De Brunstad Christian Church, in Nederland beter bekend als de Noorse Broeders, is een christelijke geloofsgemeenschap met wortels in Noorwegen. De groep, die internationaal zo'n 40.000 leden telt in meer dan 50 landen, staat ook bekend onder namen als Smiths Vrienden, Smiths Venner of Den Kristelige Menighet. In Nederland bestaat de gemeenschap uit ongeveer 1900 personen.
De officiële naam in Nederland was decennialang Christelijke Gemeente Nederland (CGN). De internationale beweging heeft zich later de naam Brunstad Christian Church (Brunstad Christelijke Gemeente) gegeven, met vertalingen in de landstaal van de betreffende gemeenschappen.
Oorsprong en Ontwikkeling
De beweging werd begin 20e eeuw gegrondvest door Johan Oscar Smith (11 oktober 1871 - 1 mei 1943), een onderofficier in de Noorse marine, en zijn broer Aksel Smith (1880-1919), die tandarts was. Johan Oscar Smith, afkomstig uit de methodistenkerk, bekeerde zich in 1898 en kreeg in 1900 de doop met de Heilige Geest. Aanvankelijk vormde de gemeenschap een vriendengroep rond de broers Smith en Elias Aslaksen (1888-1976), die ook een belangrijke rol speelde.
De eerste gemeente werd in 1897 gestart door Johan Oscar Smith, zijn broer Aksel Smith en Elias Aslaksen. J.O. Smith werkte langs de Noorse kust en dit contact leidde tot de naam Smiths Venner. In 1912 begon Johan Oscar Smith met de uitgave van het tijdschrift Skjulte Skatter (Verborgen Schatten) en ontstond de eerste gemeente in Oslo. In de jaren 30 breidde de beweging zich uit naar Denemarken en Zweden. Rond 1950 telde de beweging ruim 1000 leden in Noorwegen en Denemarken.
In 1956 kocht de gemeente een terrein in Stokke, Noorwegen, genaamd 'Brunstad', wat later de vaste ontmoetingsplaats zou worden. In de jaren vijftig werden evangelisatieactiviteiten uitgebreid naar Duitsland en Nederland, mede door de Philadelphia conferenties in Leonberg. De Nederlandse bijbelleraar Braaksma nodigde de broeders uit naar Nederland te komen, wat leidde tot de publicatie van het Nederlandse tijdschrift De Weg in 1959 en de eerste conferentie in Voorst in 1960.
Na het overlijden van Johan Oscar Smith in 1943 werd Elias Aslaksen leider, opgevolgd door Aksel Johan Smith (zoon van J.O. Smith) en Sigurd Bratlie (1905-1995). In 1992 en 1993 vond een strijd om de leiding plaats, waarna Kåre Johan Smith, de kleinzoon van J.O. Smith, voorganger werd. Onder zijn leiderschap vonden liberalisering van de levenswijze en ontwikkelingen op het gebied van vastgoed en commerciële activiteiten plaats.

