich nog de allusies op ‘schapen’ en herders, respectievelijk het ‘Lam’ en de Herder. ‘Herders zijn de eersten die aan de kribbe staan van hem, die als de goede herder bekend zal worden, en die als een weerloos lam naar de slachtbank geleid zal worden, dan wel de rol van paaslam op zich zal nemen’ (Het lied op andere lippen, blz. 58).

De laatste strofe wijst vooruit naar het paasfeest. Het kind is verschenen in de duisternis (vergelijk Jesaja 9,1) als een ‘ster aan de hemel’, waardoor Hij voor ons een ‘lichtbron’ is. Het lied is, ondanks de soms geforceerde symboliek, goed bruikbaar in vieringen in de kersttijd.

'Away in a manger' in Nederland

In Nederland werd het lied 'Away in a manger' in de twintigste eeuw bekend als ‘Geen wiegje als rustplaats’, gepubliceerd in de bundel Met moeder zingen (1926). De vertalingen uit het Engels voor deze bundel werden geleverd door Valerie Witte Eeuchout en anderen. De melodie van dit lied behoort tot de vroegste kerstherinneringen van Sytze de Vries. Hij zong het onder de reusachtige kerstboom in de kerk van zijn kinderjaren, op het zondagsschoolkerstfeest op Tweede Kerstdag. Het lied werd op dat kerstfeest gezongen uit Wie zingt mee, de bundel van de Nederlandsche Zondagsschool Vereeniging, waarvan de eerste editie rond 1925 verscheen en die tot 1979 werd herdrukt.

De structuur van de melodie is opmerkelijk: elke regel bestaat uit twee motieven. Het tweede motief van regel 1 is tevens het eerste motief van de tweede regel, maar een secunde lager getransponeerd. De derde regel is een ongewijzigde herhaling van de eerste; de vierde een nagenoeg identieke herhaling van de tweede.

Away In a Manger | Comfort and Joy | Highlands Worship

Het lied 'Geen wiegje als rustplaats' is een kerstlied voor kinderen en is een vertaling van 'Away in a manger'. De tekstdichter is onbekend, en de melodie is van William James Kirkpatrick, met de naam Cradle Song. De oudst bekende versie, die stamt uit 1884, kan men vinden in een Luthers tekstboek. Lange tijd werd daarom gedacht dat de tekst van Maarten Luther zelf afkomstig was, omdat in dit tekstboek de titel van het lied luidde: "Luther's Cradle Hymn". Die aanname blijkt onjuist te zijn; het lied is nergens teruggevonden in Luthers werken. Het lijkt waarschijnlijker dat de tekst is geschreven ter gelegenheid van Luthers 400e verjaardag en als marketingstunt aan de kerkhervormer zelf is toegeschreven.

In Op Toonhoogte 2025 is een vertaling door Roeland Smith opgenomen, onder de titel 'Gehuld in de stilte van een simpele stal'. Deze vertaling benadrukt de contrasten tussen de eenvoud van de kerstnacht en de complexiteit van de wereld.

Het kerstverhaal raakt de kern van hoop en licht, zelfs te midden van duisternis, oorlog en wanhoop. Het kind dat geboren wordt, symboliseert de belofte van vrede, hoewel deze vaak niet zonder strijd komt. De kribbe van Jezus verwijst naar het kruis waarop Hij zal sterven, en het licht van Kerstmis is ook het licht van Pasen. Altijd is er die hoop, zoals de profeet Jesaja zo prachtig verwoordt: “Zij zullen hun zwaarden omsmeden tot ploegijzers en hun speren tot snoeimessen. Geen volk zal meer het zwaard trekken tegen een ander volk, geen mens zal nog de wapens leren hanteren” (Jesaja 2:4).

foto van een expositie met kruisen gemaakt van wapens, die de verbinding tussen lijden en hoop symboliseren

In de Sint Cathrienkerk wordt dit jaar een deel van de 239 kruisen van de expositie 'With love to Ukraine' verwerkt in de kerstgroep. Jozef, Maria en het kindje, de herders en koningen zijn omringd met deze handgesmede kruisen, sommigen gemaakt van geweren, en versierd met bloemen. Ook is er een bijzondere klok te zien (en soms te horen) die gemaakt is van kogelhulzen afkomstig uit Oekraïne. Deze kunstwerken benadrukken de verbinding tussen Kerstmis en de realiteit van conflict, maar ook de onverwoestbare hoop op vrede.

tags: #kan #van #de #kribbe #niet #scheiden