Geloofsovertuigingen
Centraal in de geloofsleer van de Brunstad Christian Church staat het evangelie als een tweezijdige boodschap: enerzijds de vergeving van zonden door de genade in Jezus Christus, en anderzijds de genade voor een leven in gehoorzaamheid aan God. Een kernpunt is de opvatting dat Jezus Christus bij zijn komst op aarde “deelnam aan hetzelfde vlees en bloed” als de mensen, en in verzoekingen moest lijden door zijn eigen wil op te geven - dat wil zeggen, de vleselijke begeerte te “kruisigen”.
De gemeente, het lichaam van Jezus, bestaat uit degenen die hun leven in overwinning leven en “met Christus verenigd” zijn. De wortels van de theologische opvattingen liggen in het Lutherse piëtisme, met overeenkomsten in de leer van Luther ("door geloof alleen") en de bewegingen van Erik Pontoppidan en Hans Nielsen Hauge.
Verder is de leer omtrent de doop verwant aan die van de baptisten, en de leer over Israël en de eindtijd vertoont overeenkomsten met de pinkstergemeenten. Tongentaal is binnen de geloofsgemeenschap ook gangbaar. Een belangrijke leerstelling is Christus geopenbaard in het vlees, wat inhoudt dat Jezus als mens naar de aarde kwam, gelijk aan de mensen, maar nooit heeft gezondigd.
De beweging is in de loop der jaren minder conservatief geworden, maar het is nog steeds gebruikelijk dat vrouwen hun haar lang dragen en mannen kort. Het gebruik van voorbehoedsmiddelen is taboe, waardoor gezinnen met tien of meer kinderen geen uitzondering zijn. De groep heeft en had weinig contact met andere christelijke geloofsgemeenschappen, die zij aanduiden als "de religieuze wereld". De gemeente is tegen homoseksualiteit en abortus.
Controverses en Kritiek
De Noorse Broeders zijn in de loop der jaren onderwerp geweest van diverse controverses en beschuldigingen. Een gerenommeerde bron in Noorwegen, gespecialiseerd in belastend materiaal over sekten, stelde dat het percentage zelfmoorden bij de Noorse Broeders vergelijkbaar is met dat van autoritaire sekten zoals de Jehova's Getuigen.
Recente artikelen in dagbladen, zoals Trouw, meldden beschuldigingen van ex-leden over incest, seksuele kindermishandeling en psychische onderdrukking binnen gezinnen van Noorse Broeders. Er werden meldingen gedaan van ernstige lijfstraffen, zoals stokslagen op blote voetzolen, kinderen die zich moesten uitkleden en afgeranseld werden, en seksuele vernedering en verkrachting van vrouwen. Volgens een anonieme bron zou de sekte seksueel misbruik indirect in de hand werken door de restrictieve levenswijze van de mannen, waarbij geslachtsgemeenschap enkel tot doel mag hebben kinderen voort te brengen.
Voorgangers van de Noorse Broeders in Nederland ontkenden deze beschuldigingen in het genoemde artikel, maar de anonieme bron bevestigde het beeld van wantoestanden. In Noorwegen pleegden de afgelopen tien jaar vijftien leden van de vijfduizend Noorse Broeders zelfmoord, wat vergelijkbaar is met de 35 zelfmoorden onder tienduizend Noorse Jehova's Getuigen.
Vier onafhankelijk uitgevoerde psychiatrische onderzoeken in Australië, Zweden, Zwitserland en de VS toonden aan dat het aantal depressies, psychische ziekten en psychosen bij christelijke sekten drie- tot viermaal hoger is dan bij gevestigde kerken.
Recent sloeg een 20-jarig meisje van de Noorse Broeders in Noorwegen de hand aan zichzelf. Tijdens haar "herdenkingsfeest" sprak een leider van de Noorse Broedergemeente over "haar gelukkige uitgang uit het leven", wat bij verscheidene plaatsgenoten leidde tot psychische behandeling.

Splitsingen en interne conflicten
De problemen binnen de Noorse Broeders begonnen volgens een bron vier jaar geleden met een "opwekking", een beweging van jongeren die vonden dat de ouderen de levensheiliging onvoldoende benadrukten. Dit leidde tot een splitsing, waarbij duizend van de destijds zesduizend Noorse Broeders de sekte verlieten. Deels sloten zij zich aan bij andere christelijke gemeenten, deels vormden zij eigen gemeenten om "hun eigen persoonlijkheid in christelijke liefde terug te vinden".
De Brunstad Christian Church heeft zich in de loop der jaren ook geconfronteerd zien met beschuldigingen van belastingontduiking, kinderarbeid, overtreding van de Arbeidstijdenwet, misbruik van de ANBI-status en zelfverrijking door de leiding. Verschillende bedrijven en overheden hebben besloten geen zaken meer te doen met de CGN of aan haar gelieerde bedrijven en stichtingen.
In 2016 werd bekend dat een voormalig directeur van het uitzendbureau DWN Service, een middel van de Noorse Broeders om fondsen te werven, acht miljoen euro zou hebben weggesluisd. De zaak leidde tot juridische procedures en veroordelingen.
Preview: Ex-leden Noorse Broeders doen boekje open
De Wederdopers en hun historische context
De term "Noorse Broeders" en de historische context van religieuze groeperingen roepen ook associaties op met de Wederdopers (Anabaptisten), een beweging die in de 16e eeuw opkwam tijdens de Reformatie.
De Wederdopers keerden zich tegen de leer en praktijken van de kerk van Rome, maar onderscheidden zich van volgelingen van Luther en Zwingli door hun opvatting over de doop. Zij geloofden in de doop van volwassenen als teken van een nieuwe wending in het leven, en verwierpen daarmee de kinderdoop. De eerste volwassenendoop vond plaats in Zürich in 1525.
De beweging groeide ondanks vervolgingen en stelde in de zogenaamde Schleitheimer Artikelen (1527) regels op over onder andere de doop, het Avondmaal, afscheiding van andersdenkenden, het gezag van de overheid en het verbod op het voeren van het zwaard of het zweren van de eed.
Bekende figuren binnen de Wederdopers waren onder meer Menno Simons (wiens volgelingen later mennonieten werden) en Jan Breukelsz van Leiden, die met geweld het "Nieuwe Jeruzalem" in Münster probeerde te stichten.
De historische teksten uit Kampen uit de 16e eeuw laten zien hoe de opkomende lutherse en andere "nieuwe sekten" met argwaan werden bekeken door zowel de lokale overheid als de kerkelijke autoriteiten. Er werden boekverboden ingesteld, spreekverboden opgelegd en ketters vervolgd. De strijd tegen deze bewegingen was ingebed in een complex samenspel van religieuze, politieke en sociale spanningen.

tags: #noorse #broeders #wederdopers